Vietnam: Dekolonisatie en de Koude Oorlog

Beoordeling 6
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 6e klas vwo | 1608 woorden
  • 5 augustus 2008
  • 2 keer beoordeeld
Cijfer 6
2 keer beoordeeld

Vietnam
Dekolonisatie en de Koude Oorlog


Hoofdstuk1

Vanaf WOII gingen de VS en de SU de wereldpolitiek bepalen; kapitalisme tegenover communisme. Tegelijkertijd was er sprake van dekolonisatie. Bij het opkomende zelfbewustzijn en de nationalistische bewegingen in de kolonies sloten de uitgangspunten van het communisme goed aan. Om te voorkomen dat Vietnam, waar de Koude Oorlog veranderde in een echte oorlog, communistisch zou worden, greep de VS militair in toen het Franse koloniale bewind zich niet langer kon handhaven in Indochina. Dit had rampzalige gevolgen voor het land, maar escaleerde niet tot een wereldwijd conflict.

Na WOII ontstond het ijzeren gordijn die de kapitalistische westerse invloedssfeer scheidde van de oostelijke communistische invloedssfeer. Vanaf 1949 was ook China communistisch. Het wederzijdse wantrouwen nam toe: de VS was ervan overtuigd dat de SU de hele wereld in haar macht wilde krijgen en de SU dacht dat de VS alleen maar uit was op economische overheersing. De Koude Oorlog ontwikkelde zich tot een wereldwijd conflict. Een vijandbeeld werd gecreëerd en het Marshallplan en de containment-politiek kwamen op gang, als eerste Griekenland, bedoeld tegen het vermeende machtsblok van de SU en China. Daarnaast ontstond de kernwapenwedloop die vastliep in mutual assured destruction, waardoor de oorlog stabiliseerde. Chroesjtsjov ging vanaf toen over op vreedzame coëxistentie, die de vrede bewaarde.

Na WOII werden in korte tijd veel koloniën in Azië onafhankelijk, waaronder Vietnam. Door de verkregen vrijheid van de nieuwe staten was het dus onzeker welke positie ze in zouden gaan nemen in de Koude Oorlog. Sinds de tweede helft van de 19e eeuw werden Vietnam, Laos en Cambodja samen Frans Indochina genoemd. Tijdens deze periode waren infrastructuur, onderwijs en landbouw verbeterd. Maar ook werden de verschillen tussen arm en rijk steeds groter door de opkomst van grootgrondbezitters. In het zuiden leidde dit niet tot opstanden, in het noorden door slechtere landbouw omstandigheden wel.
De SU probeerde greep te krijgen op de (communistische) vrijheidsbewegingen in de nieuwe staten en de VS probeerde dit te voorkomen. Ze wilden een Aziatische afzetmarkt creëren en overal democratie. Het communisme kwam in Vietnam ondertussen echter steeds dichterbij, onder leiding van de nationalistische, communistische Ho Chi Minh. Na teleurstellende resultaten van de VvV kreeg hij namelijk langzamerhand steeds meer invloed. In 1940 richtte hij de Vietminh op om tegen de Japanners te strijden en onafhankelijke te bereiken. HCM maakte gebruik van het machtsvacuüm dat was ontstaan door de capitulatie van Japan, dat tijdens WOII veel koloniën bezet had, en riep de Democratische Republiek Vietnam uit. Deze stond echter niet sterk.
Na de oorlog waren de Fransen in staat gedeeltelijk, namelijk in het zuiden, het koloniale bewind in Vietnam te herstellen. In het noorden beheersten de Fransen de steden, het platteland was echter van de Vietminh en bij Dien Bien Phoe werden de Franse troepen met grote overmacht verslagen.
De VS begon actie te ondernemen. Bang voor het domino-effect ging de VS over tot economische hulp, marionettenregeringen en militaire steun, eventueel militaire interventie aan Zuid-Vietnam, onder leiding van de Fransen. Bij de akkoorden van Genève werd het Noorden als onafhankelijk erkend door een onmiddellijke wapenstilstand. Ook werd Vietnam verdeeld langs de 17e breedtegraad. Hereniging was niet gewenst door de VS: ze wist dat zodra het zuiden uit handen werd gegeven, Vietnam communistisch zou worden. Ze wilden de verkiezingen tegenhouden. De Geneefse akkoorden werden dan ook niet onderteken door de VS en Zuid-Vietnam.

