Onze vrienden van Markteffect doen hun jaarlijkse Scholierenonderzoek. Geef jouw mening over het onderwijs en maak kans op JBL headphones of Bol.com-bonnen van 15 euro.

 

Doe mee


ADVERTENTIE
1500 euro winnen met je PWS of Sectorwerkstuk?

Heeft jouw PWS of Sectorwerkstuk een link met het Rijksmuseum? Stuur je werkstuk dan vanaf december in voor de Junior Fellowship profielwerkstukwedstrijd van het Rijksmuseum. En maak kans op € 1500 en een traineeship! 

Uitgeverij Piramide

Amsterdam, 1999



Op de voorkant staat een jongen afgebeeld. In plaats van zijn ogen zijn twee zwarte vlekken afgebeeld. Je snapt dat niet goed als je het boek net uit de kast pakt. Ook zie je aan de onderkant van het boek, als je goed kijkt perenbloesems.

De titel ‘Perenbomen bloeien wit’ is raar, als je nog niet weet waar het boek over gaat. Als je dan de flaptekst leest kun je begrijpen dat Gerson, de hoofdpersoon, blind wordt door een botsing. De titel kun je nergens mee combineren. Dus die blijft een raadsel.



Ik zag dit boek in de bibliotheek liggen op de tafel nieuwe aanwinsten. Toen ik de achterkant las leek het me wel een mooi boek. Ook had mevrouw van de Linde er vorig jaar al over verteld.





Het boek gaat over Gerson een jongen van 13 jaar, die in de loop van het boek 14 wordt. Hij heeft twee broers, een tweeling, Klaas en Kees. Een vader, Gerard en een hondje Daan. Zijn moeder Marianne, is er enkele jaren geleden van door gegaan naar Italië. Ze stuurt hen slecht vijfmaal per jaar een kaart. Op ieder zijn verjaardag en bij Nieuwjaar. Elke keer opnieuw proberen ze de postzegel te ontcijferen, maar die is altijd zo vervaagd dat dit niet lukt. Ze kunnen alleen lezen dat de kaart uit Italië komt. Ook hebben ze een klein snotkleurig autootje, wat Gerard’s lust en leven is.

Klaas, Kees en Gerson hebben een zelfbedacht spel: ‘zwart’ Het is een spel waarbij een van de jongens een doel noemt. Dit doel moet je opzoeken met je ogen dicht. Ze beginnen altijd bij de beuk voor het woonkamerraam.

Op een zondagochtend in mei, gaan ze met het snotkleurig autootje naar Jan en Anna, dat zijn de opa en oma van hun vaders kant. Ze besluiten om via de boomgaarden te rijden. Daar zien ze allemaal bomen staan met witte bloesems. Gerson zegt dat het perenbomen zijn, want volgens hem bloeien perenbomen wit. Maar volgens Klaas en Kees zijn het appelbomen. Ze komen er niet uit en rijden druk discussierend verder.

Op het kruispunt nog tussen de boomgaarden, rijdt een auto van rechts op hen in. Daan vliegt uit de auto. Gerard heeft glassplinters in zijn gezicht. Gerson, die rechtsvoren zit, zit helemaal in de auto gekruld met een stang op of door zijn hoofd. Kees die achter Gerson zat had zijn arm gebroken en Klaas had alleen een stijve nek. De man die tegen hen inreed heeft niks en belt met zijn mobiele telefoon de ambulance.

Gerard en Kees worden met de ambulance meegenomen. Klaas die blijft in de auto zitten en ziet hoe Gerson uit de auto geknipt wordt. Daarna wordt ook hij naar het ziekenhuis gebracht. In het ziekenhuis horen ze dat Gerson’s mild eruit wordt gehaald. Zijn arm is ernstig gebroken en hij blijft waarschijnlijk blind.

Meteen als Gerson het ziekenhuis inkomt wordt zijn mild verwijderd. Door al de kwalen van hem en de narcose van de operatie raakt Gerson in coma. Harald die de verpleger is van Gerson, zegt tegen Klaas en Kees dat ze tegen hem moeten praten en hem moeten aanraken, omdat dat helpt hem uit zijn coma te halen. Klaas en Kees doen dit.

