H3, Inleiding ethiek



Benadering= optiek

Verschillende benaderingen over 1 kwestie

Optiek= de manier waarop/invalshoek of benadering hoe je naar de werkelijkheid kijkt.

Economische optiek: met zo weinig mogelijk middelen een zo groot mogelijke winst te realiseren.

Juridische optiek: wat zijn de wettelijke regels?

Esthetische optiek: wat is mooi en lelijk?



Ethische optiek=de benadering dat mensen het uiteindelijk goede behoren te doen.

A. Het uiteindelijke goede



Of de handeling menswaardig is

B. Behoren

Wij behoren menswaardig te handelen

-is uitspraak=werkelijkheid feitelijk in elkaar zit

-moet uitspraak=hoe de werkelijkheid in elkaar zou behoren te zitten

C. Doen

Het gaat om ons handelen, ons doen en laten NIET DENKT MAAR DOET. Nadenken op je praktijk handelen wel ethisch.



Ethisch handelen is nodig om het beroep wat je uitoefent te beschermen en het is ook in je eigen belang. Immoreel gedrag heeft alleen maar nadelen.



Ethische visies zijn standpunten/meningen over hoe wij ons behoren te gedragen. Deze visies bieden hulp bij dilemma’s.



Visie=standpunt/mening





Ethische visies zijn standpunten die worden ingenomen binnen de ethische optiek

waarom ethische visies:

1.Om oordeel te geven over bepaalde ethische problemen

2.Om het handelen te rechtvaardigen



De 2 belangrijkste ethische visies:

Gevolgenethiek (die handeling is juist die in zijn gevolgen een bepaald doel realiseert) Als het gevolg van de handeling goed is. Bekend voorbeeld is utilisme: Je moet datgene doen wat het meest nuttig is voor de samenleving in zijn geheel—die handeling is moreel juist die in zijn gevolgen zoveel mogelijk geluk oplevert voor zoveel mogelijk mensen.

Grondleggers utilisme=Jeremy Bentham(1748-1832) en Js Mill(1806-1873)

Beginselethiek (bij de oplossing van een ethisch probleem dient steeds recht gedaan te worden aan een of meer beginselen) Een beginsel als uitgangspunt als ethische beslissing



Immanuel Kant (1724-1804)

Niet het gevolg maar of het een goede bedoeling is dus ethisch handelen is uit plichtbesef goede-goed mens is plicht

1ding centraal=waardigheid van de menselijke persoon –respect enz



levensbeschouwing—christelijke ethiek

1.god liefhebben

2.naastenliefde

3.waarde van menselijk leven

4.vrijheid



ethische communicatie

openheid

gelijkheid

bereid tot dialoog te tonen

duidelijkheid

redelijkheid/verstand



A.ongegronde generaliseringen=algemene conclusies worden getrokken uit slechts enkele gegevens of uit gegevens die niet ter zake doen

B.normen ontlenen aan feiten

Trouwen –feit

Daarom ook trouwen –norm

C.autoriteitsargumenten=foute argumenten die niet over de inhoud gaan

D.persoonsgebonden argumenten=je maakt je mening over de persoon fout

E.onjuiste oorzaak=feit meer oorzaken en dan 1 oorzaak belangrijk maken is dus fout



Stap 1

Formuleren van de zaak

Stap 2

Welke feiten spelen een rol

Stap 3

Welke waarden spelen een rol

Stap 4

Het formuleren van het ethisch probleem

Stap 5

Wie zijn de belanghebbenden

Stap 6

Wie is moreel aanspreekbaar

Stap 7

Welk ethisch standpunt neem je in


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.