Hoofdstuk 2 Oorlog in een verdeeld Vietnam

In de communistische partij die in Noord-Vietnam aan de macht was had het Politburo de leiding, met als leider HCM. Op het platteland in het noorden begon de invoering van het communisme. Ze wilden daarbij een kapitaalvlucht voorkomen, en gingen daarom in eerste instantie voorzichtig te werk. Na 1954 gingen ze echter over op een radicalere aanpak: de interne revolutie (de invoering van het communisme). De vereniging van communistische Vietnam was het doel van de externe revolutie. Veel Noord-Vietnamezen infiltreerden daarom in het zuiden. Hiervoor werd gebruik gemaakt van de Ho Chi Minh-route.

Ondertussen wordt Diem in het zuiden aangesteld als president. Hij leidt de marionettenregering van de VS. De plattelandsbevolking en de boeddhisten sympathiseerden niet met Diem. Zuid-Vietnam veranderde in een politiestaat. De oppositie tegen Diem verenigde zich tot de NLF (de gewapende arm heet de Vietcong). Diem wordt afgezet.

Vanaf toen begon de militaire interventie van de VS. Oorlogsmaterieel en honderden adviseurs werden naar Vietnam gestuurd. De Vietcong en de NLF versterkten steeds meer en Kennedy breidde de steun drastisch uit, zonder grondtroepen te sturen. Maar in feite raakten de militaire adviseurs steeds meer betrokken bij de strijd.
Aan de andere kant werden de Noord-Vietnamezen financieel en materieel gesteund door de SU en China. Toch bleef de invloed beperkt, omdat HCM de twee landen behendig tegen elkaar uitspeelde: ze waren elkaars concurrenten.
Doordat Johnson, na de moord op Kennedy, zich op the Great Society wilde richten wilden hij dat de oorlog in Vietnam snel over zou zijn. Hij stuurde daarom grondtroepen om het proces te versnellen. In maart 1965 begon de Amerikaanse luchtmacht de bombardementen en werden de grondtroepen aan land gezet. Verdere aanzet hiertoe was het Tonkin-incident en de voor Johnson gewonnen verkiezingen.
Operatie Rolling Thunder, die drie jaar zou gaan duren, begon, met als doel het noorden zodanig te bombarderen dat ze de Vietcong niet meer zouden (konden) steunen. De actie mislukte: er werden twee keer zoveel wapens naar het zuiden vervoerd als ervoor. Mogelijke oorzaken zijn het verbod op het bombarderen van Hanoi, Haiphong en de Rode Delta, omdat de VS de SU en China niet voor het hoofd wilde stoten, en de HCM-route kon niet worden vernietigd doordat die voor een groot deel door Laos en Cambodja liep.
Ook de landoorlog mislukt: het Zuid-Vietnamese leger bleef ver achter bij de verwachting van de Amerikanen, de Vietnamezen voeren een guerrillaoorlog die de Amerikanen niet konden bijbenen, hoeveel technisch oorlogsmaterieel ze ook hadden. Door frustraties moorden Amerikaanse soldaten vaak hele dorpen uit om vermoedelijke VC-leden uit te schakelen en ook waren de burgers het slachtoffer van agent orange en napalmbommen.


