Apartheid

Beoordeling 6.7
Foto van een scholier
  • Scriptie door een scholier
  • 4e klas vwo | 3694 woorden
  • 13 februari 2004
  • 95 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.7
  • 95 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
De apartheid in Zuid-Afrika

Inleiding:
Mijn scriptie gaat over de Apartheid in Zuid-Afrika. De Apartheid is een officieel onderdeel geweest van het regeringsbeleid van de Zuid-Afrikaanse blanken waarin de blanken en niet-blanken totaal van elkaar gescheiden leefden in de 20ste eeuw.
Ik heb het onderwerp gekozen omdat ik er nog niet zoveel vanaf wist en er graag meer over zou willen weten. Apartheid leeft nog steeds en is ook nog vrij regelmatig in het nieuws. Eerst was mijn hoofdvraag: Hoe kan het dat er apartheid in Afrika kan ontstaan? Ik had toen dezelfde deelvragen, maar deelvraag 3+4 gingen al verder dan mijn hoofdvraag dus is mijn hoofdvraag nu: Apartheid in Zuid-Afrika: opkomst en ondergang in de 20ste eeuw?
De hoofdvraag ga ik beantwoorden met behulp van de volgende deelvragen:

1. Wat is de voorgeschiedenis van Zuid-Afrika vanaf de vijftiende eeuw?
2. Hoe is de apartheid er gekomen?
3. Wat en hoe belangrijk was het verzet van de zwarten?
4. Hoe is de apartheid geëindigd?

Kaart van Zuid-Afrika:

David M. Smith, "Introduction," The Apartheid City and Beyond: Urbanization and Social Change in South Africa, ed. David M. Smith (London: Routledge, 1992), 3.

Wat is de voorgeschiedenis van Zuid-Afrika vanaf de vijftiende eeuw?

