Paragraaf 1 t/m 3, Franse Revolutie

Beoordeling 9
Foto van lynn
  • Samenvatting door lynn
  • 2e klas vmbo/havo | 412 woorden
  • 21 oktober 2019
  • 3 keer beoordeeld
  • Cijfer 9
  • 3 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!

Samenvatting geschiedenis p1 t/m 3 



Stadensamenleving:



1ste geestelijke (300 man)



2de edellieden (300 man)



3de boeren en burgers (600 man)





De eerste en tweede stad hoefde geen belasting te betalen.



De eerste en tweede stand kreeg steeds meer voorrechten van de koning bijvoorbeeld geen belasting en geestelijke en edellieden werkte voor de koning in het leger.



Frankrijk had een absolute vorst, dat betekend dat maar 1 iemand alle macht had.



Een vorst willen zeggen een koning of keizer.



Lodewijk XVI riep zijn mensen bij elkaar bij de staten generaal in mei 1789



Ze stemde over meer belasting, natuurlijk was de eerste stand het hier mee eens de tweede ook want die hoefde geen belasting te betalen maar, de derde stand was het hier niet over eens die moest namelijk wel belasting betalen.



Ze vonden het ook oneerlijk dat ze niet per persoon stemde maar per stand.



Het was simpel gezegd de eerste en tweede stand had gewonnen want het was 2 tegen 1.



De derde stand was hier woedend over, ze maakte een eigen vergadering namelijk de nationale vergadering.



Ze bleven wachten voor een grond tegen de standensamenleving.





Hier begon de Franse revolutie, wat houdt dat in:



-de val op de Bastille op 14 juli 1789



-ze stoken huizen van edellieden in de fik



-maakte alles kapot





In 1789 op 26 augustus werd de grondwet verklaart:



-de mensen worden vrij en met gelijken rechten geboren en blijven dit ook.



-de macht ligt bij het volk het volk bepaalt wie het land mag besturen.



-wetten zijn alleen geldig als ze door vertegenwoordigers van het volk zijn bepaald.



-alle burgers hebben vrijheid van meningsuiting en geloof





-De standensamenleving was voorbij.



Twee jaar later maakte de grondwet aan 1791 een einde aan absolutisme.





De terreur:



De koning was absoluut niet blij met de situatie



En probeerde te vluchten in 1791 maar dat lukte niet en werd tijdens de vlucht gearresteerd en teruggebracht naar Parijs.



In 1792 werd de koning afgezet de koning werd kort daarna onthoofd.



De koning werd afgezet door de nationale vergadering zij kregen naarmate het jaar veel meer macht.



Frankrijk werd een republiek.





Frankrijk was ook in een oorlog met:



-der verenigde Nederlanden



-Engeland



-Spanje





In 1793 kreeg Robespierre de macht hij wilde alles eraan doen om de revolutie te redden door tegenstanders uit de weg te lopen.



In die tijd kwam de terreur je kon zomaar gearresteerd worden en dat had je maar twee mogelijkheden



-vrijspraak



-guillotine (onthoofding)





Uiteindelijk werd robespierre gearresteerd en zelf onthoofd in 1794 


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.