Beknopte samenvatting.

Het boek Indische Duinen gaat over een Indisch gezin, dat na de oorlog met de boot terugkeert naar Nederland. Het gezin bestaat uit een zwangere moeder met drie dochters: Ada, Sakia en Jana. Hun vader Justin is in een Jappenkamp vermoord. Lea, de moeder van de drie kinderen, heeft ondertussen een nieuwe vriend, die ook Justin heet. Daarom wordt de overleden vader van de meisjes Just 1 en de vriend van hun moeder Just 2 genoemd.
In Nederland aangekomen bevalt Lea en krijgt een zoontje, de hoofdpersoon uit het boek. Hier is Just 2 de vader van. Deze man is ex-militair uit het KNIL, het Koninklijk Nederlands Indisch Leger. Justin wil zijn zoon streng opvoeden en hoopt dat zijn zoon hierdoor sterk en hard wordt, zodat hij ook zal overleven als er weer oorlog uitbreekt. Justin gaat hierbij echter te ver en mishandelt zijn zoon. Deze jongen kijkt onbewust erg tegen zijn vader op en is ook een beetje bang voor hem. Als de jongen elf jaar is, sterft zijn vader. Hij begint zijn vader te haten en wil zijn vaders naam niet meer dragen en neemt de familienaam van zijn moeder over.
Als Ada na zesenveertig jaar in Nederland te hebben gewoond sterft, gaat de hoofdpersoon op zoek naar informatie over zijn verleden en dat van zijn familie. Hij wil meer over zijn vader achterhalen en zoekt zijn familie op. Hij heeft hen nooit gekend, maar besluit toch om bij zijn tante Edmee op bezoek te gaan. Zij vertelt dat haar familie erop tegen was, dat haar jongere broer met Lea wilde trouwen. Hij had vroeger al een vrouw gehad, die vermoedelijk al was gestorven, maar zolang dit niet was vastgelegd, kon hij niet voor een tweede maal trouwen. Edmee vertelt de hoofdpersoon dat Justin ook werkelijk een weduwnaar was, maar dat zijn vader dit voor hem verborgen hield. Zo zorgde zijn vader ervoor dat Lea en haar kinderen geen echte familie van hen werden.
Niet lang daarna sterft Jana. De hoofdpersoon heeft al jarenlang vrijwel geen contact met haar gehad, omdat zij samen met haar man Errol naar Canada is verhuisd en daarna niets meer van zich heeft laten horen. Jana heeft nooit veel over de oorlog gesproken en heeft hier ook geen behoefte aan gehad. Saskia wel, sinds de dood van haar halfzus Ada heeft ze erg veel huilbuien en de oorlog blijft maar in haar hoofd ronddwalen. Ze wil hier graag over praten met haar halfbroer (de hoofdpersoon) en hij laat haar vertellen. Hij heeft nooit zo goed met zijn zus kunnen opschieten en vindt het daarom ook vervelend om urenlang naar haar verhalen te luisteren en haar te troosten als ze weer moet huilen, omdat hij weet dat ze een deel van de verhalen die ze vertelt niet zelf heeft meegemaakt, maar heeft gehoord van hun moeder. Toch luistert hij naar haar, omdat zij het zo fijn vindt om haar verhaal kwijt te kunnen. Na veel gesprekken met Saskia en andere familie komt hij erachter hoe moeilijk zij het vroeger hebben gehad en hij krijgt meer respect voor zijn hen.
Maarten, de vroegere man van Ada, gaat heel snel achteruit. Het gaat zo slecht met hem, dat hij niet meer voor zichzelf kan zorgen. Zijn zoontje Aram verzorgt hem dagenlang. De hoofdpersoon van het boek stelt voor aan Aram om hem in huis te nemen en Maarten te laten verzorgen in een verpleegtehuis, maar dit voorstel slaat Aram af. Hij wil zijn vader blijven verzorgen en zal voor altijd bij hem blijven.
Door de lange zoektocht naar familiegeheimen en gebeurtenissen van vroeger in het kamp, gaat de man uit het boek zijn familie beter begrijpen en merkt dat zijn haat voor zijn vader geen echte haat is, het is een soort verborgen liefde, liefde die hij eigenlijk nooit toe heeft willen geven. Zijn familie is toch heel belangrijk in zijn leven.
Waarom ik voor dit boek koos.

