Ben jij weleens opgelicht?

Wij doen onderzoek naar online oplichting onder jongeren. Vul de vragenlijst in (ca 5 min) en maak kans op een Bol.com bon van 25 euro (echt waar!)

Hoofdstuk 6: de islamitische wereld.

Beoordeling 6.5
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • havo | 1685 woorden
  • 9 juni 2015
  • 54 keer beoordeeld
Cijfer 6.5
54 keer beoordeeld

Paragraaf 1. Eén cultuurgebied.

A, wat is de islamitische wereld?

De islamitische wereld is een van de tien cultuurgebieden waarin we de wereld verdelen. Die verdeling is gebaseerd op:

  • Overheersende cultuur
  • Geschiedenis
  • En de ligging van de landen.

De islam is de overheersende godsdienst in dit cultuurgebied. Onder het islamitische cultuurgebied verstaan we onder andere het Midden-Oosten en de Maghreb. de Maghreb is een groep landen in het noordwesten van Afrika. Door de uitbreiding van de islam in de 7e eeuw kwam het gebied onder Arabische invloed. Daarna volgde een periode met Turks bestuur. In de 19e en 20e eeuw werd Noord-Afrika gekoloniseerd door Frankrijk, Spanje en Italië.

 

B, wat kenmerkt de islamitische wereld?

Overeenkomsten in godsdienst, taal en klimaat kenmerken de islamitische wereld. Het Arabisch en de islam zijn sterk met elkaar verbonden. Dat komt doordat de Koran in het Arabisch is geschreven.

Grote delen van de islamitische wereld hebben een steppeklimaat of en woestijnklimaat. De Sahara, het grootste woestijngebied te wereld, kun je er vinden. Een tiende van de Sahara bestaat uit zandwoestijnen met zandduinen. De rest bestaat uit rots- en steen- woestijnen met hoekige stenen, of grind- en kiezelwoestijnen met meer afgerond verweringsmateriaal.

In dit gebied heb je vooral te maken met warmte en droogte door de ligging. Door verwarming stijgt de lucht bij de evenaar. De lucht daalt bij gebieden op 20 en 30 breedte. Dalende lucht wordt warmer en brengt weinig neerslag. In de steppen van Noord-Afrika valt gemiddeld minder dan 200 mm per jaar.

Huizen, kleding en landbouw zijn aangepast aan het klimaat. Veel huizen zijn gebouwd van leem. Dit bouwmateriaal is een mengsel van zand en klei. Leem neemt warmte op, waardoor het binnen koel blijft.

 

C, wat zijn overgangsgebieden?

Waar cultuurgebieden aan elkaar grenzen, vind je overgangsgebieden. Hier zijn vaak de meeste conflicten. Meestal lijken deze conflicten tussen bevolkingsgroepen te gaan over verschillen in taal en godsdienst. Maar vaak gaat het om de overheersing van één bevolkingsgroep over de andere.

 

Paragraaf 2. Grote verschillen.  

A, wat kenmerkt de islam?

Islam is een Arabisch woord en betekent onderwerping aan Gods wil. Allah is het Arabische woord voor God. Mohammed was een profeet en kreeg via de engel Gabriël de Koran (het heilig boek). Dit gebeurde is Mekka, de geboortestad van Mohammed. De Koran geeft een moslim richtlijnen voor al zijn handelen. In de Koran staan vijf leefregels die staan voor een goed en verantwoord leven.

 

1, geloofsbelijdenis.

Het dagelijks uitspreken van de kern van het geloof: er is maar één god, Allah, en Mohammed is zijn profeet.

 

 

2, gebed.

Vijf keer per dag bidden, met het gezicht naar Mekka.

 

3, liefdadigheid of armenbelasting.

Het geven van giften aan de moskee of de imam, die het aan de armen geeft.

 

4, vasten.

Tijdens de ramadan tussen zonsopgang en zonsondergang niet eten en drinken.

 

5, bedevaart naar Mekka.