Er was geen sprake van een overwinning voor de VS, want er was geen duidelijk slagveld, Amerikaanse soldaten, hoeveel er ook waren, raakten gedemoraliseerd wat hun kracht aantastte. Dan, in 1968, leidt het Tet-offensief, gericht op Zuid-Vietnamese steden en Amerikaanse bases, tot vredesbesprekingen. Dit offensief liet zien hoe kwetsbaar de Amerikanen waren en vanaf toen wisten ze dat ze niet meer konden winnen (hoewel het offensief was afgeweerd). Het was duidelijk geworden dat de VS Zuid-Vietnam niet onder controle hadden en VS-burgers verloren het vertrouwen in de leiders. Ook aan Vietnamese zijde waren veel doden gevallen. De onderhandelingen begonnen, die echter moeizaam verliepen en lang zonder resultaten waren.
In 1968 werd ook president Nixon de nieuwe president van de VS. Hij ging over op Vietnamisering van de oorlog: het Zuid-Vietnamese leger moest de strijd van de Amerikanen overnemen. Ook voerde hij zware bombardementen uit en streefde hij naar betere verhoudingen met de SU en China. Met China werd in het geheim afgesproken dat de VRC werd erkend, in ruil voor het stoppen van de oorlog in Vietnam. In 1972 werd het verdrag voor het einde van de wapenwedloop getekend door Nixon en Breznjev met dezelfde ruil.
Ondanks deze bezoeken bleven de onderhandelingen moeizaam en de bombardementen gingen door, nu ook op Hanoi en Haiphong. Na 10 dagen gingen ze weer door en op 27 januari werden de Parijse akkoorden getekend. De Vietnamezen stemden in omdat ze geen luchtmacht meer hadden, China en de SU het adviseerden en omdat ze wisten dat de VS graag weg wilde, waarna zij vrij spel zouden hebben. Na vertrek was het zuiden snel overwonnen.

Hoofdstuk 3 De oorlog, de Vietnamezen en de Amerikaanse soldaten

Gevolgen voor de communisten: Zuid-Vietnam werd bijna dagelijks gebombardeerd en lag in puin. Vietnamezen bleken zeer inventief: hele steden verdwenen onder de grond, mangaten werden aangelegd, burgertroepen reisden rond om schade te herstellen, beweegbare bamboebruggen werden aangelegd.
Gevolgen voor het zuiden: De helft van de Zuid-Vietnamese mannen werden ingeschakeld bij de oorlogvoering. Er werden versterkte dorpen opgericht, die bezet wisselend bezet waren door Vietcong of Amerikanen/Zuid-Vietnamezen. Vele zuidenaars vluchten voor het oorlogsgeweld: ze werden Vietcong of sloten zich aan bij Saigon in de steden.
Veel onschuldige burgerslachtoffers vielen: My Lai en Hué zijn de bekendste voorbeelden.

Amerikaanse soldaten werden in Vietnam gedemoraliseerd; ze vroegen zich af waarom ze er waren. Ze reageerden het af dmv drugs, rassenhaat, oorlogsmisdaden, desertie.

Hoofdstuk 4 Het ‘thuisfront’ en de oorlog

Voordat de grondtroepen in Vietnam kwamen was er geen reden tot kritische toon geweest. Maar daarna zetten oorlogsverslaggevers vraagtekens bij het ingrijpen van de VS. Het feit dat de gebeurtenissen rechtstreeks op tv te zien waren wekte een grote afkeer op van de Amerikaanse bevolking. Vooral na het Tet-offensief sloeg de stemming definitief om.
Er waren mensen voor en tegen deze kritische houding. Dit zorgde van polarisatie van de Amerikaanse maatschappij.
Veel jongeren keerden zich tegen de oorlog: de babyboomers keerden zich tegen de gevestigde orde, hielden demonstraties, zagen het communisme niet als een bedreiging en weigerden dienstplicht. De oudere generatie echter, die WOII hadden meegemaakt, zagen wél de dreiging van het communisme en waren het wel eens met de regering. Het verdiepte de kloof tussen bijv. studenten en leraren. Maar ook ouderen (Democraten) keerden zich ertegen.
Protest werd geuit in de vorm van teach-ins, petities, demonstraties en weigering van dienstplicht. Ook de in de rest van de wereld kwam het tot protesten.
Aanvankelijk was er weinig belangstelling voor de oorlog in Vietnam: er waren andere problemen die opgelost moesten worden. Ook was er weinig controle van het Congres. Johnson had volmacht gekregen door de Tonkin-resolutie. Ook probeerde Johnson het uit beeld te houden om zijn Great Society te kunnen opzetten.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.