Geschiedenis Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden

Beoordeling 5.1
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 5e klas havo | 1837 woorden
  • 21 maart 2015
  • 11 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.1
  • 11 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!

In 1515 kwam Karel V aan de macht in een deel van de Nederlanden, het huidige Nederland, België en Luxemburg. In 1543 Had hij alle Nederlanden in zijn macht. In de Nederlanden woonden veel mensen in steden. In de 15e eeuw hadden steden geprofiteerd van de oplevende handel en de geldeconomie. Een deel van het geld dat verdiend werd door de bewoners, werd afgedragen aan belastingen aan Karel V. In ruil voor die belastingen kreeg men privileges of andere voorrechten. Burgers kregen hierdoor een sterkere positie in hun stad.



Karel V had echter andere belangen. Hij probeerde zijn gebied vanuit 1 plek te regeren, als een eenheid. Hij gebruikte dus de politiek centralisatie. Hij regeerde zijn gebied vanuit Brussel en er kwamen drie Collaterale Raden, die hem moesten steunen. Collaterale Raden bestonden uit de raad van state, de raad van financiën en de geheime raad. De geheime raad was het belangrijkst, want daar zaten de meeste juristen in, in plaats van de edelen. De edelen hadden altijd al veel macht gehad, maar hier konden ze zich minder mee bemoeien.



Door deze hervormingen kwamen er spanningen op politiek en op religieus gebied. Edellieden vonden dat hun vrijheden en voorrechten werden bedreigd en in de 16e eeuw begon ook de Reformatie. Een groeiende groep gelovigen vond dat de katholieke kerk bol stond van de misstanden, dus critici zoals Maarten Luther en Johannes Calvijn. Karel V liet Luther verschijnen op de Rijksdag in Worms om zijn kritiek te herroepen. (1521) Hij kwam daar niet opdagen. Luther en Calvijn vonden dat men zelf de bijbel moest lezen, hierdoor werd de bijbel ook vertaald naar de volkstaal. Dit werd makkelijker door de boekdrukpers die ontstond in de 15e eeuw. Dit alles leidde tot een afsplitsing van de katholieke kerk: de protestantse kerk, waaronder de lutherse en de calvinistische.



Karel V liet de protestanten vervolgen, omdat hij vond dat zij de rust verstoorden. Het is Karel V niet gelukt om ze in het Duitse Rijk te stoppen, want veel vorsten waren luthers geworden. Vanaf 1555 gold: wiens gebied, diens religie. Dat hield in dat de vorsten het gelood bepaalden. Onderdanen moesten hen volgen.



Calvijn en zijn aanhangers waren van mening dat lagere overheden zich tegen een hogere overheid mochten verzetten als de overheid niet juist was. Calvijn vond ook dat je zomaar zelf een kerk mocht beginnen, in tegenstelling tot Luther. Karel V vond nog steeds dat ketters de doodstraf verdiende. Die verordering kreeg al snel de naam: Bloedplakkaat.



In 1555 volgde Filips II zijn vader Karel V op. Hij zette de kettervervolging door. Veel mensen waren het hiermee oneens en wilde dat Filips II zich zou gedragen. In 1566 diende een groot aantal edellieden een Smeekschrift in met het verzoek de kettervervolging te stoppen. Mensen durfden nu sneller naar calvinistische preken te gaan, de hagenpreek. Dat is een overlegplaats buiten het bereik van de stadbestuurders.



De zomer hierna, dus ook in 1566 was er de Beeldenstorm waar calvinisten de kerken vernielden van de katholieken. Voor Filips II was dit de motivatie om door te gaan met de vervolging. Filips II stuurde hertog van Alva naar de Nederlanden om orde op zaken te stellen. Alva richtte een speciale rechtbank op, de Raad van Beroerten. Veel mensen vluchtten het rijk uit. Ook Willem van Oranje, een hoge edelman en stadhouder van Filips. Willem was zelf nog katholiek, maar was tegen de kettervervolging. Hij riep vanuit zijn Duitse familiekasteel hulp op om zich te verzetten tegen Filips. Ook viel hij met legers de Nederlanden binnen om te vechten tegen Filips. Echter hadden de watergeuzen, opstandelingen die vochten vanaf het water, meer succes. In 1572 werd Den Briel door hen veroverd. Vanaf dat moment sloten meer mensen zich aan bij deze Opstanden, wat een belangrijke zet was. Willem van Oranje werd zo de leider en de Staten van Holland herkende hem opnieuw als stadhouder.



Karel V (1515) – Rijksdag in Worms (1521) – Instelling Collaterale Raden (1531) – Bloedplakkaten (1550) – Filips II (1555) – Beeldenstorm/Smeekschrift (1566) – Hertog van Alva (1567) – de watergeuzen komen in Opstand (1572)



Toen de Opstand pittiger werd, greep hertog van Alva militair in. Er kwamen 2 groepen tegenover elkaar te staan, de radicale calvinisten tegen de gezagsgetrouwe katholieken. Willem van Oranje stond aan beide kanten, want hij vond dat ieder zijn geloof vrijuit mocht uitoefenen. Hij wilde zoveel mogelijk vrienden houden en publiceerde dus propaganda zonder iets over religie te vermijden. Hij legde vaak de nadruk op het woord ‘vaderland’ om mensen achter hem te krijgen en schreef de ‘vreemde’ Spanjaarden horen hier niet. In pamfletten, korte briefjes met duidelijke mening, werd dit onderling ook onder het volk verspreid.



Na een tijdje raakte Filips II in geldnood en in 1575 ging Spanje bankroet. De groepen in de Nederlanden slecht betaald, wat leidde tot opstanden in het leger, de zogenoemde muiterijen.



In 1576 eiste een groot deel van het gewesten in de Pacificatie van Gent dat de Spaanse troepen zouden vertrekken. Ook enkele katholieken tekende de Pacificatie. Bij de onderhandelingen was afgesproken dat een groot deel van de Nederlanden katholiek bleef, behalve Holland en Zeeland, die werden calvinistisch. De katholieken en de calvinisten beloofden elkaar met rust te laten. In Holland kwam na het Ontzet van Leiden (1574, Leiden was gevangen gezet door Alva, ze werden bevrijdt door het water en Willem van Oranje) steeds meer steun voor de Opstand. Na de Alteratie van Amsterdam (1578, het stadsbestuur van Amsterdam bleef onder leiding van Filips ondanks dat iedereen voor Willem van Oranje was. In 1578 hielden ze dat niet meer vol en werd het bestuur afgezet.) 

De Calvinisten hielden zich echter niet aan de verzoening die was afgesproken in 1576, Pacificatie van Gent. Ze grepen snel weer de macht en de katholieken vluchtte weer onder de vleugels van Filips II. Willem van Oranje greep niet in, wat leidde tot een mislukking van de verzoening. De andere steden schoten meteen in de verdediging tegen Filips II en ondertekende de Unie van Utrecht in 1579, waarin stond dat ze elkaar zouden helpen bij het verdedigen tegen de Spaanse troepen.



Filips gaf natuurlijk Willem van Oranje de schuld, hij deed van Oranje in 1580 in de ban. Hij loofde zelfs een beloning uit voor iemand die hem wist uit te schakelen. Dat vonden de opstandelingen geen goed idee. In het Plakkaat van Verlatinghe in 1581 kondigde ze aan zonder hem verder te gaan. De Nederlanden vroegen Anjou (broer koning van Frankrijk) als plaatsvervanger voor Filips II. Ze gaven hem soevereiniteit, dus de hoogste macht die er is. Hij gooide er al snel met de pet naar. In 1585 regelde de fransman Balthasar een afspraak met van Oranje en vermoorde hem. Filips II veroverde langzamerhand de Nederlanden weer.



De Nederlanden waren opzoek naar steun. Zij klopte aan bij koningin Elisabeth I (Engeland), ook een vijand van Filips. Zij stuurde iemand deze kant op, maar hij klikte niet met het volk. Het volk besloot de soevereiniteit op zichzelf te nemen. Er was dus geen bestuurder meer vanaf 1588.  De vloot van Filips II, Armada, werd vernietigd door Engeland. Hij trok zich langzaam terug, waardoor de Nederlanden de kans kregen uit te groeien tot een zelfstandige republiek. (in 1596 officieel)  Filips II is nooit akkoord gegaan met deze ontwikkeling. Pas is 1648 legde zijn achterkleinzoon zich erbij neer.



