ADVERTENTIE
Open Avond = online ontdekken en ontmoeten

Bezoek onze Online Open Avond op woensdag 9 december dit jaar vanaf je bank! Ontdek bijzondere verhalen van onze studenten en docenten. Stel al je vragen én luister naar onze gezellige radioshow! Klaar voor een toekomst als student in het hbo?

Meld je dan nu aan!

Spreekbeurt slangen
Hallo allemaal
Ik hou mijn spreekbeurt over slangen. Ik heb dit onderwerp gekozen omdat ik het mooie dieren vind. En ik vind ze ook heel mysterieus. Dat is dat ik ze wel geheimzinnig.
Ik noem niet alle soorten slangen maar een paar, omdat het er te veel soorten slangen zijn. Ik benoem 4 soorten slangen.

De hoofdstukken zijn:

1. Wat zijn slangen?
2. Hoe zien slangen er uit?
3. De huid van de slang.
4. Hoe eet de slang?


5. Gifslangen
6. Ratelslang
7. De Wurgslang
8. De Adder.

Wat zijn slangen?

Slangen zijn reptielen, net als krokodillen, hagedissen, kameleons, varanen, leguanen en schildpadden. Reptielen zijn koudbloedige dieren en moeten altijd warmte krijgen daar ze zelf geen warmte kunnen maken. Dit krijgen ze in de natuur vaak via de zon. Reptielen komen dus niet voor op de Noord- en Zuidpool. Daar is het veel te koud.
Slangen vallen op door een aantal kenmerkende eigenschappen, het zijn lange, slanke dieren zonder poten, oogleden en oorschelpen. Hun lichaam is bedekt met stevige, waterdichte schubben. Aan de buitenkant van de slang zie je schubben. De schubben zitten bij elke slangensoort anders en vormen een patroon, waaraan je de soort slang kunt herkennen. Ze glimmen een beetje. Daarom lijkt het alsof de slang een beetje slijmerig is. Dat is niet zo. Een slang voelt best lekker aan. De schubben op de buik zijn breed. De slang gebruikt die om zich af te zetten op de bodem. Zo komt de slang vooruit.
Ze hebben een gevorkte tong waarmee ze lucht ruiken en proeven. Ze hebben geen oren maar kunnen wel horen via de trillingen welke door het lichaam worden gevoeld.


Slangen zijn roofdieren. Een slang doodt vaak prooien die behoorlijk groot zijn. Om die in te slikken moet de bek van de slang wijd genoeg open kunnen. Slangen kunnen hun bovenkaak losmaken van de onderkaak. Daardoor kunnen ze hun bek wijd genoeg openen. Ze eten veelal kleine knaagdieren en slikken hun prooi heel door. Er zijn zo'n kleine 3000 verschillende soorten slangen, waarvan er 20% giftig is. De helft daarvan is in staat mensen te doden. De langste slangen ter wereld zijn de anaconda en de netpython, welke beide zo'n 8 á 9 meter kunnen worden. De kortste slang ter wereld is ongeveer 10 á 12 cm lang (Typhlopidae). Slangen worden 15 tot 30/40 jaar oud afhankelijk van de soort en lengte.

Hoe zien slangen eruit?

Slangen kun je qua vorm vergelijken met een tuinslang. Ze hebben een kop, een langgerekt lichaam en een staart. Misschien heb je wel eens een skelet van een slang gezien? Slangen hebben een ruggengraat die zich langs het hele lichaam uitstrekt met daaraan honderden ribben. In het lichaam is niet veel ruimte daarom zijn organen als het hart, longen, nieren en lever langgerekt. Maag en darmen zijn zeer bewegelijk en elastisch. De kaken hebben een elastische verbinding zodat ze een zeer grote prooi kunnen eten. De staart dient soms voor de balans maar vaak om er iets mee vast te houden. Verder heeft de slang enorm veel spieren waarmee het een prooi kan wurgen en zich kan voortbewegen.
De huid van de slang.

