Hoofdstuk 6 §1 t/m 5 + 7

Beoordeling 6
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 2e klas havo | 1301 woorden
  • 17 juni 2009
  • 4 keer beoordeeld
  • Cijfer 6
  • 4 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Samenvatting Geschiedenis H6 § 1 t/m 5 + 7
§1

De dood van koning Edward VII betekende het eind van de adellijke macht in europa. Het Engelse koningshuis probeerde hun macht uit te breiden door zoveel mogelijk huwelijken te sluiten tussen koningshuizen van andere Europese landen.
Engeland was veruit het machtigste land, ze hadden koloniën in elk werelddeel en ze hadden de grootste vloot ter wereld. Om hun invloedssfeer te verzekeren sloten ze verdragen met Frankrijk, Rusland en België.
Voor Frankrijk was de 19de eeuw een onrustige tijd, na de Franse revolutie bleef het erg onrustig. Frankrijk was na Engeland de grootste koloniale macht. In 1870 raakte Frankrijk in oorlog met Duitsland, deze oorlog was al na een half jaar verloren. Het nieuwe Duitse rijk werd uitgeroepen in de spiegelzaal van het paleis in Versailles, dit was een diepe vernedering voor Frankrijk. Ze hadden na de oorlog de provincies Elzas en Lotharingen kwijt geraakt aan de Duitsers. Bovendien moesten Frankrijk ook nog een enorme oorlogsschadevergoeding betalen. Dit pikte Frankrijk niet en wilde wraak, daarom sloten ze een bondgenootschap met Rusland.

De Duitse keizer Wilhelm II wilde erg graag meer koloniën. De bondgenootschap tussen Duitsland en Oostenrijk – Hongarije versterkte de positie in midden Europa. De andere landen gaven Duitsland niet wat hun toekwam, dus moest Duitsland het maar afdwingen.
Frans-Jozef was keizer in Oostenrijk – Hongarije, hij had grote moeite om zijn rijk bij elkaar te houden. Dat kwam omdat er tientallen volken in leefde die allemaal onafhankelijk wilde worden. Rusland was een groot, maar arm en niet geïndustrialiseerd. De Tsaar was de heerser in Rusland. Rusland was machtig door de hoeveelheden soldaten, Rusland kon wel meer dan 6,5 mil. soldaten oproepen. In 1904 onderging Rusland toch een Nederlaag tegen Japan, tijdens deze oorlog ontstonden er opstanden tegen de Tsaar, Nicolaas wist deze te stoppen door op papier democratische hervorming te beloven, maar in praktijk bleef hij een alleenheerser.
§2
Door de industrialisatie hadden de regeringen nieuwe mogelijkheden om hun macht te tonen, in bijna elk Europees land nam de industriële sector toe, de regeringen stimuleerde vooral zware industrie. deze fabrieken werden niet alleen gebruikt om machines te maken, maar ook om spoorwegen te maken. De spoorwegen speelde een grote rol bij het transport van goederen en manschappen.
De productie van staal stimuleerde dook de oorlogsindustrie. Rond 1850 was er een belangrijke doorbraak in de wapentechnologie, waardoor de manier van oorlog voeren steeds moderner werd. In 1867 vond Alfred Nobel het dynamiet uit. Rond 1900 kwamen daar nog de duikboten, de pantserkruiser en het vliegtuig bij. Toen in Amerika de lopende band werd uitgevonden begon de massaproductie, als gevolg van de hiervan kwam er een wapenwedloop.
Het snel kunnen verplaatsen van je manschappen was van essentieel belang. In de 19de eeuw werd bijna overal de dienstplicht ingevoerd, als gevolg van deze maatregel beschikte Frankrijk, Rusland en Duitsland over miljoenen legers van getrainde soldaten. Door de pas aangelegde spoorwegen konden de soldaten zich snel verplaatsen. In Engeland was er geen dienstplicht, dus ze hadden maar een klein leger. Maar ze hadden wel een grote vloot om het eiland te beschermen.

