Hoe kies jij een studie?

Daar zijn wij benieuwd naar. Vul onze vragenlijst in en bepaal zelf wat voor beloning je daarvoor wilt krijgen! Meedoen duurt ongeveer 7 minuten.

Meedoen

Hoofdstuk 9

Beoordeling 6.5
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 4e klas havo | 2738 woorden
  • 2 juli 2007
  • 12 keer beoordeeld
Cijfer 6.5
12 keer beoordeeld

1.1 Engeland en frankrijk verklaarde Duitsland oorlog, na de inval in Polen op 1 september 1939. Er gebeurde niets. Duitsland en Frankrijk zaten te wachten in hun verdelingslinie tegenover elkaar, zonder elke strijd.  tot april 1940.  phoney war (schemeroorlog). 9 april 1940, deed hilter de eerste stap; na middennacht, landden Duitse troepen op de kusten van Noorwegen. In korte tijd had hilter, Noorwegen en Denemarken onder de voet.  omdat hij voor Duitsland de vrije aanvoer van ijzererts uit het neutrale Zweden wilde garanderen. Door de overweldiging van de 2 landen, groeide voor NL ook een kans op oorlog. mei 1940. 10 mei 1940, drongen Duitse bommenwerpers het NL luchtruim binnen. Tegelijk Duitsers over de grens NL binnen. Na polen, Denemarken en Noorwegen, ook NL  Blitzkrieg; Bliksemoorlog”. Snelle bewegingsoorlog met een combinatie van tanks en vliegtuigen in de voorhoede. Duitsers opdracht, zo snel mogelijk naar Denhaag te gaan.  doelwit; De NL koning Wilhelmina te arresteren, haar gezin, NL regering en de Legerleiding. Dat mislukte. De Nederlandse troepen wisten de eerste oorlogsdag Den Haag te houden, waardoor Wilhelmina en de ministers naar Londen konden gaan. 4 dagen hield Nederland stand  14 mei, bombardeerde Duitsers Rotterdam, daarna dreigde ze Utrecht, Den haar en Amsterdam te bombarderen.  Generaal Winkelman besloot te capituleren. 15 mei; 11.15 ondertekende hij de Nederlandse overgave. Fransen waren overtuigt dat de oorlog met Duitsland weer in loopgraven zouden afspelen.  daarom hadden zij zich verplaatst in een peperdure ondergrondse maginot-linie, langs de grens van Duitsland.  ook te maken met de Blitzkrieg. Duitsers konden met gemak met tanks en pantserwagens door de Ardennen naar frankrijk, daar hadden de fransen geen forten. 15 juni 1940 gaf frankrijk zich over; niet heel frankrijk was bezet. Maarschalk Pétain calloboreerde met de Duitsers en sloot een bestand. Hij werd hoofd van Vichy-Frankrijk ; midden- en Zuid-Frankrijk, dat niet was bezet door de duitsers. Geregeerd door maarschalk pétain. In juni 1940, na een paar maanden oorlog; Frankrijk, Belgie, Noorwegen, Denemarken en nederland veroverd door Duitsland. Italie sinds 1936 bondsgenot van Hitler. Spanje en SU waren neutraal. Alleen nog maar Engeland  Churchill. Hilter wilde Engeland eerst in de lucht aanvallen en als ze dat verovert was, invatie op de Zuid Engelse kust komen. Dat is nooit gebeurt. RAF ( Royal Air Force) was erg succesvol met het uitdunnen van Duitse luchtmacht. De Britse piloten werden geholpen door de radar. Ze zagen de duitse vliegtuigen al terwijl ze nog boven de noordzee waren. Hitler is nooit toegekomen aan zijn geplande invatie. Eerste tegenvaller voor hitler; Battle of Britain; luchtslag om Engeland in 1940. Met veel pijn en moeite wist de Royal Air Force de aanvallen van de Luftwaffe af te slaan. De Britten waren niet de doel voor hitler. Zijn grootste doel voor Duitsland was expansie naar het oosten centraal.  mein kampf van hitler(1924) stonden zijn ideeen daarover al in. Na lange redevoeringen  de vernietiging van joden, nu ook onderwerping van het minderwaardige Slavische ras in Oost-Europa. Het Slavische ras moest ruimte maken voor het superieure Duitse ras, dat lebensraum nodig had. Door de drang nach osten; Volgens hitler moest oost-europa koloniseren, hadden er voor gezorgd ; de ondergang van Tsjechen en de polen. 