ADVERTENTIE
Ken je onze podcast al?

Ga je bijna studeren en wil je meer weten over het studentenleven? Luister dan naar seizoen 1 van onze podcast Studententijd. Oscar, David en Dienke vertellen eerlijk over studententhema's als hospiteren, daten, schoonmaken, verenigingen. Vanaf september nieuwe afleveringen!

Luister de podcast

Aardrijkskunde Module 4: Vervoer en Ruimtelijke inrichting



Hoofdstuk 1: Vervoersstromen




KERNBEGRIPPEN



Tekst 1 Transport

Transport het vervoer van goederen



Tekst 2 Goederen

Massagoederen (bulkgoederen) vaste stoffen of vloeistoffen die in grote hoeveelheden los in een ruim worden vervoerd

Stukgoederen (eind)producten die los vervoerd worden, of verpakt in kisten, zakken, balen of vaten.

Containergoederen stukgoederen die vervoerd worden in gestandaardiseerde laadkisten



Containervervoer Geeft schaalvoordelen (laden en lossen kost minder tijd)



Tekst 3 Transportkosten

Goederentransport met vrachtauto’s, schepen, treinen, vliegtuigen of pijpleidingen

Vaste kosten maak je altijd, ongeacht aantal gereden km. (bijv. koop van de vrachtauto)

Variabele kosten hoe groter de afstand, hoe meer kosten. (bijv. benzineprijs

Vliegtuigen rekenen we niet onder vaste of variabele kosten, want een vliegtuig reist altijd ver en de benzine is veel duurder.



Tekst 4 De keuze van transportmiddelen

Keuze van transportmiddel aan de hand van de snelheid en de kosten van het transportmiddel, de te overbruggen afstand, de waarde en de aard van het te vervoeren product.

Lage waarde v. goederen bijv. cement. Dan mag het vervoer niet te veel kosten



Overslagpunt hier moet de lading in een ander transportmiddel worden overgeladen. (Hier vestigen zich veel bedrijven, vanwege de lagere transportkosten.



Tekst 5 Pijpleidingen

Pijpleiding geheel van buizen voor transport van gas en vloeistoffen. (Nadeel: duur)

Voordeel: milieuvriendelijk en geen (variabele) transportkosten.



Tekst 6 Verladers en vervoerders

Transportsectorberoepen:

Verlader opdrachtgever voor goederentransport van plaats A naar plaats B

Vervoerders mensen en bedrijven die het transport uitvoeren



THEORETISCHE VERKLARINGEN



Tekst 7 Interactie: de theorie van Ullmann

Interactietheorie bedacht door de geograaf Edward Ullmann, met deze theorie kan het ontstaan van vervoersstromen worden verklaard.

Interactie beweging van mensen en / of goederen tussen twee of meer plaatsen.

Goederenstromen ontstaan wanneer tussen twee plaatsen een systeem van vraag & aanbod ontstaat.

Complementariteit Als er vraag naar iets is in een plaats en een andere plaats kan aan die vraag voldoen

Verplaatsbaarheid De afstand tussen de punten van vraag en aanbod moet tegen een redelijke prijs en met weinig moeite overbrugd kunnen worden.

Tussenliggende mogelijkheden Het vraag en aanbod systeem mag niet door tussenliggende factoren verhinderd worden.



Tekst 8 Vier factoren die vervoersstromen verklaren

Factoren technologische ontwikkelingen in de vervoerssector, bedrijfsmatige

die het ontstaan ontwikkelingen, economische ontwikkelingen en het nationale

van vervoersstromen overheidsbeleid.



Tekst 9 Technologische ontwikkelingen: informatietechnologie

Informatietechnologie moderne technieken die het mogelijk maken informatie van het ene punt naar het andere punt te verspreiden. (telefoon, televisie, internet, fax, e-mail)

Wereldwijde handel en Dankzij snelle verbindingen naar de andere kant van de wereld ontstaan

vervoersstroom handel en vervoersstromen over de hele wereld





Tekst 10 Bedrijfsmatige ontwikkelingen

Bedrijfsmatige ontwikkelingen ontwikkelingen die de bedrijfsvoering hebben veranderd (productieproces, inrichting van bedrijven). Ze zijn van invloed op de richting en omvang van vervoersstromen.

Specialisatie Het toeleggen van een bedrijf op een specifiek product

Schaalvergroting(schaalvoordelen) alle veranderingen die leiden tot een hogere productie per werknemer. Een bedrijf zal proberen schaalvergroting te bereiken als de productiekosten stijgen. (dmv bijv. loonstijging) Schaalvergroting kan worden bereikt door specialisatie en mechanisering.

Productontwikkelingen een product veroudert snel omdat de ontwikkelingen in de techniek snel gaan. (bijv. in de computerindustrie)

Logistiek management het sturen en beheersen van goederenstromen (vaak met behulp van computers)



Tekst 11 Veranderingen van transportmogelijkheden en economische groei

Welvaartsgroei heeft de vraag naar producten vergroot, dus ook naar de vraag van het vervoer van de producten. De goederenvervoer- mogelijkheden zijn van grote invloed op de ruimte. (Bijv. : de vraag naar steeds grotere vervoersboten heeft ertoe geleid dat vele havens moesten uitbreiden.)