In de vijftiende eeuw voerden Europeanen(eerst de Portugezen, daarna ook de Engelsen en de Hollanders) verkenningstochten uit naar de punt van Zuid-Afrika namelijk Kaap de Goede Hoop. Zij deden dat daar omdat dat punt precies halverwege de handelsroute van Europa van Oost-Indië lag. Van de zestiende tot de negentiende eeuw breidden de Europese machten hun grondgebied uit met nieuwe koloniën waar ze handelsproducten vandaan haalden. Omdat de Hollanders in 1652 behoefte hadden aan een bevoorradingspunt bij Kaap de Goede Hoop, stuurde de Verenigde Oost-Indische Compagnie(VOC) een aantal handelaren om dat fort te bouwen. Bij dat fort konden schepen zich voorzien van verse groenten, vlees, water en andere behoeften om de zieken weer beter te maken. Jan van Riebeeck(de leider van deze missie) ontdekte dat het aanleggen en onderhoud van grote akkers voor de voedselvoorziening een hele kostbare aangelegenheid was. Daarom haalde hij de VOC over om voor het bewerken van de grote akkers negen boeren over te laten komen. Die negen mannen waren de eerste Afrikaners of Boeren. De oorspronkelijke bewoners van zuidelijk Afrika zijn de Khoikhoi(100.000 leden) en de San(20.000). De Khoikhoi waren herders en de San waren nomaden die geen vee hadden. Toen de boeren van de VOC zich in het gebied vestigden ontstonden er conflicten met de oorspronkelijke bewoners omdat de blanke boeren steeds meer weidegebied van de Khoikhoi inpikten. Eerst had Jan van Riebeeck de Khoikhoi gebruikt bij het bouwen van het fort. Later toen het werk veel ingewikkelder werd, had hij sterker en gedienstiger werkvolk nodig. Daarom vroeg hij aan de VOC of ze hem slaven konden leveren. Dat deed de VOC. De Hollandse autoriteiten onderscheidden vier soorten onderdanen: de mensen in dienst van de VOC, vrije burgers(de boeren), slaven en inboorlingen. Blanken waren volgens hen superieur. De eeuwen daarna ondervond de oorspronkelijke bevolking verschrikkelijke gevolgen van de vestiging van de blanken. De Khoikhoi raakten hun land kwijt en stierven aan ziektes die de Europeanen overbrachten. In de negentiende eeuw werd de San systematisch uitgeroeid door de Boeren. De enkeling die overbleef vertrok naar het noorden. In de loop van de negentiende eeuw werd het zuidelijk deel van Afrika gekoloniseerd door de Engelsen. De Xhosa’s, Zoeloes en andere volken die in het binnenland leefden, werden door het Engelse leger onderworpen. Shaka(was een grote Zoeloe-krijgsheer die de Zoeloes een oorlogszuchtige reputatie bezorgde) maakte een goed georganiseerd Zoeloe-leger en in de achttiende eeuw voerde ze een reeks oorlogen met naburige stammen. Het duurde acht jaar (1879-1887) voordat de Engelsen erin slaagden de Zoeloes te verslaan. De Boeren beschouwden in de negentiende eeuw het hebben van een slaaf een geschonken recht van God. Maar de uitbreiding van het Britse Rijk in Zuidelijk Afrika leidde tot conflicten tussen de Engelsen en de Boeren. In 1834 werd de slavernij afgeschaft in het Britse Rijk. Daardoor kwam er onvrede onder de Boeren en trokken ze in 1836 en 1837 landinwaarts. Daar stichtten ze hun eigen republieken, Transvaal en Oranje-Vrijstaat Dat was het begin van de Grote Trek. Maar de Boeren genieten niet lang van hun vrijheid, want toen men in 1886 de goudmijnen in Transvaal begon te ontginnen, stelde de Engelse regering alles in werk om dat gebied onder controle te krijgen. Het landbouwgebied werd een stedelijk centra waar grote behoefte was aan kapitaal en goedkope arbeidskrachten om de minerale rijkdommen te exploiteren. Toen de Engelsen de mijnen eenmaal in handen kregen, namen ze zwarte mannen die uit zuidelijk Afrika kwamen aan als mijnwerkers. Deze verlieten huis en haard om in de mijnen te gaan werken en werden gehuisvest in kralen waar alleen mannen woonden. Dit in tegenstelling tot de blanke die beter betaald kregen en hun vrouwen en kinderen mee mochten nemen. Dit zou later een van de steunpilaren van de apartheid worden. In 1877 leidde de annexatie van Transvaal tot de 1ste Boerenoorlog(1880-1881) Waarna de Engelsen zich uit Transvaal terug moesten trekken. De 2de Boerenoorlog(1899-1902) begon, omdat in het hart van de Boerenrepubliek goud werd gevonden. De Boeren werden verslagen. Dat leidde tot anti-Engelse haatgevoelens. Transvaal, Oranje-Vrijstaat, Natal en de Kaap verenigden zich in de Zuid-Afrikaanse Unie. Hierdoor ontstond een tweedeling van Zuid-Afrika. Een gebied dat door de Engelsen en een gebied dat door de Boeren gecontroleerd werd. De zwarte bevolking werd hier de dupe van en bleef met lege handen staan. De nieuwe leiders waren verantwoordelijk voor het opstellen van nieuwe apartheidswetten. Bijvoorbeeld de Paswetten waarin stond dat zwarte mensen altijd een document bij zich moesten hebben waarmee ze konden aantonen dat ze toestemming hadden om in de stad te komen en dat ze de belasting hadden betaald.

Hoe is de apartheid er gekomen?

In 1931 is Zuid-Afrika onafhankelijk geworden van Groot-Brittannië.

In 1948 won de Nasionale Partij in Zuid-Afrika de verkiezingen. Er mochten twee miljoen blanken en een handjevol zwarten stemmen. Daniel Malan was de partijleider. De Nasionalisten begonnen met het instellen van allerlei wetten, die de blanken en de zwarten van elkaar scheidden. De officiële introductie van de apartheid was in een aantal opzichten niet meer dan de legalisatie van een bestaand systeem. Dit komt omdat de situatie in Zuid-Afrika, internationaal gezien, heel anders dan in andere landen.
Hier zijn een aantal wetten die de Nasionalisten hadden ingesteld:
De Wet op Verbod van Gemengde Huwelijken in 1949. Deze wet verbood mensen van verschillend ras met elkaar te trouwen.
De Wet op de bevolkingsregistratie in 1950. Die gaf iedere burger een plaats in een van de vier rassengroepen: blanken, inboorlingen, kleurlingen en Indiërs. Inboorlingen zijn later veranderd in Bantoes. De Zuid-Afrikaanse regering gebruikte het woord op een discriminerende wijze om er alle zwarte Afrikanen mee aan te duiden.
De Groepsgebiedenwet in 1950. Door deze wet kon de regering een totaal gescheiden leef- en werkgemeenschap creëren. Ook verbood deze wet grondbezit door mensen in een gebied die niet voor hen bestemd was.
De Engelsen hadden in de negentiende eeuw de Paswet ingevoerd om de bewegingen van de niet-blanken in Zuid-Afrika te kunnen controleren. Deze wet werd in 1952 door de Natives Abolition of Passes Act.(dit is engelstalig, omdat de Engelsen de Paswet hadden ingevoerd) aangescherpt. Dit hield in dat alle zwarte mensen altijd een ‘pasje’ bij zich moesten dragen en dat ze gestraft werden als ze dat niet hadden.
De Wet op Aanwysing van Aparte Geriewe(Wet op de Gescheiden Voorzieningen) in 1953. Deze wet probeerde de niet-blanken, zwarten, kleurlingen en Indiërs naar de buitenwijken van de steden te verbannen. Deze wet hield ook ‘de kleine apartheid in’ .
De Wet op het Bantoe-onderwijs in 1953. Dit was een van de meest gehate maatregelen van het apartheidsregime en hij schreef minderwaardig en gescheiden onderwijs voor zwarte kinderen voor. Dit betekende dat ze bij voorbaat al kansloos waren op arbeidsplaatsen.
In 1958 werd Hendrik Verwoerd president van Zuid-Afrika. Hij was architect en grondlegger van‘de Grote Apartheid’ . Hij was in Nederland geboren en was twee toen hij naar Zuid-Afrika verhuisde. Hij studeerde theologie en hij maakte in de jaren dertig kennis met Hitlers racistische beleid, waar hij veel van zijn ideeën vandaan heeft.
In 1961 kwam de regering-Verwoerd met het idee van de thuislanden . Dat hield in dat zwarte mensen alleen maar binnen die thuislanden grond in bezit mochten hebben. Daarna richtte hij de tien thuislanden op voor tien verschillende ‘etnische nationaliteiten’. Binnen dat traditionele grondgebied kregen ze zelfbeschikkingsrecht. Deze handelwijze was alleen maar om de wereld te laten geloven dat de zwarte bevolking wel politieke rechten kreeg. Dit zag Verwoerd zo’n beetje als het ideale Zuid-Afrika: de Zwarten leefden in volslagen afzondering in hun thuislanden. Met holle frasen zoals ‘gescheiden ontwikkeling’ en ‘gescheiden vrijheden’ dacht Verwoerd de miljoenen zwarten zover te krijgen dat ze in 1978 allemaal in hun eigen thuisland zouden wonen.Ze mochten dan wel in blank Zuid-Afrika werken, maar dan als gastarbeiders die als het werk klaar was, weer terug zouden gaan naar hun eigen land. Een groot nadeel van de thuislanden was dat er daar een hele arme en schrale grond was, die niet voldoende voedsel opbracht voor de mensen die in de thuislanden achterbleven. Daarom gingen de mannen en soms ook vrouwen in de blanke welvarende gebieden in Zuid-Afrika op zoek naar werk. Zo kwam een van de meest schrijnende aspecten van het apartheidssysteem tot stand: terwijl de zwarte mannen als vreemdelingen(ze hadden nl. geen rechten) in de blanke steden gingen werken, moesten de vrouwen, ouderen en kinderen in de thuislanden alle zeilen bijzetten om hun hoofd boven water te houden. In het begin van het apartheidsbewind zorgde de regering voor een redelijke economische stabiliteit. Daardoor maakte Zuid-Afrika een periode door van economische groei. Hierdoor leek het alsof het apartheidssysteem werkte.
Om het politieke beleid van de gescheiden ontwikkeling te kunnen realiseren moesten tussen 1960 en 1983 meer dan 3,5 miljoen mensen verhuizen van de blanke Zuid-Afrikaanse gebieden naar de thuislanden of van het ene thuisland naar het andere . Soms werden er wel fabrieken opgezet in de thuislanden, maar de trek van de zwarte mensen naar de steden kon niet meer gestopt worden.

