Hoofdstuk 1 & 2

Beoordeling 8.3
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 4e klas vwo | 891 woorden
  • 9 november 2006
  • 6 keer beoordeeld
  • Cijfer 8.3
  • 6 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ANW
ADVERTENTIE
Ga jij de uitdaging aan?

Op EnergieGenie.nl vind je niet alleen maar informatie voor een werkstuk over duurzaamheid, maar ook 12 challenges om je steentje bij te dragen aan een beter klimaat. Douche jij komende week wat korter of daag je jezelf uit om een week vegetarisch te eten? Kom samen in actie!

Check alle challenges!
ANW

Hoofdstuk 1 Ontwikkeling

Paragraaf 1 Recherchewerk
Bloed en speeksel vormen de ‘stille getuigen’. Getuigenverklaringen zijn niet altijd betrouwbaar. Tijdsverloop, alcoholgebruik en spanning kunnen het geheugen van de ondervraagde beïnvloeden.
Bloedgroep O 45 % Bloedgroep A 43 %
Bloedgroep B 9 % Bloedgroep AB 3 %
In 1892 kwam professor Francis Galton met overtuigende argumenten om vingerafdrukken te gebruiken:
- het lijnenpatroon van je vingerhuid blijft levenslang hetzelfde;

- het aantal lijntekeningen dat kan voorkomen is zeer groot;
- je kunt vingerafdrukken verdelen in groepen.
Typica zijn details van het huidlijnenpatroon. In 1985 kreeg professor Jeffreys het voor elkaar uit de DNA-moleculen in bloedcellen een kenmerkend stukje te halen.

Paragraaf 2 De pil
De eerste condooms en pessaria waren niet echt betrouwbaar. Margaret Sanger stelde haar geld beschikbaar voor het ontwikkelen van een goed voorbehoedmiddel. Oestrogenen en progestagenen zijn kunstmatige hormonen.
Werking pil:
1. oestrogeen misleidt hypofyse > eirijping in eierstok remt af;
2. soms komt er toch een eisprong (ovulatie). Het hormoontekort vertraagt het transport waardoor de eicel vroegtijdig afsterft;
3. slijmvlies in de baarmoeder ontwikkelt zich niet voldoende waardoor de eicel zich niet kan innestelen;

4. taaie slijmprop tussen de vagina en baarmoeder houdt bijna alle zaadcellen tegen.

Door concurrentie tussen bedrijven daalde de prijs van hormonen van 80 tot ongeveer 2 dollar per gram. In 42 pillen van nu zit evenveel als 1 pil toen.

Paragraaf 3 Navigatie
Een kompas geeft alleen aan waar het noorden is. Door ontdekkingsreizigers eropuit te sturen konden er winstgevende handelsverbindingen worden opgezet. De poolster staat precies boven de noordpool. Op het zuidelijk halfrond kun je de poolster niet zien. Navigeren door te meten aan zon en sterren is niet zo eenvoudig. Een radiobaken is een radiostation dat een speciaal signaal uitzendt. ‘GPS’ staat voor ‘Global Positioning System’.

Paragraaf 4 Ruimtevaart
Er was ook politiek belang bij de ontwikkeling van de ruimtevaart. In 1957 brachten de Russen de eerste satelliet de ruimte in. In 1969 landde Neil Armstrong als eerste mens op de maan. Daarna volgden onbemande landingen op Mars en Venus. Voorwerpen die in een baan om de aarde draaien noemen we satellieten of kunstmanen. Alle voorwerpen die in een baan om de aarde draaien zijn gewichtloos. Door gewichtsloosheid verslappen je spieren. Kosmonauten zijn Russische astronauten.

Hoofdstuk 2 Techniek

Paragraaf 1 Cassettes en cd’s
Een cassettebandje is kwetsbaarder dan een cd. Al bij gewoon bewaren neemt de kwaliteit af. Het nadeel van een cd is dat je hem alleen kunt kopiëren met speciale apparatuur. De kwetsbaarheid van een cassettebandje heeft te maken met de achterliggende techniek. Geluid is een trilling waarvan het signaal alle denkbare waarden kan hebben. Een cd geeft geen ruis door het scherpe onderscheid tussen wel of geen putjes. Er is geen slijtage omdat er geen direct contact is tussen schijfje en ontvanger. ‘ROM’ staat voor ‘Read Only Memory’. Film vraagt meer opslagruimte dan muziek en teksten nog minder. Er zijn lege cd’s te koop die je kunt vullen door een kopie te maken van informatie op een andere cd. Tegenwoordig is de apparatuur om dit te doen geschikt voor een groot publiek. Mensen die geen zin hebben om een cd zelf te kopen gebruiken deze apparatuur. Voor uitgevers wordt het daarom minder interessant om informatie op een cd te zetten.

Paragraaf 2 Toilet en riolering
Aan het begin van de 19e eeuw wist men nog weinig af van besmettelijke ziekten en hun veroorzakers. De ontdekking van de relatie tussen ziekte en slechte hygiënische omstandigheden was erg belangrijk. Vanaf halverwege de 19e eeuw was de ‘kiebelton’ de beste oplossing. Dit systeem was voor sommige steden zelfs winstgevend. De uiteindelijke oplossing voor het probleem was de wc zoals we die nu kennen. In Nederland ligt een netwerk van tienduizenden kilometers rioolbuis onder de grond. Hierdoor stroomt het afvalwater. Afvalwater en regenwater worden door hetzelfde systeem weggevoerd. Dit geeft nadelen. Het gescheiden afvoeren van regen- en afvalwater is beter voor het milieu. In Nederland gebeurd dit (nog) niet. Bij het doortrekken van de wc gebeuren er een aantal dingen achter elkaar:
- de stortbak loopt leeg, als deze leeg is gaat de afvoerpijp dicht;
- de kraan gaat open waardoor de stortbak vol stroomt;
- als de stortbak vol is gaat de kraan weer dicht.
De stortbak in de wc is een voorbeeld van een regelsysteem. Na het doortrekken gaat de kraan open en stijgt het water weer tot het oude niveau.

Paragraaf 3 Techniek op menselijke maat
Een ontwerper moet rekening houden met de doelgroep. Ook moet de ontwerper voor sommige producten, zoals een bureaustoel, rekening houden met lichaamsafmetingen. Er bestaan voor ontwerpers tabellen met lichaamsafmetingen. De ‘P’ staat voor percentiel. P5 betekent dat 5 % van de 100 % deel is van de gemeten maat. Voor elke producten worden verschillende P-waarden gebruikt.
Bij het ontwerpen van technische producten en meubels zijn er vijf ontwerpstrategieën:
1. laag percentiel strategie;
2. hoog percentiel strategie;
3. gemiddelde als maatstaaf;
4. verstelbaarheidsstrategie;
5. variantenstrategie.

Paragraaf 4 Ontwerpen
Ontwerpers zijn voortdurend bezig nieuwe producten te bedenken en bestaande te verbeteren.
Na de uitvinding van de chip in de jaren zestig, bleek het mogelijk miljoenen elektronische schakelaars samen te persen op een oppervlakte van een kwart vierkante centimeter.
Een ontwerpproces begint met de inventarisatie van alle eisen waaraan een ontwerp moet voldoen.
Ontwerpers moeten manoeuvreren binnen de grenzen van de ontwerpeisen die in vier groepen uiteenvallen:
1. functionele eisen;
2. ergonomische eisen en milieueisen;
3. vormgevingseisen (design);
4. financiële eisen.
Per ontwerp en per product zullen ontwerpers zich moeten afvragen of wat technisch mogelijk is ook ethisch verantwoord en maatschappelijk wenselijk is.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.