1941 SU aan de beurt. Stalin was niet bang voor de Duitse agressie door de niet aanvalsverdrag uit 1939. Hitler hield zich nergens aan. December 1940  hitler was bezig met een verrassings aanval op de SU.  het plan droeg de code naam; Operatie barbarossa. Vanaf 22 juni 1940 verpletterde het duitse leger de linies van het sovjetverdediging, tot 400 / 600 km. Hitler hoopte voor de strenge Russische winter Leningrad, Moskou en Stalingrad in handen te hebben , maar het Russische leger was sterker dan verwacht. Door zware regenval veranderde het land in een moeras en de door de winter, verlamde de Duitse strijdkrachten. 6 december 1941 de Russische troepen kwamen met een tegenoffensief. Tijdens het offensief moesten veel duitse soldaten zich overgeven, erg veel last van de kou. Rond kerstmis veel duitse soldaten overleden door bevriezing. Voor de eerste x in de oorlog, werden hitlers troepen terug gedreven. Tot aan het einde van oorlog bleven de russen tegen de nazi’s vechten. 1.2 7 december 1941, 6.00; Japanse verrassings aanval op Pearl Harbor in Hawaï. Duurde 2 uur. Japan  1936 bongenoot van Duitsland en Italie. Japan  had grote amitie om haar macht uit te breiden over geheel oost azie, vooral China was de pineut van deze expansie drang. De vs steunde China financieel en boycotten de japanners. Roosevelt was tot 7 december aanhanger van isolationistische politiek. Na 7 december, De VS en japan in oorlog met elkaar. 4 dagen later, verklaarde hitler oorlog aan VS.Door deze 2 gebeurtenissen deed de VS toch mee met de oorlog. Japan veroverde de ene Europese Kolonie na de ander.(Vietnam, Laos, Cambodja, Nederlands-Indië). Engeland en de SU sloten een bondgenootschap, na de aanval van de duitsers in de su. De Amerikanen sloten na Pearl harbor ook bij deze bondgenootschap aan. Zo ontstond de grote alliantie; bondgenootschap tijdens WO2 tussen Engeland, SU en VS tegen nazi Duitsland en bondgenoten, Italie en Japan. Later biedde de regering van NL in londen ballingschap aan. Duitse generaal Rommel had het hele kust gebied van noord Afrika veroverd. Vanaf 1942 brengen de geallieerden grote verliezen toe aan zowel japan als Duitsland. Bij El-alamen verloren de duitsers een belangrijke slag in Noord Afrika tegen de britten. Amerikaanse troepen landden later in hetzelfde jaar in Algerije en Marokko en in 1943 moest hitler noord Afrika opgeven. Slag bij Stalingrad  belangrijkste stad in het zuiden van SU  betekende ommekeer in de oorlog. De duitsers leden er een zware nederlaag. Totaal doden van SU  20 mln. 1943 Amerikanen en britten landden in zuiden van Italie. Ging erg langzaam en stalin zag toen in dat de bontgenoten het rode leger het zware werk lieten doen. Hij eiste een grotere tweede front in europa. 2e front 1944. 6 juni  d day, de beslissende dag, vond een grootschalige landing plaats van geallieerde troepen in Normandie.  richting Duitsland. In het najaar liep de bevrijding van NL vast, ter hoogte van Arnhem. Daarna Ardennen offensief ; laatste poging van het duitse leger om de westelijke geallieerde tegen te houden. De Russische opmars denderde immiddels door. 2 mei 1945 veroverde het rode leger Berlijn. 30 april  Hitler en eva braun pleegde zelfmoord. Amerikanen besloten de oorlog tegen japan snel te eindigen er werd gewerkt aan een atoombom. 6 augustus 1945  Hiroshima werd gebombeerd. Daarop verklaarde japan zich bereid te onderhandelen. VS eisde onvoorwaardelijke overgaven en gooide 2e bom op Nagasaki. 15 augustus  japan capituleerde op initiatief van de keizer.  WO2 was te einde.