Gerson raakt maar niet uit de coma en Harald regelt dan dat Daan ook het ziekenhuis in mag komen. Daan komt en loopt over Gerson heen. Dan wordt uit Gerson beschreven hoe hijzelf langzaam weer gevoel krijgt in zijn lichaam.



Gerson blijkt inderdaad voor altijd blind te blijven. Klaas, Kees, Gerard, Anna en Jan proberen hier op een normale manier mee om te gaan, wat moeilijk blijkt, omdat je in veel uitspraken zien of kijken gebruikt.

Op 8 augustus wil Gerson tot iedereen zijn verbazing weer zwart spelen. Wat nogal raar is, omdat zijn leven zwart is. Ze spelen het en Gerson blijkt er niet goed meer in te zijn, omdat hij niet meer goed weet hoe het erf eruit ziet. Hij valt dan ook van het bruggetje in het water.

Dan lees je hoe leuk Gerson het vindt om in het water te liggen, wat toch een rare gedachte is.

Op 9 augustus, gaan Klaas, Kees en Gerson weer naar Anna en Jan, net zoals die zondagochtend, rijden ze langs de boomgaarden. Daar stoppen ze en gaan ze kijken of er peren of appels aan de boom hangen. Het zijn peren, dus, Perenbomen bloeien wit.

Als ze bij Anna en Jan komen, willen de drie jongens plonzen. Dit doen ze altijd als ze bij Anna en Jan zijn. Plonzen is via een steigertje lopen, in een touw springen en dan in het meer springen, als het kan met een salto. Het enige probleem is nu dat Gerson het touw niet kan zien. Waardoor er dus niet te springen valt.

Klaas en Kees maken bij Anna en Jan een blindenstok voor Gerson. Gerson is hier heel blij mee en wil ’s avonds samen met Daan en de stok een eindje gaan wandelen. Hij komt aan bij het meertje, het onweert. Daar loopt hij het water in en komt niet meer boven.

Gerson wordt begraven op de begraafplaats bij het huis, want dit was Gerson’s favoriete plek.



In het boek vindt je cursiefsgedrukte stukken tekst. Dat begint wanneer Gerson in coma ligt. Dit is de gedachtegang van Gerson. Ook kom je op het laatst een dik schuinsgedrukt stuk tekst tegen. Dit is een vreemd stuk, omdat hierin de gedachtegang van Daan, het hondje is opgeschreven.

In het boek zijn weinig flashbacks. Het boek begint met vroeger speelden we het, dat gaat over het spel zwart. Dan wordt alles per gebeurtenis verteld in chronologische volgorde. Ook staat er op den duur bij zijn verjaardag, hoe konden wij nou weten dat dit zijn laatste verjaardag was. Dit is ook al vooruit gelopen.

Het boek wordt verteld door Klaas en Kees, nadat Gerson dood is gegaan. Ze schrijven er ook bij hoe ze zichzelf voelen.

Het boek heeft makkelijk taalgebruik, maar het is niet voor hele jonge kinderen geschreven, omdat het een erg onderwerp is. Wat ook moeilijk te begrijpen is op sommige momenten.



De schrijver laat je ervaren hoe mensen ermee zitten als iemand in hun familie blind wordt. Hij laat je ook meemaken hoe daar dan op gereageerd wordt en hoe daar mee omgegaan wordt.



Alleen op de kaft is een illustratie. Gerson met twee zwarte vlekken voor zijn ogen en perenbloesems. De zwarte vlekken slaan erop dat hij blind wordt. De perenbloesems slaan op de titel.



