De NPO is bezig met een nieuwe interactieve videoserie voor scholieren, over persoonlijke dilemma's. Om de serie zo herkenbaar mogelijk te maken, hebben ze jouw hulp nodig. Ben je tussen de 15-18 jaar en wil jij meedenken? Vul de vragenlijst in (5 a 10 minuutjes) en maak kans op een Bol.com bon van 10 euro.

 


Meedoen


1 Gewervelden

Een eigenschap van alle gewervelde dieren in is natuurlijk dat ze allemaal wervels hebben.
Ze zijn allemaal tweezijdig symmetrisch en hebben een inwendig skelet.
De gewervelde zijn in vijf groepten te verdelen:
Vissen
Amfibieën
Reptielen
Vogels
Zoogdieren

Alle gewervelde planten zich voor door eieren te leggen of hun jong(eren) zelf te baren.
Alle gewervelde kunnen ademhalen door kieuwen of door de longen en sommige zelfs door hun huid.
De huid van gewervelde is bedekt met schubben, haren, veren, of slijm.
Gewervelde kunnen koudbloedig of warmbloedig zijn.
Als je warmbloedig bent is je lichaamstemperatuur altijd constant.
Als je koudbloedig bent past je lichaamstemperatuur zich aan de omgeving aan.
Als het dan kouder is, daalt de lichaamstemperatuur en ook het aantal hartslagen per minuut.
Bij daling van het aantal hartslagen per minuut is er ook minder verbranding en dus ook minder voedsel nodig.
Gewervelde leven zowel op het land, in de lucht, in het water en onder de grond.
Ongeveer 3.5% van het totale dierenrijk bestaat uit gewervelde.
Dit is best weinig als je het vergelijkt met andere diersoorten.
Van de vissen zijn de meeste soorten bekend, dit zijn er 20 000.
Van amfibieën zijn er de minsten, 2 000 amfibieën (10 keer minder als vissen dus)

2 Vissen

De groep vissen is met 50% aan dieren de grootste en bekendste soort gewervelde dieren.
Vissen hebben een huid van schubben en slijm.
Ze ademen door hun kieuwen en ze planten zich voor door middel van eieren zonder schaal.
Ook word er veel gevist op de dieren.
Een paar soorten vissen zijn: de snoek, karper, forel, haring, kabeljouw en schol.
De plaats waar de vissen leven is voor elke vis verschillend. Zo zullen er vast nog niet ontdekte soort vissen zijn die bijvoorbeeld op de bodem van de oceaan leven.
Het aantal vissen op een bepaalde plaats geef ook de gezondheid van het water aan.

3 Reptielen

Slangen en hagedissen, krokodillen en alligators, water - en landschildpadden vormen samen de klasse der reptielen.
Deze klasse is nu verwant met de vogels en zoogdieren.
Ze onderscheiden zich van elkaar in een belangrijk onderwerp, ze zijn koudbloedig.
Reptielen kunnen beter op het land leven als amfibieën.
Dit komt doordat ze betere longen hebben.
Reptielen planten zich voor door eieren te leggen met daarom leerachtig schaal.
De huid is bedekt met droge schubben.
De houd van reptielen is ook dik, reptielen bestaan al langer dan vogels en zoogdieren.
De krokodil is ene veel gevreesd dier, onder andere wegens zijn sterke kaken.
Er bestaan zo’n 21 soorten krokodillen en ze komen met name voor in Afrika.
Reptielen leven dus zowel in het water als op het land.
Er zijn ongeveer 6000 verschillende soorten, bekende reptielen.
Omdat reptielen koudbloedig zijn is de zon die hen moet warmen heel belangrijk.
Ze willen gewoon alle lichaamsfuncties kunnen uitvoeren.

4 Amfibieën

Deze groep word vaak vergeleken met reptielen, maar waarom?
De gelijkenis is dat ze beide koudbloedig zijn.
Amfibieën kunnen wel veel slechter op het land leven als reptielen.
Dit komt hun longen niet zo goed ontwikkeld zijn.
Ze planten zich voor met eieren zonder schaal en hun huid is bedekt met slijm.
Amfibieën zoals kikkers, padden en salamanders behoren tot het mins ontwikkelde soort gewervelde dieren.
Ze stammen af van een zeer sterkt overeenkomstig wezen dat ongeveer 370 miljoen jaar geleden het land op is gekropen.
Amfibieën hebben een twee soortig leven.
Hiermee wordt bedoeld dat deze dieren hun leven deels op het land en deels in het water doorbrengen.
Hun eieren worden in het gelegd.
Wanneer de jongeren uit de eieren komen hebben ze kieuwen om onder water mee te ademen.
Eenmaal op het land gekomen nemen de longen de ademfunctie over.
Amfibieën ademen dan ook nog altijd door de huid.
Vandaar dat amfibieën altijd vochtig moeten zijn.
Ook hun huid is aanzienlijk dunner en gladder is dan de huid van de reptielen