1.3 Nederlanders moesten geleidelijk voor het nationaal-socialisme worden. Alle partijen, behalve de NSB van mussert, werden verboden en werkzaamheden van het parlement opgeschort. Censuur werd ingesteld en tal van verenigen werden opgeheven. Vakboden moesten opgaan in het nederlands arbeidsfonds  onder duitse controle. Nederland gelijkgeschakelde dictatuur ; volgens de nationaal-socialisten; alle mensen en organisaties nationaal-socialistisch maken.  onder duitse leiding
Het begon met veroordelingen tot doel, de joden naar de rand van de samenleving brengen.  geen banen, reisverbod, fietsen inleveren, geen bioscopen of theaters en niet meer in parken. Ariërverklaring; bewijs van raszuiverheid. In WO2 een bewijs dat iemand geen joodse voorouders had. 1941 duiters het joodse raad in gesteld, die de maatregelen van de duitsers moest helpen uitvoeren. Februari staking 1941 protest tegen de manier hoe joden werden behandelt. 425 jonge joodse mannen werden opgepakt in een razzia en naar concentratiekamp Mauthauzen gebracht. 1942 de jodenster. 20 januari 1942 strijd tegen de joden. Op de Wannsee conferentie besloten de nazi’s tot een Endlösung der Judenfrage’(letterlijk: definitieve oplossing voor het joden probleem.)  joden werden massaal in kampen gestopt, aan slavenhandel gezet en uiteindelijk speciale vernietigingskampen met het gas Zyklon B omgebracht. Shoah, Holocaust; vernietiging van 6 miljoen europese joden in WO2. Niet alleen joden, ook; zigeuners, homo’s, communisten, jehova’s getuigen, asocialen en gehandicapten. 1942 1e jood naar een vernietiginskamp gestuurd. Bernard Ijzerdraag gaf het 1e verzetsblad uit. Andere illegale bladen; Trouw, Het Parool, de waarheid en vrij nederland. Later landelijke organisaties voor hulp onderduikers  L.O. Knokploegen K.P. ondernamen gewelddadige acties tegen de bezetters. De P.C.B  persoonsbewijzen centrale, vervalste persoonsbewijzen om mensen te helpen. Accommodeerden; aanpassen aan de duitse bezetting. In september 1944 ging het gerucht dat de geallieerden voorbij Breda waren. NSB-ers en andere landverraders vluchtten massaal naar de oostgrens ; het was Dolle Dinsdag  mensen dachten na valse geruchten dat nederland bevrijd werd. 1944 limburg, brabant en zeeland bevrijd. Overige provincies wachtte eerst nog een hongerwinter. De hongerwinter eiste 20 000 mensen. 5 mei 1945 nederland bevrijd. Koude oorlog. 2.1 Einde van de oorlog; Russische leger stonden diep in Duitsland en ze hadden ook polen, Tsjecho-Slowakije, Roemenië, Hongarije en Bulgarije bevrijd. Amerikanen hadden west europa bevrijd en het westen van Duitsland veroverd. April 1945 VS en SU ontmoette elkaar bij Torgau. Al voor het einde van de WO2 waren er spanningen ontstaan russen de grootmachten over wederopbouw van Duitsland en oost europa na de bevrijding.  conferentie van Jalta februari 1945 ; VS, SU en GB kwamen bij een in poging om de enorme verschillen van inzicht te overbruggen.  ze spraken af dat Duitsland in 4 bezettingzones werden verdeelt. Belangrijkste punt van de conferentie was het lot van polen.  Churchill verklaarde dat het lot van polen voor GB een kwestie van eer was. Stalin zag het anders. voor veiligheid van rusland moest polen communistisch worden. De vooroorlogse democratische gekozen regering die in ballingsschap was gegaan, werd genegeerd. SU wilde verder, aan haar westgrenzen bondgenoten hebben. C & R hadden hier begrip voor. Roosevelt streefde naar een vredesvorm waarbij deze landen wel hun eigen regeringsvorm konden kiezen.  kreeg stalin zo ver dat hij de verklaring tekende dat hij voor vrije verkiezingen was in oost europa. Roosevelt geloofde dat stalin daar aan zou houden. ( dus niet.) VS, SU en GB  ontmoette voor het laatst in juli 1945 in postdam net buiten Berlijn. Roosevelt was al overleden  opgevolgd door Harry Truman. Churchill  Attlee. Juli en augustus 1945: de conferentie in Potsdam vond plaats, tussen Truman, Attlee en Stalin. In Potsdam tekenden zich al duidelijk de belangentegenstellingen van de komende koude oorlog af. In het door de Sovjetunie bevrijde gebied kwam van zelfbeschikking niet veel terecht. Steeds duidelijker werd dat wat Stalin in Teheran had verlangd van zijn buurstaten in wezen neerkwam op volstrekte afhankelijkheid. SU pas na 1949 nucleaire wapens. 