Lesuitval, een mondkapjesplicht, onzekerheid over de eindexamens... Wij zijn benieuwd hoe jij met de coronacrisis omgaat en wat jij vindt van de maatregelen. Doe mee met ons corona-onderzoek! 😷🦠🏫 We zoeken nog extra jongens!

Doe mee


ADVERTENTIE
Open Dag = online ontdekken en ontmoeten

Bezoek onze Online Open Dag dit jaar vanaf je bank! Ontdek bijzondere verhalen van onze studenten en docenten. Stel je vragen. Én luister naar onze gezellige radioshow! Klaar voor een toekomst als student in het hbo? 

Meld je dan nu aan!

Titel: De Verdronkene
Auteur: Margriet de Moor
Plaats van uitgave: Amsterdam
Jaar van uitgave: 2005
Druk: tweede druk
Motivatie keuze de Verdronkene
Het eerste boek dat ik gekozen heb is een boek van Margriet de Moor, genaamd ‘De verdronkene’. Mijn vader heeft het mij aangeraden: het is zijn lievelingsboek. Het boek gaat over twee zussen waarvan er een omkomt in de watersnoodramp van 1953 in Zeeland. Wat in het boek speelt is het feit dat één beslissing bepaald over leven en dood en het verloop van iemands verdere leven. Ik heb dit boek gekozen omdat deze twee onderwerpen mij erg aanspreken. Een tweede reden is dat ik familie heb in Zeeland. Ik kom dus vaak in Zeeland en heb er veel goede herinneringen. Een deel van mijn Zeeuwse familie heeft tijdens de watersnoodramp op het dak van hun huis moeten zitten. Ik kon me totaal niet voorstellen hoe dat geweest moet zijn en hoopte me door het lezen van dit boek beter te kunnen inleven. Ik was erg benieuwd wat mijn vader zo aansprak aan het boek en ben begonnen met lezen.
Oordeel kort na het lezen van de Verdronkene
Toen ik het boek net uithad zat ik vol emotie. Woede over de hulp die niet kwam, onbegrip over het verloop van de levens van deze vrouwen, minachting tegenover de man waar beide vrouwen mee getrouwd zijn geweest en ook een beetje vreugde omdat de zussen aan het einde bij elkaar terug komen. In het boek komen veel levensvragen aan bod die op verschillende manieren beantwoord worden. De stijl waarin het boek is geschreven is niet zoals de stijl van veel anderen boeken. Er wordt vaak niet duidelijk aangegeven over wie het stukje tekst gaat en wanneer een flash back begint en eindigt. Ik vind het vaak prettig lezen in een andere stijl, je gaat daardoor nadenken over zinnen en gedachtes. Ik vond het een spannend en goed boek, maar ik begreep veel dingen niet. Dit boek zal dus voorlopig nog wel in mijn gedachte blijven.


Kort samenvatting de Verdronkene
In het boek lopen twee verhaallijnen. Ongeveer per hoofdstuk wisselt het perspectief van waaruit het verhaal wordt verteld. De twee hoofdpersonen zijn de zussen Lidy en Armanda, die ontzettend veel op elkaar lijken.
Lidy
Lidy Blaauw is 23 jaar, ze is getrouwd met haar geliefde man Sjoerd Blaauw en samen hebben ze een dochtertje. Armanda vraagt aan Lidy of die haar plaats in wil nemen bij de doping van een nichtje. Op 31 januari 1953 vertrekt Lidy naar Zeeland. Het feestje wordt gevierd terwijl buiten de wind waait. Midden in de nacht vertrekt Lidy naar het dorp om mensen te waarschuwen en de dijken te inspecteren. Na een lange en vermoeiende tocht komt Lidy met een groep Zeeuwse mensen aan bij de boerderij. Ze is net op tijd boven, het water komt al! Lidy heeft een erg goede en sterke band met de andere overlevenden, ze zijn als het ware haar nieuwe familie. In de namiddag van zondag 1 februari 1953 raakt het huis los van zijn fundamenten. Lidy komt met andere op een stuk voorbijdrijvend rietland terecht. Na een koude vermoeide toch blijft Lidy met twee andere over. Inmiddels is het eb. De andere twee verdrinken en Lidy is helemaal alleen in de grote Oosterschelde. Op maandagochtend 2 februari 1953 verdrinkt ook Lidy.
Armanda
De andere hoofdpersoon is Armanda Brouwer, 21 jaar en zus van Lidy. Armanda lijkt zowel qua uiterlijk als qua innerlijk op Lidy. Lidy’s man Sjoerd en Armanda blijven zoeken naar Lidy maar vinden niks dan lijken. Ruim een jaar na de ramp wordt Lidy doodverklaart, pas dertig jaar na de ramp wordt haar lijk gevonden. Twee jaar na de ramp trouwen Sjoerd en Armanda, ze krijgen twee kinderen. Armanda voedt Lidy’s kind op en verhuist naar Amsterdam. Na 18 jaar huwelijk gaan Sjoerd en Armanda uit elkaar. In het laatste hoofdstuk van deel IV gaat Armanda met Lidy’s dochter naar Schouwen-Duivenland om Lidy’s lijk te begraven.
Het laatste deel, deel V responsorium, is een gesprek tussen Armanda en de geestverschijning van Lidy. Ze delen ervaringen over het leven, over Sjoerd en over de dood.


Beschrijving van de tijd in de Verdronkene
Het verhaal voor de ene zus speelt zich af in februari 1953. Het verhaal van de andere zus begint in dezelfde tijd, maar gaat veel langer door; ongeveer tot het jaar 2000. De vertelde tijd van de ene zus (Lidy) is een dag of drie en dat van de andere zus (Armanda) ongeveer 50 jaar. In Armanda’s verhaallijn staan niet veel aanwijzingen wat betreft de tijd. In deel V, het Responsorium, staan een vage aanwijzing over wanneer het verhaal is afgelopen. Blz 317: “Hoe oud ben je nu?” “Ik? Niet eens stokoud, geloof ik. Vraag het me maar niet precies. Je zult wel weten dat in sommige gevallen de aftakeling al vrij vroeg kan inzetten.” In de andere verhaallijn krijg je een beter beeld van de tijd. Het is duidelijk wanneer het eb en vloed is of dag en nacht. Op bladzijde 179 een voorbeeld van de nacht: “In het voorlopig laatste maanlicht van deze nacht zagen ze dat het stukken draad waren, telefoon- of elektriciteitsleiding die was losgewaaid.” Op dezelfde bladzijde staat ook dat het weer vloed wordt: “Nu, plotseling oplevend, volede ze dat het water over haar knieën rolde. Het getij en het weer waren hun gang gegaan. De volgende vloed kwam eraan.”
De vertelde tijd in het boek is meer dan 50 jaar. Het boek is chronologisch opgebouwd. In het boek zitten heel veel vooruitwijzingen. Bijvoorbeeld op bladzijde 20: “Een kwartier nadat ze haar zuster voor het laatst in leven had gezien, liep Armanda over de markt.” Margriet de Moor maakt niet alleen gebruik van vooruitwijzingen, maar ook van flashbacks. Vooral bij Armanda en dan vooral in deel III. In hoofdstuk 5 wordt met behulp van een fotoalbum duidelijk hoe de bruiloft tussen haar en de ex van haar zus is verlopen.
Margriet de Moor speelt heel erg met de tijd. In het boek gaan de zussen namelijk tegelijkertijd dood, terwijl de vertelde tijd van Armanda vijftig is en van Lidy maar drie dagen. Een van de levensvragen die Margriet de Moor op die manier probeert te beantwoorden is dan ook of een langer leven ook noodzakelijker een gelukkiger leven is. Mijn mening hierover is dat dat absoluut niet waar is. Je moetuit het leven halen wat erin zit en niet constant bezig zijn met oud worden.
