Eindexamens 2024

Wij helpen je er doorheen ›

Module 9, Hoofdstuk 3

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 4e klas vwo | 910 woorden
  • 25 maart 2002
  • 27 keer beoordeeld
Cijfer 6.6
27 keer beoordeeld

ADVERTENTIE
3 redenen waarom je echt never nooit niet in het buitenland moet studeren

Studeren in het buitenland, de ultieme droom van veel mensen, toch? Nou,
vergeet het maar! Waarom zou je jezelf onderdompelen in nieuwe culturen,
talen en ervaringen als je ook gewoon thuis in je onesie op de bank kunt
blijven zitten?

Check het hier
Geschiedenis Module 9 Hoofdstuk 3 V4C
Spaanse burgeroorlog (1936-1940)= een voorproefje op de Tweede Wereldoorlog. Duitse en Italiaanse fascisten en nationaal-socialisten steunden de opstandelingen van generaal Franco tegen de linkse democratische regering van Spanje. Het leger zette onder leiding van de conservatieve generaal Franco de linkse republikeinse regering af en er ontstond een bloedige burgeroorlog die vier jaar zou duren. Een belangrijke reden voor deze staatsgreep was: - Dat de republikeinse regering de verschillende regio’s van Spanje autonomie wilde geven. Het leger was bang dat Spanje dan uiteen zou vallen. - Bovendien had de regering allerlei maatregelen tegen de rooms-katholieke kerk uitgevaardigd die Franco niet zinden. Hitler en Mussolini gaven onmiddellijk hun politieke steun aan de nieuwe dictator. USSR gaf steun aan de Spaanse communisten (regering). Frankrijk en Engeland twijfelden (paste perfect in de appeasement politiek om het initiatief te nemen tot een Non-interventie Commissie). Internationale brigade= vrijwilligers uit vele landen die toestroomden om de regering van de republiek van Spanje te helpen. Hitler had dankzij deze Spaanse burgeroorlog geleerd dat het mogelijk was om, zonder dat het echt tot oorlog kwam, van alles gedaan te krijgen in Europa. Oostenrijk was vrijwel geheel Duitstalig, in Tsjechoslowakije leefde een grote Duitse minderheid, de Sudeten-Duitsers. Ook polen kende een Duitse minderheid. Het werd Hitlers politiek om deze gebieden aan het Duitse rijk toe te voegen, zonder dat het tot een grote, Europese oorlog kwam op een moment dat het hem niet uitkwam. Een politiek die een voortdurende test vormde van de appeasement-politiek. Dat het uiteindelijk op oorlog uit zou lopen stond voor Hitler allang vast. Volgens het verdrag van Versailles mocht oostenrijk niet bij Duitsland gevoegd worden. In 1934 schoten door Hitler opgestookte Oostenrijkse nazi’s de conservatieve, katholieke dictator Dolfuss dood. Een door Duitsland geïnspireerde staatsgreep van de nazi’s mislukte echter en dat was vooral te danken aan Mussolini. Hij gaf toen nog de voorkeur aan een buffer tussen de agressieve, Duitse dictator en zijn eigen land. In 1938 was Mussolini door de kwestie Ethiopië alleen komen te staan en was de as Rome-Berlijn ontstaan en kon hij alle steun van Hitler gebruiken. Mussolini gaf de Oostenrijkse premier Schuschnigg te kennen dat Hitler vrij was in zijn politiek ten opzichte van Oostenrijk. Hitler intimideerde Schnuschnigg zo, dat deze de Oostenrijkse nazi Seyss-Inquart tot minister van Binnenlandse Zaken benoemde, waaronder de veiligheidspolitie viel. Schnuschnigg werd vervolgens afgezet en de Oostenrijkse nazi’s grepen de macht. Op verzoek van Seyss-Inquart overschreden Duitse troepen de grens. In maart 1938 hield Hitler een triomfantelijke intocht in het land. Engeland en Frankrijk protesteerden formeel maar hadden deze Anschluss eigenlijk allang verwacht. - In Groot-Brittannië geloofde men dat het verbod op een samengaan van Oostenrijk en Duitsland een van de oneerlijkste bepalingen van het verdrag van Versailles was geweest. - Bovendien kon men zich voorstellen dat Duitsers graag in één land wilden wonen. Wel kwamen veel mensen door de Anschluss veel mensen voor het eerst achter de ware aard van Hitlers politiek. Tsjechoslowakije bezat geen duidelijke meerderheid (3 miljoen, 22% waren Sudeten-Duitsers), de regering voerde een politiek die alle minderheden eigen rechten gaf, het bezat de hoogste levensstandaard van alle landen ten oosten van Duitsland, was de enige parlementaire democratie in deze regio. Het land had een goed getraind leger, belangrijke wapenindustrieën, en in het westen waren sterke fortificaties tegen de Duitsers opgebouwd. Maar die lagen in het Sudeten-Duits gebied. In mei 1938 mobiliseerden de Tsjechen en gaven de USSR, Frankrijk en Engeland waarschuwingen af. Engeland en Frankrijk waren bang geworden voor dit plotselinge oorlogsgevaar en besloten voorzichtig aan te doen om oorlog te vermijden. De Tsjechen gaven onder druk van Engeland en Frankrijk regionale autonomie aan de Sudeten-Duitsers. Dit was natuurlijk niet genoeg voor Hitler. De USSR was bang voor Duits opdringen naar het oosten, richting Tsjechoslowakije. Stalin vond dan ook dat er standvastig moest worden opgetreden tegen Hitler. In september 1938 was de Conferentie van München. (Dld, Fa, Eng, Italië) USSR en Tsjechoslowakije werden niet uitgenodigd. In maart 1939 marcheerde Hitler Tsjechië binnen en maakte er een Duits protectoraat van. In 1939 eiste Hitler dat de onafhankelijke stad Danzig weer bij Duitsland kwam en dat de Poolse corridor zou worden opgeheven. Stalin besloot tot een radicale ommezwaai in zijn buitenlandse politiek. Op 23 augustus 1939 sloten de Russen met Duitsland het niet-aanvalsverdrag, het Molotov-von-ribbentrop-pact. Stalin deed dit omdat hij waarschijnlijk niet eens een langdurige oorlog vol kon houden en omdat hij hoopte dat Duitsland Engeland en Frankrijk zou verslaan en dat hij dan daarna met Hitler kon afrekenen. Beide landen zouden elkaar niet aanvallen, ze maakten bovendien geheime afspraken. Hitlers doorslaggevende motief om dit duivelspact aan te gaan was dat de Russen zich buiten oorlogen zouden houden die de Duitsers zouden aangaan, zowel met Polen als met Frankrijk en Engeland. Op 1 september 1939 overschreden Duitse troepen de Poolse grens. Op 3 september verklaarden Frankrijk en Engeland Duitsland de oorlog. Er was weer een wereldoorlog in Europa uitgebroken. Het was een heel andere oorlog dan de Eerste Wereldoorlog, de snelheid van de gemotoriseerde brigades en het overwicht in de lucht waren de beslissende factoren voor het snelle succes van de Duitsers tegen Polen. Vanwege dit concept van snelheid werd deze strategie de blitzkrieg genoemd. In de winter van 1939-1940 was er sprake van een spookoorlog omdat er behalve de oorlogsverklaring weinig gebeurde vanuit Frankrijk en Engeland. Pas toen in het voorjaar van 1940 de Duitsers een onverhoedse aanval opende op Denemarken, Noorwegen, Nederland, België, Luxemburg en Frankrijk raakte West-Europa ook werkelijk betrokken bij de Tweede Wereldoorlog.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.