Duitsland maakte een enorm industrialisatieproces door aan het eind van de 19de eeuw, daardoor was het bijna zo ver als Engeland. Engeland was geschrokken en liet Duitsland zien wie hier de baas was, er ontstond een wapenwedloop tussen de twee landen. Frankrijk was op een grote achterstand gekomen en deed dus niet meer mee. Rusland was erg groot, dus de industrialisatie was moeilijk op gang gekomen. Een paar delen van Rusland waren wel geïndustrialiseerd, maar het liep nog ver achter op Engeland, Duitsland en Frankrijk.
§3
In de 20ste eeuw waren de gebeurtenissen zo hoog opgelopen, dat de aanslag op Frans Ferdinand de oorlog het startsein gaf. Door de aanslag kwam er een domino effect; Oostenrijk – Hongarije verklaarde de oorlog aan Servië. Duitsland steunde Oostenrijk Frankrijk erbij betrokken raakte. op 4 augustus 1914 passeerde Duitsland België, maar België had een verdrag met Engeland. Dus Engeland verklaarde Duitsland de oorlog.
De oorlog zou een langdurige loopgravenoorlog worden, men had ontdekt dat verdedigen makkelijker was d.m.v. mitrailleurs en kannonen dan aanvallen. Dieptepunten in deze loopgravenoorlog waren de veldslagen in 1916 bij het Franse Verdun en aan de rivier de Somme. Die twee veldslagen kostte ruim 1,8 miljoen slachtoffers.
Nadat de Tsaar in 1917 was afgetreden, stopte Rusland met de oorlog. De Russische soldaten trokken niet meteen terug, omdat Engeland en Frankrijk druk zette op de nieuwe regering om de oorlog voort te zetten. Nadat er nog een revolutie uitbrak besloten Rusland en Duitsland de Vrede van Bresk-Litovsk, dit was een grote overwinning voor Duitsland. In 1917 verklaarde de VS Duitsland de oorlog, omdat ze het zat waren dat Duitsland elk schip op de Atlantische oceaan aanviel. Het duurde tot 1918 totdat de langverwachte hulp kwam. In maart 1918 probeerde de Duitsers de geallieerden met een grote aanval te verslaan, maar dat mislukte.
In een korte tijd werd Duitsland bijna helemaal teruggedreven. Na grote onrust in Duitsland besloot het Duitse opperbevel een wapenstilstand te houden, dat gebeurde op 11 november 1918 in een treinwagon in het Noord-Franse Compiège.
§4
Er was veel vreugde bij de overwinnaars, maar net na de oorlog in 1918 werd de hele wereld getroffen door de Spaanse grieppandemie. Dit eiste veel slachtoffers. In januari 1919 kwamen 27 landen bij elkaar in parijs, om een verdrag te sluiten dat voor vrede op de hele wereld zou zorgen. Er werden verschillen verdragen gesloten, deze werden vernoemt naar verschillende wijken van parijs.
Bij deze onderhandelingen werd ook gepraat over wat er allemaal ging gebeuren om de vrede te behouden. De geallieerde stuurde 3 belangrijke mensen naar deze onderhandelingen:
Clemenceau (Frankrijk), Wilson (Amerika) en Lloyd George (Engeland). Clemenceau wilde Duitsland hard aanpakken zodat ze geen leger meer konden vormen, echter was Clemenceau alleen maar op revanche uit. Clemenceau wilde Frankrijk ook weer een groot macht maken. Wilson wilde wapenvermindering, terug dringen van kolonialisme, democratisch zelfbeschikkingsrecht en hij wilde een volkenbond oprichten. Lloyd George wilde de Engelse handelsbelangen en wereldmacht zoveel mogelijk handhaven.
Het moeilijk om de Veertien punten van Wilson over te brengen. Het belangrijkste onderwerp was Duitsland, zij waren verantwoordelijk voor de eerste wereldoorlog. Zij moesten een forse oorlogsschuld betalen aan de geallieerden, ook verloor Duitsland al hun koloniën en werd het leger sterk ingekrompen. Frankrijk kreeg Elzas en Lotharingen, en mocht rijnland bezetten.
Het was erg onrustig in Duitsland na de oorlog, de keizer was afgetreden en de Duitsers waren erg vernederd door de Fransen. Duitsland protesteerde hevig tegen het Verdrag van Versailles, maar door de grote druk van de geallieerde moesten ze het verdrag tekenen. Het nieuwe vertrouwen in het Dictaat van Versailles (de manier waarmee de Duitsers naar het vredesverdrag keken) was er bijna niet.
§5
De Eerste Wereldoorlog was een totale oorlog, alles en iedereen werd ingeschakeld in deze oorlog. Zelfs het neutrale Nederland had last van de oorlog, de handel zakte in omdat de afzetmarkten wegvielen en de handel over zee werd zwaar beperkt door de Duitse duikboten. Als een bedrijf in Nederland met verlies draaide en het maakte belangrijke producten kreeg het geld van de overheid om te kunnen blijven bestaan. Na de oorlog was dit nog niet helemaal weg.
Oorlog voeren kostte veel geld, het verhogen van de belastingen loste het probleem aanvankelijk op. Maar al snel moesten de regeringen geld lenen. De regeringen hadden aan het eind van de oorlog grote schulden bij Amerika.
§7
Als soldaat aan het front had je 50% om te sneuvelen of gewond te raken, in de loopgraven was het een hel. Er vlogen de hele tijd granaten om je oren en er waren duizenden ratten en miljoenen luizen, en je liep de hele dag in het water in kleren die je soms al maanden aan had. Hierdoor waren er veel huidziektes zoals schurft. En omdat je de hele tijd inde modder liep, rotte je voeten er af.
‘And now we lie in Flanders fields.’




REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.