Gezocht: vmbo-scholieren uit jaar 3 of 4! Vul deze vragenlijst over het mbo in, en maak kans op een cadeaubon van 25 euro.

Meedoen

Havo 3 Praktische economie Hoofdstuk 6

Beoordeling 0
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 3e klas havo | 262 woorden
  • 30 maart 2022
  • nog niet beoordeeld
  • Cijfer
  • nog niet beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Musical The Prom verloot een limousine naar je eindfeest!

Zit je middenin je eindexamens en wil je in stijl naar je eindfeest? Doe dan mee aan de winactie en maak kans op een limousine die jou en je vrienden naar jullie eindfeest brengt!

Ja, ik doe mee!
  • 1

*export 

  • verkoop van goederen en diensten aan het buitenland 


*import

  • inkoop van goederen en diensten in het buitenland 


* bruto binnenlands product (BBP) 

  • de waarde van alle geproduceerde goederen en diensten in het land in een jaar 


*open economie 

  • veel handel in het buitenland 


  • exportquote 
  • waarde export : BBP x 100%
  • importquote 
  • waarde import : BBP x 100% 


binnen de eu is er een vrij verkeer van arbeid en kapitaal 


*subsidie 

  • een geldbedrag waarmee de overheid goederen of diensten goedkoper maakt 

*welvaart 

  • de mate waarin mensen in staat zijn om hun behoeften aan schaarse goederen en diensten te bevredigen 


*negatief extern effect 

  • extern effect waarbij de welvaart daalt 


*positief extern effect 

  • extern effect waarbij de welvaart stijgt 


*collectieve sector 

  • overheid en de sociale fondsen
  • overheid bestaat uit: 
  • de rijksoverheid 
  • provincies, gemeenten en waterschappen 

collectieve goederen worden betaald door de belasting die mensen betalen over hun 

  • inkomen 
  • winst 
  • vermogen 


*accijns 

  • kostprijsverhogende belasting op sommige goederen 


*kostprijsverhogende belasting 

  • belasting op goederen en diensten die de kostprijs verhogen 


*collectieve goederen 

  • goederen die niet in individueel leverbare eenheden verkocht kunnen worden 


*belasting op inkomen,winst en vermogen 

  • belasting op inkomen,winst en vermogen die de belastingplichtige zelf afdraagt 


hoe hoger het inkomen hoe meer belasting je moet betalen


*aanbod van arbeid 

  • iedere persoon die betaald werk doet of wilt doen 


*vraag naar arbeid 

  • de vraag van arbeidskrachten door bedrijven 

*collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) 

  • arbeidsovereenkomst voor alle werknemers van een groot bedrijf of van een hele bedrijfstak 


*minimumloon 

  • het minimale brutoloon dat de werkgever moet uitbetalen 


*rekenen met het belastingstelsel 

V.B 

huis: €300.00 

lening: 300.00 - 3% rente per jaar 

-> rente per jaar= €9.000 per jaar 


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.