Ben jij weleens opgelicht?

Wij doen onderzoek naar online oplichting onder jongeren. Vul de vragenlijst in (ca 5 min) en maak kans op een Bol.com bon van 25 euro (echt waar!)

Vergelijking tussen oorlogvoering Romeinen en Grieken

Beoordeling 5
Foto van een scholier
  • Praktische opdracht door een scholier
  • 5e klas vwo | 1813 woorden
  • 27 mei 2003
  • 108 keer beoordeeld
Cijfer 5
108 keer beoordeeld

¨De manier van oorlog voeren van de Romeinen en die van de Grieken vertonen veel overeenkomsten¨ Deze stelling ga ik bekritiseren door eerst de tactiek, overwegingen en ideeën over het voeren van oorlog over beide volkeren behandelen. Deze zal ik nader verklaren en kenmerken d.m.v een voorbeeld. Hierna zal ik een vergelijking maken en concluderen of de Grieken en de Romeinen een overeenkomstige manier van oorlog voeren hadden, of juist niet. Oorlogen in het klassieke Griekenland

Tijdens de bloeiperiode van Griekenland (de vijfde en de vierde eeuw voor Christus), voerde Griekenland belangrijke oorlogen, waaronder die in het begin van de vijfde eeuw v Chr., waarin ze de Perzen versloegen. Dat was een belangrijke buitenlandse oorlog, later volgden de binnenlandse oorlogen, tussen de verschillende stadsstaten in Griekenland. Dit mondde uit in een oorlog tussen de twee sterkste stadstaten: Athene en Sparta. Deze Peloponnesische oorlog (431-404 v.Chr.) wordt beschreven door Thucydides. (Zie ook het voorbeeld) Aan het einde van de vierde eeuw werden de Griekse staten onderworpen door Macedonië. Omdat er zoveel oorlog was in Griekenland, had elke polis een eigen leger. Iedereen had in de polis een militaire taak, de militaire organisatie was nauw verbonden met de interne politiek. In Griekenland had je geen beroepssoldaten, er vochten amateurs, naast hun vaste baan. In Sparta waren wel beroepssoldaten. Sommige staten hadden een eigen vloot, maar die was minder sterk dan het landleger. De burgers die in oorlogstijd de leger vormden, waren de hoplieten, zij waren minder goed bewapend dan de vroegere aristocratische strijders. De hoplieten liepen in falanxformatie op de tegenstander af. Dit gebeurde meestal op vlak terrein en na een afspraak gemaakt te hebben. Dit gold overigens alleen voor de binnenlandse oorlogen, voor de buitenlandse oorlogen golden andere regels. Daar mochten bijvoorbeeld wel tegenstanders tot slaaf worden gemaakt. Griekse oorlogen waren een soort wedstrijden: Als de ene partij werd verslagen, richtte de anderen een tropaion op. Deze bleef altijd op het slagveld staan en er was op te lezen wie de overwinnar was. Na een slag werden aan dappere soldaten prijzen uitgedeeld. De hoplietenlegers stelden weinig voor, vooral omdat ze geen trainingen volgde (de Spartanen wel) en de steden toch al bijna onneembaar waren. Later ontstonden er andere soorten troepen, zoals cavalerie en boogschutters. Maar deze soldaten hadden een opleiding nodig. Deze ¨lichtgewapenden¨ verhuurden zich dan ook vaak als beroepssoldaten aan andere staten. In de vierde eeuw v. Chr. werd de oorlogsvoering beroepsmatiger en ging het meer om geld draaien. Er kwamen steeds meer huurlingenlegers. Zelfs de grotere staten (Athene, Sparta en Thebe) konden zich niet meer handhaven. Er ontstonden steeds meer staten met kleine legers, waardoor Macedonië de Griekse staten kon overwinnen. Voorbeeld van een Griekse oorlog
Als voorbeeld van een Griekse oorlog, om daar kenmerken uit te zoeken, heb ik de volgende tekst uitgekozen. (zie bijlage)¨De slag bij Mantineia¨ (418 v. Chr.) Thucydides 5. 64-73. Dit is een beschrijving van de slag tussen de stad Mantineia,ondersteund door de Atheners, en de Spartanen. Dit was een van de grotere hoplietenslagen behorend tot de Peloponnesische oorlog. Bij deze tekst zal ik enkele kenmerken noemen die de Griekse manier van oorlogsvoeren kenmerken en die ik ook al heb behandeld onder het kopje ¨Oorlogen in het klassieke Griekenland¨. Typische kenmerken van een Griekse oorlog die je terug kunt vinden in de tekst: · Er zijn veel kleine staatjes, met kleinen legers die geregeld betrokken zijn in een binnenlands of in een buitenlands conflict en elkaar vaak ondersteunen.