Hoofdstuk 3: Oorlog om Energie

Beoordeling 6.5
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 4e klas vwo | 1056 woorden
  • 22 januari 2015
  • 19 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.5
  • 19 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat die leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!

Paragraaf 1: Het einde van een olietijdperk



-Aardolie, steenkool en aardgas zijn fossiele energiebronnen. Fossielen: resten en afdrukken van planten en dieren die lange tijd bewaard zijn gebleven in gesteente.



-Aardolie ontstaat zo: 




  1. Ontstaan van sediment van organisch materiaal: resten van dode dieren en planten zakken naar de zeebodem

  2. Voortgaande sedimentatieprocessen. Gebeurtenissen in de grond: sedimentatie van zand en klei, zand- en kleilagen drukken op de onderliggende afzettingen met organisch materiaal, onder hoge druk en temperatuur worden resten van organismen omgezet in olie en gas) 

  3. Optreden van endogene krachten: door endogene krachten in de aardkorst worden gesteentelagen geplooid, olie en gas dringen door een doorlatende laag omhoog, olie en gas blijven gevangen onder een omhoog gebogen ondoorlatende laag (oil trap) 

  4. Voortgaande sedimentatie en oliewinning: op de omhooggeplooide lagen (anticlinalen) worden nieuwe lagen zand en klei afgezet, in de oil trap drijft de olie op het zwaardere water en het lichtere gas bevindt zich boven de olie. 



- 1/5 deel van de wereldvoorraad koolstof ligt zo opgeslagen. We zijn deze voorraden echter aan het gebruiken als grond- en brandstof, waarbij CO2 vrijkomt.



-Soms komt de olie op natuurlijke manier uit de grond, door spleten en scheuren in de grond, waardoor asfaltmeren (Pitchmeer) konden ontstaan.



-Boren voor olie (1000en m diep!) > levert olie op > olie via pijpleiding naar opslagtanks > olie vervoerd naar zeehaven of raffinaderij. 



-Aanleg van pijpleidingen zijn duur: buizen mogen niet lekken, pompstations moeten gebouwd worden en aanlegvergunningen aangevraagd. Vaste kosten van een pijpleidingnet zijn hoog, variabele kosten (personeel, slijtage, brandstof) zijn laag. 



-Amerika verbruikt veel olie, bezit slechts 2& van de wereldvoorraad. Midden-Oosten 60%!



-Bij de zeehaven wordt de vloeistof uit de pijpleiding in een tankschip gepompt. De meeste schepen die olie vervoeren zijn enorm: supertankers en nog enormer. 



-Ruwe olie is een mengsel dat in een destillatietoren wordt gescheiden in allerlei producten: butaangas, benzine, stookolie en asfaltbitumen.



-Grootste olievelden in Midden-Oosten, grootste aardgasvelden in Rusland.



-Landen met veel olieverbruik zijn vaak niet de landen waar de meeste olie in de grond zit -> enorme transportstromen waarbij olie en gas over grote afstanden worden vervoerd. 



-Energiedeskundigen maken verschil tussen conventionele reserve en onconventionele reserve. 



-Conventionele reserve: olie die kan worden opgepompt met de apparatuur en tegen de kosten die tot nu toe gebruikelijk zijn.



-Oliemaatschappijen zijn continu op zoek naar aardolie buiten de bekende velden in de aardkorst. De olie is er, in stabiele landen (VS, Canada). Die olie ligt helaas in teerzanden en leisteen-



afzettingen. Deze olie winnen kost veel moeite, geld en energie, en er komt veel CO2 vrij: vervuiling en aantasting van natuurlandschappen. Dit is niet-conventionele reserve



-Bewezen voorraad: de hoeveelheid olie waarvan men zeker weet dat die aanwezig is en bovendien winbaar is.  Er is echter verschil in 3 aspecten van de winbaarheid:




  1. Economische winbaarheid: de opbrengst van de olie moet hoger zijn dan de kosten ervan. Deze neemt toe als de olieprijs op de wereldmarkt stijgt. 

  2. Technische winbaarheid: hoe ver de techniek kan gaan om olie te winnen. 

  3. Maatschappelijke-politieke winbaarheid: als iedereen, bijv. milieubeschermers, het eens is met de winning van de olie op die plaats.



-Als je alle bewezen olievoorraden optelt, kunnen we nog 35 jaartjes door. Als je hierbij de vermoedelijke reserve telt, mag je daar 80 jaar bij optellen. 



-Hoe lang de wereld nog kan draaien op aardolie, hangt af van de productiekant maar ook van de (demografische) ontwikkelingen aan de vraagzijde. Doorgaande bevolkingsgroei + meer welvaart?



Het hangt ook af van de mogelijkheden die er zijn om zuiniger met olie om te gaan en vervangende energiebronnen in te zetten, bijv. kerncentrales en stromingsbronnen. Steenkool kan ook dienen als vervanger van aardolie.



-Peak oil: het punt waarop de totale wereldproductie van aardolie het maximum bereikt, afneemt, en dit punt niet meer bereikt. ‘Opgaan, blinken, verzinken.’ De voorspellingen over het moment van peak oil lopen uiteen: welke nieuwe exploratie- en winningstechnieken? Olieprijs ontwikkelt hoe?



Paragraaf 2: Irak, arm olieland



-Irak is bijna een land-locked country. Sinds 1932 onafhankelijk. 10x zo groot als Nederland.



-Irak is een knooppunt van verbindingsroutes in westelijk Azië.



-Irak heeft een jonge bevolking en een hoog kindersterftecijfer. Arabieren vormen de meerderheid van de bevolking. In het noorden een minderheidsgroepering: de Koerden. 



-2 soorten stromen binnen de Islam in Irak: sjiieten (60%) en soennieten (40%). 



-In Irak liggen belangrijke olievelden.



-Na de WO II nam de wereldbevolking snel toe, de welvaart groeide en de auto-productie schoot omhoog. Olieproducenten zagen een kans en in 1960 werd o.l.v. Venezuela in Bagdad (Irak) de Organization of the Petroleum Exporting Countries (OPEC) opgericht. 



-In 1973 boycot de OPEC qua olie westerse landen die de Jom Kippoeroorlog hadden gesteund Ze verhoogden de olieprijs met 70% en verminderden de olieproductie maandelijks met 5%. De olieprijs schoot omhoog. De westerse landen waren heel afhankelijk van die olie, dus de wereldeconomie raakte in 1979 in een dip. In Iran brak een islamitische revolutie uit: olieproductie tot stilstand. Olieprijs enorm hoog, OPEC bleef verhogen en kranen dichtdraaien.



-De macht van de westerse oliemaatschappijen was definitief overgenomen door de OPEC. Irak profiteerde daarvan: ze gaven veel uit aan infrastructuur in de ‘70s: olievelden door pijpleidingen verbonden met raffinaderijen en olieterminals. 90% van het wegennet is verhard. 



-Je zou verwachten dat met 3/4 van de bewezen aardoliereserves de 11 OPEC landen onverminderd sterk waren. Dit is niet helemaal zo. Het aantal landen dat buiten de OPEC olie produceert, stijgt. Ook is de eenheid binnen OPEC-landen soms ver te zoeken: afspraken over de hoeveelheden olie die de landen mogen produceren worden niet altijd nagekomen, bijv. een land in oorlog (veel olie > drukt prijs op wereldmarkt) of een land in economische crisis. 



-Sinds 1980 is Irak vaak betrokken geweest bij oorlogen, waar olie een grote rol speelde. Deze oorlogen hadden grote economische gevolgen voor de wereldmarkt: Irak raakte in de problemen.



-Het gaat op economisch vlak steeds iets beter met Irak, toch is het nog steeds een arm land: hoge officiële werkeloosheidscijfers. Voor jongeren is er wat dit betreft weinig perspectief. 



-De betalingsbalans is inmiddels positief in Irak. Dit betalingsoverschot is hard nodig om de enorme staatsschuld af te lossen: welvaart neemt minimaal toe.



-Zorgwekkend is dat het BNP voor 90% bestaat uit de oliesector. De bezettende machten uit de VS en Engeland deden en doen hun best de rust te herstellen, ook wegens grote eigenbelangen.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

T.

T.

geweldig, super bedankt!

5 jaar geleden