Hoe is het christendom ontstaan
Het christendom is ontstaan uit het Jodendom, de eerste monotheïstische godsdienst. Tijdens het heerschap van keizer Augustus werd Jezus van Nazareth geboren, in het jaar nul. Zijn aanhangers zagen hem als de Messias, degene die hen en het joodse volk zou verlossen van de Romeinen en van de slavernij en onderdrukking. Toen Jezus zijn aanhang groeide, zorgden Joodse hogepriesters ervoor dat hij ter dood veroordeeld werd, omdat hij een gevaar zou zijn voor de samenleving. Hierna ontstond er een groep van zijn volgelingen die zijn boodschap verder wilden verspreiden. Deze groep noemde zichzelf christenen.

Vanaf welk moment is de verspreiding van het christendom tot stand gekomen
De verspreiding van het christendom begon met een deel van zijn volgelingen die Jezus zijn boodschap wilden verspreiden over de hele hellenistische wereld. Hierdoor ontstonden er conflicten met de Joden en de Romeinen. Doordat keizer Trajanus (96-117 nChr) ervoor zorgde dat christenen niet meer vervolgd werden, kreeg de godsdienst steeds meer aanhangers. Vooral bij slaven en vrouwen werd de godsdienst populair maar ook in de bovenste laag van de bevolking. Tijdens het heerschap van keizer Constantijn de Grote groeiden de christenen uit tot de meerderheid van de bevolking. Na de val van het west Romeinse rijk verspreide de bevolking zich door volksverhuizingen. Het christendom was toen de enige toegestane godsdienst. Doordat Clovis zich als eerste Frankische koning liet dopen tot christen groeide het aantal aanhanger sterk in zijn koninkrijk. Hij stuurde missionarissen om meer mensen te kerstenen. Een van de bekendste missionarissen is Willibrord. Willibrord probeerde zo veel mogelijk edellieden te dopen zodat die kloosters konden bouwen op hun land waardoor meer mensen zich bekeerden. Door de bouw van kloosters had de verspreiding van het christendom steeds meer succes.

Is de verspreiding een continue proces of werd het proces steeds onderbroken
De verspreiding was geen continue proces. Zo waren er verschillende onderbreking, zoals vervolgingen en oorlogen. Maar er waren ook tijden dat de verspreiding veel sneller ging, zoals tijdens het heerschap van Alexander de Grote of Clovis. In 1054 vond er een splitsing plaats tussen de West-Europese kerk en de oostelijke christenen: de Oosters Schisma. Vanaf dat punt kwam ook in het Westen kritiek op de macht van de paus. Christenen vonden dat de leefwijze van de paus, met leefde in weelde en rijkdom, te veel afweek van de standpunten van Jezus Christus: leven in soberheid en het tonen van naastenliefde. Door deze kritiek ontstond er een hervorming binnen de christelijke kerk. Tijdens de Investituurstrijd en ook de Reconquista ging de verspreiding dus een stuk langzamer dan tijdens Karel de Grote.  

Welke momenten ging de verspreiding het snelst
De verspreiding ging het snelst na de val van het Romeinse rijk in de tijd dat de koningen missionarissen zonden om het volk te bekeren. Ook door de kruistochten, die plaatsvonden vanaf het jaar 1096, verspreidde het christendom zich snel. Christenen geloofden dat ze in de hemel zouden belanden en al hun zonden vergeven zouden worden als ze meegingen op de kruistochten. Door de kruistochten werden de christenen fanatieke strijders voor hun geloof; joden en mensen die in een andere godsdienst geloofden werden fel bestreden. Door kolonisatie en handel verspreidde het christendom zich ook.

Op welke manier vond er in de 15e eeuw een scheuring in het christendom plaats
De christelijke kerk splitste op in twee stromingen: de Rooms-katholieke en de protestantse. In de 15e eeuw kwam er steeds meer kritiek op de paus en de kerk. De kerk zou te veel om geld en macht draaien en te weinig om het geloof zelf. Luther en Calvijn waren de eerste die openlijk kritiek hadden op de kerk. De protestantse kerk had andere denkbeelden over de kerk dan de katholieke. Zo vonden ze de inrichting van de kerken veel te uitbundig, in Protestantse kerken mochten geen afbeeldingen zijn van God en moest het allemaal heel sober zijn. De kritiek begon in 1517 toen Luther zich uitsprak over aflaten en 94 andere stelling van het christendom. Deze ideeën verspreidde zich snel over de rest van Europa. Er ontstond een nieuwe stroming binnen de reformatie: het lutheranisme. Als gevolg van de kritiek barstte in 1566 de beeldenstorm uit. Beeldenstormers vernielden religieuze kunstobjecten, zoals beelden en glas-in-loodvensters, in kerken en kathedralen verspreid over een gebied wat nu Nederland en België is. Verschillende koningen verbraken hun banden met Rome en sloten zich aan bij de nieuwe denkbeelden van Luther en Calvijn. Hierdoor kwam er uiteindelijk een breuk tussen de gereformeerden en de rooms-katholieken.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

KipSate

KipSate

Wat zijn de bronnen?

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

P.

P.

ey, cool man

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast