*De relatie met politieke achtergronden.
Het verhaal speelt zich af in de Tweede Wereldoorlog. De hoofdpersoon probeert zich in leven te houden zolang er oorlog is. In de oorlog gedraagt iedereen zich anders. Ook de soldaten in het verhaal. Wanneer de hoofpersoon de kans krijgt in een huis te wonen en net te doen of er niks aan de hand is, neemt hij die kans. Hij probeert dit kleine beetje dat hij heeft met alle middelen vast te houden, zelfs met moord.
Citaat: Op blz.27 staat: “Ik tikte de as af op het tapijt, maar niet zonder innerlijke afkeuring, ik die mijn neus had gesnoten in mijn hemd, nooit mijn handen meer waste voor het eten, om van tandenpoetsen niet te spreken; ik die drie jaar gespuwd had waar ik wilde, en wekenlang mijn gat niet afveegde.” Zijn gevoel is gehard door de oorlog. Zijn handelingen zijn erg agressief, hij is het moorden gewend geraakt en het doet hem dan ook helemaal niks meer.

*De relatie met sociaal-economische achtergronden.
Van de samenleving in die tijd komt niet echt iets in het boek terug. Het is oorlog, dus er zijn verschillende landen die tegen elkaar strijden. Ze doen er alles voor om te winnen, en als ze dat gedaan hebben laten ze dat ook duidelijk merken. De hoofdpersoon uit het boek, de Hollander, heeft moeite met contact, want hij vecht met soldaten van verschillende nationaliteiten, voornamelijk Oost-Europees. Als hij bij een verlaten huis komt, wil hij alleen zijn. Hij heeft helemaal niets en als hij niemand in het huis aantreft, eigent hij het huis zich toe. Wanneer de Duitsers verslagen zijn, komen de Russen en plunderen alles.
Citaat: Op blz. 29 staat: “De Duitser maakte een gebaar om aan te duiden dat de herovering hem geen moeite had gekost. ”

*De relatie met de culturele achtergronden.
In het boek komt de hoofdpersoon over als een nietig mens, hij is eenzaam en op weg naar zijn doel, namelijk de oorlog levend doorkomen.
Volgens Hermans is de mens een nietig wezen, dat met veel pijn en moeite door het leven ploetert, maar nooit zijn doel bereikt, omdat er geen weg is om op te gaan. Hermans noemt de mens een nietig wezen, maar dan kan het nog wel in het middelpunt staan, ook al is het moeilijk voor hem om zijn doel te bereiken. De ideeën van Hermans komen goed in het boek naar voren.
Citaat: Op blz. 5 kun je al merken dat het ieder voor zich is, iedereen moet zichzelf zien te redden. “Er volgde andere knallen, zonder dat ik de uitwerking zag. Ik keek niet om. Voor mij liep niemand.”

*De relatie met literaire stromingen en ontwikkelingen.
Hermans heeft een boek geschreven dat de oorlog goed beschrijft. Als je het boek leest ga je als het ware terug in de tijd, de tijd waarin de tweede wereldoorlog zich afspeelde.
Hermans heeft zich altijd verzet tegen de opvatting van sommige critici dat hij bij de schrijvers van zijn tijd hoorde, zoals Mulisch en Reve. Dit omdat in sommige van hun werken de oorlogsjaren de achtergrond vormen. Hermans waardeert de pessimistische levensbeschouwing van schrijvers. Zelf zegt Hermans dat zijn wereld- en mensbeeld in zijn verhalen met geen enkele andere schrijver of stroming te vergelijken is.
Volgens mij heeft hij dit boek geschreven als hulpmiddel om te proberen de oorlog te verwerken. De tweede wereldoorlog is nog best recent en ik denk dat veel mensen er baat bij zullen hebben om erover terug te lezen en zich een beetje een beeld kunnen vormen over hoe het was om dit allemaal mee te maken.
Citaat: Op blz. 10 vertelt de hoofdpersoon aan een Spanjaard wat er allemaal met hem gebeurd is in de oorlog: “Gevangen door Duitsers. Gevangenis. Veroordeeld. Drie jaar. Tuchthuis. Op weg naar andere gevangenis ontsnapt. Dan weer gevangen. Concentratiekamp.
Strellwitz. Ken je Strellwitz? Zes maanden. Weer gevlucht. Gepakt, vlak bij Zwitserse grens. In Saksen uit trein gesprongen. Gelopen, aldoor gelopen naar het oosten.” Dit stukje lees je in een halve minuut, maar het is een beschrijving van vier jaar.
Op blz. 10 komt ook het pessimistische schrijven van Hermans naar voren. ‘Er zou een eind aan komen, eindelijk een eind. Ik wierp het hoofd in de nek van angst. Zo sprong ik over de lichamen op de weg, zonder er langer naar te kijken dan voldoende was om niet te struikelen.’