Hoofdpersonen in de Verdronkene
In dit boek zijn de hoofdpersonen zussen van elkaar: Lidy en Armanda. Aan het begin is vooral duidelijk dat ze erg op elkaar lijken. Allebei zwart haar, tenger postuur en grote ogen. Maar de zussen hebben meer dan alleen uiterlijk met elkaar gemeen, ze delen ook veel karaktereigenschappen en interesses. Lidy gaat al op jonge leeftijd dood bij de watersnoodramp van 1953. Omdat Lidy een klusje voor Armanda ging opknappen, blijft Armanda zich de rest van haar leven schuldig voelen over de dood van haar zuster. Er is nog iets wat bij Armanda speelt. Na Lidy’s dood trouwt Armanda met haar man, voedt haar kind op en gaat in haar huis wonen. Ze leeft als het ware het niet geleefde leven van haar zus. Dit belemmert haar om echt gelukkig te worden. Als na dertig jaar Lidy’s lijk is gevonden en wordt begraven zegt Armanda dit: “Er heeft zich te veel van jou in mij opgehoopt, Lidy. Door jou heb ik nooit kunnen zijn wie ik was” . Over Lidy is vooral te zeggen dat ze heel erg levenslustig is. Ze wil er zijn voor haar man, haar kind, haar zus en haar ouders. Ze mag van zichzelf niet doodgaan en verdrinken. Ze houdt het als langste vol van de mensen op de zolder, maar helaas komt redding te laat. Lidy is dapper, behulpzaam, beleefd en kan zich snel aanpassen aan de situatie. Ze had haar leventje prima op orde voor ze vertrok. Ze was gelukkig thuis, met man, kind zus etc. Dat kan je van Armanda niet zeggen: nog steeds niet getrouwd of kinderen op twintigjarige leeftijd. Je zou kunnen zien dat het Armanda wel goed uitkomt dat haar zus dood is, ze heeft opeens een man en een kind, alle dingen die ze altijd al wou. Toch blijft Lidy altijd een hele belangrijke rol in haar leven spelen. Ik vind niet dat de karaktereigenschappen goed zijn beschreven. Bij mij duurde het bijvoorbeeld heel lang voordat ik doorhad wat de verschillen tussen de vrouwen waren. Toch leer je de hoofdpersonen goed kennen. Dat komt door de beslissingen die ze nemen en bepaalde dingen die ze zeggen. Over het algemeen vind ik het heel belangrijk dat je de hoofdpersoon goed leert kennen. Het zorgt ervoor dat inleven makkelijk is en dat je de beslissingen gaat begrijpen. Dat vind ik ook een van de mindere kanten aan het boek.
Opbouw de Verdronkene
Het boek is opgebouwd uit vijf delen en dertig hoofdstukken. De delen hebben de titels: het weekenduitstapje, dit noem je slapen, er is altijd weer, familieroman en responsorium. Deze titels zijn heel goed gekozen, omdat meteen duidelijk is in welk deel van het verhaal je nu bent beland. Ze zorgen voor een duidelijke opbouw. De hoofdstukken gaan vaak omstebeurt over Lidy en Armanda. Als je ziet dat het hoofdstuk is afgelopen weet je dat je nu weer het verhaal van de andere zus leest. Het boek is vrij rommelig en onduidelijk, waardoor je er meer over gaat nadenken, dus het is wel handig dat er met de hoofdstukken een beetje structuur in wordt gebracht.
Ik vind niet dat er erg veel samenhang in het boek is. Het is vaak onduidelijk waar een flashback begint en eindigt en vanuit welk personage je kijkt. Aan het begin van het boek is dit erg onduidelijk, je bent dan ook nog niet gewent aan de stijl waarin het boek is geschreven. Als je eenmaal een stukje op weg bent in het boek worden veel dingen duidelijker.
Perspectief de Verdronkene
In dit boek is er sprake van een alwetende verteller. Af en toe krijg je te horen hoe het verhaal verder gaat of wat er op hetzelfde tijdstip op een ander plek gebeurt. Enkele voorbeelden daarvan zijn:
Blz. 13/14 : “Het was de laatste dag van januari. Als iemand haar gezegd had dat ze, met Nadja stevig in haar handen, alles nog maar eens goed moest bekijken, omdat haar afscheid een afscheid voorgoed was, had ze in haar binnenste wel geweten dat zoiets mogelijk was, maar had ze het niet geloofd. Ze was per slot van rekening nog maar drieëntwintig jaar.”
Blz. 18 : Wanneer Armanda haar zus Lidy op maandag 26 januari 1953 uitnodigt in haar plaats naar Zeeland te vertrekken: “Toch was er juist op dit tijdstip, duizenden kilometers verderop, een depressie in beweging gekomen, een klein lagedrukgebied. Begonnen bij de Straat van Labrador was ze vrij snel naar het oosten getrokken en had een paar andere depressies met zich meegesleept.”
Blz. 278: “Het kleinste rietlandje verbrokkelde en zonk weg. Hocke verdronk. Hij heeft nog een paar slagen gezwommen, maar algauw werden zijn spieren te koud. Ze had er niks van gemerkt”
De verteller weet van elk personage wat hij of zij denkt en doet, terwijl Lidy en Armanda dat soms niet weten. Deze vertelsituatie is heel betrouwbaar, omdat je van meerdere personen dingen te weten komt. De functie van deze vertelsituatie is vooral dat inleven heel goed mogelijk is. Ik snap precies hoe Lidy zich voelt als ze in het water drijft en wanhopig probeert te leven, of de manier hoe Armanda het leven van haar zuster overneemt.