Transportas De plaatsen die aan de transportas liggen (bijv. Rotterdam als zeehaven voor de uitmondende rivieren), hebben geprofiteerd van de verandering van transportmogelijkheden. De gebiedsinrichting is op die plaatsen ook sterk veranderd.



Tekst 12 De invloed van de overheid op vervoersstromen.

Overheid is een factor die medebepalend is voor de omvang en richting van de goederenstromen.

Distributie De regering wil een ‘Nederland Distributieland’. De overheid wil dat Nederland gebruik kan maken van de economische voordelen die doorvoermogelijkheden met zich meebrengen.

Stimulatie Om de distributie te stimuleren gebruikt de overheid verschillende middelen: subsidies en vergunningen, promoten van regio’s, versterken van de infrastructuur.

Tekst 13 Hub ’n spoke

Hub en spoke het verschijnsel dat goederen per container op grote schepen worden vervoerd naar enkele grote havens, de hubs (=draaischijven’) om vervolgens verder vervoerd te worden via allerlei transportassen, de spokes (=spaak) De hubs zijn gespecialiseerd als containerdoorvoerhaven. Zo worden kosten bespaard. (komt in de luchtvaart en zeevaart voor) Het is wel van belang dat er een goede infrastructuur is, en er moeten goede verbindingen zijn met het achterland.



LOCATIEKEUZE VAN BEDRIJVEN



Tekst 14 Bedrijven en de reden van vestiging.

theorie van Ullmann over een bedrijf vestigt zich waar vraag is naar de te leveren producten en waar

bedrijfsvestiging geen andere mogelijkheden zijn om aan die vraag te voldoen.

Redenen bedrijfsvestiging bedrijven vestigen zich graag in de buurt: van grondstoffen (voor verkoop en als brandstof (bijv. hoogovens)), goede infrastructuur, een goede markt, in een land waar de lonen laag zijn of vestiging op een overslagpunt.

Assemblagebedrijven vestigen zich graag op een overslagpunt, vanwege lage transportkosten. Ze verzamelen uit verschillende richtingen onderdelen en grondstoffen en voegen deze samen tot een eindproduct. (bijv. computers, auto’s enz.)

Redenen om niet te vestigen grote politieke spanningen in een land, corruptie, enorme belastingtarieven.



Tekst 15 Footloose

Zakelijke dienstverlening bedrijven die diensten verkopen, zoals adviesbureaus, advocatenkantoren, reclamebureaus.-> footloose bedrijven.

Footloose bedrijven bedrijven die minder gebonden zijn aan de klassieke vestigingsplaatsfactoren, zoals de nabijheid van grondstoffen of een haven. Deze bedrijven moeten goed bereikbaar zijn, veel parkeerruimte hebben. Ze willen niet teveel hoeven te investeren in hoge huren. Deze bedrijven zitten vaak aan de rand v. d. stad.



Tekst 16 Netwerken en knooppunten

Transportnetwerk een systeem van transportlijnen en knooppunten. De knooppunten zijn aangesloten op bijv. een wegennetwerk, railnetwerk, rivier, pijpleiding enz.

Knooppunten de locaties waar goederen gelost of overgeladen worden. Knooppunten kunnen ook overslagpunten zijn.

Nationale knooppunten plaatsen waar voor een land worden verzameld en verspreid.

Toegevoegde waarde de waardevermindering die ontstaat bij het overslaan of de omvorming van grond of hulpstoffen in eindproducten of halffabrikaten. (Toegevoegde waarde is de waarde van een product min de kosten van grondstoffen, arbeid en energie gemaakt tijdens de productie.)



Tekst 17 Logistieke centra en distriparken

Logistieke centra overslagpunten. Hier gebeurt het overladen, verladen en soms ook assembleren van goederen. Het zijn terreinen waar veel transportondernemingen gevestigd zijn en waarvandaan goederen naar gebruikers worden getransporteerd. Deze centra liggen in de buurt van de afzetmarkten en productiecentra.

Distriparken hele grote logistieke centra. Ze bieden extra voorzieningen dan een gewoon logistiek centrum. Het bevat een bedrijfsterrein, goede infrastructuur en moderne telecommunicatiepunten. De samenwerking tussen bedrijven wordt hier gestimuleerd.



Tekst 18 Corridors

Vervoersassen liggen tussen de knooppunten.

Corridors gebieden waarin de belangrijkste vervoersassen liggen: autowegen, spoorlijnen en waterwegen.-} ‘een gang waar je doorheen loopt om van het ene naar het andere punt te komen’

3 grote Europese corridors een zuidwestcorridor, die loopt van West naar Zuid- West Europa, een noordzuidcorridor, die van Noord- Europa naar Zuid- Europa gaat, en een zuidoostverbinding van Noord en Oost- Europa naar Zuidoost- Europa.

De bedrijvigheid in deze gebieden is gericht op transport, import en export.



Hoofdstuk 2: Mainports Rotterdam- Rijnmond en Schiphol



MAINPORTS



Tekst 19 Ontstaan & groei van mainports

Mainport kenmerken -knooppunt van verschillende transportmiddelen. Er vindt afstemming plaats.

-de mainport is aangesloten op intercontinentale transportnetwerken

-het is 24 uur per dag bereikbaar voor alle soorten transport. Er wordt altijd gewerkt, het is een continubedrijf.

-een mainport geeft toegang en is een opstap naar transportnetwerken van een ander schaalniveau (regionaal, nationaal & internationaal.

-een mainport heeft een goede infrastructuur (zowel wegen als telecommunicatiemogelijkheden)

Nederlandse mainports Rotterdam- Rijnmond en Amsterdam- Schiphol.



Tekst 20 Poortfunctie en achterland

Poortfunctie een gebied heeft een zeer gunstige ligging voor de aan en afvoer van mensen en goederen.

Achterland een gebied dat georiënteerd is op een bepaalde stad. (Ook wel ‘ommeland’ of Umland genoemd.)



Tekst 21 Agglomeratie en multipliereffect

Mainport heeft een agglomeratie en een multipliereffect

Agglomeratie -effect in een gebied vindt een proces van zichzelf versterkende groei plaats.

Multipliereffect de groei van een bepaalde stuwende bedrijfstak zorgt voor de groei van andere, van deze bedrijfstak afgeleide, bedrijven.



Tekst 22 De economische betekenis van de mainports

Werkgelegenheid er is nog steeds een groot tekort aan werkgelegenheid. De overheid wil daar iets aan doen.

Stuwende activiteiten economische activiteiten die een agglomeratie effect veroorzaken. Met andere woorden, de aanw. van bijv. een industrie of haven kan ervoor zorgen dat een plaats groeit. Door de aanwezigheid van deze activiteiten worden mensen en geld uit een andere regio aangetrokken.

Verzorgende activiteiten hangen veel samen met stuwende activiteiten. Ze zijn gericht op de bevolking van de eigen regio.



Tekst 23 Directe en indirecte werkgelegenheid

Directe werkgelegenheid wordt gevormd door het aantal mensen dat in een bepaald bedrijf of een bepaalde sector werkt in de haven. (bijv. laders, lossers, kraanmachinisten en loodsen)

Indirecte werkgelegenheid wordt gevormd door de bedrijven en sectoren die verbonden zijn met de aanwezigheid van de haven. (bijv. transporteur, douane beambte, en verzekeringsagent)



ROTTERDAM ALS MAINPORT



Tekst 24 Rotterdam vanaf de 13e eeuw: oorspronkelijk ‘Damstad’

Haven v. Rotterdam ontstond in de 13e eeuw. Omdat er een dam in de vaarweg tussen de Noordzee en de inlandse kanalen lag, moesten alle goederen overgeladen worden. Op de plaats waar dit gebeurde ontstond de haven van Rotterdam.



Tekst 25 Rotterdam als stapelhaven vanaf de 17e eeuw

Stapelhaven goederen die bestemd waren voor de inwoners van Rotterdam werden aangevoerd in de haven werden binnengehaald en opgeslagen in pakhuizen. Dit soort havens worden stapelhavens genoemd.





Tekst 26 Rotterdam eind 19e eeuw; ontwikkeling tot overslaghaven.

Overslaghaven haven die voor alle nationaliteiten zorgt voor een betere doorvoer van producten.

Rotterdam kon zich ontwikkelen vanwege een nieuwe waterweg en de industrie in het Ruhr-gebied (2e helft 19e eeuw) Rotterdam werd een overslaghaven. Later zorgde een spoorweg voor verder groei van de stad.



Tekst 27 Rotterdam vanaf de Tweede WereldoorLoch (Ness).

Industriehaven haven waar de nadruk ligt op het verwerken van goederen die eerst aangevoerd en vervolgens doorgevoerd worden als halffabrikaat of eindproduct.

Redenen groei Rotterdam -groeiende welvaart. (meer im- en export)

-groeiende welvaart. (olietoevraag steeg, Rotterdam leverde olie.

-Diepe havens. Rotterdam kon daardoor mammoettankers ontvangen

-verplaatsing olieraffinage naar Rotterdam.



Tekst 28 Europoort en Maasvlakte

Europoort & Maasvlakte Grote haventerreinen die ervoor hebben gezorgd dat Rotterdam beter bereikbaar werd.

Distributiehaven ‘doorgeefhaven’



Tekst 29 Rotterdam en de oliecrisis

Terminals containerhavens



Tekst 30 Recente ontwikkelingen

Havenplan ging in 1990 van start. Hierin staat de toekomstige ontwikkeling van de Rotterdamse haven.



Tekst 31 De ruimtelijke gevolgen van de ontwikkeling van de Rotterdamse haven

Landschap is veranderd door de Rotterdamse haven. (autowegen, vliegtuigen, kanalen, UFO’s)

Uitschuiving bepaalde functies of bedrijven verplaatsen.





Tekst 32 Oorzaken van de groei van Rotterdam-Rijnmond tot mainport

Oorzaken groei vd haven Rott. -goede toegankelijkheid van Rotterdam. (Nieuwe Waterweg)

-goede verbinding met het achterland.

-Rotterdam is een aangepaste en moderne haven. (goede infrastructuur)

-Nederlands economiesysteem

-arbeids- en afzetmarkt van Rotterdam



Tekst 33 Waarom is Rotterdam-Rijnmond een mainport?

Mainport Rotterdam In de VINEX wordt R.R. een mainport genoemd, omdat Rotterdam in het economische kerngebied van Nederland ligt. De hoeveelheid overgeslagen goederen in combinatie met de economische groei die daar het gevolg van is, heeft Rotterdam als mainport gerechtvaardigd.



SCHIPHOL ALS MAINPORT



Tekst 34-35 Schiphol in de periode van 1916-1960

Schiphol 1916-1940 begon als vliegweide & vanaf 1935 is Schiphol een intercontinentale luchthaven.

Schiphol 1940-1960 Vanaf 1945 breidde Schiphol zich noordelijk & westelijk uit. In 1958 werd van Schiphol een NV gemaakt. Schiphol werd nationale luchthaven.



Tekst 36 Schiphol vanaf 1960

Schiphol 1960-usw 1967 – schiphol centrum (one- terminal- concept.)



Tekst 37 De ontwikkelingen van de luchtvaart.

3 internationale ontwikkelingen 1. groei vd luchtvaart. Door internationalisering vd economie & toename van

Die invloed hebben gehad op het passagiersvervoer is de luchtvaart sterk gegroeid

De groei v schiphol 2.schaalvergroting. (bijv. het aantal luchthavens neemt af door fusies & sterke concurrentie. Daardoor werden luchthavens groter. Ook werden de vliegtuigen groter & sneller, waardoor er meer passagiers vervoerd konden worden.)

3. liberalisering van de Europese luchtvaart. (open kiesverdrag)



Tekst 38 Ruimtelijke gevolgen van de groei van Schiphol

Ruimtelijke gevolgen van Schiphol zijn groot, voornamelijk dankzij de randstad.



Tekst 39 De oorzaken van de ontwikkelingen op Schiphol

Oorzaken groei schiphol: - de aanwezigheid van veel ruimte in de haarlemmermeerpolder

- de KLM heeft Schiphol als thuisbasis

- schiphol heeft een goede verbinding met het achterland

- Schiphol is een aangepaste, moderne luchthaven met een goede infrastructuur.

- Schiphol is rond 1 terminal gebouwd volgens het one-terminal concept.

voor de afhandeling van vracht heeft schiphol goede faciliteiten.

- Schiphol heeft een trucking centre.

Home carier een luchtvaartmaatschappij die een bepaalde luchthaven als thuisbasis heeft.



Tekst 40 Ontwikkeling van Schiphol tot mainport

Schiphol is in de 4e nota: -mainport!!! (Schiphol is een economisch complex met een distributiecentrum voor Europees en intercontinentaal (vracht) vervoer.

Nadeel Schiphol als mainport Schiphol kan niet steunen op een thuismarkt. Daarvoor is Nederland immers veel te klein.



Tekst 41 (EXTRA) Schiphol & geluid

Ke kosteenheden (hinder van vliegtuiglawaai.)

Ke- systeem - het aantal vliegtuigpassages per jaar, dwz hoe vaak in een jaar vliegtuigen overvliegen.

- het aantal decibellen dat elk vliegtuig produceert

- periode van het etmaal waarin het lawaai wordt geproduceerd.

Toelating woning met 40 Ke: wordt op kosten vd luchtvaartmaatschappij geïsoleerd.

Woning tussen 35 en 40 Ke: wordt alleen geïsoleerd als men ’s nachts veel hinder ondervindt.

Woningbouw mag alleen in gebieden onder Ke 35



Tekst 42 Ruimtebeslag van de mainports en het Groene Hart

Het Groene Hart ligt tussen de mainports Rotterdam & Schiphol in. Er wordt echter steeds meer bijgebouwd in

de Randstad en dus wordt het Groene Hart kleiner en kleiner.

Principebesluit aan een principe besluit mag niet aan worden getornd.



BUITEN DE RANDSTAD



Tekst 43 Een kijkje buiten de Randstad

Knooppuntenversterking De gebieden buiten de Randstad de gunstig gelegen liggen worden belangrijker. Veel mensen willen ‘buiten’ wonen en door versterking van knooppunten als bijv. Arnhem-Nijmegen groeit ook de Randstad niet uit.

Voordelen van buiten - de buiten de Randstad gelegen gebieden zijn vaak goed bereikbaar.

de Randstad wonen - de grond kost weinig geld, huizen en bedrijfspanden

voorbeelden Veenendaal



Tekst 44 Regio Arnhem-Nijmegen

Arnhem-Nijmegen is een opkomende corridor (corridor=zie tekst 18),

Omdat regio A.-N. gunstig ligt op de corridor naar her Ruhr-gebied

Arnhem - klein vergeleken met Nijmegen.