Islamieten die het kunnen betalen en die gezond genoeg zijn om de lange reis te maken, moeten één keer in hun leven naar Mekka.

 

De Koran heeft nog veel meer regels. Bijvoorbeeld over wat je mag eten (halal) en wat niet (haram).

 

B, welke verschillen zijn er binnen het geloof?

Islamieten verschillen onderling sterk van elkaar. Er zijn tientallen stromingen binnen de Islam. Elke Koran is net iets anders. De twee belangrijkste stromingen zijn de van de soennieten en de sjiieten.

 

De sjiieten: de sjiieten vormen de kleinste groep, maar in Irak en in Iran zijn de sjiieten zeer machtig. Zij willen een staat waarin de leiders van de islam ook het land leiden. De belangrijkste geestelijke leiders in Iran hebben de titel van ayatollah. Zij hebben grote invloed op de regering in het land.

 

De soennieten: de soennieten vormen de overgrote meerderheid binnen de islam. In deze landen is er een scheiding tussen staat en kerk. Godsdienstige leiders bemoeien zich niet zo veel met de politiek.

 

De meeste mensen op het platteland houden zich preciezer aan de regels en hebben stadsbewoners moderne opvattingen. Moslimfundamentalisten houden zich erg precies aan de regels uit de koran. Zij willen terug naar de waarden en normen van het begin van de islam. Ze zijn tegen westerse waarden als vrijheid van meningsuiting en individualisme. Een kleine groep moslimfundamentalisten is moslimextremist. Deze mensen vinden dat, in hun strijd tegen het Westen en tegen eigen regering, alles is toegestaan.

 

C, welke minderheden zijn er?

In de islamitische wereld leven ook mensen met een andere cultuur, zij leven in een cultuur minderheid. In de Maghreb vind je veel andere culturen. De Berbers zijn sterk beïnvloed door de Arabische cultuur, zij hebben te maken met discriminatie. De koerden zijn een andere minderheid met hun eigen geschiedenis. Zij willen een eigen staat. Er wonen nu dan ook 30 miljoen Koerden verspreid over 6 landen. Alleen worden deze Koerden nergens geaccepteerd. In Israël is de bevolking niet islamitisch. Hierdoor zijn er regelmatig oorlogen en conflicten met de buurlanden.

 

paragraaf 3. Het witte goud.

A, hoe gebruikt men het beschikbare water?

In de woestijn en in steppegebieden valt bijna geen regen. Hierdoor zijn deze gebieden enorm droog. Daarom doen boeren aan irrigatie. Bij irrigatie brengen boeren water naar hun akkers om iets te kunnen verbouwen of om hogere opbrengsten te krijgen. In de islamitische wereld wordt het meeste gebruik gemaakt van oppervlakte-irrigatie. Oppervlakte-irrigatie:

  • Boeren leggen dijkjes rond de akkers; bij aanvoerkanaaltjes staat het meeste water
  • Het is eenvoudig en goedkoop
  • 50% tot 80% van het water zakt weg of verdampt.

Beregening:

  • Sproeiers verdelen water gelijkmatig over het land.
  • Pompen en sproeiers zijn duur; 20% tot 40% van het water verdwijnt.

Micro-irrigatie:

  •  Buizen met gaatjes gaan naar elke plant; soms regelt een computer de watertoevoer
  • Technisch ingewikkeld en duur; vrijwel geen druppel water gaan verloren.

 

B, is er genoeg water?

Of er genoeg water is in een land wordt gemeten met een index over waterschaarste. Als een land minder dan 1000 m3 water beschikbaar heeft per inwoner per jaar is er altijd sprake van watertekort. In veel landen in het Midden-Oosten is dat nu al het geval. Door de snelle bevolkingsgroei nemen die tekorten allen maar toe.

Er is veel verschil in watersituatie tussen landen in de islamitische wereld. In de bergachtige gebieden is vaak genoeg water door stuwingsregen. Stuwingsregen ontstaat als lucht tegen een berghelling moet stijgen. De stijgende lucht koelt af en de waterdamp condenseert. Een belangrijk punt is het evenwicht tussen neerslag en verdamping: de waterbalans. De neerslag die na verdamping overblijft is de nuttige neerslag. Sommige landen halen hun water uit rivieren, alleen is dit water vaak sterk vervuild.

 

C, waterprojecten: oplossing of probleem?

Een stuwdam in een rivier kan zorgen voor een gelijkmatige verdeling van water over het jaar. De watervoorraad uit een stuwmeer gebruiken boeren in droge tijden. Ook levert een stuwdam als er een waterkracht centrale is ingebouwd energie.

De aanleg van stuwdammen heeft ook nadelen. Door stuwdammen zijn er geen overstromingen meer. Hierdoor komen er geen voedingsrijke stoffen meer aan de kant van de rivier waardoor de grond ook minder vruchtbaar wordt. Een ander nadeel is dat als het warm weer is er grote delen van het water verdampt. Ook kunnen er conflicten ontstaan over de toevoer van water naar andere landen.

Een ander voorbeeld van een water project is het naar boven pompen van water uit de grond. Dit water is miljoenen jaren geleden opgeslagen in zandlagen onder de grond. Een waterhoudende laag noem je een aquifer. Het nadeel is dat als het water op is het ook echt op is.

Het laatste voorbeeld van een water project is een ontziltingsinstallatie. In zo’n installatie wordt zout uit het zeewater gehaald waardoor het drinkwater wordt.

 

Paragraaf 4. Olie, zegen of vloek?

A, welke rol speelt het Midden-Oosten in de olieproductie?

In de islamitische wereld, en vooral in het Midden-Oosten, liggen de grootste aardolievoorraden ter wereld. Meestal verkopen landen concessies aan buitenlandse oliemaatschappijen. Een olieconcessie is een vergunning om op een bepaalde plaats olie te winnen. Na het oppompen van ruwe aardolie wordt de olie verwerkt in olieraffinaderijen tot producten en halffabricaten. Deze raffinaderijen staan in de rijke industrielanden. Steeds vaker bouwen de olielanden ook raffinaderijen in hun land omdat het verwerken van olie veel meer oplevert.

Twaalf grote olielanden die veel olie exporteren, zijn verenigd in de OPEC. Zij maken afspraken over de omvang van de olieproductie, om zo een goede en stabiele prijs voor de olie te krijgen.                           -wanneer de prijs laag is, gaat de productie naar beneden

-wanneer de prijs hoog is, gaat de productie omhoog

B, welke invloed heeft olie op de islamitische wereld?

Er is een groot verschil in welvaart tussen landen met grote olievoorraden en landen met weinig of geen aardolie. Zo is het bnp per inwoner groter van een land met grote olievoorraden. Er is zoveel werk in de olielanden, dat er vaak te weinig arbeidskrachten. Daarom halen olielanden gastarbeiders uit verschillende landen. Vaak bestaat de bevolking uit meer dan 50% uit gastarbeiders. Meestal willen de mensen in het landen zelf niet in de olie werken omdat ze slecht betaald worden. Vaak worden bij grote bouwprojecten arbeiders uit het westen gehaald. Zij wonen vaak in afgescheiden woonwijken omdat ze hun eigen westerse gewoontes hebben.

 

c, hoe veranderen de internationale betrekkingen?

In veel landen in de islamitische wereld is geen democratie. De regeringen zijn vaak autoritair. De inwoners hebben vrij weinig te zeggen. Tegenstanders worden vaak onterecht opgesloten. De pers mag hier niets over vertellen omdat de regering dat ook verbied. Dit noem je censuur. Door oliehandel en heel veel andere dingen hebben islamitische landen contact met de rest van de wereld. Dit zorgt ervoor dat westerse landen proberen invloed te krijgen op de islamitische wereld. Westerse landen vinden namelijk dat islamitische regeringen democratischer moeten worden. Veel landen in de islamitische landen zijn niet blij met deze verwestering. Hiermee bedoelen ze dat de normen en waarden van westerse industrielanden grote invloed hebben op hun cultuur.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.