Wat was het verzet van de zwarten?

Zoals in de inleiding gezegd, is het zwarte verzet de belangrijkste oorzaak geweest voor het einde van de Apartheid. Het ANC , dat in 1912 was opgericht, was de belangrijkste tegenstander tegen het politieke beleid van Zuid-Afrika. Zij vonden dat Zuid-Afrika van iedereen was die er woonden. Zij wilden hun doel bereiken door passieve acties en door voortdurend in beweging te blijven. Pas in 1940 kreeg het ANC een massale aanhang. In de loop van de jaren veertig gingen ze pleiten voor algemeen kiesrecht, voor de afschaffing van de Paswetten, voor een betere gezondheidszorg en onderwijs voor de zwarte bevolking. In 1943 werd de Jeugdliga van het ANC opgericht. De Jeugdliga kwam meteen met een actieprogramma waarin werd opgeroepen tot stakingen, boycots en burgerlijke ongehoorzaamheid. In 1949 nam het ANC de meer gewelddadige acties van de Jeugdliga over. In 1952 kwam het ANC met de eerste massale actie, de Defiance Campaign. Ze overtraden expres apartheidsvoorschriften door bijvoorbeeld ‘blanke’ winkelingangen te nemen en mensen aan te moedigen om hun pasjes weg te gooien. Hierdoor werden meer dan 8.500 gearresteerd. Dit kostte de overheid veel geld en bezorgde de overheid veel ongemak. Maar het aantal ANC leden was wel gestegen en bedroeg in 1952 ongeveer 100.000 mensen.
Op 25 en 26 juni 1955 werd er een Volkscongres in Kliptown bij Johannesburg gehouden waarin de definitieve versie van het Handvest van de Vrijheid werd opgesteld. Hierin stond dat men moest pleiten voor een Zuid-Afrika zonder rassenscheiding en met gelijke rechten en gerechtigheid voor iedereen. Het Handvest was gebaseerd op socialistische ideeën. De regering reageerde op het Handvest door 156 mensen te arresteren die aan het congres deelnamen op beschuldiging van verraad.
Het bloedbad van Sharpeville: In april 1959 werd het PAC , opgericht door Sobukwe en zijn aanhangers. Het PAC was het niet eens met het Handvest van de Vrijheid. Zij vonden dat ze moesten strijden voor een zwart Afrika en niet moesten gaan samenwerken met de blanken ‘die zich door het communisme lieten inspireren’. Toen het ANC aankondigde dat ze in maart 1960 op grote schaal actie gingen voeren tegen het pasjessysteem, probeerde het PAC hen met een eigen anti-pasjes dag voor te zijn. Het PAC slaagde erin op 21 maart 1960 in de buurt van het politiebureau Sharpeville een menigte van 5000 aanhangers te verzamelen. Bij een van de toegangshekken van het politiebureau werd een politieagent neergeslagen. Toen de menigte opdrong om te kijken wat er aan de hand was, openden politieagenten het vuur. Iedereen sloeg in paniek op de vlucht. Er vielen 69 doden en 180 gewonden die bijna allemaal schotwonden in de rug hadden. Het bloedbad in Sharpeville veroorzaakte wereldwijd veel opschudding. In de week na Sharpeville werden het ANC en het PAC verboden door de regering die zich daarbij beriep op de Wet op de Onderdrukking van het Communisme.
De opstand in Soweto: De jeugd van Soweto organiseerde op 16 juni 1976 een massale protestdemonstratie omdat het Zuid-Afrikaans verplicht werd gesteld op alle scholen. Zo’n 10.000 kinderen hadden zich bij een middelbare school verzameld toen de politie verscheen en met traangasgranaten begon te schieten. De kinderen begonnen daarop met stenen naar de politie te gooien, die vervolgens het vuur opende. Het incident maakte de zwarte inwoners van de townships razend. Op 26 juni maakte de regering de regeling over het verplichte onderwijs van het Zuid-Afrikaans ongedaan. De jeugd had gewonnen.
In mei 1978 werd er een nieuwe Black Consciousness-beweging opgericht onder de naam Azanian People’s Organization(AZAPO) die zich vooral op zwarte arbeiders richtte.
In 1983 besloot P.W. Botha(die toen premier was van Zuid-Afrika)dat er een nieuwe grondwet zou komen om blanken, zwarten en kleurlingen(die daarvoor helemaal geen rechten hadden) elk hun eigen kamer te geven in het zogenaamde driekamerparlement. De blanken waren echter altijd in de meerderheid. Kleurlingen en Indiërs hadden nog steeds niets te vertellen over buitenlandse aangelegenheden en velen van hen stemden niet eens.De parlementaire hervormingen van Botha werkten dus niet.
In augustus 1983 werd het United Democratic Front(UDF) opgericht. Zij verzetten zich tegen de grondwet. Botha dacht dat er internationale goedkeuring zou zijn over de grondwet, wat totaal niet zo was. De nieuwe grondwet was er nog maar pas of er waren overal in Zuid-Afrika geweldsuitbarstingen. De eerste uitbarstingen van geweld vonden plaats in Sharpeville. Daar werd de pasgekozen burgemeester met messteken om het leven gebracht. De onlusten verspreidden zich in 1984 over heel Zuid-Afrika en duurden meer dan 3 jaar. Er vielen meer dan 3.000 doden en meer dan 30.000 mensen werden gearresteerd. De materiële schade was groot. Zwarten kregen het onderling aan de stok en beschuldigden elkaar van collaboratie met het blanke bewind. De gewelddadigheden gingen heel ver, zo was er bijvoorbeeld de necklacing en nog veel meer gruwelheden.