- ligt aan de Rijn

- er zijn veel hoofdkantoren van bedrijven gevestigd

- breidt uit naar het Zuiden

Nijmegen - groot vergeleken met Arnhem

- ligt aan de Waal

- er is een universiteit

- breidt uit naar het Noorden

Waalsprong nieuwbouwproject met de bedoeling Arnhem en Nijmegen naar elkaar toe te laten groeien.



Tekst 45 Bestuurlijke samenwerking Arnhem & Nijmegen: het KAN (wel)

KAN Knooppunt Arnhem-Nijmegen

Doel v.h. KAN door de vereniging van Arnhem, Nijmegen en een aantal kleinere gemeenten kunnen deze gemeenten de eigen, vaak matschappelijke belangen beter behartigen & verdedigen.

Wat doet het KAN - maakt plannen;

- voert onderzoek uit;

- geeft adviezen;

- & probeert het beleid te beïnvloeden

In wat voor verbanden? - aanleg van nieuwe woonwijken & wegen (infrastructuur)

- plannen voor nieuwe bedrijfsterreinen

- grote nationale projecten (bijv. de Betuwelijn)

‘het KAN zonder auto’ project van het KAN om de dichtslibbende wegen zoals de A12, A50 & N325 voor verder verval te behoeden. Bij dit project wordt getracht het economisch verkeer zoveel mogelijk op de snelwegen te laten plaatsvinden en het lokale verkeer juist van deze wegen af te houden.



Hoofdstuk 3: Nederland Distributieland



VERVOER EN BELEID



Tekst 46 Mobiliteit en bereikbaarheid

De Nederlandse mainports zijn groot vanwege de goede verbinding met het achterland. Het aantal auto’s neemt

echter sterk toe waardoor de bereikbaarheid afneemt (filevorming) De regering wil dit dichtslibben van de wegen

zoveel mogelijk verhinderen. In ieder geval heeft het steeds opnieuw aanleggen van wegenweinig zin.



Tekst 47 Rijksplannen: VINEX

De plannen over de mobiliteit in Nederland worden op internationaal niveau bedacht. Deze plannen worden

uitgevoerd door de provincies & gemeenten.

VINEX Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra

nota in de Rijksnota over de inrichting & de plannen daarvoor tot 2015

VINO Vierde Nota Ruimtelijke Ordening

HOV Hoogwaardig Openbaar Vervoer

Dit vervoer moet zeer regelmatig rijden, de haltes moeten vlakbij de huizen zijn & bus+tram moeten aansluiten op de treintijden.



Tekst 48 Rijksplannen: Structuurschema verkeer en vervoer

Structuurschema verkeer+vervoer Een door het Ministerie van Verkeer en Waterstaat geschreven nota die beschrijft wat voor plannen de overheid heeft met de infrastructuur.]

In het structuurschema verkeer - ‘Rail 21’ (Uitbreidingsplan voor spoorwegen van het personenvervoer.)

& vervoer staat o.a.: - Uitbreiding van Schiphol

- alle mogelijkheden om de mobiliteit terug te dringen & beter te doseren en om vertragingen te voorkomen. (bijv. duurder maken van de auto en het aantrekkelijker maken van het openbaar vervoer.

- hoe de openingstijden van winkels zouden kunnen bijdragen aan het oplossen van het fileprobleem. (als de winkels langer open zijn gaan de mensen ipv allemaal tegelijk veel meer op tijden die ze goed uitkomt naar de winkels. Dan is ook het vervoer naar de winkels beter gespreid over de tijd.



Tekst 49 (EXTRA) Nederland in vier scenario’s

RPD Rijksplanologische Dienst

Perspectievennota NL 2030 In dit rapport worden 4 scenario’s geschetst voor de inrichting van Nederland tot 2030. Men zou dit kunnen zien als een eventuele opvolger vd VINEX

Scenario’s inrichting NL - Palet (de grens tussen stad & land vervaagd door verspreide verstedelijking

- Parklandschap (Landschapsbepaalde verstedelijking)

- Stromenland (Concentratie van de stedenvorming rond de transport assen)

- Stedenland (Sterk geconcentreerde verstedelijking; grens tussen stad & land

Bovengenoemde scenario’s zijn verschillende mogelijkheden waar Nederland naartoe kan groeien tot 2030.



Tekst 50 Planologische Kernbeslissing

PKB Planologische Kernbeslissing, een beslissing die is genomen door de rijksoverheid. Het gaat hierbij altijd om grote projecten, die betekenis hebben op heel Nederland wat betreft landinrichting. Burgers hebben hierbij inspraak.



Tekst 51 MER en m.e.r.

MER Milieu Effect Rapport. Dat is een verslaggeving van de m.e.r.

m.e.r. milieu effect reportage. Dit gaat over de milieukundige consequenties van de ruimtelijke ontwikkelingen.

In de Nederlandse Wet is vastgesteld, dat voor alle nieuwe activiteiten een milieu effect rapport moet worden

gemaakt. Deze m.e.r. ’s of MER ’s moeten aan wettelijke voorwaarden voldoen en uitvoerig worden

gecontroleerd.