2 jaar na WO2 alle landen die bevrijd waren door SU en het oosten van Duitsland omgevormd tot satellietstaten.  11 europese staten met 100 mln. Inwoners werden communistisch. churchill meende in 1946 een ijzeren gordijn over europa was neergedaald. Hij wees op het gevaar van het uitbreidende communisme. Hij pleitte voor een verandering van de politiek ten opzichte van de conferentie van jalta. Hij wilde een bondgenootschap van Amerikanen en Engelsen tegen het rode gevaar. SU albanie, Bulgarije, Roemenië, polen, Tsjecho-Slowakije en Hongarije.  vrees van communisme in het westen. Ontrecht; stalin was alleen geïnteresseerd in veiligheid en breidde om die reden zijn gebied en invloedssfeer uit. Men was nog niet overtuigd van de dreiging van SU, truman wel. De Griekse burgeroorlog gaf hem een kans dit via zijn woordvoerder duidelijk te maken. Voor truman was de strijd tegen het communisme, een ideologische strijd. Hij stelde elke natie tussen 2 manieren van het leven te kiezen; democratische of communistische. VS alle landen die democratisch bleven blijven steunen.  truman-doctrine; Amerikaanse politiek gericht op het inperken van het communistische wereld.  containment. Tegelijkertijd Marshallplan; Amerikaans financiele hulp bij de wederopbouw van (west) Europese staten na WO2.  stalin wilde niet mee werken aan het plan, dus ook geen hulp voor de satellietenstaten. Als reactie op het hulpplan zette stalin zijn zinnen op Berlijn. berlijn steeds kapitalistisch eilandje midden in de SU. Stalin wilde het restje kapitalisme verdrijven.  blokkade van Berlijn ; afsluiting van toegangswegen via land en water naar Berlijn door de SU. De russen hoopten dat hiermee alle 4 mln. Berlijners onder hun beheer zouden komen.  het conflict maakte de tweedeling in europa compleet. 1948 europa verdeelt in 2 duidelijke economische en politieke blokken. 1  SU 1 VS. 1949 VS richtte de NAVO op . ; Noord-Atlantische Verdragsorganisatie. Militaire samenwerkingsverband, in eerste instantie opgericht tegen dreiging communisme. 2.2 Containment-politiek van truman groot succes in west europa.  opmars van communisme was tot staan gebracht. 1949 communisme aan de macht gekomen in China; mao Zedong. Na verlies van China, ook SU over een atoombom beschikbaar. Het Amerikaanse atoommonopolie had korter geduurt dan verwacht was.  twee nucleaire supermachten. Koude oorlog sterk impuls oorlog uitgebroken tussen Noord Korea en Zuid Korea en hun bondgenoten.  VS en SU een reden om de uitgaven voor defensie krachtig op te voeren. Na 1945, na de nederlaag van japan, Korea in 2 delen verdeelt. Noord Korea  SU Zuid Korea  Vs. 1948  communistisch noord Korea en westers georiënteerde zuid Korea. 1950 noord viel zuid aan. 2 dagen na de aanval gingen de, in 1945 opgerichte verenigde naties, over tot militaire hulp aan zuid Korea.  voor het eerst. Onder leiding van Generaal MacArthur vochten er soldaten uit 15 landen. Verenigde naties; internationale organisatie, in 1945 opgericht, waarbij bijna alle landen van de wereld zijn aan gesloten. Belangrijkste taak van de VN is het toezien op vrede en veiligheid. Het conflict werd ingewikkelder chinese troepen gingen er in mengen. Uiteindelijk in 1951 bleef het front bij 38e breedte graad steken. 1953 wapenstilstand in de Koreaanse oorlog; vele landen vochten onder de vlag van de VN tegen het noord communistische Korea. Nieuwe president Eisenhower. erg aangedaan tussen oost een west.  