Tweede wereldoorlog

Beoordeling 6.9
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 3e klas havo | 1867 woorden
  • 4 februari 2009
  • 12 keer beoordeeld
Cijfer 6.9
12 keer beoordeeld

ADVERTENTIE
Maak jij weleens gebruik van de achteraf betalen-optie bij een webshop?

Voor veel jongeren is het de normaalste zaak van de wereld, maar het kan ook risico’s met zich meebrengen. Zo belandde Maura in de schulden: 'Wat begon met achteraf betalen eindigde met een schuld van zo’n 3.000 euro.'

Lees nu het interview
Geschiedenis hoofdstuk 2 :: De Tweede Wereldoorlog

§1 :: Vernedering en crisis :

• Gevolgen van de staking die was uitgeroepen door de gevluchte regering
(wordt ook wel Kapp-putsch genoemd) :
fabrieken werden stilgelegd,, winkels gingen dicht,, geen water,, gas of elektriciteit,, ambtenaren bleven thuis,, scholen waren gesloten. De sociaal-democratische partij, de SPD, wilde na afloop van WO.I graag regeren. Ze kwamen op voor de arbeiders en wilde een parlementaire democratie. De communisten wilden ook de macht, ze wilden een revolutie, net als in Rusland. In het westen waren veel mensen bang dat de communisten het voor het zeggen kregen. De sociaal-democraten vormen snel een voorlopige regering. Kapp-putsch is een staatsgreep.
• Januari 1919: de communisten kwamen in opstand en probeerden de macht over te nemen. Deze opstand werd door de voorlopige regering hard neergeslagen.

• Bij de verkiezingen in 1919 kregen de sociaal-democraten bijna 38% van de stemmen. Ze vormden samen met de Duitse Democratische Partij en de partij van de katholieken de regering.
• In de hoofdstad Berlijn was het door de communistische opstanden erg onrustig, vandaar dat de Rijksdag in Weimar vergaderde. De nieuwe republiek werd de Republiek van Weimar genoemd. Een nieuwe grondwet maakte van Duitsland een parlementaire democratie.
• Er waren in Duitsland veel mensen die de republiek niet steunden. Zij vonden dat de regering nooit het vernederende Verdrag van Versailles had moeten ondertekenen. In 1920 pleegden de oud-officieren een staatsgreep. De wettige regering vluchtte. De staatsgreep mislukte omdat er een massale staking uitbrak.
• In 1923 konden de Duitsers de herstelbetalingen al niet meer betalen. Franse soldaten bezetten toen het Ruhrgebied en namen de grondstoffen en industrieproducten in beslag. De Duitse regering riep als reactie hierop een staking in het Ruhrgebied uit. Om aan genoeg geld te komen om de stakers te betalen, liet de regering geld bijdrukken. Hierdoor ontstond inflatie. Het geld werd steeds minder waard. Door geld in het buitenland te lenen ging het wat beter. De oplevering was tijdelijk, want in 1929 brak wereldwijd een economische crisis uit. Duitsland werd hard getroffen want de Duitse economie was voor een groot deel afhankelijk van de export. Al snel telde het land miljoenen werklozen.
• Door de economische en politieke moeilijkheden geloofden veel Duitsers dat de regering de problemen niet meer kon oplossen. De wereldcrisis van 1929 begon in de VS. Daar werd meer geproduceerd dan dat er verkocht werd. Veel Amerikanen kochten (vaak met geleend geld) en verkochten aandelen, om daar rijk van te worden. Op 29 oktober daalden de koersen op de aandelenmarkt tot een dieptepunt. Veel banken en bedrijven gingen daarna failliet.
• 5 kenmerken van de NSDAP:
1. Ze willen de Weimar Democratie vernietigen,
2. Herziening van het gehate verdrag van Versailles,
3. Anticommunistisch,
4. Zeer militaristisch ingesteld: het geweld wordt verheerlijkt,
5. Anti-joods: Antisemitisch.

§2 :: De opmars van Hitler ::

• Niet alleen joden, maar ook Polen, Russen en negers werden door de nazi’s gezien als minderwaardige mensen. Het Duitse bloed moet zuiver blijven, anders kan het Duitse volk niet blijven bestaan. Daarom heeft de Rijksdag deze wet goedgekeurd: “Huwelijken tussen joden en echte Duitsers is verboden”.
• Na 1929 ging het steeds slechter met de parlementaire democratie in Duitsland. Een partij die de democratie wilde afschaffen, was de Nationaal-Socialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP) van Adolf Hitler. De Nationaal-Socialisten (nazi’s) waren bijna overal op tegen: communisme, joden en democratie. Democratie zorgde alleen maar voor verdeeldheid onder het volk. Het volk moest eensgezind en sterk zijn en moest als één man achter een sterke leider staan en hem gehoorzamen. De nazi’s vonden dat het Duitse volk meer levensruimte moest hebben. Alle Duitssprekende mensen moesten in één land wonen en Duitsland moesten worden uitgebreid. Nazi’s kregen vooral na 1929 veel aanhang: Hitler beloofde de mensen werk en voedsel. Hij speelde via propaganda in op de ontevredenheid van de Duitsers en gaf het Verdrag van Versailles, de joden en de Duitse regering de schuld van de ellende.