Voordat ik in dit boek begon, was ik bezig in een ander boek: Overspel van Mensje Keulen. Ik vond dit boek echter totaal niet boeiend en het las niet lekker door. Nadat ik het had teruggebracht naar de bibliotheek vroeg ik mijn ouders wat voor boeken zij mooi vonden en mijn vader duwde me dit boek in de hand. Mijn ouders hebben beide een hele andere smaak wat betreft literatuur, maar dit vonden ze allebei een mooi boek. Ik had nog helemaal geen verwachtingen bij het boek, maar besloot om erin te beginnen en te kijken of het verhaal me een beetje aansprak.
Het boek is vrij dik, en omdat ik erg langzaam lees, schrikte dit me een beetje af. Het boek bestaat namelijk uit 314 bladzijden. Ik zou het jammer vinden als ik het boek niet had gelezen vanwege de dikte, want het is toch de moeite waard geweest.
De titel zei me niet zo veel. Natuurlijk bleek hieruit dat het boek met Indië te maken had, maar verder riep het geen bepaalde gedachtes bij mij op. Nu ik het boek gelezen heb, weet ik wel waarom de schrijver voor deze titel gekozen heeft: de Indische familie woont in een huis aan de duinen nadat ze die plek op de boot toegewezen hebben gekregen. Na het vertrek uit Indië is dit hun eerstvolgende huis.
Ik vind het jammer dat de voorkant van het boek zo simpel is: er staat een huis een de voet van de duinen. Ik denk dat het boek er veel aantrekkelijker uit had gezien als de illustrator beelden van de oorlog op de voorkant had gezet of treurige gezichten, want het boek is uiteindelijk toch een somber boek.
De omslagtekst is ook niet zo boeiend. Er staat heel kort in grote lijnen beschreven waar het verhaal over gaat.
Na het lezen van de eerste bladzijden begreep ik het verhaal nog niet goed. Ik begreep niet hoe de familie in elkaar zit en wat er precies aan de hand is. De moeder en haar kinderen zitten op de boot naar Nederland, dit deel is nog niet vanuit de ikpersoon geschreven. In Nederland wordt de jongen pas geboren, maar dit blijkt nog niet uit de tekst. In hoofdstuk 2 wordt het sterven en de begrafenis van Ada beschreven en vanaf hier wordt alles gezien door de ogen van haar halfbroer. Toen ik dit hoofdstuk uit had gelezen, drong het pas tot me door hoe de familie echt in elkaar zit. Ik heb op een papiertje een stamboom getekend om er zo aan herinnerd te worden hoe de familie in elkaar zit.
Omdat het boek vooral in het begin erg ingewikkeld was, vond ik het nog niet leuk om te lezen. Het leek voor mij net een detectiveboek, de vraag hoe de familie in elkaar zat bleef maar door mijn hoofd spoken.
Ik heb het boek toch helemaal uitgelezen omdat ik al meerdere keren naar de bibliotheek was gegaan om een boek uit te kiezen, maar niets had gevonden wat me echt aansprak. Het boek werd mooier naarmate ik verder las en ik wilde er daarom ook niet in stoppen.

Verwerkingsopdracht 3.

Het tekstpersonage is de anonieme hoofdpersoon uit het boek.

Mijn rollen: Rollen van het tekstpersonage:
- Dochter (kind)- Zus- Nichtje- Vriendin- Leerling - Zoon (kind)- (Half)broer- Neefje- Oom- Slachtoffer

Deze rollen hebben we allebei:

Ik ben de dochter van mijn ouders, het tekstpersonage is de zoon van zijn ouders. Dit is natuurlijk wel een verschil, maar in feite is het toch dezelfde rol.
De hoofdpersoon uit het boek keek toen hij klein was erg tegen zijn vader op en was een beetje bang voor hem. Hij wil graag dat zijn vader hem accepteert. Nu
hij een volwassen man is, neemt hij het zijn moeder kwalijk dat zij nooit wat tegen de mishandelingen heeft gedaan en is weggelopen zodra ze zag dat vader kwaad op hem werd. Hij ergert zich eraan dat zijn moeder hem nooit de waarheid heeft verteld over de familie, bijvoorbeeld dat de vroegere vrouw van zijn vader een tweeling had gekregen. Dit kreeg hij pas tijdens het gesprek met zijn tante Edmee te horen.
Ik ben niet bang voor mijn vader en ga me niet anders gedragen zodat hij me dan zou accepteren. Mijn vader accepteert mij zoals ik ben en zelfs als dit niet zo zou zijn, zou ik mezelf niet zomaar proberen te veranderen. Gelukkig verbergen mijn ouders niet zulke verhalen uit het verleden voor mij.

Ik ben de zus van mijn oudere broer en mijn jongere zusje. Het tekstpersonage is de (half)broer van Ada, Saskia en Jana.
De man uit het boek voelt geen sterke band met zijn familie. Hij vindt dat zijn moeder veel verhalen van vroeger verdraait en na de dood van zijn vader begint deze hij zijn vader te haten. Zijn zussen zijn kinderen van een gekleurde man, dus hebben een andere huidskleur dan hij. Zij hebben een andere vader. Hierdoor voelt hij zich ook niet als een echte broer van hen en denkt dat hij een beetje buiten het gezin valt. Ook vindt hij het vervelend als zijn zus bij hem komt uithuilen en als zij vraagt om een arm om haar heen te slaan, doet hij dat met tegenzin. Hij vindt dit te intiem, hij gaat liever niet zo met zijn familie om. Op het eind van het boek beseft hij pas hoeveel hij van zijn familie houdt.
Ik ga heel anders met mijn broer en zusje om. Ik vind het wel fijn als zij vertellen wat ze hebben meegemaakt. Natuurlijk is dit iets heel anders; in de familie uit het boek is er behoefte om over de oorlog te praten, bij mij thuis wordt er verteld over een belevenis op school of bij een vriend of vriendin. Deze situaties zijn niet goed te vergelijken, maar tijdens het lezen van het boek dacht ik wel eens:
laat zien dat je van je zussen houdt en doe niet zo afstandelijk! Wat dat betreft heb ik een veel betere band met mijn broer en mijn zusje dan de hoofdpersoon met zijn (half)zusjes.
Het tekstpersonage heeft de rol als neefje van bijvoorbeeld zijn tante Edmee.
Ik ben het nichtje van mijn ooms en tantes.
In het boek wordt er weinig verteld over het contact dat hij met zijn overige familie had toen hij nog jong was, hij had namelijk vrijwel geen contact met de familie van zijn vader en over zijn moeders familie wordt niets geschreven.
Tijdens zijn zoektocht naar de familiegeheimen bezoekt hij zijn tante Edmee. Zij zegt dat ze hem als klein kind wel eens gezien heeft, maar dat kan hij zich niet meer herinneren. Hij verafschuwt zijn tante: ze is verslaafd aan alcohol en draagt dikke lagen make-up en teveel parfum. Toch is hij achteraf blij haar na zoveel tijd weer gesproken te hebben. Hieruit blijkt dat het contact met haar en de rest van zijn familie heel erg slecht is, hij ziet ze zo goed als nooit.
Ik zie mijn familie ook niet erg vaak, omdat ze allemaal in een ander gedeelte van Nederland wonen, behalve mijn beide oma's. Zij wonen wel in Eindhoven en ik zie hen vrij regelmatig. Ieder jaar organiseren mijn oma's een familieweekend zodat we met heel de familie bij elkaar zijn. Tijdens kerst gaan we vaak met de familie van mijn vader ergens naartoe en als er Sinterklaas wordt gevierd gaan we altijd naar mijn andere oma. Zo blijven we dus contact houden met onze familie. Het is niet zeker of ik later mijn familie nog blijf zien of dat dit contact verwatert, net als in het boek.

Ik heb ook de rol van een vriendin.
In het boek wordt er niets verteld over vrienden die de hoofdpersoon heeft. Vrienden spelen totaal geen rol in het verhaal, het lijkt net alsof de man nooit vrienden heeft gehad.
Ik vind vrienden wel heel erg belangrijk. Ik zie een groot deel van hen iedere dag op school en de rest spreek ik na school of spreek ik in het weekend als ik uitga. Vrienden zullen altijd heel erg belangrijk voor mij blijven, ze spelen een erg grote rol in mijn leven. Ik sta altijd klaar voor mijn vrienden als ze ergens mee zitten en vind het altijd leuk om ze te zien en dan iets te gaan doen.

Het tekstpersonage is de oom van Aram, Ada's zoon.
Het tekstpersonage heeft zijn vader op zijn elfde levensjaar verloren. Hij miste toch een vaderfiguur in huis, die hem bijvoorbeeld zou helpen bij het scheren van de eerste haartjes die boven zijn lip verschenen. Na de dood van Ada denkt haar broer dat het beter voor Aram zou zijn, als hij bij hem zou intrekken. Hij voelt een speciale band met Aram en zou graag voor hem willen zorgen.
Ik ben zelf nog veel te jong om (in mijn geval) tante te zijn. Dit is dus een verschil tussen en tekstpersonage en mij.

Ik speel de rol van leerling op de middelbare school.
In het boek wordt veel over de jeugd van de hoofdpersoon verteld, maar niet over zijn schooltijd. Ik denk dat de jongen niet op school zat. De man beoefent geen beroep dus het zou kunnen dat mijn vermoeden klopt.
Ik zit wel op school en kan goed opschieten met mijn klasgenootjes. Ik ben van plan om na mijn school een opleiding te volgen, zodat ik daarna een beroep kan uitoefenen.

Als jongetje was de hoofdpersoon het slachtoffer van zijn vader.
De jongen was het slachtoffer van mishandeling. Zijn vader wilde graag dat hij hard werd en om die reden sloeg hij zijn zoon. De jongen deed er niets tegen.
Ik ben niet het slachtoffer van mishandeling. Ik denk dat ik wel actie zou ondernemen als ik in zijn situatie zou zitten, maar dat kan ik niet met zekerheid zeggen.

Mijn leeservaring.

De hoofdpersoon is de anonieme ikpersoon van het boek. Ik vind het jammer dat deze man geen naam heeft, want ik hoopte tijdens het lezen toch ergens een naam te vinden. Dit is helaas niet gelukt. Deze persoon vindt het moeilijk dat hij niet dezelfde vader heeft als zijn zussen. Hij voelt zich niet zo bij de familie horen en denkt ook heel anders over gebeurtenissen van vroeger. Zijn moeder gelooft in magie en in een vorig leven. Dit begrijpt haar zoon helemaal niet en vindt het raar dat zij denkt te weten wat ze in haar vorig leven geweest is. Ook zijn zussen geloven in dit soort geheimzinnige krachten. In het gezin is werd er voordat Ada was gestorven eigenlijk nooit gepraat over vroeger. Moeder Lea wilde er ook liever niet over praten. Toen Ada was eenmaal overleden was, wilde Saskia nergens anders meer over praten. Ze had het alleen maar over hoe zwaar het vroeger was in de oorlog en hoe moeilijk zij het hadden gehad in de kampen waar ze hebben gezeten. Saskia zoekt steun bij haar broer, maar hij kan haar niet goed helpen. Er is hem immers niets over het verleden verteld. Hij is erg benieuwd naar hoe zijn vader vroeger was en gaat daarom toch op zoek naar antwoorden op zijn vragen. Hij probeert zijn moeder over te halen om over vroeger te praten, maar zij verdraait veel zaken en houdt belangrijke delen uit het verleden voor hem geheim.
Hij gaat verder met zijn zoektochten vindt antwoorden op zijn vragen en onthult de familieraadsels. Helaas is dit niet goed voor de band met zijn moeder. Hij krijgt steeds een grotere afkeer van haar naarmate hij meer te weten komt.
Zijn hele leven is hij bezig met zijn verleden en kan dit ook geen moment loslaten. Hij denkt heel veel aan gebeurtenissen van vroeger, dat zijn vader hem sloeg toen er een hele groep wezen naar hem stond te kijken bijvoorbeeld.
De vader van de hoofdpersoon heeft hem toen hij klein was altijd erg vernederd. Het lukte de jongen niet de perfecte zoon voor zijn vader te zijn. Al vanaf dat hij zich kan herinneren, slaat zijn vader hem. Alles wat de jongen deed was volgens Justin verkeerd. Na een tijdje begon de jongen te denken dat zijn vader gelijk had en dacht dat hij ook daadwerkelijk alles fout deed. Hij ging zichzelf haten, maar na de dood van zijn vader, toen de jongen elf jaar was, richtte hij die haat op zijn vader.
Hij wil absoluut niet op zijn vader gaan lijken en dit is de reden waarom hij wanneer hij een volwassen man is graag Aram in huis wil nemen. Hij zal hem goed opvoeden en loslaten in zijn eigen smaak. Hij zou zelf mogen kiezen naar wat voor muziek hij wil luisteren. Maar zijn oom zal hem vooral niet mishandelen! Dit voelt voor hem als een soort wraak op zijn vader, hij zal laten zien dat hij iets kan wat zijn vader niet gekund heeft. Een jongen opvoeden zonder hem zo te vernederen. Hij zal in tegenstelling tot zijn eigen vader een goede opvoeder zijn. Helaas slaat Aram dit voorstel af, hij wil bij zijn eigen vader blijven.
Na zijn zoektocht beseft hij dat de haat die hij voor zijn vader heeft gevoeld, geen echte haat is, maar liefde. Ook krijgt hij meer respect voor zijn moeder en zus.

Justin is de vader van de hoofdpersoon. En het boek wordt hij Just 2 genoemd, omdat de vroegere man van Lea ook Justin heette (Just 1). De vader van de jongen is ex-militair van het KNIL. Als er bezoek kwam, vertelde hij vaak spannende verhalen over de oorlog en vertelde dat hij veel moeite moest doen om te overleven. Hij was erg hard geworden van de oorlog en wilde dat zijn zoon net zo zou worden als hijzelf. Daarom sloeg hij zijn zoon als hij iets niet goed deed. Het was een hele strenge man, maar hield er wel van om in het middelpunt te staan en op te kunnen scheppen over de oorlog. Ook was hij erg agressief en had er dus helemaal geen moeite mee zijn zoon te slaan. Hij was vroeger in het leger ook erg vernederd. Op een avond tijdens het kaarten was er een "prijs" voor de verliezer bedacht. Wie de minste munten had, betaalde met zijn haren. Justin was heel trots op zijn krullende haar en wilde het absoluut niet kwijt, maar besloot toch mee te spelen. Hij wilde niet als een 'watje' overkomen. Maar de overste mocht hem niet en zorgde ervoor dat Justin slechte kaarten kreeg.

De overste hield weer eens de beste kaarten in zijn hand. De djongos was al naar een de kampong om gestuurd om een kapper te halen, de drank vloeide, de mannen joelden en Justin stond er slecht voor. De vrouw van de overste probeerde hem met knipogen en vingertaal de waarde van de andere kaarten te verklappen, maar hij durfde haar nauwelijks aan te kijken. Wat was ze brutaal die avond, zoals ze om de tafel danste, haar hoog opgestoken, schouders bloot in een struisboa en haar lange oorbellen glanzend in het licht van de lampoe teplok. Zij liet haar boa telkens vallen om bij het oprapen beter in de kaarten te kunnen kijken. Maar zelfs met vals spel was er geen redden aan. Justin verloor. (…)

De kapper spoelde zijn mes in de Jenever en trok witte paadjes over Justins schedel. De mannen raapten de krullen op van de vloer en hielden ze als snorren onder hun neus. Ze bulderden het uit en sloegen de kapper op zijn schouder. Het mes schoot uit en er droop een straaltje bloed langs Justins slaap.

De wond op het hoofd van Justin ging ontsteken en een week later groeide er geen haar maar schimmel op zijn hoofd. Hij heeft nooit meer zijn stevige krullen teruggekregen, er kwam alleen een randje zwart achter in zijn nek terug. Het waren kleine donskrulletjes.
Hij had ook een soort telmanie: soms was hij de hele dag aan het tellen,
de secondes, de minuten, de uren. Dit had hij van het jappenkamp overgehouden,
waar hij ook nog lange tijd opgesloten heeft gezeten.

De moeder van de hoofdpersoon, Lea, hield zich erg veel bezig met magie,
zoals kaarten leggen. Ze geloofde dat ze zo de toekomst kon voorspellen. Ook
liet ze iemand voor haar voorspellen wanneer Ada zou sterven. Ze probeert
altijd optimistisch te zijn.

"Wat zag pappie eigenlijk in de antroposofie?" vroeg ik.
"De opvoeding, het idee dat je een kind alles kon leren. Je moet niet vergeten dat
hij zelf nooit kansen heeft gehad. Hij wilde zo graag dat jij het ver zou schoppen."
"Slaan hoort daar niet bij."
"Nou, dat viel wel mee."
"Hij sloeg elke dag."
"Niet elke dag."
"Kom nou!"
"'s Zondags hadden we het toch altijd gezellig, rijsttafeldag, dan was hij echt in
zijn sas…" (…)

Na lang gekissebis werden we het met elkaar eens: midden in de week maar
's zondags niet. "Ben je nou gek, mens," beet ik haat toe, "is zes dagen slaag vergeeflijker dan zeven?"
Ze vond dat ik overdreef.
En de liniaal?
"Ja, ja, gut ja," zei ze. Mijn vader hechtte nu eenmaal aan tafelmanieren.
En de stok?
"Dat heeft niet lang geduurd."

Hieruit blijkt dat moeder er alles aan doet om haar partner te beschermen en
ze ontkent alles wat ze vroeger gezien had. Ze wil er bij wijze van spreken niets
van zien. Ook heeft ze er moeite mee om over trieste gebeurtenissen te praten,
zoals over de oorlog. Ze wil er liever niet meer aan denken en houdt er dus ook
haar mond over.
Ik vind dat je als moeder je kind moet beschermen en in dit geval zelfs tegen je eigen man. Dit doet Lea helemaal niet. Ze zegt er niets van en laat alles maar gebeuren, om ruzie te voorkomen. Maar soms is ruzie nodig om een probleem te stoppen. Misschien was Justin dan wel gestopt met het mishandelen van hun kind. Lea had ook met Saskia moeten praten, wanneer zij daar behoefte aan had.

Ada sterft al in het begin van het boek. Toch speelt ze een belangrijke rol in het hele verhaal. Ze is een van de dochters van Lea en na haar dood is de familie lang in de rouw. Samen met haar man Maarten heeft ze een kind, dat Aram heeft. Hij is 14 jaar.

Saskia is Ada tot haar dood blijven verzorgen, maar daarna komen alle beelden van vroeger weer opzetten en kan ze het leven psychisch niet meer aan.
Ze krijgt professionele hulp, wat haar broer een beetje onzin vindt, en leert daar goed met haar gevoelens omgaan. Ze huilt heel erg veel en wil graag met haar familie praten over de gebeurtenissen uit het verleden. Ik kan dit goed begrijpen en vind het slecht dat de familie niet over de oorlog wil praten.

Aram rouwt opvallend weinig na de dood van Ada. Ik denk zelfs dat dit haast niet kan, na het verlies van je moeder. Hij is blij dat hij zijn muziek nu hard kan draaien en ook muziek kan luisteren naar zijn eigen smaak: heavy-metal. Zijn oom neemt hem na een tijdje mee naar een rockconcert en gedraagt zich dan net als een puber. Hij voelt zich sterk aangetrokken tot Aram, omdat hij ook op jonge leeftijd een van zijn ouders verliest. Aram vindt zijn oom wel 'cool', maar blijft toch bij zijn vader.

Mijn leerervaring.

Dit boek heeft verschillende thema's. Het gaat over oorlogstrauma's, haat, de relatie tussen een vader en zijn zoon, het verwerken van verdriet en over familie.
De familie heeft het heel erg zwaar gehad in de oorlog. Ze moeder heeft samen met haar dochter opgesloten gezeten in een jappenkamp, net zoals Just 2, maar hij heeft ook gevochten in het leger. Voordat ik dit boek had gelezen, wist ik niet dat er na de oorlog heel veel bewoners uit Indië verhuisden naar Nederland.
Ook wist ik niet precies wat een jappenkamp inhield, maar nu wel. Het is vergelijkbaar met een concentratiekamp. Omdat ik nog niet zeker was van de betekenis van het woord, heb ik het nog een nagezocht in het woordenboek.
Daarin staat:

