Alle grammaticatijden van Engels

Beoordeling 0
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 5e klas havo | 375 woorden
  • 15 oktober 2015
  • nog niet beoordeeld
  • Cijfer
  • nog niet beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak

  • Present simple = tegenwoordige tijd

    Bij I, you, we, you, they gebruik je de stam en bij he, she en it gebruik je stam + (e)s



    De tegenwoordige tijd drukt een feit uit, regelmaat of een gewoonte.



    Aanwijzingen: always, often, usually, every …





  • Present continuous = tegenwoordige tijd met ing-vorm

    Am/is/are + werkwoord + -ing



    Iets is nu, op dit moment aan de gang, iemand is nu ergens mee bezig. Of bij irritatie.



    Aanwijzingen: look, listen, now, at the moment, always





  • Past simple = verleden tijd

    Bij regelmatige werkwoorden + ed, bij onregelmatige werkwoorden 2e rijtje.



    Iets is in het verleden begonnen en ook afgelopen, het is helemaal voorbij.



    Aanwijzing: yesterday, last week, four days ago,1846, when I was young, the other day





  • Past continuous = verleden tijd met –ing vorm

    Was/were + werkwoord + -ing



    Iets was in het verleden al een tijd aan de gang, op een bepaald moment een tijdje bezig (for two hours, tijd).  De past continuous komt vaak voor in combinatie met de past simple. Iets was langer duurde (met -ing vorm) wordt plotseling onderbroken door een korte actie (zonder –ing vorm).





  • Present perfect = voltooid tegenwoordige tijd

    Have/has + voltooid deelwoord



    Iets is in het verleden begonnen en duurt nu nog voort. Of. Het resultaat van een gebeurtenis in het verleden is nu nog merkbaar of van belang.



    Aanwijzing: since, for, ever, yet, up till now, lately, just



    Als since gebruikt wordt om 2 zinnen aan elkaar te voegen, staat het gedeelte van de zin dat met since begint in de past simple en het andere gedeelte in de voltooide tijd.





  • Past perfect = voltooid verleden tijd

    Had + voltooid deelwoord



    Een gebeurtenis vond verder terug in het verleden plaats dan een andere gebeurtenis in het verleden. Voltooid verleden tijd komt vaak voor in combinatie met de verleden tijd.



    Aanwijzing: after, before, when, as soon as





  • Future = toekomst

    Meerdere manieren:



  • Tegenwoordige tijd met –ing: iets is afgesproken, het gebeurt binnenkort

  • Going to: iemand is iets van plan, je ziet iets aankomen dat gaat gebeuren

  • Shall of will + hele ww: aanbod of vraag om raad, over de toekomst praten,   geen afspraak of regeling (geen shall bij you, shit, they)

  • Tegenwoordige tijd zonder –ing: dienstregeling, rooster, vaste datum



REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.