Tekst 52 Nederland 7 bereikbaarheid: de Betuwelijn

Betuwelijn treinverbinding die door de Betuwe loopt. Deze moet de bereikbaarheid van de mainport Rotterdam veiligstellen. Men verwacht door de aanleg van deze spoorlijn veel economisch voordeel te hebben.

Ontwikkelingen die de aanleg - de verwachting is dat de hoeveelheid goederen die wordt overgeslagen in de

Vd Betuwelijn rechtvaardigen: Rotterdamse haven nog zal groeien tot 6 miljard containers

- toekomst van het langeafstandsvervoer ligt naar verwachting bij de spoorwegen en de binnenvaart.

Redenen om de Betuwelijn niet - er is geen zekerheid dat er inderdaad economische voordelen komen

aan te leggen: - men vreest dat het leven in het natuurgebied waar de Betuwelijn doorheenloopt verstoord zal worden.

- men vreest het ontstaan van geluidsoverlast in de dorpen waar de Betuwelijn doorheen komt te liggen



Tekst 53 De route van de Betuwelijn

De Betuwelijn loopt door een belangrijk landbouw en natuur gebied. Ter bescherming daarvan en ter

voorkoming van hindering van het autoverkeer worden op sommige plaatsen tunnels gegraven. De bevolking

mag ook meedenken en meebeslissen over hoe de aanleg zal plaatsvinden.



Tekst 54 Nederland en bereikbaarheid: de hogesnelheidslijn

HST Hoge Snelheids Trein

TGV Train à Grande Vitesse

HST (TGV) is snel omdat hij rijdt over een apart aangelegde, en daardoor kruisingsvrije spoorlijn ligt.

Redenen aanleg vd HST (TGV) - de Randstad wordt beter bereikbaar. Zo kunnen mensen snel genoeg bij Schiphol komen. Zo krijgt de Randstad een snelle verbinding met andere grote Europese steden. (verbetering vh achterland van Schiphol)

- het milieu. Vliegverkeer is schadelijker dan treinverkeer. Als mensen voor middellange afstanden dan dus de HST kiezen ipv het vliegtuig, spaart dat het milieu

- Kosten. De HST is op middellange afstanden vaak goedkoper dan het vliegtuig.

- tijdwinst. Een gewone trein behaalt 140 km/u Met de HST kan op een snelheid van ongeveer 250 km/u gereden worden.

Argumenten tegenstanders HST - Het is onzeker of het treingebruik zal toenemen door de aanleg van de HST

- Luchtvaart wordt steeds goedkoper dus de trein is niet altijd goedkoper.

- Aantasting van het milieu in het Groene Hart

- geluidsoverlast



Tekst 55 Het traject van de HSL

Traject HSL loopt door het westelijke deel van het Groene Hart. Omdat dit gebied voor recreatie en landbouw van groot belang is, komt een deel van het traject door tunnels.

Bosvarianten Bedacht door ingenieur Bos. De aanleg van de HSL langs de snelweg Rotterdam-Den Haag-Amsterdam zou het Groene Hart sparen. Dit voorstel heeft het niet gehaald



Tekst 56 De uitbreiding van mainport Rotterdam

Middelen om Rotterdam te laten - Toename van het containervervoer door uitbreiding vd Maasvlakte.

groeien: - Uitbreiding van de food sector: Tussen Schiedam & Rotterdam is een fruithaven aangelegd. Bovendien komt er een Agrarisch Distributiecentrum voor de export van groenten uit het Westland



Tekst 57 De Tweede Maasvlakte

2e Maasvlakte In 1997 is besloten dat er een 2e Maasvlakte moet worden aangelegd, want mede door de groei van Rotterdam naar Mainport is de Maasvlakte te klein aan het worden.



Tekst 58 Uitbreiding van Schiphol

Masterplan Schiphol Presentatie van de uitbreidingsplannen van Schiphol. Volgens de presentatie uit ’95 moet Schiphol worden ontwikkeld tot een poort naar Internationale bestemmingen. Hiervoor moet Schiphol ruimtelijk sterkt worden uitgebreid.(5e baan)

Bulderbos Bos dat gepland is op de toekomstige plaats van de 5e baan door tegenstanders. Zij hopen door het planten van bomen de aanleg van de 5e baan niet door te laten gaan of in ieder geval te vertragen.



Tekst 59 De keerzijde van de economische groei

Negatieve kenmerken vd De groeiende infrastructuur & de uitbreiding van bedrijven en woonwijken

Economische groei vervuilen en belasten het milieu

Positieve kenmerken vd - economische groei (welvaart)

Economische groei - werkgelegenheid



Tekst 60 Ruimtelijke kwaliteit: belevingswaarde, gebruikerswaarde & toekomstwaarde

Kwaliteit van leefomgeving wordt vastgesteld aan de hand van gebruikers-, belevings- & toekomstwaarde

Gebruikerswaarde alle functies in een gebied die elkaar versterken.

Belevingswaarde het uiterlijk van de omgeving. (zoveel mogelijk aan de wensen van verschillende mensen tegemoet komen.)