Amerika zou terug slaan met massale vergelding  met kernwapens. De Amerikaanse angst voor communisme nam de meeste wilde vormen aan. Ook de russen waren opgehitst. Ze zichten een eigen millitaire alliantie op het Warschau-pact; militaire samenwerking tussen SU en bondgenoten 1955 als tegenhanger van de NAVO. Na dood stalin,1953 chroesjtstov aan de macht.  periode van relatieve ontspanning. In het oost-west conflict pleitte Chroesjtstov voor vreedzaame coexistentie; idee van Chroesjtstov dat de systemen van oost en west zonder oorlogsdreiging naast elkaar zouden moeten kunnen bestaan. 1953 ontmoeting in Genève tussen Eisenhower en Chroejtsjov.  periode van dooi. Statellietstaden pikte men verandering van politieke sfeer op Hongarije ontwikkelde de premier Imre Nagy plannen voor het meerpartijensysteem. Ook plannen om Hongarije uit het Warschaupact te halen.  bedreiging voor Moskou. 4 november rolden Sutanks Boedapest binnen. 3 dagen later was de Hongaarse opstand voorbij 30 000 doden. Lot van de Hongaarse president die het democratisch wou maken, was tragisch gearresteerd en geëxecuteerd. Dezelfde week frankrijk en GB + Israel, Egypte aan. nationalisering van het zo belangrijke Suez-kanaal door Egypte.  gesteunt door SU. Frankrijk en GB NIET Amerika ingelicht.  Amerika weigert hulp aan de bondsgenoten, de invasie liep hierdoor uit in een ramp. 2.3 Periode 1957 - 1962  nucleaire tijdsvlak.  gevaar van een atoomoorlog was groter dan ooit!  hoogtepunt; ciris in 1962 in Cuba. Cuba was in 1959 het jaar van Fidel Castro. Hij wierp het regime van corrupte, maar amerikaans gezinde batista omver. De relatie met de VS verslechterde toen hij Amerikaanse bedrijven op Cuba nationaliseerde. VS probeerde Cuba terug te winnen door de invasie in de varkensbaai in april 1961.  mislukte volkomen.  reactie van deze aanval, hielp Fidel Castro hulp van de SU in. Oktober 1962 ontdekten de Amerikanen dat de russen op Cuba druk bezig waren met het bouwen van lanceerinrichtingen voor kernraketten.  150 km van de kust van florida. De Amerikaanse persident Kennedy tot een blokkade van Cuba. Suleider Chroejststov waarschuwde kennedy dat de blokkade onacceptabel was en dat hij in een kernoorlog riskeerde. 24 oktober marine melde dat Russische schepen geen poging hadden gedaan de blokkade te doorbreken.  cubacrisis was de hoogtepunt van de koude oorlog, maar de afsluiting. Bijna een jaar later besloten de twee supermachten een belangrijke overeenkomst over wapenbeperking. En werd er een hotline aangeleg  directe verbinding tussen Washington en moskou. 6 jaar later  non-proliferatieverdrag; verdrag dat ondertekenaars verplicht verspreiding van kernwapentechnologie tegen moeten gaan. 1972 ondertekenen nixon en brezjnev het salt-I-verdrag( Strategic Arms Limitation Talks). 1979 SU valt Afghanistan aan; SU wilden er een communistisch regime vestigen maar het lukt niet. De Russische aanval verstoorde de politieke ontspanning, maar ook de verkiezing van nieuwe president Ronald Regan.  vestigde een harde lijn tegenover de SU en boycotte de Olympische spelen in Moskou. 1980 mikhail Gorbatsjov belangrijkste man in de SU geworden. Hij probeerde door hervormingen als glasnost; ingevoerde politiek van openheid, vooral op gebied van de media. En perestrojka; ingevoerde politiek van hervormingen, vooral op economisch gebied.  met deze hervormingen hoopte Gorbatsjov de vastgelopen SU weer op gang te kunnen brengen.  opener en welvarender. Door deze nieuwe koers kwamen oost en west weer nader bij elkaar. 1985 - 1986; kwam het tot ontmoetingen tussen hem en Reagan in genève en Reykjavik.  deden bijde ontwapeningsvoorstellen en de sfeer was enorm verandert. 1989 gorbatsjov gaf aan dat de SU niet meer zou ingrijpen in de binnenlandse aangelegenheden van de Oostbloklanden.  sein voor de satellietlanden om in opstand te komen voor het communisme. Hongaren begonnen de ijzeren gordijn op te ruimen aan de Oostenrijkse grens. Steeds meer oost duitsers vluchten via hongerije naar het westen. Kerstmis 1989 viel het laatste stukje van de Oostblok.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.