• De Nationaal-Socialisten zeiden dat het Duitse volk tot het Arische ras behoorde. De joden zouden erop uit zijn om dit ras te vernietigen. Het antisemitisme (jodenhaat) van de nazi’s ging erg ver: ze vonden dat alle joden uitgeroeid moesten worden.
• Veel Duitsers voelden zich aangesproken door Hitlers ideeën. Hitlers nationalisme sprak hen aan en hij beloofde van Duitsland weer een machtig land te maken. De jodenhaat leek in het begin niet zo
bijzonder. Ook voor de komst van Hitler werden joden gediscrimineerd.
• In 1933 werd de NSDAP met 196 zetels (43.9% van de stemmen) de grootste partij van het Duitse parlement. Er werd een regering gevormd waarvan Hitler eerste minister was. In datzelfde jaar nog zorgde Hitler ervoor dat de Rijksdag een wet aannam die hem onbeperkte macht gaf. Andere partijen werden niet meer toegestaan. Dit betekende het einde van de democratie.
• Duitland werd een totalitaire staat. In een totalitaire staat:
1. Probeert de regering het leven van de mensen volledig te controleren en beheersen.
2. Eén leider en één partij hebben de absolute macht.
3. Ze controleren wat er op tv, in de kranten en op de radio komt > censuur.
3. Er is geen vrijheid van meningsuiting meer.
• Hitler schond het verdrag van Versailles:
1. Opbouw nieuw leger
2. 1936 ging hij Rijnland binnen

3. 1938: Anschluss.

§3 De oorlog breekt uit :

• Na WO.I vonden velen dat conflicten door praten opgelost moesten worden en niet door geweld. In 1919 werd de Volkenbond opgericht om de wereldvrede te bewaren. De Volkenbond heeft maar weinig kunnen betekenen. De bond had geen leger en kon dus weinig afdwingen. Bovendien werden niet alle landen lid. De VS wilden niet toetreden en de Sovjetunie en Duitsland mochten in 1919 geen lid worden. Duitsland werd in 1928 lid, maar toen Hitler in 1933 aan de macht kwam werd lidmaatschap beëindigd.
• Als snel voerde Hitler, tegen het Verdrag van Versailles in, de dienstplicht in en vergrootte hij het leger. In 1936 trokken Hitlers legers het Rijnland in, waar volgens het verdrag geen militairen gelegerd mochten zijn.
• In 1938 zorgde hij ervoor dat Oostenrijk bij Duitsland werd gevoegd. Deze gebeurtenis wordt de Anschluss genoemd. Frankrijk en Groot-Brittannië protesteerden wel, maar deden verder niets.
• Sudetenduitsers: leefden in het noorden van Tsjechoslowakije (Duitssprekende mensen). De regering van Tsjechoslowakije weigerde het gebied af te staan. Het voelde zich sterk, want ze hadden bondgenootschap met Frankrijk en Groot-Brittannië. Maar deze landen wilden geen oorlog riskeren. Toen Hitler dreigde een oorlog te beginnen, vloog de Britse premier Chamberlain naar München om te overleggen. Tijdens de Conferentie van München kreeg Hitler zijn zin. Het Sudetenland werd bij Duitsland gevoegd. Europa haalde opgelucht adem. Begin 1939 bezette Hitler de rest van Tsjechoslowakije. Zo wist Hitler Duitsland uit te breiden zonder oorlog.

• Frankrijk en Groot-Brittannië voerden inmiddels gesprekken met de Sovjetunie om te kijken of ze bondgenoten konden worden. Ze konden eigenlijk alleen een oorlog met Duitsland riskeren als ze de steun van de Sovjetunie hadden. Maar het onderlinge wanvertrouwen was te groot. Intussen onderhandelde ook Duitsland met de Sovjetunie. Hitler en Stalin kwamen in 1939 overeen dat ze elkaar niet zouden aanvallen. Dit werd vastgelegd in het Molotov-Von Ribbentroppact. In een geheime bepaling stond dat de beide landen Polen zouden verdelen. Maar Polen had een verbond gesloten met Frankrijk en Groot-Brittannië. Als Polen aangevallen zou worden, zouden deze landen te hulp schieten. Toen Hitler op 1 september 1939 Polen binnenviel, verklaarden de bondgenoten Duitsland de oorlog: Begin WO.II. Op 17 september 1939 viel ook de Sovjetunie Polen aan. Polen werd dus verdeeld. Daarna begon de Sovjetunie een oorlog tegen Finland en lijfde ook de Baltische staten in.