De geuzen nemen Den Briel in (1572) – Alva verlaat de Nederlanden (1573) – Ontzet van Leiden (1574) - Pacificatie van Gent (1576) – Alteratie van Amsterdam (1578) – Unie van Utrecht (1579) – Plakkaat van Verlatinghe (1581) – Willem van Oranje wordt vermoord (1584) – De Spaanse Armada wordt verslagen/Nederlanden Republiek (1588)



Terwijl het conflict met Filips II en zijn opvolgers nog jaren doorging, groeide de economie in de Republiek. Vooral in Holland en Zeeland was er spraken van een Gouden Eeuw. (1588-1648) Er waren twee belangrijke oorzaken hiervoor:




  1. Moedernegotie

  2. De val van Antwerpen in 1585. (Ze schakelde Filips uit.)



Dit zorgde ervoor dat de boeren hun eigen beslissingen konden nemen. Ze kozen voor veeteelt in plaats van mankracht. Hierdoor kwamen er handen vrij die goed waren voor de nijverheid en de handel. Daarbij bleek dat het weer doorverkopen van graan en andere bulkgoederen als hout uit het Oostzeegebied zeer winstgevend was. Deze moedernegotie (hout en graan vormde een basis voor de goede welvaart van de Republiek.)



Er ontstond een groep rijke burgers, de regenten. Zij bestuurden de steden en ze zaten in de Gewestelijke Staten.(mensen die de soevereiniteit bezaten in de Noordelijke Nederlanden) De Gewestelijke staten zorgen voor wetten, hieven belastingen en waren verantwoordelijk voor rechtspraak. De handelaren wilden meer handen die voor hun konden werken. Dit kregen ze voor elkaar door de faciliteiten te verbeteren en, de mensen die dan bij hun zouden gaan werken, mochten hun eigen geloof uitoefenen zolang ze niet teveel aandacht trokken.



Joodse mensen zagen dit wel zitten en trokken naar de Noordelijke Nederlanden. In 1639 bouwden ze zelfs een eigen gebedshuis in Amsterdam. De bouw van de Portugees-Joodse synagoge.



De Republiek voegde nieuwe gebieden toe aan haar grondgebied. Deze nieuwe grondgebieden werden geen zelfstandigen, maar generaliteitslanden. De Staten-Generaal bestuurden deze namelijk gezamenlijk. Doordat iedereen een mening had over de generaliteitslanden, werd er voortdurend gehandeld. De raadspensionaris was een belangrijk persoon. De eerste raadspensionaris van de Republiek was Johan van Oldenbarnevelt. Tegenover de raadspensionaris stond vaak de stadhouder, die werd gekozen door de Gewestelijke Staten. De stadhouders zorgden er samen voor dat het Staatse Leger gevormd werd. Dit was ‘het’ leger van de Republiek. Prins Maurits, de zoon van Willem van Oranje, leidde het Staatse Leger.



Nederlandse handelaren gingen zelf varen op Azië omdat de Portugese havens bezet waren door de Spaanse koning. Zo kwam er de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC). In 1619 verplaatste Coen het bestuurlijke centrum van de VOC naar Batavia. Vanuit Batavia wisten ze een stevige positie te verwerven. Individuele handelaren werden er erg rijk van. In 1609 kwam de strijd met de opvolger van Filips II tijdelijk tot stilstand met de aanvang van het Twaalfjarig Bestand, de twaalfjarige vrede tussen de Nederlanden en Spanje van 1609 – 1621.



Tijdens het Twaalfjarig Bestand kwamen binnen de Nederlanden een aantal kritiekpunten omhoog. Bijvoorbeeld hoe je naar het calvinisme moest kijken, maar vooral Johan van Oldenbarnevelt. Dat kwam doordat Johan teveel macht kreeg. Hiervoor werd hij onthoofd in 1619.



In 1621 ging de oorlog tussen de Nederlanden en Spanje gewoon weer verder tot 1648, tot Spanje het Verdrag van Münster zou tekenen zodat de Republiek onafhankelijk werd verklaard.



± 1650 ging het erg goed met de Republiek, want mensen waren rijk en specialiseerde zich. Er kwam ook meer vraag naar schilderijen. Vooral de bekende Rembrandt van Rijn was een gewilde schilder. De kunst uit die tijd heeft een burgerlijke cultuur. Dat komt doordat de schilders in die tijd werkten met de onderwerpen die de burgers aanspraken.



Aan het einde van de 17e eeuw kreeg de Republiek politieke- en economische concurrentie van Engeland en Frankrijk en verloor al haar macht.



De Noordelijke Nederlanden gaan verder als zelfstandige Republiek (1588) – De VOC wordt opgericht (1602) – Begin Twaalfjarig Bestand (1609) – Bestuurscentrum VOC naar Batavia / Van Oldenbarnevelt onthoofd (1619) – Eind Twaalfjarig Bestand (1621) – Bouw Portugees-Joodse synagoge in A’dam (1639) – Verdrag van Münster (1648)


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.