H1 t/m H 8

Beoordeling 3.6
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 3e klas vwo | 203 woorden
  • 6 mei 2004
  • 24 keer beoordeeld
Cijfer 3.6
24 keer beoordeeld

DU Grammatica Hst1 tot en met Hst8 2003
Zijn van=gehören (3) DAN:Denn (nou/toch) Dann=dan/toen (tijd) MAAR:Aber (meestal) Sondern (eerste niet later hoe wel) OF:Oder (of) Ob (als) Er is=es gibt (4) VRAGEN Bitten=verzoeken (handeling) Fragen= informatie vragen (informatie) Beide: vragen aan (4) Zin: Frage den Mann da nach dem weg (4) (3) DAT:Das (als: ond/lv) Dass+bz BZ=voegwoord ond bijw inf volt hw
Voegwoorden:weil=omdat denn=want
TRAPPEN VERGELIJKING Bvnw:///// umlaut+er umlaut+st
Even groot=gleich groB
Het liefsten= am liebsten
ZULLEN
Werden=pure toekomst
Wöllen(?) 1. nu van plan zijn 2. zin hebben
Sollen(?)je vraagt wat iemand anders wil
Als=wenn toen=als
Breuk:Rangtelwoord+l Eentweede=halb/die Halfte(met a umlaut) NAAR
Zu(3) naar toe
In(4) naar en erin
Nach: AK namen (zonder ld) (richtingswoorden) links rechts nach Hause Konjunktiv zou+inf
v.t+umlaut zou….+inf > wurde (+umlaut) +inf
uz: (allemaal met umlaut>) hatte/ware/durfte/konnte/mochte/musste/musste/wusste
Vz nv 3+4 :An auf hiner neben in uber(met umlaut) unter vor zwischen +zn

Bijwoorden hinten vorn unten oben drauBen drinnen TIJD: nach(3) fur(met umlaut)(4) seit(3) geen vz(4) ANDERS:Altijd sonst behalve bij “ander” als het verschillend aanduidt.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.