Een slang heeft een geschubde huid. De huid geeft behoorlijk mee wanneer de slang beweegt of eet. De schubben bestaan meestal uit een hoornachtige stof die keratine heet. De ogen van de slang zijn bedekt met een heldere, blaasvormige schub die de ogen beschermen en 'bril' wordt genoemd.
De kleur van de slang verschilt enorm. Er zijn zwarte slangen maar ook witte slangen De meeste slangen danken hun kleur aan pigmenten in hun schubben. Er zijn ook pigmentarme slangen, deze slangen zien er spierwit uit. Dit wordt leucistic genoemd. Jonge slangen vervellen om de 3 á 4 weken en volwassen slangen vervellen zo'n 6 keer per jaar. Alleen als er een nieuwe huid met schubben onder de oude huid is gegroeid vervellen slangen. De slang kruipt uit zijn vel en dit gebeurt in één keer. Als je een slangenvel ziet, is het altijd binnenstebuiten. Als een ratelslang vervelt blijft er een stukje aan het eind van de staart achter en wordt de ratel weer iets groter.
Hoe eet de slang?

Bij het zoeken naar een prooi maakt de slang gebruik van zijn tong, omdat hij niet zo goed kan zien en horen. Veel slangen jagen op hun prooi, een aantal slangen jagen niet maar liggen te wachten op hun prooi. De beste tijd om te jagen is de schemertijd. Dan komen de meeste knaagdieren te voorschijn. Welk voedsel ze eten en hoe ze hun prooi vangen, hangt af van de grootte, de soort en waar ze leven. Er zijn slangen die alleen slakken eten en slangen die alleen de eieren van vogels en reptielen eten. Enkele slangen eten andere slangen. Slangen verteren hun voedsel langzaam en kunnen lange tijd zonder eten. De meeste slangen hebben korte, scherpe, naar achteren gerichte tanden. Deze zijn geschikt om een prooi te pakken en vast te houden, niet om een prooi in stukken te hakken. Gifslangen hebben enkele grote tanden, de giftanden. Deze zitten voor of achter in de bek. Als de slang bijt, stroomt gif door de holle giftand waardoor de prooidier wordt gedood. Alle slangen slikken de prooi met de kop naar voren in. Grote hoeveelheden slijm zorgen ervoor dat de prooi verder naar binnen glijdt. Als een slang een grote prooi doorslikt beweegt de luchtpijp naar voren in de bek, zodat de slang geen problemen krijgt met ademhalen. De luchtpijp ligt onder in de bek.

2. Gifklieren en gif

Het gif bevat vele componenten, o.a. enzymen, die ook voor de vertering van de prooi nodig zijn. De dood van het slachtoffer wordt vooral veroorzaakt door stoffen die het zenuwstelsel aantasten, zodat verlamming van ademhalingsspieren en hart optreedt, of door stoffen die het bloed en de bloedvaatwanden verwoesten. Bij sommige soorten overheerst de eerstgenoemde component (neurotoxinen), bij andere de tweede (hemotoxinen), maar meestal is het gif een mengsel. De sterkte van het gif is zodanig dat het voor de normale prooi van de slang binnen enkele seconden tot enkele minuten fataal is.

3. Gevaar voor de mens

De mens is voor geen enkele gifslang een eetbare prooi en de slangen zullen over het algemeen slechts bijten als zij zich bedreigd voelen of als er op ze getrapt wordt. Of een beet dodelijk zal zijn, is van vele toevallige factoren afhankelijk: de soort en grootte van de slang, de aanwezigheid van veel of weinig gif in zijn klieren, het meer of minder diep doordringen van de tanden, de grootte en de gezondheidstoestand van de gebeten persoon, en hoe snel er hulp komt.
Maatregelen na de beet dienen te zijn: het afbinden van de bloedstroom uit het lichaamsdeel waar je bent gebeten , het diep insnijden en uitzuigen van de beetwondjes (het gif is niet schadelijk in mond en maag als daarin geen wondjes voorkomen). Er moet een soort specifiek antiserum (antigif) beschikbaar zijn. (In verband met de per soort verschillende gifsamenstelling is voor elke soort of groep een ander antigif nodig.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

coole

coole

nou wat een geweldig spreekneurt

1 jaar geleden