(Er zijn zo’n 2000 soorten amfibieën bekend)

5 Zoogdieren

de groep zoogdieren is de bekendste klasse van het dieren rijk.
In het bijzonder omdat wij er zelf toe behoren.
Evenals de dieren waarmee we vertrouwd zijn.
De zoogdieren worden in 3 zogenaamde subklassen onderverdeeld: Hogere zoogdieren, waarvan de jongen verontwikkeld te leven komen, buideldieren, waarvan de jongen nog niet verontwikkeld te leven komen en in de buidel verder ontwikkelen, en de eier- leggende dieren/snaveldieren.
Zoogdieren zijn gewervelde dieren met borstklieren, lichaamsbeharing en vier ledematen, die bij zeezoogdieren tot binnen zijn omgevormd.
Ze ademen via de longen en zijn warmbloedig.
Er zijn zo’n 4000 bekende soorten zoogdieren.
Zoogdieren hebben een goed werkende bloedsomloop.
Ze planten zich levendbarend voor.
Met uitzondering van de eier- leggende zoogdieren ontwikkelen de jongen zich in de baarmoeder van het vrouwtje.
De jongen leven van moedermelk.
Zoogdieren komen sinds ruim 200 miljoen jaar overal op de wereld voor.
Waarbij het grootste aantal soorten ongeveer 15 miljoen jaar geleden voorkwamen.
Van de 4000 bekende soorten zoogdieren bestaat ongeveer de helft uit knaagdieren.
Het grootste levende zoogdier is de blauwe vinvis.
Het is tevens het grootste gewervelde dier wat er bestaat. Het mannetje word zo’n 25 meter en het vrouwtje zo’n 30 meter lang.
Ze wegen tussen de 80000 en 130000 kg.
De draagtijd van hun jongen = 11 – 12 maanden.
Het is een sociaal wezen en hij eet plankton en word tot zo’n 80 jaar oud.

6 Vogels

Vogels zijn net zoals zoogdieren warmbloedige dieren.
Ze hebben ook longen en een hart met 2 boezems en 2 kamers
Dit heeft te maken met de bloedsomloop.
De huid van vogels is bedekt met veren.
Ze planten zich voor door eieren met kalkschaal te leggen.
Ze leven voornamelijk in de lucht.
Bijna alle vogels zijn voor het leven in de lucht aangepast.
Ze hebben speciale levensvoorzieningen die het mogelijk maken dat ze kunnen vliegen.
Ook is het zo dat ze in verhouding met hun grootte een relatief gering gewicht bezitten.
Dit doordat hun beenderen een dunne wand hebben en met lucht gevulde open plekken hebben.
De 2 bovenste ledematen zijn verlengt tot vleugels.
In plaats van zware kaken en tanden in de kaak hebben ze een lichte snavel en hun snelle verteringssysteem zorgt ervoor dat het voedsel niet lang in het lichaam blijft.
De veren van vogels zijn licht en waterafstotend.
De oudste bekende vogel leefde ongeveer 150miljoen jaar geleden.
Vogels stammen van reptielen af en hun veren hebben zich uit schubben ontwikkeld.
Er zijn ook vogels die op het water oppervlak kunnen leven zoals: zwanen, eender.
Dit doordat ze geen normale poten hebben dat ze zich over het water bewegen.
En zijn zo’n 8000 bekende soorten vogels.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

ik ben lekker anoniem

ik ben lekker anoniem

super site nu weet ik alles !!!!!!!!!!!!!!!! :) ;)

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

D.

D.

dit is goed gemaakt maaar ik heb er niks aan

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

Nederlands Lesjes mag je wel blijven volgen

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

goed! een dikke 8,7!!!

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

P.

P.

Slecht

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

ik heb dit gemaakt ;)

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

goeie site!

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

slecht man

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

T.

T.

okeoke ik ben beter:)

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast