Jongens gezocht: hoe kies jij een studie?

Daar zijn wij benieuwd naar. Vul onze vragenlijst in en bepaal zelf wat voor beloning je daarvoor wilt krijgen! Meedoen duurt ongeveer 7 minuten.

Meedoen

Internationale betrekkingen

Beoordeling 7.7
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 6e klas vwo | 1005 woorden
  • 3 mei 2016
  • 6 keer beoordeeld
Cijfer 7.7
6 keer beoordeeld

Internationale betrekkingen

-Bevat alleen belangrijkste/ meest voorkomende onderdelen van het examen

7.1 Spanning tussen nationale soevereiniteit en onderlinge afhankelijkheid van staten
*De politieke besluitvorming in Nederland is op bijna elk maatschappelijk terrein afhankelijk van gegevens en ontwikkelingen op internationaal vlak.
*Het gevolg van deze internationale interdependentie is dat tal van problemen op de politieke agenda een grensoverschrijdend karakter hebben. Om deze problemen op te lossen moet men samenwerken met internationale overlegorganen/instellingen en multinationale ondernemingen.
*Er zijn verschillende factoren die de Europese en internationale samenwerking belemmeren:
-(Emotioneel) weestand bieden tegen het opgeven van delen van de nationale soevereiniteit.
-Verzet van nationale regeringen tegen het uit handen geven van bevoegdheden aan bovennationale organen.
-Gebrek aan vertrouwen tussen landen.
-Verzet van de bevolking.
-Het dilemma van collectieve actie (ook wel prisoners dilemma).
*Het dilemma van collectieve actie houdt in dat landen de voorkeur geven aan “hun” individuele korte termijn belangen i.p.v. gemeenschappelijk lange termijn belangen.

7.3 Europese Unie
*De Europese Unie onderscheidt zich van andere vormen van internationale samenwerking.
*In de Europese Unie zijn supranationale instellingen tot stand gekomen die bepaalde beleidsterreinen hebben overgenomen van de regeringen van de lidstaten. Dit zorgt voor “Europees burgerschap” en is een aanvulling op het nationale burgerschap.
*De supranationale instelling kan op sommige terreinen meerderheidsbesluiten nemen, dit houdt in dat een soevereine staat overruled kan worden. Een besluit op economisch gebied kan bijvoorbeeld supranationaal genomen worden, er hoeft niet unaniem voor gestemd te worden.
*Op sociaal beleid of onderwijs moet er wel unaniem voor gestemd worden voor een beleid. Dit wordt gedaan door alle lidstaten. (Intergouvernementeel)
*Er is sprake van een tegenstelling tussen ‘Europees en Atlantisch’ op militair terrein. Sommige landen willen de militaire samenwerking deel uitlaten maken van de Europese samenwerking. Andere landen willen liever een nauwe militaire samenwerking met de VS. Dit laatste is nu het geval (NAVO).
*De belangrijkste doelen van de Europese samenwerking zijn het brengen van vrede, veiligheid, welvaart en stabiliteit in Europa.
*Economische samenwerking is het belangrijkste onderdeel van de EU.

 