*Bepaal de thematiek van het boek.
De thematiek van het boek is de oorlog de afschuwelijke dingen die er gebeuren en vooral de chaos die heerst in die tijd. De Hollander sluit zich een lange tijd van de oorlog af door een lange tijd gedurende de oorlog in het behouden huis te verblijven waarbij hij zich verzet tegen de afschuw van de oorlog. Later blijkt toch dat je aan de afschuw van de oorlog niet kan ontkomen en hij wordt er toch weer door meegesleept als het dichtbij komt.
Volgens Hermans is de beschaving schijn en hoort chaos bij de mens. Dit komt in het boek weer duidelijk naar voren.
Citaat: Aan het eind van het verhaal heeft de hoofdpersoon alle vertrouwen in de behoudendheid van het huis verloren. "Het was of het ook aldoor komedie had gespeeld en zich nu pas liet zien zoals het in werkelijkheid altijd was geweest: een hol, tochtig brok steen, inwendig vol afbraak en vuiligheid." Dit staat op blz. 79

*De relatie met de literatuuropvatting van de auteur.
Hermans heeft verschillende keren gezegd aan welke maatstaven een roman volgens hem moet voldoen. Zo heeft hij de voorkeur voor de ‘klassieke roman’. Daaronder verstaat hij een roman die in hoge mate ‘eenheid van handeling’ vertoont, waarin het thema volledig is verwerkt in het verhaal, waarin de optredende personages desnoods eerder personificaties zijn dan psychologische portretten, waarin een idee wordt uitgedrukt door handelingen en waarin alles wat gebeurt en alles wat beschreven wordt doelgericht is.
Het boek draait helemaal om het thema: de oorlog en de afschuwelijke dingen die er gebeuren. Het thema is dus verwerkt in het verhaal, doordat het steeds weer benadrukt wordt. Het boek is een eenheid. Je beleeft het verhaal echt mét de Hollander., doordat alles wordt nauwkeurig wordt beschreven. Hij vertelt goed over de schokkende dingen die gebeurd zijn en de omgeving waarin hij zat zodat je je goed in kunt leven in het verhaal.
Citaat: Op blz. 29 staat: “Ik keek over hem heen, naar zijn motorfiets die tegen de plataan stond, ik keek naar de brand waarvan ik drie haarden kon zien. ‘Jawel,’ zei ik toen, ‘ik ben ziek’.” Hier zie je dat de situatie heel nauwkeurig wordt omschreven.
En op blz. 17 kun je zien welke ‘rol’ en welk doel de oorlog had: ‘De oorlog had nooit werkelijk plaats gevonden; zolang ik niet gewond was, was er niets gebeurd.’

*De plaats van het gelezen werk in het oeuvre van de auteur.
Hermans heeft al veel boeken geschreven voor dat hij ‘het behouden huis’ schreef. ‘Het behouden huis is volgens recensent W.L.M.E. van Leeuwen het beste boek tot dan toe. Dit is het eerste boek dat ik lees van W.F. Hermans dus ik weet niet waar de andere boeken over gaan. Maar als ik naar de titels kijk denkt ik niet dat die ook over de oorlog gaan. Dit boek gaat over de Tweede Wereldoorlog, maar het is geschreven met een oog op de Koude oorlog die net van start is gegaan. Hij laat er symbolisch zien hoe volgens hem de vork in de steel zit.
Citaat: ‘Daar stond ik, Precies zoals ik begonnen was, een smerige soldaat op de tapijten tussen de marmeren wanden van een vreemd huis. De tijd had de helling niet kunnen nemen en rolde terug.’ Dit staat op blz. 37.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.