KCV SAMENVATTING H6

Paragraaf 1
Voor de Grieken is Odysseus een historisch persoon, hij had echt bestaan. Epos of heldendicht is een lang, monumentaal gedicht dat een roemrijke gebeurtenis beschrijft, deze gebeurtenissen hebben misschien wel een historische kern maar ze zijn aangedikt met verzonnen elementen. Goden spelen een belangrijke rol en een held of stad is het centrale thema. De twee oudste epen, beiden door Homerus:
- Ilias (15000 regels): episode uit de laatste jaren van de Trojaanse oorlog.
- Odyssee (12000 regels): beproevingen die Odysseus moest doorstaan na de Trojaanse oorlog om weer in Ithaka te komen.
Voor de Grieken waren de epen geschiedschrijving en de beschrijving werd geïdealiseerd.
Homerus leefde in de 8e of 9e eeuw en West Turkije of op een eiland in de Aegeïsche zee. Hij
was een voordrachtskunstenaar. Hij gaf zijn gedichten vorm dmv geregeld terugkerende
verzen, typische scènes waarin bepaalde handelingen met dezelfde woorden worden
beschreven, vaste woordcombinaties (formules) of vaste bijvoeglijke naamwrd (epitheta
ornantia) Anachronismen en oud taalgebruik zitten in de ependoor de mondelinge
overlevering. De epische zangkunst ontstond in de Myceense tijd, ging verloren in
Peloponnesus en kwam via het noorden ik Klein-Azië waar het o.a. door Homerus is over-
genomen en verder ontwikkeld.

Paragraaf 2
Een verteller maakt onuitgesproken gedachten van personages zichtbaar en geeft commentaar
op gebeurtenissen. Prospectief is flash-forward en retrospectief is flashback.Homerische
vergelijking: 1. x deed y, 2. zoals een…., 3. zo deed x y. Tussen de vergelijking en de context
is overeenkomst door het herhalen van een woord of begrip.

Paragraaf 3
1-4: Telemachus zoek informatie over zijn vader bij Nestor en Menelaüs.
5-8: Avonturen van Odysseus tussen zijn vertrek van Calypso en aankomst bij de Phaiaken.
9-12: Odysseus vertelt de Phaiaken over zijn avonturen voordat hij op Calypso kwam.
13-24: Odysseus’ aankomst op Ithaka, wraak op vrijers, hereniging met Penelope.

Paragraaf 4
Epische helden waren een voorbeeld voor de Grieken. Helden waren de ideale mensen. Epen
waren een bron van kennis. Sommige gedichten geven van Odysseus een positief beeld (slim,
sterk), sommige een negatief (listig, achterbaks). Homerus was een belangrijke inspiratiebron
voor de Romeinse Vergilius. Overeenkomsten Odyssee en Aeneïs:
- allebei op zwerftocht
- tegenwerking van de goden (odysseus: poseidon / aeneas: juno)
- ze dalen allebei af in de onderwereld.
In de Aeneïs wordt Odysseus beschreven als listig. Toch hebben de Romeinen wel
bewondering voor zijn heldeneigenschappen. In een grot bij Sperlonga werden in 1957
beelden, die fragmenten uit de Odyssee voorstelden, gevonden.

Paragraaf 5
Ontmoeting Nausicaä: gastvrijheid, ontmoeting Circe: overwinning van rede/deugd op
slechtheid door goddelijke hulp. Nadat in 1757 het boek van Comte de Caylus verscheen,
kwamen er veel illustraties bij Homerus. Dit was het neoclassicisme. Na 1750 kregen de
onderwerpen van Homerus een heel ander karakter, ze werden niet meer alleen gezien als
illustraties; ze ademden zo sterk de geest van het Homerische epos uit dat ze voor veel
mensen echtheid, eenvoud en zuiverheid uitbeeldden.

Paragraaf 6
De manier waarop men in kunstvormen naar Odysseus verwijst heeft twee benaderingen:
- kunstenaar verwijst direct naar het antieke verhaal en vertelt gebeurtenissen uit de Odyssee opnieuw en op hun eigen manier.
- kunstenaar werkt een bepaald thema dat verbonden is met de figuur van Odysseus uit zonder direct te verwijzen naar het antieke verhaal.
De belangrijkste thema’s die met Odysseus verbonden zijn, zijn het zwerven en reizen, de eeuwige trouw, heimwee naar huis, de held, listen en de hereniging.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.