1 De geschiedenis van de Europese Unie

1. Geschiedenis
Na de Tweede Wereldoorlog wilde men een groot, sterk en vrij Europa hebben. Om het verwoeste Europa te helpen zette Marshall het Economic Recovery Progam op. Er was alleen één voorwaarde: Er moest een organisatie komen die er op toe zou zien dat het geld goed verdeeld zou worden. En zo ontstond de eerste Europese samenwerking: De Organisatie van Europese Economische Samenwerking. Zo begon Europa al een beetje op de Amerikaanse federatie (= staten die samenwerken en zo een eenheid vormen) te lijken. In 1951 werd, naar het idee van de Fransman Monnet, de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal opgericht (zie afbeelding 1). Duitsland, Frankrijk, Italië en de Beneluxlanden verenigden zich onder supranationale* Hoge Autoriteit met Monnet als president. De EGKS werd een groot succes: In 1956 was de staalproductie met 42% gestegen. In 1955 presenteerde Monnet, die bang was voor de invloed van de Sovjet-Unie, zijn volgende plan: Euratom. Dezelfde eerdergenoemde landen zouden samen aan de productie van kernenergie werken. Ook kwam er tussen deze landen een douane-unie: er was een vrij verkeer van goederen en er waren geen in- en uitvoerrechten. Al deze plannen werden vastgelegd in het Verdrag van Rome in 1957 en hierbij werd ook de Europese Economische Gemeenschap gesticht. Later werden al deze gemeenschappen bij elkaar gevoegd en heette het de Europese Gemeenschap. Sinds 1993 spreken van de Europese Unie.

2. Uitgangspunten
De vroegere uitgangspunten (voor 1993) van de EU waren dus:
 Het verbeteren van de technische-economische sector
 Een gemeenschappelijke landbouwpolitiek
 Een gezamenlijk kernenergieplan
 Douane-unie

Deze uitgangspunten zijn niet veranderd, alleen maar uitgebreid. De Europese Unie wil samenwerking op alle gebieden, denk maar aan visserij, bestrijding van cirminaliteit, milie, etc. De Europese Unie pleit dan ook voor een gezamenlijk beleid op veel van deze gebieden.

3. Doelen
De opstellers van het Verdrag van Rome* hebben de Europese Economische Gemeenschap de taak opgedragen: "door het instellen van een gemeenschappelijke markt en door het geleidelijk nader tot elkaar brengen van het economisch beleid van de lidstaten een harmonische ontwikkeling van de economische activiteit in de gehele Gemeenschap, een gestadige en evenwichtige expansie, een grotere stabiliteit, een toenemende verbetering van de levensstandaard en nauwere betrekkingen tussen de in de Gemeenschap verenigde staten te bevorderen". (Bron: http://europa.eu.int)

Een paar andere doelen zijn:
 Bevorderen van regio’s met een achterstand (Denk daarbij aan de omschakeling van oude industriegebieden, bijstand aan jongeren en langdurig werklozen om werk te vinden, modernisering van landbouwbedrijven en hulp aan minder bevoorrechte plattelandsgebieden)
 Een goede werkgelegenheid
 Hervorming van gemeenschappelijk beleid
 Technologische innovatie (= wetenschappelijk onderzoek)
 Een kennismaatschappij creëren

4. Fases van economische integratie
Op welke manier werd de Euro ingevoerd?

Na de Tweede Wereldoorlog gaan de markteconomieën over op het stelsel van Bretton Woods (= de economie leiden door middel van controle op het internationale kapitaalverkeer en een stelsel van vaste wisselkoersen gekoppeld aan de dollar en de Amerikaanse goudvoorraad), dat voor stabiliteit van de munten op internationaal niveau en overheersing van de dollar zorgt. In 1968 wordt opeens de Franse frank heel weing waard en de Duits mark heel veel en de stabiliteit van de overige valuta’s raakt in de war. In de landbouw was een stelsel van gemeenschappelijke prijzen ingevoerd (in het kader van een gemeenschappelijk landbouwbeleid). In 1969 komt het plan voor een gezamenlijke munt en een aantal mensen worden op deze zaak gezet om de doelstelling voor 1980 te bereiken. In 1970 is dit plan gemaakt en het einddoel ervan is “te komen tot de volledige liberalisatie van het kapitaalverkeer en de onherroepelijke vaststelling van de pariteitsverhoudingen, en zelfs tot de vervanging van de nationale valuta's door één enkele munt.”
(bron: http://europa.eu.int/scadplus/leg/nl/lvb/l25007.htm)