Hoe is de Apartheid geëindigd?

Het einde van het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime kwam toch sneller dan verwacht. Op een gegeven moment wouden de blanke regering doorgaan met de hervormingen tot er een einde zou komen aan de Apartheid(wat de meeste waarnemers niet hadden gedacht) want ze kwamen erachter dat het onmogelijk was het apartheidsbeleid te hervormen omdat het systeem van geen kant deugde.
De blanken hadden geen zin de zwarte meerderheid te dwingen naar de thuislanden te gaan waar geen werk voor hen was en waar ze geen middelen van bestaan hebben. In 1993 woonde meer dan 40 procent van de zwarte bevolking van Zuid-Afrika in de stedelijke gebieden. Thuislanden zijn nooit geworden van wat ze ervan verwacht hadden: onafhankelijke landen die ze zelf zouden besturen. In de jaren zeventig en tachtig nam het zwarte verzet toe, waardoor steeds duidelijker werd dat het apartheidssysteem van de blanken niet deugde. De regering deed dan een beroep op de Wet op de Onderdrukking van het Communisme, de Wet op het Terrorisme en de Wet op de Binnenlandse Veiligheid. Om mensen zonder vorm van proces op te pakken. Daardoor stierven tussen 1963 en 1990 meer dan 80 mensen op een gewelddadige. Tussen 1985 en 1989 werden meer dan 40.000 mensen gearresteerd en meer dan 1.000 mensen om het leven gebracht door veiligheidstroepen. Tijdens het bewind van P.W. Botha(1978-1989) werden enkele wetten afgeschaft, zoals de Ontuchtwet en de Wet op het Verbod van Gemengde Huwelijken. Ook werd het gehate pasjessysteem afgeschaft. Door wijziging in de grondwet kregen kleurlingen en Indiërs meer politieke rechten.Sommige blanken bleven geloven in de gescheiden wereld voor de verschillende rassen. Zij waren het niet eens met de grondwetswijziging en stapten uit de Nasionale Partij om de Conservatieve partij op te richten. Maar de meeste blanken beseften dat ze hun isolement moesten opgeven.
Het goed georganiseerde verzet van de zwarte vakbonden leverde ook een belangrijke bijdrage aan het naderende einde van de Apartheid. In de jaren tachtig vonden er een groot aantal stakingen plaats. Bijv in augustus 1987 toen staakten meer dan 220.000 mijnwerkers. In juli 1987 reden er geen treinen, om dat 16.000 spoorwegmedewerkers het werk hadden neergelegd. Als de zwart geschoolde arbeiders het werk neerlegde deed dat de economie van Zuid-Afrika geen goed, omdat ze de zwart geschoolde arbeiders hard nodig hadden voor de inkomsten.
De uiteindelijke klap voor de apartheid kwam met de financiële crisis van 1985 met de opvoering van het aantal sancties en met de economische recessie van eind jaren tachtig. Door de ineenstorting van de communistische regimes in Oost-Europa in 1989 konden de westerse landen Zuid-Afrika niet langer steunen met het argument dat ze daarmee ‘het communistisch gevaar bestreden’.
In september 1989 werd F.W. de Klerk leider van de Nasionale Partij en premier van Zuid-Afrika. Op 2 februari 1990 verklaarde De Klerk dat het ‘de hoogste tijd was om te gaan praten’ en dat zijn regering zou proberen te komen tot één Zuid-Afrika. Hij hief de ‘’banning order‘’ op waaronder het ANC en het PAC vielen. Tien dagen later werd Nelson Mandela vrijgelaten nadat hij meer dan 27 jaar had vastgezeten. In de townships was er een vrolijke stemming. In de twee jaar die volgden werden de steunpilaren van de Apartheid omvergehaald. In 1990 werden de Wet op de Onderdrukking van het Communisme en de Wet op Aanwysing van Aparte Gerieve opgeheven. In 1991 werden de Wet op de Groepsgebiede, de Wet op de Bevolkingsregistratie, de Wet op het Bantoe-onderwijs en de Naturellegrond-Wet afgeschaft. Maar er was nog geen einde gekomen aan de Apartheid, die zou er pas zijn als er op democratische wijze gestemd zou worden.
Maar er waren meer tekenen dat het normale in Zuid-Afrika weer op gang was gekomen. In 1990 werd een aantal van de 3.000 politieke gevangenen vrijgelaten. De doodstraf gold alleen nog maar voor zeer ernstige misdrijven en de censuur op de pers werd voor een deel opgeheven.
Met horten en stoten gingen de onderhandelingen over de toekomst van Zuid-Afrika verder. In december 1991 riep de Zuid-Afrikaanse regering de eerste CODESA bijeen. De Klerk vond dat hij de stem van de blanke bevolking nodig had. In maart 1992 liet hij een referendum houden en zo’n 68 procent steunde zijn voorstel om de onderhandelingen voort te zetten. Op 17 maart verklaarde de Klerk: ‘ Vandaag hebben we een eind gemaakt aan het hoofdstuk Apartheid’. In maart werden de besprekingen voortgezet over de toekomst van Zuid-Afrika na een onderbreking van negen voortgezet. Men bereikte overeenstemming over een aantal overgangsregelingen die uiteindelijk moesten leiden tot eerlijke en vrije verkiezingen. Maar de overeenkomsten liepen gevaar toen rechtse Afrikaners met geweld lieten blijken dat ze het niet eens waren met de veranderingen. In april 1993 werd Chris Hani vermoord. De mensen in de townships waren woedend en even leek het erop dat er een burgeroorlog zou uitbreken.In dezelfde maand overleed Oliver Tambo, hij was een ANC voorzitter. Zijn plaats werd overgenomen door Nelson Mandela. Door de uitbarsting van geweld kwamen de onderhandelingen tussen Mandela en De Klerk onder zware druk te staan.
Ondanks dat besloot de regering dat op 27 april 1994 de eerste echte vrije democratische verkiezingen zouden worden gehouden. Op die datum zouden ook de ‘onafhankelijke’ thuislanden weer deel uit gaan maken van Zuid-Afrika. De buitenwereld reageerde zeer positief over de nieuwe ontwikkelingen. In december van dat jaar werd het embargo op de olieleveranties aan Zuid-Afrika opgeheven en in mei 1994 hief de Veiligheidsraad van de VN het embargo op de wapenleveranties aan Zuid-Afrika op. Zuid-Afrika werd weer lid van Gemenebest. Zuid-Afrika is ook lid geworden van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid. Zuid-Afrika heeft nu nog steeds veel problemen in eigen land.

Cartoon van Cor Versteeg, komt van de site van de Katholieke Universiteit van Nijmegen

Conclusie

Er kon een systeem van Apartheid in Zuid-Afrika ontstaan omdat de blanken toen ze er voor het eerst waren meteen als de baas gingen gedragen. De blanken konden de zwarten makkelijk onderdrukken omdat de onderlinge relaties tussen de bevolkingsstammen niet zo goed waren. Door oorlogen kwamen de blanken erachter dat het beter zou zijn blank en zwart totaal te scheiden. Hiervandaan komt de Apartheid.
De Apartheid begon officieel in 1948 toen de NP aan de macht kwam. Maar de officiële introductie van de apartheid was eigenlijk niet meer dan de legalisatie van een bestaand systeem. De zwarten werd van alles verboden en omdat de zwarten geen rechten hadden, konden ze hier weinig tegen doen. In 1912 begon het verzet tegen de Apartheid met het oprichten van het ANC. Het zwarte verzet was de belangrijkste oorzaak geweest voor het einde van de Apartheid. Maar toen de meeste blanken van Zuid-Afrika zelf de Apartheid ook als wreed ging beschouwen kwam er al snel verbetering. President De Klerk en Nelson Mandela hebben gezorgd voor de echte afschaffing van de Apartheid. De Apartheid is nu nog steeds niet helemaal verdwenen en dat zal nog wel een hele tijd duren.
Ik denk wel dat ik erin geslaagd ben met behulp van de deelvragen de hoofdvraag te beantwoorden. Als je de deelvragen en de tekst ervan leest, kun je goed zien hoe de apartheid ontstond en dat dat niet van de ene op de andere dag was dat de Apartheid ontstond(deelvraag 1+2). Bij deelvraag 3+4 lees je hoe er protest komt tegen de Apartheid en het heel langzaam verdwijnt. Want zelfs nu is het nog niet helemaal verdwenen.

Bronnen

Apartheid door B.J.H. de Graaff, uitgeverij Suid-Afrikaanse Instituut, verschenen in 2000
Het einde van de apartheid door Catherine Bradley, uitgeverij Corona, verschenen in 1997
Knipselkrant voor de jeugd over Afrika, komt uit School TV weekjournaal, verschenen in 1996

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

M.

M.

Erg goed werkstuk!

18 jaar geleden

A.

A.

Hoe is het ontstaan
&
Waar komt het vandaan..

8 jaar geleden