(zie inleiding v/d tekst) · Er wordt in deze tekst helemaal niet gesproken over een vloot van een van beide partijen. De oorlog wordt uitgevochten tussen twee landlegers. · De ouderen en de jongeren bleven bij het thuisfront om daar de wallen te verdedigen. · Beide partijen hadden speciale slagordes en falanxformatie. · Er was van te voren een plaats en een tijd afgesproken om de slag te laten plaatsvinden. · De tegenstanders werden niet massaal uitgemoord. Wel werden de tegenstanders op de vlucht gejaagd en werd er tijd gegeven om de gewonden te verzorgen. De oorlogsvoering in het oude Rome
Ook Rome is ooit begonnen als een klein dorpje. Een millennium na de stichting van de stad was Rome het middelpunt van een wereldrijk. Dat rijk had nooit zo groot kunnen worden als dat het toen was zonder oorlogen te voeren. Het rijk heeft zich steeds meer uit kunnen breiden door de vele veroveringen. Oorlog nam dan ook een centrale plaats in, in de Romeinse maatschappij. En met oorlog wordt dan niet alleen buitenlandse oorlog bedoelt, maar ook binnenlandse: de burgeroorlogen in de 1e eeuw v. Chr. Het belangrijkste voor een Romeinse soldaat was de virtus. De virtus wilde zeggen dat ze hun medesoldaten niet in de steek lieten en Rome boven alles verkozen; vechten voor het vaderland tot aan de dood. Dat was niet zozeer kenmerkend voor de Romeinen, maar de Romeinen waren wel bijzonder succesvol in oorlogsvoeren. Als een veldheer een slag had gewonnen, werd er ter ere van hem een triomftocht gehouden. Een speciale tactiek van de Romeinen, die niet vaak werd uitgevoerd, was de devotio. Een opperbevelhebber wijdde zich toe aan de Goden en stortte zich in de strijd. Over de tegenstanders die hem doodden, werd de heil van de Goden uitgesproken. Italië bestond in de tijd van Rome, net als in Griekenland, uit verschillende stadstaten. Maar hier bleek een grote stad zich steeds oorlog te voeren en uit te breiden: Rome. Later zouden de Romeinen als verklaring voor het steeds maar uit breiden d.m.v oorlogen geven dat de Goden hun hadden bijgestaan omdat het rechtvaardige oorlogen waren die de Romeinen voerden. De steden die veroverd waren, werden ingelijfd bij het rijk en bij het leger. Dit laatste was wel iets specifieks voor de Romeinen. Het burgerrecht namelijk,was in de oudheid iets belangrijks voor de staten. Het was dan ook een gewoonte om ingelijfde staten geen of geen volledig burgerrecht te geven. De vreemdelingen werden opgenomen in het Romeinse rijk en zo kreeg dat rijk steeds maar meer inwoners en dus ook een militair overwicht. Het leger bestond in het begin alleen nog maar uit burgers, later kwamen ook de beroepssoldaten. Men was dienstplichtig van 17 tot 45 jaar. Sinds de republiek Rome stelden de consuls elk jaar een lichting samen uit de dienstplichtige burgers: de legio. Maar het leger bestond niet alleen uit burgers uit Rome, ook de bongenoten (veroverde staten die niet bij het Romeinse Rijk werden gevoegd) moesten troepen leveren. Nadat Rome heel Italië had onderworpen, ging het snel. Doordat Rome nu botste met Carthago, begonnen de Punische oorlogen. Hier kwam Rome als winnaar uit.Later werden ook Macedonië en Griekenland tot het rijk gevoegd. De Romeinen hadden aan Carthago een goede vloot overgehouden. Maar ook verschillende nieuwe aanvalstechnieken; waar de Romeinen voorheen voornamelijk in een dichte slagorde waren opgesteld, leerden ze nu ook omsingeling en inzetting van reserve troepen. Na het conflict tussen de bondgenoten en Rome over de burgerrechten (de burgeroorlogen), kwam Augustus aan de macht, de eerste Romeinse keizer. Met Augustus brak een tijd van rust en vrede uit.Augustus maakte van zijn legioenen beroepssoldaten, het leger werd professioneler. De legers werden door het hele rijk gevestigd op speciale forten. De troepen waren keurig onderverdeeld in allerlei rangen en posities. Het leger was goed georganiseerd. Voorbeeld van een Romeinse oorlog
Dit boek gaat over Hannibal, een bekende Romeinse veldheer. Hannibal was al via Spanje al helemaal opgerukt naar de Alpen. Hij beschikt over een groot leger, bestaande uit infanterie, cavalerie en enkele olifanten. Livius beschrijft hier de invasie van Hannibal. Ook bij dit voorbeeld heb ik enkele kenmerken teruggezocht: · Over het gehele boek gezien, klopt het wel dat de soldaten trouw zijn aan hun vaderland. Alleen in de tekst die de slag bij het Trasumeense meer beschrijft, blijft consul Flaminius Rome niet trouw. · Bij veel veroveringen werden speciale tactieken gebruikt, vaak uitgevoerd door de reserve troepen. · De soldaten hoefden niet meer opgeroepen te worden. Verspreid over de grenzen van het rijk waren forten, waarin zich hele troepen schuilhielden. · Bij bijna elke slag, werd de veldheer als de grote overwinnaar binnengehaald. Rome won dus veel, maar niet alles, Hannibal kwam heel ver, maar verloor uiteindelijk toch. Overeenkomsten tussen de Griekse en de Romeinse manier van oorlogsvoering · Beide grootmachten hadden in het begin geen beroepsleger, de burgers werden opgeroepen voor de strijd en moesten zelf voor een wapenuitrusting zorgen. · Bij beiden hoefden niet alle burgers te vechten, de jongsten en de oudsten bleef thuis achter. Ook de armen hoefden niet ten strijde te trekken, omdat ze niet voor hun eigen wapens konden zorgen. · Beiden kregen te maken met een grote tegenstander: De Grieken met Philippus van Macedonië en de Romeinen met Carthago. · Overwinningen werden uitgebreid gevierd,alhoewel het bij de Romeinen toch iets meer de opperbevelhebbers waren die met de eer streken. Verschillen tussen de Griekse en de Romeinse manier van oorlogsvoering · In tegenstelling tot de Grieken, hadden de Romeinen de gewoonte de ingelijfde burgers een burgerrecht te geven(soms pas na een bepaalde tijd), waarmee ze inspraak hadden op het bewind. Dit gebeurde bij de Grieken zelfs niet tijdens de bloeiperiode van Athene, waarbij Athene ook over veel Griekse steden heersten. · Bij de Grieken speelden verschillende stadstaten een belangrijke rol,in Italië was dit er maar een. En die ene was nog succesvoller op haar hoogtepunt, dan de andere drie samen. · De Grieken verloren hun beslissende slag en de Romeinen wonnen de beslissende slag. · De Romeinen hadden een veel groter en professioneler leger. Vooral in de keizertijd. Het Romeinse leger had eigen forten over het hele rijk verspreid. Conclusie Het feit of de stelling nu wel of niet klopt, is afhankelijk van de tijd waarin je hem plaatst. In het begin, toen beide landen, Italië en Griekenland, onderverdeeld waren in verschillende stadstaten, hadden de stadstaten allemaal een eigen leger. De staten voerden onderlinge oorlogen en konden zo hun gebied uitbreiden. Later ontstond het verschil tussen de twee landen: In Italië was het een stadstaat die de macht in handen kreeg; Rome. Rome kon zich goed handhaven en breidde zich steeds verder uit. Dat kwam vooral doordat alle veroverde gebieden ingelijfd werden en troepen moesten leveren aan Rome, dit maakte Rome steeds machtiger. In Griekenland waren het meerdere stadstaten, met als belangrijkste Athene en Sparta. Tijdens de Pelopennische oorlogen hielpen deze twee elkaar en anderen naar de totale ondergang van Griekenland. Het is wel duidelijk dat de manier van oorlogsvoering veel overeenkomsten vertoonde, alleen pakte het voor de Grieken anders uit dan voor de Romeinen. Dat is voor een groot deel te verklaren door de tactieken van de Romeinen, maar ook belangrijk was het geluk van de Romeinen tijdens de oorlogen met Hannibal.
Gebruikte bronnen o Oorlogvoering in de klassieke wereld, John Warry
o De slag bij Mantineia, Thucydides (5.64-73) o Hannibal, Livius (van mijn eerder gemaakte samenvatting) o http://users.pandora.be/history/Klassieke%20oudheid/het%20romeinse%20leger.htm

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.