Toekomstwaarde de factor tijd. De bebouwde omgeving moet lang meekunnen en tenminste makkelijk en goedkoop kunnen worden aangepast



Tekst 61 NIMBY

NIMBY Not In My BackYard

NIMBY-wet In deze wet staat dat bestemmingsplannen de route van nieuwe infrastructuur zoals die in de PKB is vastgelegd niet mogen aanpassen zoals die in de PKB is vastgelegd. (inspraak: de burgers weten nu beter wat hen te wachten staat.

NIMBY betekend We realiseren ons hoe belangrijk het is nieuwe infrastructuur aan te leggen, maar we willen er zelf niets van merken.



Tekst 62 PLIMBY

PLIMBY Please In My Backyard

PLIMBY-effect Men wil de consequenties van nieuwe infrastructuur in de buurt omdat de vernieuwing voordelen met zich meebrengt.



Hoofdstuk 4: Vervoer op mondiaal niveau



ONTWIKKELINGEN OP MONDIAAL NIVEAU



Tekst 63 Economische verschuivingen: internationalisering & globalisering

Internationalisering de samenwerking tussen en de verspreiding van bedrijven en instellingen over de eigen landgrenzen heen.

Globalisering (mondialisering) de samenwerking tussen en de verspreiding van bedrijven en instellening over de gehele wereld.

Oorzaken voor het ontstaan - via moderne communicatietechnieken als de fax en de elektronische

vd internationalisering in de snelweg is snel communiceren over de hele wereld razendsnel mogelijk.

jaren ’60 - Moderne transportmiddelen worden steeds groter en sneller

- Er zijn open grenzen: Dankzij samenwerking tussen landen zijn een aantal belemmeringen voor het vervoer van goederen & personen weggenomen.

- Bedrijven moeten steeds meer verkopen om het hoofd boven water te houden. Daarom wordt het afzetgebied al snel vergroot naar internationaal niveau.

- Multinationale ondernemingen hebben een overzees vestigingsbeleid

Multinationale ondernemingen bedrijven met vestigingen in een aantal landen. (ook wel multinationals genoemd)





Tekst 64 Internationalisering in vier perioden

De 4 economische Na 1500 : de koloniale periode (ontdekking overzeese gebieden)

Groeiperioden in den Na 1870 : de Industriële Revolutie (onafhankelijkheid koloniën, betere taakverdeling van de arbeid.)

Geschiedenisch des Mensch Na 1900 : de opkomende wereldhandel (de ‘grote’ continenten West-Europa en de Verenigde Staten begonnen in andere werelddelen te investeren)

Na 1985 : de globalisering van de industriële productie. (veel bedrijven werken samen)

Imperialisme de invloed van een staat of natie op een ander volk

OPEC landen Olie Producerende & Exporterende landen

Joint venture een afspraak tussen ondernemingen om de productie van een bepaald product gezamenlijk uit te voeren.



Tekst 65 Global Shift

Global Shift benaming voor het verschijnsel dat het zwaartepunt van de wereldhandel zich verplaatst, met name vanuit Noord-West Europa en het Noordoosten van de Verenigde Staten naar de Grote Oceaan.

NIC Newly Industrializing Countries (nieuwe industrielanden uit Zuid Azië en Zuid Amerika)



Tekst 66 De nieuwe economische wereldkaart

Internationalisering heeft gezorgd voor een verspreiding van de wereldhandel. De goederenstromen zijn toegenomen over de hele wereld

Betalingsbalans een in geld uitgedrukt samenvattend overzicht van alle economische transacties van een land met het buitenland.]

Triadisch netwerk Een handelsnetwerk tussen drie gebieden, in dit geval de verdeling van de wereldhandel in drie gebieden: VS, Japan en EU





Tekst 67 Multinationals

Multinationals transnationale of multinationale ondernemingen (gevestigd in meerdere landen)

TNO TransNationale Onderneming

Redenen voor een bedrijf om - Men kan voordeel halen uit het verplaatsen van (een deel van) het

Een TNO te worden productieproces naar landen met lagere lonen en een gunstiger belastingklimaat

- De mogelijkheid bestaat om producten onmiddellijk op een buitenlandse markt te verkopen, zonder de producten eerst te moeten exporteren.

- Grondstoffen kunnen in het land zelf worden gewonnen



ONTWIKKELINGEN OP EUROPEES NIVEAU



Tekst 68 Compartimentering en decompartimentering

Compartimentering de opdeling van een gebied in kleinere delen. (Tsjecho-Slowakije werd Tsjechië en Slowakije)

Gevolgen compartimentering - contacten tussen gebieden verslechteren

- dus de afzetmarkt van bedrijven wordt kleiner dus bedrijven moeten krimpen.

Decompartimentering het samenwerken van 2 of meerdere gebieden (Europese Unie)

Gevolgen decompartimentering - contacten tussen gebieden verbeteren

- dus de afzetmarkt van bedrijven wordt groter en dus groeien de bedrijven en de handel



Tekst 69 Economische gevolgen van de Europese eenwording

EEG Europese Economische Gemeenschap, ontstaan in 1958 ten gevolge van WOII

Doel E(E)G De politieke en economische eenheid van de Europese landen te bevorderen.