Thema van de Verdronkene
In het boek komen meerdere thema’s aan bod. De dood van Lidy en later in het boek van hun ouders, van Nadja en aan het einde ook van Armanda. Een heel belangrijk thema is natuurlijk schuldgevoel. Omdat Lidy in Armanda’s plaats is gegaan, blijft Armanda de rest van haar leven met een schuldgevoel rondlopen. Ze probeert het niet geleefde leven van haar zus te leven. Het besef in het leven van een ander te zijn beland, wordt versterkt door het feit dat Lidy nogsteeds een van de honderden vermisten is en er ook werkelijk niet meer is. In het boek komt ook een vleugje jaloezie voor. Armanda wou best een avondje met Sjoerd alleen zijn en vond het niet zo erg dat Lidy een avondje weg zou gaan. Van te voren kon ze natuurlijk nooit weten dat deze beslissing de dood van haar zus zou betekenen. Armanda krijgt wat ze begeerde (Sjoerd), maar verlies zichzelf. Als zij al jaren met Lidy's man is getrouwd en inmiddels ook twee eigen kinderen van hem heeft, zegt ze tegen hem: “Weet je wat ik nog steeds wel eens denk? Lidy is maar één dagje weg en rekent erop dat ik het leven wel even voor haar waarneem. O jezus, je kent dat oude verhaal van Beatrijs toch? Met de heilige Maria, verdomd sportief, die de stand-in speelt terwijl Beatrijs intussen, ik bedoel, luister..” Door als plaatsvervangster op te treden in het leven van Lidy, heeft Armanda deze eigenlijk steeds in leven gehouden.
Een heel klein voorval kan de oorzaak zijn van een groot gevolg. Het leven heb je niet in eigen handen. Lidy heeft in de drie dagen dat ze probeerde te overleven ontzettend veel geleerd over de mensen en de wereld. Daarvoor was leidde ze een gelukkig leventje met man en kind. Armanda heeft een lang leven gehad met twee (eigenlijk drie) lieve kinderen maar is nooit erg gelukkig geweest.
Kortom: er komen veel thema’s aan bod in de Verdronkene. Het belangrijkste thema voor Armanda is schuldgevoel en voor Lidy levenslustig. Ook de dood en seksualiteit komen aan bod.
Recensie de Verdronkene
Op de volgende bladzijde staan twee recensies over het boek de Verdronkene geschreven door Margriet de Moor. Het zijn alle twee positieve recensies. De bovenste is geschreven door Arjen Peters en verschenen in de Volkskrant van 15 april. Het is getiteld “Vaste grond bestaat niet.” De tweede recensie is geschreven door Elsbeth Etty onder de titel “Veel te vol van de ander” en verschenen in het NRC van 22 april 2005. Ik heb in de recensie de feiten geel gemarkeerd, de meningen paars en de argumenten groen.
In de tweede recensie staat een stukje over dat Armanda het leven van haar zus overneemt en daardoor nooit kan zijn wie ze eigenlijk was. Ik ben het eens met deze opmerking en ik ben het ook eens met het feit dat het perspectief heel goed gebruikt is. Beide recensies zijn overwegend positief. Ze kunnen mij niet overtuigen dat het boek goed is, omdat ik dat zelf al van mening ben.
Ik denk dat de recensies niet erg hebben bijgedragen aan mijn begrip voor het boek. Ik heb al veel over het boek gesproken met andere lezers en door het maken van een leesverslag ga je er ook over nadenken. In het boek zijn niet veel dingen die ik niet begrijp, bijna alles is duidelijk. Tijdens het lezen was voor mij overigens nog veel onduidelijk. Het lezen van secundaire literatuur heeft dus niet bijgedragen aan mijn begrip voor het boek.
Eindoordeel de Verdronkene
Mijn eindoordeel over het boek is niet meer zo positief als toen ik het net uit had. Ik ben van mening dat er te veel onduidelijkheden zijn en dat er veel onlogische gebeurtenissen plaats vinden. Het duurt ook te lang voordat je het boek niet meer weg kan leggen, het begin is een beetje saai. Ik vind het boek wel heel interessant vanwege de informatie over de watersnoodramp. Ook vind ik heel goed de emoties van de mensen in angst beschreven. Hun laatste krachten om te blijven leven, bij sommige het egowisme terwijl andere mensen juist heel behulpzaam zijn voor totaal vreemde. Het is ontroerend om te zien hoe makkelijk Lidy’s dochter Armanda als haar moeder beschouwd. Af en toe een tikje ingewikkeld, maar vooral heel mooi beschreven. Ik vind het boek heel geloofwaardig en het heeft me zeker aan het denken gezet.
Recensies de Verdronkene
Volkskrant 15 april, Arjen Peters, onder de titel “Vaste grond bestaat niet.”
“De Moor vermenselijkt de ramp door middel van de bijna knusse scènes op de zolder van de boerderij, waar een hoogzwangere vrouw zelfs nog het leven schenkt aan een jongetje, terwijl rondom de nog lange tijd behouden woning wrakstukken en lijken drijven. Het extreme loslaten van haar normale leven, dat Lidy overkomt, past evenwel bij haar talent om voortvarend op ‘de grootse dingen’ af te stevenen. Is het dan wel zo’n toeval dat uitgerekend zij dit moest meemaken?
Maar de grootste prestatie die Margriet de Moor hier levert, is gelegen in de compositie: ze wisselt de hoofdstukken over Lidy ’s in noodlot verkeerde lot af met het ‘gewone’ leven dat Armanda in het gespaarde Amsterdam leidt. Voor hetzelfde geld, begrijpen we, had Lidy haar rechtmatige plaats ingenomen……. Heel wrang laat De Moor de Zeeuwse en Amsterdamse hoofdstukken op elkaar botsen: terwijl Lidy aan het verdrinken is, ligt Armanda thuis genietend in bad. Ze weet niet wat Lidy’s man Sjoerd, als die in 1955 háár man is geworden, in zijn schild voert: terwijl hij naar de radio luisterde, ‘nam een impulsief hersenschimmetje de vorm van een volstrekt voor de hand liggend besluit aan’. Een typisch De Moor-moment. Uit een caprice kan een catastrofe groeien. En niemand die achteraf een schuldige kan aanwijzen. Ronduit meisjesachtig en tegelijk van een intense dramatische kracht is het vijfde bedrijf van deze tragedie, ‘Responsorium’ getiteld. Op het einde van haar leven zit Armanda in huize Tabithai, niet ver afgedreven van de plek waar ze is opgegroeid en heeft gewoond. Ze voert een dialoog met haar gestorven zus, die ze door haar leven over te nemen in zekere zin in leven heeft gehouden. Respectievelijk oud en dood zijn ze ook weer meisjes. Vroeger en nu zijn onontwarbaar verstrengeld. Dat slot is, zoals deze hele imponerende roman, van een pijnlijke schoonheid.”
NRC 22 april 2005 Elsbeth Etty onder de titel “Veel te vol van de ander”
“Virtuoos brengt De Moor haar contrasten aan. Na een hallucinair relaas over Lidy's uren durende gevecht tegen de verdrinkingsdood, volgt een bloedeloze uiteenzetting onder de woordspelige titel `De verdrongen’ met Armanda in de hoofdrol. Tijdens een begrafenis van de vermoedelijke resten van Lidy - na dertig jaar gevonden in het Zeeuwse slik - zegt ze: `Er heeft zich te veel van jou in mij opgehoopt, Lidy. Door jou heb ik nooit kunnen zijn wie ik was.’ In deze tegenstelling ligt ook een bekend thema van De Moor besloten: dat van de ontheemde die volkomen op zijn plaats is in een onbekende omgeving, terwijl de thuisblijver zich verbannen voelt uit zijn eigen bestaan.
Het is een vondst dit thema te plaatsen tegen de achtergrond van de adembenemend beschreven watersnoodramp van 1953, juist omdat de afschuwelijke beelden daarvan zoveel herkenning oproepen. Het door Armanda gearrangeerde uitstapje van Lidy naar Zierikzee - een weekendje weg om nooit weer terug te keren - is een briljant verslag van verregaande inleving. De Moor vertelt iets na wat niemand heeft kunnen navertellen en geeft daarmee de roman, ook al kennen we bij voorbaat de afloop, een spanning die ze bijna tot het einde weet vol te houden.”

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.