Osmose bij Aardappelstaafjes

Beoordeling 6.8
Foto van een scholier
  • Proef door een scholier
  • 4e klas vwo | 898 woorden
  • 5 augustus 2008
  • 186 keer beoordeeld
Cijfer 6.8
186 keer beoordeeld

De osmose bij aardappelstaafjes in verschillende concentraties NaCl

Inleiding


Aardappelen eet iedereen wel eens. Maar over de osmotische waarde van aardappelen en de veranderingen die bij aardappelstaafje optreden als ze een tijdje in een bepaalde oplossing hebben gelegen, denkt haast niemand bij na. Dit gaan we onderzoeken in het proefje. Ik denk dat de aardappelstaafjes gaan krimpen en ook slapper worden naarmate ze een poosje in een oplossing van Nacl hebben gelegen. Dit wordt veroorzaakt door osmose. Osmose is diffusie van water door een semi-permeabel membraan. Er stroomt dus door osmose water uit de cellen die in hoge concentratie Nacl liggen, en dus ook uit het aardappelstaafje. Het gevolg is dat het aardappelstaafje slapper wordt en krimpt. Maar het staafje dat in het gedestilleerde water heeft gelegen zal juist steviger zijn geworden dan een gewoon aardappelstaafje, doordat er door osmose water in de cel is gestroomd.Alleen doordat de celwand maar iets kan uitrekken, komt er druk op de vacuole te staan.
Dus het geheel van de cel wordt steviger. Of dit gegeven klopt gaan we uitzoeken in het volgende proefje.


Probleemstelling


Hoe veranderen aardappelstaafjes in verschillende concentraties Nacl oplossing ten opzichte van gewone aardappelstaafjes?

Hypothese


Ik denk dat de aardappelstaafjes inkrimpen nadat ze een poosje in een sterke NaCl oplossing hebben gelegen.

Voorspelling


Als de aardappelstaafjes inkrimpen nadat ze een poosje in een sterke NaCl oplossing hebben gelegen, dan zal de lengte van de aardappelstaafjes die in gedestilleerd water hebben gelegen zijn toegenomen.

Het Werkplan


De Benodigdheden:

- 6 Etiketten
- 6 Reageerbuizen (Ǿ 18 mm)
- Reageerbuisrek
- Een bekerglaasje met gedestilleerd water
- Een bekerglaasje met een NaCl oplossing van 8%
- Een pipet van 10 ml.
- Een grote aardappel
- Een mes
- Een liniaal

De Werkwijze:


Om de proef uit te kunnen voeren moet je eerst 6 reageerbuizen met een diameter van 18 mm klaarzetten en die m.b.v. de etiketten nummeren. Vervolgens ga je de vloeistoffen verdelen. Je doet eerst in buis 1 t/m 5 10 ml gedestilleerd water. Dit moet je doen d.m.v. pipetteren. Eerst zuig je de vloeistof op tot boven de gewenste hoeveelheid. Daarna sluit je de buis af met je wijsvinger. Om de juiste hoeveelheid te krijgen houd je de pipet recht en laat je er langzaam wat vloeistof uitlopen totdat het gewenste maatstreepje is bereikt. De verkregen vloeistof doe je in reageerbuis nummer 1, en dit herhaal je t/m buis 5. Wanneer je daarmee klaar bent doe je 10 ml van de NaCl oplossing in buis nummer 5. Schud buis 5 goed en spel de pipet schoon met gedestilleerd water. Vervolgens breng je 10 ml water uit buis 5 over in buis 4. Ook hierbij is het belangrijk dat je de buis goed schudt en de pipet schoonspoelt met gedestilleerd water. Deze procedure herhaal je t/m buis 2, inclusief het schudden en de pipet schoonspoelen. Daarna pas je de vloeistoffen van buis 2 en 6 aan aan de andere buizen. Dit doe je door 10 ml uit buis 2 te halen en 10 ml NaCl oplossing in buis 6 te doen. Als de vloeistoffen verdeeld zijn ga je de aardappelstaafjes snijden. Ze moeten 40 mm lang en 7 mm dik zijn. Doe in iedere buis een aardappelstaafje en zorg ervoor dat de staafjes helemaal in de vloeistof zitten. Deze oplossing laat je een poosje staan. Na een aantal dagen moet je met een liniaal de lengte van de aardappelstaafjes meten. Ook moet je onderzoeken in welke reageerbuisjes de staafjes het stevigst waren t.o.v. een gewoon aardappelstaafje.
De resultaten schrijf je op en verwerk je in een verslag.


De resultaten


De resultaten weergegeven in een tabel:

De lengteverandering van de aardappelstaafjes
Buis nummer:     % NaCl      Begin mm      Eind mm        Toe/ Afgenomen     Turgor/(grens)plasmolyse
1                        0                40                 41                  +1                          Turgor
2                        0.5             40                 41                  +1                          Turgor
3                        1                40                 40                  +0                          Grensplasmolyse

4                        2                40                 38                  -2                           Plasmolyse
5                        4                40                 38                  -2                           Plasmolyse
6                        8                40                 37                  -3                           Plasmolyse

De stevigheid van de aardappelschijfjes was wel veranderd t.o.v een gewoon aardappelstaafje bij sommige buizen.
Het staafje in buis 1 was wel ongeveer gelijk gebleven, misschien iets steviger geworden, maar daarna werden de staafjes steeds slapper. Het staafje in buis 6 was zelfs nauwelijks te breken, zo buigzaam was hij geworden.

De conclusie


Mijn hypothese dat de aardappelstaafjes inkrimpen nadat ze een poosje in een sterke NaCl oplossing hebben gelegen klopt.

Discussie


Ik denk dat de proef over het algemeen betrouwbaar is, maar hij moet echt heel nauwkeurig worden uitgevoerd. Je neemt snel iets teveel of te weinig Nacl oplossing, of je morst een klein beetje. Ook is de kans groot dat je net iets meer water in de ene buis hebt dan in de andere.
Soms valt dit niet op doordat het verschil uiteindelijk net gecompenseerd wordt door NaCl.

Ook heb ik de aardappelstaafjes apart gesneden. Beter is het wanneer je in één keer alle stukjes snijdt, want dan worden ze in ieder geval even lang.
Sommige hoekjes waren ook schuin en niet recht, wat de proef dus zou kunnen beïnvloeden. Een gevolg van de afgekapte hoekjes is, is dat het het meten een stuk lastiger maakt.
Want hoe had je het staafje aan het begin van de proef gemeten? Dat valt dus niet meer te onderzoeken.
Een vervolgproef zou kunnen zijn dat je met een schuifmaat werkt, waardoor de metingen van de aardappelstaafjes al nauwkeuriger worden. Ook zou je de proef eens kunnen uitvoeren met andere concentraties, bijvoorbeeld met meer verschil ertussen. Of je gebruikt een andere stof, die misschien een ander effect heeft op aardappelstaafjes. Bij de vervolgproef is het ook belangrijk heel erg precies te werken. Daarom zou het goed zijn om nog een keer de proef uit te voeren om de resultaten te vergelijken.

REACTIES

J.

J.

kaas

5 jaar geleden

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.