§4 :: Europa in oorlog :

• De Duitsers vielen in 1940 Denemarken, Nederland, België, Noorwegen en Frankrijk aan. Er brak een periode van bezetting aan. In de bezette landen werd de democratie afgeschaft. In Nederland was nog maar 1 politieke partij toegestaan: de Nationaal Socialistische Beweging (NSB). Een aantal Nederlanders pleegde actief verzet. Ze pleegden aanslagen. De meeste mensen durfden dit niet. Zij pleegden passief verzet, door verboden kranten te lezen. Ook in Duitsland zelf kwamen mensen in verzet tegen Hitler. In juli 1944 mislukte een aanslag op Hitler.
• Ondanks het Molotov-Von Ribbentroppact vielen de Duitsers in 1941 toch de Sovjet-Unie aan. Het Russische leger was niet goed voorbereid op een oorlog. In de winter van 1941-1942 hadden de Duitse aanvallen succes, maar in de winter van 1942-1943 leden ze bij Stalingrad een grote nederlaag. Daarna haalden de Russen de ene overwinning na de andere.
• De Engelse premier had besloten om door de vechten met Duitsland. Hij kreeg zoals hij gehoopt had, in 1941 steun van de VS. Hitler had de oorlog aan de VS verklaard nadat Japan een Amerikaanse oorlogsvloot had aangevallen. Hitler koos toen de zijde van Japan. De geallieerden voerden bombardementen uit op Duitse industriesteden. Bij deze acties kwamen 100000en Duitse burgers om het leven. Stalin wilde dat de andere geallieerden de Duitse legers in het westen zouden aanvallen. Maar pas is 1944 kwam dit 2e front er. Op 6 juni landden troepen van de geallieerden op de kust van Frankrijk. Zij drongen de Duitsers geleidelijk terug. Tijdens de bevrijding van West-Europa werden soms hele steden verwoest.
• In de laatste maanden van 1944 was alleen het zuiden van Nederland bevrijd. In de nog bezette delen van Nederland leed men in de winter honger. Toen de Russen vlakbij Berlijn waren en de legers van de andere geallieerde landen ook diep in Duitsland waren doorgedrongen, pleegde Hitler zelfmoord. Het totaal verwoeste Duitsland werd bezet door de geallieerden en verdeeld in 4 bezettingszones.
• In oktober 1944 werden alle mannen uit Putten naar strafkampen gestuurd, omdat het verzet een Duitse officier had vermoord. Bijna alle mannen kwamen in Duitsland om. Toen in 1945 een aanslag werd gepleegd op een Duitse generaal werden 250 willekeurige mensen doodgeschoten.


§5 :: Jodenvervolging :

• Rijkskristallnacht: in Wittlich werden eerst de synagogen in brand gestoken. Het meubilair werd naar buiten gesmeten. Joodse winkels werden vernield en joodse mannen werden geslagen en meegenomen. Het werd de Kristallnacht genoemd, omdat de volgende dag overal kleine kristalletjes van glas op straat lagen.
• Holocaust = jodenvervolging.
• Niet alleen joden zijn door de nazi’s opgespoord en uitgeroeid: geestelijk gehandicapten, zigeuners en homoseksuelen was hetzelfde lot beschoren.
• Massavernietiging: wordt meestal vernietiging met gas in Auschwitz, Treblinka of Sobibor bedoeld. Toen Hitler in 1933 aan de macht kwam, namen de nazi’s direct anti-joodse maatregelen:
1. Het ontslaan van Joodse ambtenaren.
2. In 1935; invoering van de Neurenberger wetten: rassenwetten.
3. In 1938; Kristallnacht: vernielingen en vermoorden. > deze 3 dingen waren allemaal nog voor WO.II.
4. Deportaties: joden worden afgevoerd naar de kampen (tijdens oorlog). Aparte Joodse wijken heten Getto’s.
5. 1942: Concentratiekampen: besluit om alle joden uit de roeien. Vernietigingskampen zoals Auschwitz. Een deel van de Joden werden gelijk vergast, een ander deel moest eerst nog werken voor de Duitsers, veelal dood tot gevolg.
• In Nederland werden de Joden ook vervolgd. In 1941 moesten de mensen aantonen of ze van joodse afkomst waren. Joden kregen een persoonsbewijs met daarin een J gedrukt. Vanaf 1942 moesten ze een Jodenster op hun kleren dragen (gele ster). Zo waren ze gemakkelijk te herkennen. Veel Nederlandse joden werden naar Westerbork getransporteerd, vanuit daar naar concentratiekamp in Duitsland. Niet alle joden meldden zich, velen doken onder, zoals Anne Frank en haar familie. Maar het was niet gemakkelijk, genen die onderdak verleenden riskeerden de doodstraf. In totaal hebben de nazi’s tussen de 5 en 6 miljoen joden vermoord.

• Vrede van Versailles:
1. Duitsland werd gedwongen om herstelbetalingen te betalen > Frankrijk en België,
2. Inkrimping van het Duitse leger,
3. Afstaan van Duits grondgebied. Elzas Lotharingen moest weer terug naar de Fransen,
4. Artikel 231, belangrijk omdat Duitsland aan werd gewezen als hoofdschuldige van WO.II.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.