In 1985 komt er een progamma voor een interne markt. Een interne markt is moeilijk als men de hele tijd rekening moet houden met wisselkoersen en de transactiekosten daarvan. “Voorts wijzen vele economen op wat zij "de onmogelijke driehoek" noemen: het vrije kapitaalverkeer, stabiele wisselkoersen en een onafhankelijk monetair beleid van de afzonderlijke lidstaten zijn op termijn niet verenigbaar.” (bron: http://europa.eu.int/scadplus/leg/nl/lvb/l25007.htm)

In 1992 ondertekenen alle regeringsleiders een verdrag met drie fases, met als doel een Europese monetaire unie (= Europa met één en dezelfde munt). Die fases waren (versimpeld):
1. De lidstaten moeten regelingen treffen om te voldoen aan een aantal in het verdrag vastgestelde bepalingen.
2. Er moet één dezelfde soort beleid komen in elke lidstaat.
3. Als meer dan de helft van de lidstaten aan de criteria van de bij de 2e genoemde fase voldoen, kan er overgaan worden op een Europese monetaire unie.

5. Verloop lidstaten
Wanneer kwamen welke landen bij de Europese Unie? (Zie afbeelding 2)

1951: België, Nederland, Luxemburg, West-Duitsland, Frankrijk, Italië,
1973: Verenigd Koninkrijk, Ierland, Denemarken
1981: Griekenland
1986: Spanje, Portugal
1995: Oostenrijk, Zweden, Finland
2004: Estland, Letland, Litouwen, Polen, Tsjechië, Slowakije, Hongarije, Slovenië, Malta, Cyprus
2007?: Kroatië, Roemenië, Bulgarije

2 De uitbreiding

1. De burgers

Ik kan ten eerste uit eigen ervaring spreken over wat ík ervaar bij de uitbreiding. We merken er niet heel veel van. We zien op het journaal feesten in onder andere Tsjechië en Slovenië bij de uitbreiding. De media besteden dan ook aardig wat tijd aan de uitbreiding van de Europese Unie. Maar ik geloof dat vele mensen de precieze datum van de uitbreiding niet eens wisten en dat op kort termijn er ook niet veel verandering in het dagelijks leven van de burgers in de lidstaten die al langer lid zijn zal komen. Het is te ver weg voor ons.

De burgers in de lidstaten die net bij de Europese Unie zijn gekomen zullen zeker wel wat merken van de uitbreiding. Zo moet het beleid van die lidstaten gelijkgetrokken worden met die van de gehele EU en zo zullen er flinke veranderingen worden doorgevoerd in het beleid op gebied van bijvoorbeeld landbouw, milieu en visserij. Iedereen in de nieuwe lidstaten zal dus met nieuwe regels te maken krijgen. Burgers kunnen natuurlijk ook makkelijker reizen door Europa, meer kunnen handelen en er zal een betere werkgelegenheid zijn.

2. Gevolgen van de uitbreiding

Ontwikkeling
Door het “Acquis communautaire” te tekenen (= de eisen waaraan je moet voldoen, voordat je lid mag worden) moeten de nieuwe lidstaten deelnemen aan het ontwikkelingsbeleid. Die landen die dus eerst ontwikkelingshulp ontvingen, moeten nu geld gaan stoppen in andere landen die dat nodig hebben. Maar aangezien landen meestal donor (= de investeerder) zijn voor landen waar zij taalkundig en historisch gezien enige connectie hebben, kunnen die landen nog wel in elkaar investeren (ook al wijkt dit af van het EU beleid). De “oude” landen krijgen het nog zwaarder: zij moeten in minder ontwikkelde landen investeren om ze zo te ontwikkelen.

Visserij
Zeven van de tien kandidaat-lidstaten die in mei 2004 zijn toegetreden tot de EU grenzen aaneen zee. Toch hebben alleen Polen en de drie Baltische staten een echte visserijhandel, maar deze heeft een aandeel van minder dan 10% in de visserijsector van de gehele EU. Franz Fischler, een lid van de Europese Commissie voor landbouw, landelijke ontwikkeling en visserij heeft gezegd:

“Furthermore, the fisheries sector is generally very modest in candidate countries, in particular following the dramatic decline in catches in the 90's. It should also be remembered that overall catches in the candidate countries only represent a small fraction of the catches in the EU (5-6%).
Enlargement will therefore not significantly increase the overall fisheries resources in the EU.”
Bron: http://europa.eu.int/comm/fisheries/news_corner/discours/speech19_en.htm (zie bijlage 4)
Hij zegt dus dat hij denkt dat de visserij geen invloed zal hebben voor de gehele Europese Unie.

Puur economisch:
Als je kijkt naar de westerse landen is de uitbreiding van de EU een goede zaak: deze landen hebben er namelijk een afzetmarkt bij en dit leidt tot stabiliteit. Wel is het zo dat de EU minder makkelijk met één stem kan spreken: er zijn tenslotte een boel “kleinere” stemmen bijgekomen. Ook zal er veel minder makkelijk een oorlog kunnen ontstaan, omdat straks de gehele economie bestaat uit Europa: we kunnen niet meer zonder elkaar. De economiën van de nieuwe lidstaten zijn “jong, groeiend & dynamisch” en zullen daarom goed zijn voor de gehele Europese economie.

3. De voordelen
Een paar van de voordelen op een rijtje gezet:

 Iedereen heeft (zowel oude als nieuwe lidstaten) er een grote afzetmarkt bij.
 Landen met achterstand kunnen zich na toetreding ontwikkelen (denk aan Spanje & Portugal)
 De uitbreiding betekent een nieuwe economische impuls.
 Minder kans op oorlog, doordat we meer afhankelijk van elkaar zijn.
 Nieuwe leden kunnen profiteren van nieuwe investeringen
 Beslissingen die heel Europa aangaan kunnen nu met meer stemmen genomen worden.
 Meer landen moeten zich aan de (Europese) milieuregels houden, dus dat betekent een schoner milieu.

4. De nadelen
Een paar van de nadelen op een rijtje gezet:

 Landen moeten in korte tijd veel investeren in nieuwe lidstaten.
 Kunnen wij deze uitbreiding met de hedendaagse economische achteruitgang wel aan?
 Een trage groei in de nieuwe lidstaten zou de invoering van de euro kunnen hinderen (gevolg: er wordt minder snel geïnvesteerd).
 Het gaat langer duren voordat er besluiten zijn genomen, omdat er meer landen hun mening mogen geven.
 Er kan meer criminaliteit komen, omdat er geen grenscontroles meer zijn.

5. Besluitvorming
De Europese Unie kent vijf organisaties of instellingen:

De Europese Commissie (supranationaal*) >> Brussel
Het dagelijks bestuur onder leiding van een voorzitter en commisarissen.

Het Europese parlement (supranationaal*) >> Straatsburg
Rechtstreeks gekozen door de burgers van de lidstaten. Het parlement kent weinig bevoegdheden (kan bijvoorbeeld de Raad van Ministers niet ter verantwoording roepen).

Het Europese Hof (supranationaal*) >> Luxemburg
Spreekt over zaken die gemeenschappelijk geregeld zijn (bijv. transfers bij het voetbal).

De Raad van Ministers
De raad neemt besluiten op voorstel van de commissie en met advies van het parlement. Over belangrijke zaken wordt unaniem gestemd. Ieder half jaar is een van de leden voorzitter.

Europese Raad
Vergadering van de regeringsleiders, twee keer per jaar. Ze nemen belangrijke beslissingen en zetten de toekomst uit.

6. Politiek
Europa zal met meer leiders moeten gaan samenwerken. Meer stemmen, meer meningen en meer beslissingen. Europa zal waarschijnlijk niet alles meer op Europees niveau kunnen gaan beslissen en daarom zal er ook gedecentraliseerd worden. Er zal dus waarschijnlijk meer op lokaal niveau beslist worden, maar dan wel volgens de wetten en regels van de Europese Unie.

In de politiek zal het waarschijnlijk niet mis kunnen gaan: het gaat nu jaren goed en met de vele landen die erbij zullen komen worden er ook geen problemen verwacht. Wel zal de politiek dus veranderen, met al deze nieuwe landen erbij. Maar dat is niet meer dan logisch.

7. Toekomst

“Eens zullen alle naties van dit continent, zonder dat zij hun karakteristieke eigenschappen verliezen of hun schitterende individualiteit, samensmelten in een hogere eenheid en een Europees broederschap vormen. Eens zullen wij alleen nog met woorden strijd voeren - open markt voor ideeën. Eens zullen kogels en bommen plaats maken voor de stemmen van kiezers". – Victor Hugo

De steeds verdere ontwikkelingen in de technologie zullen Europa steeds opnieuw beslissingen laten nemen. Denk daarbij ook aan de ethische kanten van bepaalde zaken (bijvoorbeeld gentechnologie). Een aantal EU-instellinge zullen hervormd moeten worden om met de groei van de Europese Unie mee te kunnen groeien.

En natuurlijk zullen steeds meer landen in Europa toetreden. En zal de discussie over Turkije nog wel even doorgaan. Maar misschien, maak ik het nog mee dat zelfs Rusland wordt verwelkomd. Wie weet.

3 Cyprus en de Europese Unie

1. Geschiedenis
Om het conflict in Cyprus goed te begrijpen, is het nodig wat te vertellen over de geschiedenis van Cyprus.

Tot 1573 was Cyprus in het bezit van Venetië. De Turken werden dan rond die tijd ook als bevrijders verwelkomd. Ook 25.000 Turken mochten in Cyprus wonen en werden verspreid over heel Cyprus, maar ondanks dat bleven de oorspronkelijke Cyrprioten en de Turken twee gescheiden groepen. In 1754 kreeg de toenmalige aartsbisschop van de toenmalige leider van het Osmaanse rijk (nu Turkije) de macht over het Griekse deel van Cyprus, zo mocht hij ook bijvoorbeeld belasting innen. Dit leidde onder andere in 1818 tot de Griekse vrijheidsoorlog en de Grieken werden onafhankelijk. Het Osmaanse rijk vroeg toen de Engelsen om hulp en die laatste namen het bestuur van Cyprus op zich. De Griekse Cyprioten wilde nog steeds bij Griekenland horen en tijdens de Eerste Wereldoorlog kozen zij voor de kant van Duitsland. Hierop annexeerde (= bezetten) Engeland Cyprus, natuurlijk onder luid protest van het Griekse deel van Cyprus. Maar liefst 96% van de Cyprioten wilde bij Griekenland horen, maar de uitslag werd genegeerd door de Britse gouverneur. Toen kwam Makarios III aan de macht en hij wilde een verdrag waar er een leider kwam voor het Griekse deel en voor het Turkse deel van Cyprus met volksvertegenwoordiging op verschillende niveaus. Makarios III moest met moeite accepteren dat met deze plannen “enosis” (oftewel: aansluiting bij de Grieken) uitgesloten was. In 1960 werd de replubiek Cyprus uitgeroepen, met Makarios III als leider. Maar de protesten en gevechten namen toe en het Griekse en Turkse deel werden economisch en geografisch van elkaar gescheiden. Intussen was er al een Turkse regering gekomen en werd in 1983 de Turk-Cypriotische federale staat uitgeroepen, maar deze verklaring werd door de VN-Veiligheidsraad niet geaccepteerd. Nieuwe onderhandelingen hebben tot nu toe nog niet geholpen.