*Binnen de EU bestaat een politiek systeem dat je kan vergelijken met dat van een land, zo is er net zoals in Nederland sprake van politieke machtenscheiding. Er zijn verschillende bestuursorganen binnen de EU:
-Europese Commissie: Dagelijks bestuur van de EU, maken wetsvoorstellen, uitvoerende orgaan van de gemeenschap, vertegenwoordigt de EU naar buiten toe.
-Raad van de Europese Unie (De Raad): Voornaamste besluitvormende orgaan in EU-verband. Wetgevende bevoegdheid met het Europees Parlement, samenstelling is afhankelijk van het onderwerp.
-Europese Raad: Bestaat uit de staatshoofden en regeringsleiders van de lidstaten. Beraadslaagt over problemen of neemt besluiten over moeilijke onderwerpen, vaak onderwerpen waar De Raad geen overeenstemming kon krijgen.
-Europees Parlement: Medebeslissing bij wetgeving en controle op de uitvoering van de Europese Commissie. Het Europees Parlement heeft het vetorecht op een deel van de Europese wetgeving (economie en handel). Kan met een motie van afkeuring de gehele Europese Commissie tot aftreden dwingen. Enige orgaan wat rechtstreeks gekozen wordt door de burgers.
*Een wetsvoorstel van de Europese Commissie wordt alleen goedgekeurd als zowel De Raad als het Europees Parlement er mee akkoord zijn gegaan.
*Er zijn enkele problemen met betrekking tot de Europese Unie:
-Landen verliezen nationale soevereiniteit, dilemma: Europese integratie en behoud van de eigen nationale autonomie.
-De belangrijkste taak van de EU (het creëren van een gemeenschappelijke markt) zorgt voor veel beleidsbemoeienis op tal van terreinen. Er zijn talrijke mogelijkheden van de EU om haar beleidsterreinen uit te breiden.
-Er is onvoldoende democratische controle door burgers. (Democratisch tekort)
-De besluitvorming binnen de EU is erg traag en omslachtig.
-Beheersbaarheid van de financiën.
-Uitbreiding van de EU, hierdoor wordt de bestuurbaarheid nog lastiger.
-Verhouding met de VS, handelsconflicten.
-Veiligheidsbeleid.

7.4 Verenigde Naties
*Het klassieke beeld van internationale orde: Natiestaten die onder bepaalde voorwaarde met elkaar samenwerken of met elkaar in conflict zijn. Men leeft in een permanent veiligheidsdilemma dat alleen op te lossen is door het zoeken naar machtsevenwicht.
*Het post-klassieke beeld van internationale orde: Natiestaten spelen nog steeds een belangrijke rol, maar hun speelruimte is beperkter geworden. Niet-gouvernementele organisaties zoals Amnesty zijn een belangrijke rol gaan spelen. Dit zorgt voor een “web van interdependentie”. Natiestaten werken nu vooral samen omdat ze een collectief lotsbesef hebben, de problemen in de wereld zijn grensoverschrijdend. Natiestaten gaan niet zozeer met een land zelf in conflict, maar met een voorstel van een land. Landen zijn afhankelijker van elkaar geworden.

*De Verenigde Naties hebben vier doelstellingen:
-Handhaven van de internationale vrede en veiligheid
-Stimuleren van vriendschappelijke relaties tussen landen
-Bereiken van internationale samenwerking bij het oplossen van economische, sociale, culturele en humanitaire problemen
-Bevorderen van respect voor mensenrechten en fundamentele vrijheden.
*De Verenigde Naties hebben vier hoofdterreinen:
-Vrede en veiligheid
-Mensenrechten
-Economische ontwikkeling van de Derde Wereld
-Milieuproblematiek
*Leden van de VN overleggen in diverse organen en op fora. Herin worden resoluties en verklaringen aanvaard die voor de lidstaten niet bindend zijn.
*De belangrijkste bijeenkomst van de VN is de jaarlijkse Algemene Vergadering. De besluiten hebben het karakter van een aanbeveling. De uitoefening van de VN-taken wordt meestal gedaan door organen zoals UNICEF, UNESCO, FAO, etc.
*De Veiligheidsraad is het enige orgaan in de VN dat bindende politieke besluiten kan nemen. Het betreft besluiten om de vrede in een bepaald land te herstellen of te bewaken.
*Het Internationaal Gerechtshof is de rechtbank van de VN. De uitspraken zijn bindend, maar naleving kan niet worden afgedwongen.
*De secretaris-generaal is de hoogste verantwoordelijke persoon van de VN.

7.6 Noord Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO)
*De NAVO is een militair samenwerkingsverband van 28 landen. (Noord-Amerika en Europa).
*De NAVO zorgt voor de wederzijdse verdediging en samenwerking van de legers van de westerse landen.
*Sinds het eind van de Koude Oorlog wil de NAVO ook de veiligheid van Europa en Noord-Amerika garanderen door een politiek verbond van vrije en democratische staten te vormen.
*De NAVO wilt de economische groei bevorderen om zo de stabiliteit in Europa te vergroten.
*De besluitvorming binnen de NAVO is op basis van unanimiteit, de NAVO is een intergouvernementele organisatie.

 

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.