Gezocht: VWO'ers uit de 4e/5e met N&T of interesse in techniek. Doe mee aan een online community over een nieuwe studie en verdien een cadeaubon van 50 euro!

Meedoen

Module 5: Hoofdstuk 1

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • Klas onbekend | 632 woorden
  • 1 juni 2003
  • 9 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.6
  • 9 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Ga jij de uitdaging aan?

Op EnergieGenie.nl vind je niet alleen maar informatie voor je werkstuk, maar ook 12 challenges om je steentje bij te dragen aan een beter klimaat. Gooi jij een week lang zo min mogelijk weg of daag je jezelf uit om een week vegetarisch te eten? Kom samen in actie! 

Check alle challenges!
Module 5 Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 1: Vrijhandel of Protectie?

- Waarom we exporteren en importeren
- Bescherming van de eigen economie
- Mag de handel iets vrijer?
- Blokvorming

Hoofdvragen:
- Waarom exporteren en importeren wij zoveel?
- Hoe komen we aan het buitenlandse geld dat nodig is om al die importen te betalen?

Internationale handel t.o.v. de economie van een land:
Waarde invoer en/of waarde uitvoer delen door BBP x 100%
Zo reken je dus de invoerquota en de uitvoerquote uit.

In Nederland zijn deze percentages rond de 45%: invoer en uitvoer is erg belangrijk voor ons, Nederlands is een open economie.

Waarom importeren wij?
Kostenverschillen
- Kwaliteitsverschillen: Nederland hoog geschoolde mensen, voor productieprocessen die minder hogen eisen stellen zijn Nederlandse werknemers te duur, dus naar buitenland
- Natuurlijke omstandigheden: Nederland voor sommige producten wel geschikt om te verbouwen, andere niet (dus importeren)
- Technisch: is het mogelijk om het te produceren?
Niet-economische factoren
- Smaak: smaak kan een rol spelen bij het kopen van een product, dus bijvoorbeeld uit het buitenland
- Politiek: Het importeren van producten uit andere landen om te voorkomen dat ze het niet ergens anders aan exporteren is een voorbeeld van politiek.

Een land specialiseert zich in een productieproces: er vindt optimale allocatie plaats: het optimaal benutten van de productiefactoren.

Voor optimale allocatie moet de handel vrij zijn: er moet zo weinig mogelijk in de weg worden gelegd (vrijhandel).
Protectie: het beschermen van de eigen economie tegen buitenlandse concurrentie.

Redenen:
- Werkgelegenheid: zonder protectie zouden heel wat (bijvoorbeeld boeren) werkloos worden: als er veel geïmporteerd word tegen lage prijzen, is er veel concurrentie en de boeren kunnen dit dan niet aan
- Lage lonen: hoog loon moet hoge arbeidsproductiviteit hebben. Bij lage lonen (de loonkosten!) is hebben mensen een laag loon tegen een hoge arbeidsproductiviteit.
- Infant industries: jonge bedrijven beschermen, en een kans geven uit te groeien tot volwassen bedrijven.
- Veiligheid & gezondheid: sommige landen vinden dat een product moet voldoen aan veiligheidseisen, voordat het geïmporteerd mag worden naar dat land. Dit kan ook een excuus zijn om buitenlandse producten te weren.
- Politieke verhoudingen: bijvoorbeeld een boycot: het tegen houden van de handel met een bepaald land om een politieke reden, bijvoorbeeld de val van een regime o.i.d.)

Instrumenten die voor protectie gebruikt kunnen worden:
- Invoerrechten: invoerbelasting verhoogt de prijs van een geïmporteerd product. De invoer neemt wel af bij invoerrechten
- Non-tarifaire protectie (alles anders dan invoerrechten):
o Importcontingent: in een bepaalde tijd een bepaald aantal producten invoeren
o Kwaliteitseisen: bij verscherping van de kwaliteitseisen wordt het aanbod kleiner en de prijs hoger
o Importverbod: de prijs op de binnenlandse markt zal verhogen
o Subsidies: verlenen subsidies aan eigen producent (exportsubsidies) zorgt ervoor dat de producent kan concurreren met de buitenlandse handel
o Exportbeperking: vrijwillig

Algemene Overeenkomst inzake Tarieven en Handel (GATT: General Agreement on Tariffs and Trade):
- Invoerrechten zijn toegestaan als protectiemiddel
- Nieuwe handelsbelemmeringen zijn verboden
- Door overleg moet worden geprobeerd de invoerrechten te verlagen
Meestbegunstigingsclausule: een land dat aan een ander land voordelen geeft bij de invoer, moet dit ook aan GATT-leden geven.
World Trade Organisation (WTO): Vervolg GATT in 1993: kan lidstaten dwingen hun nationale wetten zo te veranderen dat ze passen binnen de vrijhandelsregels van de WTO. Zelfde doelstelling GATT: uit de weg ruimen van internationale handelsbelemmeringen.

Regionalisatie: het vormen van handelsregio’s.
Douane-unie: economische integratie waarbij lidstaten hun onderlinge invoerrechten hebben afgeschaft en tegenover niet-leden een uniform buitentarief hebben vastgelegd.
Economische-unie: zelfde eigenschappen van douane-unie plus:
- vrij verkeer arbeid & kapitaal
- gemeenschappelijke instellingen
- sterk onderling afgestemd economische politiek
Gemeenschappelijke markt (1992) en muntunie EMU (Economische Monetaire Unie) belangrijk voor EU.
EVA (Europese Vrijhandelsassociatie) is een vrijhandelsgebied, en minder geslaagd in de EU. Zelfde als douane-unie minus uniform buitentarief.
Geslaagd vrijhandelsgebied NAFTA.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.