2. Economie
Hoe zit de economie van Cyprus in elkaar?

Vanaf 1960 ontving Cyprus een tijd ontwikkelingshulp en daar is goed gebruik van gemaakt: de werkloosheid en de emigratie namen af en de welvaart nam –vooral in het Griekse gedeelte- toe. Na de splitsing in 1974 zijn de het Turkse en het Griekse deel nog meer uit elkaar gegroeid. Na de economische terugval in 1974 heeft het Griekse deel zich snel weten te herstellen: de economische groei stabiliseerde zich rond de 3,8%, de inflatie was 5% en 3,4% van de bevolking had geen werk. Het aandeel van de beroepsbevolking op het eiland is teruggelopen doordat er mee industrie, toerisme, handel en bouwnijverheid kwam. De schuld is sinds 1980 wel toegenomen, doordat het Turkse deel alleen wilde handelen met Turkije en dat deel is dan ook achtergebleven bij het Griekse deel. Noord-Cyprus bestaat haast alleen maar uit landbouwgrond en de export bestaat dan ook voor 80% uit agrarische producten (en dan vooral naar Turkije).

Landbouw, veeteelt en visserij
Van het gehele eilandoppervlak wordt op 46% iets verbouwd en dan graan het meest. Ook aardappelen, zuidvruchten, voedergewassen, amandel, vijgen, tabak en katoen worden veel verbouwd. De boeren hebben vaak kleine familiebedrijfjes en door met andere familie’s grond te ruilen kan men efficiënter produteren. Veeteelt is ook belangrijk, hoewel steeds meer weiland in akkerland wordt omgezet. Men produceert ook niet meer voor eigen gebruik, maar gaat steeds meer melk en vlees produceren voor anderen. Per jaar wordt er ook nog 2700 ton aan vis verwerkt (waarvan een deel geëxporteerd), door betere technieken.

Mijnbouw en energie
De mijn- en grondstoffen liggen voornamelijk in het Griekse deel. Daar vind je vooral koper, ijzer, erts, asbest, marmer en gips. Cyprus haalt zijn energie vrijwel helemaal uit het Midden-Oosten.

Handel en industrie
Belangrijke exportlanden voor Cyprus zijn Griekenland, Engeland en de Arabische landen. In 1998 werd er voor zo’n 1,1 miljoen dollar geëxporteerd. De handelbalans* vertoont een ernstig tekort, doordat Cyprus heel veel producten zelf moet importeren (in 1998 voor 3,5 miljard dollar). Denk dan vooral aan voedingsmiddelen, aardolie, machines en chemische producten. De belangrijkste importeurs zijn Engeland, de Verenigde Staten, Duitsland, Griekenland en Italië. Het Turkse deel exporteerde voor 63,9 miljoen dollar (vooral naar Turkije) en importeerde voor 347 miljoen dollar.

Toen het Griekse en Turkse deel werden gescheiden, liep de economie een deuk op. Het Griekse deel verloor bijvoorbeeld 70% van de productiecapaciteit. Door het toerisme maakt Cyprus een bloeiperiode mee: de bouwnijverheidsector groeide ook en een aantal grote bedrijven vestigde zich in Cyprus.

Toerisme en verkeer
In 1974 had het Turkse deel 90% van alle toeristische hotels in handen, maar vooral door de nieuwbouw heeft het Griekse gedeelte ook weer toeristen kunnen trekken. Het aantal toeristen verzesvoudigde zich tussen 1980 en 1995 tot 12 miljoen toeristen per jaar (en dat is 12% van het BNP*). Cyprus heeft drie vliegvelden, maar geen spoorwegen meer. Het wegennet is wel goed (de helft van de wegen is verhard). Wel hebben beide delen van het eiland een eigen transportsysteem.

3. De voordelen voor de EU
Wat zijn de voordelen van het toetreden van Cyprus voor de EU?

Cyprus is heel aantrekkelijk voor het beleggen in vastgoed, door de locatie, klimaat, infrastructuur en hoge levensstandaard/lage levenskosten. Ook zijn de vastgoedprijzen lager dan in andere Europese landen (dit verhaal is ontzettend ingewikkeld, maar ik verwijs u graag door naar de bijlages voor meer uitleg). Maar waarschijnlijk zullen deze prijzen weer bijgesteld worden om het verschil met de overige leden van de Europese Unie niet al te ver laten oplopen. Nu kan je, door belastinghervorming, wel heel veel belasting terugkrijgen als je handelt met woningen op Cyprus. Deze belastinghervorming is ook zeer aantrekkelijk voor andere handel.
Andere belangrijke banden zijn:
 Cyprus heeft een contract met het Verenigd Koninkrijk gesloten die de belangrijkste handel veiligstelt. Verenigd Koninkrijk trad net iets na dat contract toe tot de Europese Unie en daardoor werd de relatie tussen Cyprus en de Europese Unie moeilijk door de instabiele situatie op Cyprus.
 In 1988 begon Cyprus een meer op Europa gericht beleid en dit leidde in 1990 tot een verzoek tot toetreding tot de Europese Unie. De toetreding zou als versnelde oplossing kunnen dienen voor het conflict op Cyprus.
 In 1996 kwam er groen licht voor de toetreding van Cyprus, al vond men wel dat er iets aan de gespannen politieke situatie en de Turkse minderheid moest worden gedaan.

4. De voordelen voor Cyprus
Wat zijn de voordelen van voor Cyprus bij het toetreden tot de EU?

De regering van Cyprus denkt dat er aardig wat voordelen aan het toetreden tot de EU zitten. Zo zal de dienstensector en het toerisme sterk verbeteren en/of toenemen en dit zal de economie ten goede komen. De regering maakt zich zorgen over de landbouw (5% van het BNP). Daarom heeft Cyprus voor de toetreding tot de EU een paper aangeboden aan de EU, met daarin aanpassingen voor het landbouwbeleid. De regering van Cyprus wil ook meer studenten naar het buitenland sturen om daar hoger landbouwonderwijs te gaan doen (Cyprus heeft een universiteit, maar daar kan je dit vak niet studeren). Op Cyprus ligt veel in handen van de overheid, alleen de tele-communicatie is geprivatiseerd. Daardoor botsen veel regels van de EU met het beleid van de overheid op Cyprus. Er moet dus nog aardig wat veranderd worden om Cyprus met andere EU-landen gelijk te laten lopen.

Toen Turkije Cyprus binnenviel, legde de Europese Unie het Turkse deel van Cyprus strenge handelsbeperkingen op. Maar toen het Griekse deel weigerde om geheel Cyprus te herenigen, heeft de Europese Unie deze maatregel opgeheven. Nu kunnen dus producten via Noord-Cyprus aan Europa verkocht worden. Ook wil de Europese Unie nu de economie van het Turkse deel ontwikkelen. Voor het Turkse deel van Cyprus zijn er dus zeker voordelen bij het toetreden van het Griekse deel tot de EU.

5. De Eisen
Voldoet Cyprus aan de eisen die de EU stelt om toe te mogen treden tot de EU?

De eisen aan een land om toe te treden tot de EU zijn:

-de aanwezigheid van stabiele instellingen die de democratie, de
rechtsstaat, de rechten van de mens, eerbiediging van minderheden en hun
bescherming (politiek criterium) waarborgen;

-het bestaan van een levensvatbare markteconomie en het vermogen om het
hoofd te kunnen bieden aan de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de
Europese Unie (economisch criterium);

-het vermogen van de kandidaat-lidstaat om de verplichtingen van het
lidmaatschap op zich te nemen en met name de doelstellingen van de
politieke, economische en monetaire unie (criterium van de overneming van
het communautaire acquis) te onderschrijven
(bron: http://www.dgroups.org/groups/europa/index.cfm?cat_id=4771&msgid=124425&op=dsp_showmsg)

Dus samenvattend, een kandidaat-lidstaat moet:
 een democratie hebben
 een rechtstaat hebben
 de rechten van de mens in de praktijk brengen
 minderheden in eigen land tolereren en bescherming bieden
 een economie hebben die werkt (dus functioneert)
 kunnen concurreren met landen binnen en buiten de EU
 de doelstellingen die de EU heeft overnemen en nastreven

Hier kun je zien of de landen voldoen aan deze eisen (het nummer, of de nummer dat/die achter elk land staat, correspondeert met onderstaande teksten en nummers) en dan vooral aan het economisch criterium:

Estland: 1, 3, 6
Letland: 4, 8
Litouwen: 1, 2, 8
Polen: 3, 6
Tsjechië: 1, 4, 7
Slowakije: 2, 8
Hongarije: 3, 6
Slovenië: 4, 7
Malta: 4, 5
Cyprus: 5

Bulgarije: 4, 9
Roemenië: 1, 2, 11
Turkije: 1, 3, 10

1. De negatieve economische groei is in positieve richting omgeslagen
2. De groei van de economie is in alle kandidaat-lidstaten gestegen tijdens de eerste helft van dit jaar vergeleken met dezelfde periode in 1999, namelijk 2%.
3. De groei van de economie is in alle kandidaat-lidstaten gestegen tijdens de eerste helft van dit jaar vergeleken met dezelfde periode in 1999, namelijk 6%.
4. De groeicijfers van de economie gaan van ruim 3 % tot ruim 5 %.
5. Zijn functionerende markteconomieën, die in staat zijn het hoofd te bieden aan de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie
6. Is een functionerende markteconomie en zou op kort termijn aan het economisch criterium moeten kunnen voldoen, mits het huidige hervormingstempo aanhoudt.
7. Is een functionerende markteconomie en zou op kort termijn aan het economisch criterium moeten kunnen voldoen, mits de resterende hervormingen worden voltooid en uitgevoerd.
8. Zou in staat moeten zijn op middellange termijn aan het economisch criterium te voldoen, mits zij de huidige structurele hervormingsprogramma's ten uitvoer leggen en waar nodig bijkomende hervormingen toepassen
9. Voldoet niet aan economische criteria, maar heeft duidelijke vooruitgang.
10. Moet werking markten verbeteren en concurrentiepositie verbeteren. Ook wordt er niet voldaan aan het politieke criteria, de mensenrechten worden nog geschonden.
11. Heeft te weinig voortgang gemaakt bij het bereiken van de economische criteria.

Cyprus is dus een functionerende markteconomie, die in staat is het hoofd te bieden aan de concurrentiedruk en de marktkrachten binnen de Unie. Cyprus heeft dus aan de economische eis voldaan en zou, als aan de rest van de (minder belangrijke) eisen is voldaan, mogen toetreden tot de Europese Unie. Dit is dan ook gebeurd.