Voorbeelden EG beleid - landbouw (Europese afspraken over melk & mestproductie)

EU Nieuwe EG, de Europese Unie

Voordelen Euro met een gezamenlijke munteenheid vervallen de dure transacties van het ene naar het andere muntenstelsel (vereenvoudiging im- en export)

Decompartimentering EU - door de decompartimentering in de EU konden veel bedrijven het aantal vestigingen verminderen (scheelt veel geld)

- onderlinge prijsafspraken tussen bedrijven zijn nu mogelijk, zodat men elkaars producten goedkoper kan kopen en zo kan er beter worden geconcurreerd met niet-Europese bedrijven



Tekst 70 TEN: Trans Europees Netwerk

TEN Trans Europees Netwerk, dwz een infrastructuur die niet alleen gericht is op 1 land (‘naar binnen gericht’) maar die ook een goede verbinding hebben met andere Europese landen. Zo kan die infrastructuur de Europese Samenwerking bevorderen en de periferie uit het isolement halen (bijv. door meer autowegen en treinrailnetwerken)



Tekst 71 Politieke veranderingen in Europa

Koude Oorlog Het Oostblok werd tot 1989 als de Tweede Wereld gezien



Tekst 72 Economische ontwikkelingen in Europa

Economische verschuiving De traditionele industrielocaties in Engeland en Duitsland werden minder

Vroeger aantrekkelijk, en de moderne industrie koos voor andere locaties (Zuid Oost Frankrijk & Midden Italië) Ook het klimaat speelt hierin een rol: de werknemers willen een prettige leefomgeving en een aangenaam mediterraan klimaat. Ook de infrastructuur veranderde (Kanaaltunnel)

Economische verschuiving in Tussen de grote Europese steden als Parijs, Londen en Lyon worden HSL-

De toekomst lijnen aangelegd. Nederland word bang om de centrale positie in Europa te verliezen door deze betere infrastructuur



Tekst 73 (EXTRA) GATT en UNCTAD

GATT General Agreement on Trade and Tariffs: de benaming van een geheel van afspraken over wereldhandel en de tarieven die daar bijhoren. (getekend in 1948 door 23 landen, in 1990 hadden 90 landen getekend

Bedoeling vh GATT de wereldhandel te vereenvoudigen door het wegnemen van belemmeringen en discriminerende handelspraktijken.

Fout vh GATT Het GATT werkte niet in het voordeel van ontwikkelingslanden

UNCTAD United Nations Conference on Trade: deze samenwerking tussen ontwikkelingslanden spant zich in voor de belangen van de ontwikkelingslanden & naar een nieuwe, eerlijkere economische wereldkaart.



Hoofdstuk 5: Vervoer in Ghana



GHANA



Tekst 74 Ghana

Ghana 16 X zo groot als Nl, 16 milj. Inw. , een klein Afrikaans land. Veel natuurlijke plantengroei. 2 klimaten: droog en nat.



KOLONIALISME



Tekst 75 Definitie van ‘Kolonialisme’

Kolonialisme Kolonialisme is een vorm van overheersing waarbij het moederland profiteert van de kolonie.

Moederland De koloniale overheerser.(was vooral geïnteresseerd in grond- en delfstoffen)



Tekst 76 Kolonialisme in Ghana

Eerst werd er veel gehandeld door Portugal met Ghana om het goed, later kwam Nederland er vooral slaven vandaan halen. Later kwam Engeland in het bezit van Ghana en begon veel cacao te exporteren.



Tekst 77 Kolonialisme en infrastructuur

Infrastructuur alle vormen van verbindingen tussen landen en gebieden, van wegen tot telefoon en faxverbindingen.

Door de kolonialisme bleven er in de oud koloniën vaak veel en goede infrastructuur achter.



REGIONALE ONTWIKKELING



Tekst 78 Primate city en regionale ontwikkeling

Primate city (letterlijk) De belangrijkste stad. Hiermee wordt bedoeld dat de grootste stad van een land altijd veel groter is dan de op 1 na grootste stad.

Primacy de moederlanden wilden graag alles in een kolonie regelen vanuit 1 punt.



Tekst 79 Regionale ontwikkeling en ontwikkelingslanden.

Ruraal gebied landelijk, veel agrarisch gebied

Urbaan gebied (sterk) verstedelijkt gebied

In ontwikkelingslanden is het verschil tussen rurale en urbane gebieden groot



Tekst 80 Regionale ontwikkelingen in Ghana

De regionale ontwikkeling in Ghana heeft zich sterk geconcentreerd in de kuststreek



Tekst 81 Oplossingen via verbeteringen van de infrastructuur

Veel oud kolonies denken hun handel te kunnen verbeteren door steden en regio’s goed te laten samenwerken, oa door verbetering van de infrastructuur



Tekst 82 Oplossingen in Ghana

-



Tekst 83 Verbeterde infrastructuur en regionale ontwikkeling: een voorbeeld uit Ghana

In centraal Ghana is de regionale groei op gang gekomen, en daarbij de economische groei



VROUWEN in Ghana

-


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.