Ik vond het een heel mooi en aangrijpend boek. Het is een onderwerp wat eigenlijk moeilijk te begrijpen is als je het zelf niet heb meegemaakt of meemaakt. Je kunt je slecht bedenken hoe zo’n jongen zich voelt. In het boek staat ook dat het niet hetzelfde is dan blind spelen, dan zie je altijd nog een beetje licht door je oogleden komen. Als je blind bent, zie je echt helemaal zwart. Daarom wordt ook het spel zwart daarmee in verband gebracht in het begin van het boek.



Verwerkingsopdracht:



Vroeger speelden we het. We hebben het jarenlang gespeeld. Tot een halfjaar geleden, toen speelden we het voor het laatst.



Dit is een kort fragment, dat slaat op het spel zwart. Ik vind dit heel mooi geschreven. Met steeds dat spelen erin. Nu kunnen ze het niet meer spelen, omdat Gerson blind is en dus niet meer de foto van het erf in zijn hoofd kan bekijken. Ik vind het heel mooi dat ze het zo kunnen zeggen.



We waren op weg ergens naartoe. De zon scheen, het was zondagmorgen, alles was goed. Iets verderop was een kruising. We zaten nog steeds te lachen toen er een auto op ons autootje in reed. De auto kwam van rechts en hij reed zo bij Gerson naar binnen. We kunnen ons niet alles herinneren, we weten niet precies wat Gerson allemaal gezegd had die ochtend. Maar het laatste dat hij zei was: “Au.”



Dit is het fragment waarin het ongeluk wordt beschreven. Het wordt niet spannend beschreven, maar meer op de manier van, zo was het en niet anders.

Ook dat laatste woordje au vind ik een heel raar woord om de situatie te schetsen. Gerson zit helemaal in de auto gekruld en toch zegt hij alleen maar au.



De kleine zwarte zei i en ik ging zitten. Hij ging het water in. Hij was niet in een keer verdwenen. Eerst zijn poten, toen zijn lijf en voorpoten en daarna zijn kop. Zijn kop zag ik later weer, die schoof door het grote water. Ik blafte. Hij riep aa en i. Zijn kop werd steeds kleiner. Licht en een dreun, samen. Het grote water lichtte helemaal op, en toen was het weer weg. De kop van de kleine zwarte was ook weg.



Dit is het stukje op het laatst, waarin de hond, Daan de dood van Gerson beschrijft. Dit is raar, omdat een hond niet zomaar iets gaat beschrijven, maar Daan was de enige die bij de dood van Gerson was. Ik vind het heel erg dat een jongen zich zomaar verdrinkt, omdat hij zo in de war is van het ongeluk en niet meer blind verder wil leven.

Een paar bladzijden later lees je dat Klaas en Kees zich afvragen hoe Gerson verdronken is. Dan wil je ze het eigenlijk vertellen, omdat jij het hebt gelezen vanuit de hond, maar die hond kan niet praten. Dus zij weten van niks.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

B.

B.

Ik vind het echt een tof uittreksel , je bent een moordwijf dat je dit erop zet . Hartelijk bedankt !!!!! Het heeft me geweldig gehoplpen

19 jaar geleden

T.

T.

hey het boek is voor 12 jaar en ouder en dus helemaal nie moeilijk!kuss thas

18 jaar geleden

C.

C.

leuk hoor

18 jaar geleden

I.

I.

Hey Senta

Heel erg bedankt voor het verslag van 'perenbomen bloeien wit'. Ik vond het ook een erg mooi boek.


Liefs Ivana

18 jaar geleden

A.

A.

Bedankt voor het goede verslag,
Het is inderdaad een mooi boek!
Ik heb het al 2 keer gelezen!

Anonieme groeten

8 jaar geleden

I.

I.

uhm de titel is zo omdat als hij aangereden word dat ze dan naar perenbomen kijken en die bloeien in wit.

8 jaar geleden

Ilse

Ilse

Nee. Voor het ongeluk reden ze langs een perenbomengaard waar Gerson zei dat ze wit bloeiden. Klaas, Kees en Gerard waren het niet met hem eens. Toen Gerson in een coma lag na het ongeluk, riep hij "Perenbomen bloeien wit!". Dit is de reden van de naam van het boek.

2 jaar geleden