4 Conclusie
Heeft het toetreden van Cyprus tot de Europese Unie zin (voor beide partijen)?

Ja, ik denk van wel. Veel landen in de Europese Unie hebben banden met Cyprus en met het toetreden tot de Europese Unie zijn deze banden alleen maar makkelijker gemaakt. Zo kan bijvoorbeeld Engeland veel makkelijker handelen met Cyprus. Cyprus zelf is natuurlijk verder een klein eiland en zal niet veel schade kunnen toebrengen aan de Europese Unie. Natuurlijk heeft het zijn stem, maar van echt belang is het niet. Een grote invloed op de Europese Unie zal Cyprus dus niet hebben, domweg omdat het een te klein land is.
Met het toetreden van Cyprus is het “wij-gevoel” wel toegenomen. Cyprus behoort toch nog een beetje tot de westerse cultuur (door de banden met Griekenland) en ik vind dat Cyprus een heel Europees karakter heeft. Het allergrootste voordeel voor Cyprus is dat het toerisme nog meer zal opbloeien: door de (toekomstige) euro is er helemaal geen blokkade meer voor toeristen om daar op vakantie te gaan. En Cyprus verdient toch een groot deel van zijn geld door toerisme.
Ik heb in mijn PO alleen maar de voordelen genoemd, omdat de nadelen daarbij haast het niets vallen. De belangrijkste is wel: De Europese Unie heeft er een nieuw probleem bij, namelijk het conflict tussen de twee delen van Cyprus. Hier zal dan ook zeker nog aandacht aan besteed worden, de komende jaren. De hereniging van Cyprus is dan wel helaas mislukt, maar waarschijnlijk zal er ooit toch wel tot een overeenkomst gekomen worden. Als de Europese Unie, de VN en natuurlijk Cyprus de handen ineenslaan, moet dat lukken: Als het Turkse deel van Cyprus (samen met Turkije) zal toetreden tot de Europese Unie, zal de economie van dat deel eerst beter gemaakt moeten worden. Dan zal dus het Turkse deel ook meer naar het Griekse deel toegroeien en zullen de economieën makkelijker met elkaar verbonden zijn. Aangezien geld en macht vaak de oorzaken zijn voor conflicten, is er daarom een kans dat, als de economieën naar elkaar toegegroeid zijn, het conflict wordt opgelost.

5 Begrippen

Stabiliteitspact
In 1997 spraken de landen die samen de euro zouden invoeren af om te streven naar begrotingsevenwicht en naar begrotingstekorten die nooit meer de 3 procent van het bruto binnenlands product zouden overschrijden. Als een euro-land dat wel zou overkomen, wachtte een forse boete, die uiteindelijk oploopt tot 0,5 procent van het bbp. Zo zou de begrotingsdiscipline binnen het eurogebied worden gewaarborgd. Voor de Nederlandse en Duitse bevolking speelde het pact een voorname rol: het wantrouwen tegen vooral Italië was groot aan de vooravond van het besluit of de euro er inderdaad zou komen, en welke landen er mee mochten doen. (bron: http://www.nrc.nl/dossiers/Stabiliteitspact/index.html)
Door de verslechterde economie is dit helaas nog niet echt in praktijk gebracht.

Supranationaal
Een vorm van samenwerking tussen landen waarbij deze wordt overgedragen aan gemeenschappelijke instellingen.

Verdrag van Rome
Tweede stap in de samenwerking die tot de EU heeft geleid. Hierin werd de samenwerking over kernernergie, kolen en staal vastgelegd.

6 Bronnen
http://www.nrc.nl/dossiers/Stabiliteitspact/index.html
http://www.schooltv.nl/weekjournaal/artikel.jsp?nws=159480
http://www.nrc.nl/dossiers/EU/artikel/1062047811098.html
http://europa.eu.int/abc/12lessons/index12_nl.htm
http://www.nrc.nl/dossiers/EU/artikel/1036131547767.html
http://www.groenlinks.nl/europeseverkiezingen/euroabc/
http://www.europaindewereld.nl/detail_page.phtml?page=debat2
http://www.nrc.nl/dossiers/Stabiliteitspact/index.html
http://europa.eu.int/scadplus/leg/nl/lvb/l25007.htm
http://europa.eu.int
http://www.eu.nl/
http://www.europaquiz.org/
http://europa.eu.int/index_nl.htm
http://europa.eu.int/abc/doc/off/bull/nl/200011/p105001.htm
http://www.dgroups.org/groups/europa/index.cfm?cat_id=4771&msgid=124425&op=dsp_showmsg
Sfinx, Stefan Boom- Thieme (1e druk, 1998 Zuthpen)

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.