'jap∙pen∙kamp (het; -en) door Japanners opgezet straf- of interneringskamp
in het voormalige Nederlands-Indië tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Het hele boek gaat eigenlijk over oorlogstrauma's. Vooral Saskia heeft hier erg veel last van. Ze heeft constant huilbuien en probeert bij iedereen steun te zoeken. Soms kan ze zichzelf niet meer in de hand houden en wordt heel kwaad op iemand, zelfs als diegene niets gedaan heeft. De oorlogstrauma's blijven de familie hun hele leven lang volgen. Ik realiseer me nu pas hoeveel verdriet een oorlog na jaren nog kan geven.
Het is treurig om te lezen hoe makkelijk een vader zijn zoon kan mishandelen. Het leek net alsof de vader geen gevoel had, al zou hij dat natuurlijk wel hebben gehad. Dit blijkt uit de liefde die hij voor zijn zoon heeft, ondanks dat hij hem slaat. Hij wil graag dat zijn zoon net zo wordt als zijn vader. Dit is niet zo erg, maar door middel van mishandeling zal dit niet lukken.
De zoon gaat zijn vader enorm haten en schaamt zich er zelfs een beetje voor dat Justin zijn vader is geweest. Een groot deel van het boek gaat over de gedachtes die de jongen bij zijn vader heeft, wat hij over hem denkt. Maar toen zijn vader nog leefde haatte hij zichzelf, vond net als zijn vader dat hij alles fout deed. Ik vind het verschrikkelijk dat een vader zijn zoon zoiets kan aandoen. De herinneringen aan zijn vader blijven hem volgen, de jongen houdt er een soort trauma aan over.
Het gezin heeft veel moeite met het verwerken van hun verdriet. Moeder stopt de herinneringen diep weg en wil er nooit meer aan denken of aan herinnerd worden, terwijl Saskia er graag over wil praten, nadat Ada is gestorven. Dit gaat natuurlijk niet goed. Ik vind het goed dat Saskia wil praten over de dingen die haar dwars zitten en ik vind dat haar moeder haar moet steunen, ook al heeft zij het zelf heel erg moeilijk.
Als iemand die ik goed ken of iemand uit mijn familie met mij over een trieste gebeurtenis wil praten, zal ik diegene steunen, zelfs als ik er liever niet over praat. Diegene heeft het nodig en zal er goed aan doen.
Ook leer je van het boek dat familie heel belangrijk is. Zelfs als je denkt dat je niet van je ouders of broers en zussen houdt, zal je ooit een moment tegenkomen waarbij je ze nodig hebt, zodat ze je kunnen steunen. Vooral veel jongeren beseffen niet hoeveel hun ouders voor hen betekenen. Ik denk dat je dit pas echt goed beseft, als je er een hebt verloren.

Mijn mening.

Indische duinen is een erg realistisch boek. Kindermishandeling komt nog vrij regelmatig voor en veel mensen houden er een trauma aan over als ze in een kamp opgesloten hebben gezeten. Ondanks het vrij moeilijke taalgebruik, zoals de Indische woorden die in het boek voorkomen, was het verhaal toch goed te volgen.
Ik vind het heel goed van Adriaan van Dis dat hij ieder personage een totaal ander en sterk karakter heeft gegeven: de ikpersoon is een beetje afstandelijk en is erg veel met zijn vaders verleden bezig, moeder Lea probeert altijd ruzies te voorkomen en is erg optimistisch en Justin is een harde, strenge man. Dit vind ik heel erg mooi, zelfs als Van Dis de namen niet bij de personages zou zetten, zou ik ze toch herkennen aan hun karaktereigenschappen.
Ik vind het boek niet heel erg spannend, maar toch had ik tijdens het lezen een soort drang om ermee verder te gaan. De spannendste momenten uit het boek vind ik de vele flashbacks die erin voorkomen, bijvoorbeeld het verhaal van Justin die wordt kaalgeschoren nadat hij verloren heeft bij het kaarten. Dit had hij namelijk aan zijn zoon verteld en zijn zoon vertelt het tijdens zijn bezoek aan tante Edmee weer aan haar.
Op een gegeven moment heeft iemand de deur van de paardenstal open laten staan. Op dat moment zijn de wezen op een soort kamp in de buurt en Justin denkt dat zij in de stal zijn geweest en de deur zijn vergeten te sluiten. Hij wordt heel erg kwaad en agressief, maar nadat de wezen ontkend hebben het te gedaan, draait de vader zich om naar zijn zoon. Hij beschuldigt hem en slaat hem helemaal in elkaar, terwijl alle wezen toekijken.
Dit is heel erg treurig, want de jongen had de staldeur niet open laten staan. Hij schaamde zich natuurlijk vreselijk dat zijn vader zo door het lint ging terwijl de wezen er met hun neus bovenop stonden. Het moment dat vader iedere wees persoonlijk vraagt of hij het heeft gedaan, is wel spannend. Hij staat op het punt
om uit te barsten, maar dat doet hij pas daarna, als hij denkt dat zijn zoon de 'misdadiger' is.
De hoofdpersoon heeft een heel erg duidelijk karakter. Dit komt doordat het boek is geschreven vanuit een ik-perspectief. Je leest heel veel over zijn gevoelens en wat hij denkt, er worden veel emoties uitgedrukt. Voordat ik dit boek had gelezen, vond ik dat nooit zo fijn, ik vond het fijner als ik een soort 'buitenstaander' was. Toch ben ik van gedachte veranderd: door deze manier van schrijven krijg je een veel sterker beeld van de gevoelens van de hoofdpersoon. Vooral in dit boek. Saskia is de enige in de familie die over gevoelens praat, zelfs haar broer praat er niet over. Als dit boek niet met een ikpersoon was geschreven, had ik dus niet geweten wat deze man voelde, terwijl emoties en gevoel een belangrijke rol spelen in het boek.
Het gebruik van de vele flashbacks vind ik het verhaal mooier maken. Je leest wat de hoofdpersoon vroeger heeft meegemaakt en je komt erachter hoe sommige karaktereigenschappen zijn ontstaan. Zo merk je dat de ikpersoon toch heel erg op zijn vader lijkt qua karakter, wat zijn vader altijd al gewild heeft.
In het boek werd vrij veel gebruik gemaakt van Indische woorden. Dit is toch niet heel erg storend, omdat je als je doorleest, meestal toch achter de betekenis van zo'n woord komt. De stijl van het boek is voor mij vrij moeilijk, maar toch begrijp ik het boek wel. In het begin wist ik niet hoe de familie in elkaar zat, maar daar kwam ik later toch wel achter.
Op het eind zijn moeder en zoon afscheid gaan nemen van Jana, die op sterven ligt. Zij woont in Canada, dus daar zijn zij heen gevlogen. Als ze met het vliegtuig weer terugkeren naar Nederland en er bijna zijn, kijkt moeder door het raampje naar buiten om de kust te zien. Ze zag alleen maar golven.
Ik denk dat dit een symbolische betekenis heeft: zo was het ook toen ze op de boot naar Nederland voer, toen zag ze ook alleen maar golven. Dit doet haar dus herinneren aan vroeger. Ook denk ik dat het een rustgevend gevoel voor haar is geweest, het grootste verdriet is voorbij en de golven gaven haar rust.
Ik ben erg tevreden over hoe de schrijver zijn verhaal heeft afgesloten.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

F.

F.

Die stamboom die je hebt getekend, is die ook ergens online te vinden? Of kan ik je vragen deze erop te zetten?

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

C.

C.

Hooi,
Jij schrijft dat je graag te weten had willen komen hoe de hoofdpersoon heette. Zijn naam was Nathan. Op blz 236 kun je dat vinden.
Adriaan van Dis heeft ook nog een andere autobiografische roman, nathan sid. Hier komen ook weer een aantal dezelfde personages in voor.
Ik dacht zeg t je even :P
Groetjes!

11 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

R.

R.

heyz,
bedankt voor dat je je verslag op internet heb gestaan. Het heeft me enorm geholpen bij het maken van mijn eeigen boekverslag

14 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

K.

K.

De schrijver van dit stuk heeft goed werk geleverd, alleen zou hij de hoofdpersoon ook bij naam kunnen noemen. De hoofdpersoon heet Nathan, op bladzijde 263 kun je zien dat hij zijn eigen naam spelt. Aangezien Adriaan van Dis meer boeken heeft geschreven over Nathan, kun je aan nemen dat de hoofdpersoon ook daadwerkelijk Nathan heet.

Kees

11 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Y.

Y.

Dit boek heb ik moeten lezen voor Nederlands, de naam van de ikpersoon is NATHAN. Dit staat achterin het boek, daar zegt hij hoe hij heeft leren schrijven en dat hij de letters N A T H A N moest schrijven, dit is niet echt duidelijk maar staat er dus wel in ;)

11 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

R.

R.

In het boekverslag staat dta de naam van de ik-persoon niet voorkomt in het boek. Dit is wel zo. Op pagina 263 wordt zijn naam gespeld. Veel mensen lezen hier overheen. De ik-persoon heet Nathan.

10 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast