De val door Marga Minco

Beoordeling 6.3
Foto van een scholier
Boekcover De val
Shadow
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 1495 woorden
  • 4 mei 2001
  • 34 keer beoordeeld
Cijfer 6.3
34 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1983
Pagina's
92
Geschikt voor
bovenbouw vmbo/havo/vwo
Punten
1 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover De val
Shadow
Frieda Borgstein woont in een bejaardentehuis. Ze is 84 jaar oud. De gebeurtenis die haar leven heeft beheerst is het wegvoeren van haar man en kinderen tijdens de oorlog. Zelf was zij juist boven in huis toen de Duitsers kwamen. Waarom werd het huis niet verder doorzocht en waarom hebben ze haar niet meegenomen?
Frieda Borgstein woont in een bejaardentehuis. Ze is 84 jaar oud. De gebeurtenis die haar leven heeft beheerst is het wegvoeren van haar man en kinderen tijdens de oorlog. Zelf was…
Frieda Borgstein woont in een bejaardentehuis. Ze is 84 jaar oud. De gebeurtenis die haar leven heeft beheerst is het wegvoeren van haar man en kinderen tijdens de oorlog. Zelf was zij juist boven in huis toen de Duitsers kwamen. Waarom werd het huis niet verder doorzocht en waarom hebben ze haar niet meegenomen?
De val door Marga Minco
Shadow

1. Zakelijke gegevens: Auteur: Marga Minco
Titel: De Val, uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 1991, 15e druk, (eerste druk in 1983), 93 blz. Genre: Roman

2. Eerste reactie

Keuze: Ik heb dit verhaal gekozen omdat ik achterliep met het het aantal ingeleverde leesverslagen, en heb daarom maar een kort boek genomen, zodat ik het snel uithad. Des te sneller ik het uitheb, des te sneller kan ik het leesverslag maken en inleveren.

Inhoud: Nadat ik het werk had gelezen had ik niet echt een bijzonder gevoel over het boek, het raakte me niet. Het einde ging nog wel, maar de rest was niet spannend emotioneel.

3. Verdieping: Samenvatting: Het verhaal begint met 2 medewerkers van gemeentewerken, die een put met stoom moeten luchten. De 2 mannen zijn uit hun humeur deze dag. Tergelijkertijd speelt het verhaal van Frieda Borgstein. Zij is bejaarde in zit een bejaardeflat tegenover de put die straks door de 2 mannen gelucht moet worden. Frieda herinnert zich vaak een moment uit de oorlog. Zij wou toen, in 1942, samen met haar man en dochter
naar Zwitserland vluchten. Er zou een auto voor de deur komen, terwijl zij in de gang zaten te wachten. Ze zouden instappen en naar een plek buiten de stad gebracht worden. Vandaaruit zouden ze naar Zwitserland worden gebracht. Frieda ging 6 minuten voor tijd nog even een vest halen. Toen hoorde ze de auto vertrekken. Ze ging snel naar beneden, en kon nog net zien hoe een grijze auto de bocht omreed. Haar man en dochter waren weg. Vanaf nu bleef ze zichzelf steeds afvragen waarom ze haar vergeten waren.

Op een dag viert Frieda haar verjaardag. Ze moet alleen eerst nog even langs de bakker en de kapper. Omdat het 10 graden vriest en er een stevige wind staat, adviseerd iedereen haar om binnen te blijven, maar ze is eigenwijs en gaat toch. Zelfs assistentie tijdens de tocht wijst ze af. Als ze buiten is en de straat wil oversteken wordt ze door de wind weggeblazen. Door toeval ziet niemand dat. Ze waait naar de achterkant van de wagen van de 2 gemeentewerkers. Zij hebben de auto zo neergezet, dat de put precies tussen de auto en de muur staat. Zo zal niemand, denken ze, in de put lopen. Je kan namelijk veel makkelijker langs de andere kant van de auto. De put hebben ze alvast opengezet. Er staat 1 man bij de wagen te wachten op de andere, die in een gebouw naar de wc is. Frieda waait naar de achterkant van de auto. De man bij de auto ziet dit niet omdat er net een bus langs kwam. Achter de auto is weinig wind en Frieda staat stil. Ze ziet rook uit een put komen. Ze ziet de put niet, maar ze weet dat die er is. Ze denkt dat ze makkelijk langs de put kan, er is immers 2 meter tussen de auto en de muur. Dat had ze mis. Ze stapt in de put en valt. Ze ligt dan in het kokende water (220 graden) waar de stoom vanaf komt en schreeuwt kort. De man hoorde haar vallen en probeert haar tevergeefs te redden. Het lukt hem niet haar omhoog te hijsen. De brandweer wordt gehaald en ze wordt uit het water gehaald. Ze leeft nog even, maar sterft toch na een tijdje.

Na de begrafenis heeft Hein Kessels (de man die hen in de oorlog met de auto op zou halen, en naar Zwitserland zou helpen vluchten) een gesprek met de ambtenaar van de proviciale bejaardenzorg. Hein vertelt wat er die avond is gebeurt: ¡§Op 24 April 1942 zou ik hun oppikken met de auto. Alleen ik had de auto niet beschikbaar, en dus ging ik met de fiets. Ik stond voor de deur en men kwam naar buiten. Maar toen stopte er een grijze auto en er stapten 2 Sd¡¦ers uit. Ze arresteerden ons, we waren verraden¡¨.

Frieda heeft dus geluk gehad dsat ze net boven was om een vest te pakken, anders was ze ook gearresteerd.

Onderzoek van de verhaaltechniek:

„h Het verhaal is in de personale vorm, de HijZij vorm
geschreven.

„h Er lopen 2 verhalen door elkaar heen, die van de 2 slecht gehumeerde gemeentewerkers, en die van de bejaarde Frieda. Het verhaal van Frieda kan je ook in 2¡¦en splitsen. Namlijk het deel dat zij denkt aan 1942, en nu. Waar het verhaal zich afspeelt in mij niet duidelijk geworden.

„h Er is eigenlijk maar 1 belangrijk verhaalfiguur, namelijk Frieda Borgstein. Om haar draait het allemaal, zij is degene met de oorlogstrauma¡¦s en degene die in de put valt.

„h De situatie waar het hele verhaal om draait is de val in de put. De titel verwijst ook naar die val. Ook een belangijke gebeurtenis is de arrestering door de SD¡¦ers. Daardoor verliest ze haar familie en krijgt ze oorlogstrauma¡¦s.

„h De schrijfstijl is vrij moeilijk. De moeilijke (en oude ) woorden die erin voorkomen vallen wel mee, het gaat meer om de lastige constructie van zinnen. Ze zijn soms lang en aan elkaar gebreid. Het ergste vind ik nog wel het steeds springen van vroeger naar nu. Soms wist ik echt niet meer of iets nou nu gebeurt of vroeger is gebeurd.

Op zoek naar de thematiek:

„h Het thema van het verhaal is dat het leven van Frieda wordt bepaald door een gelukje uit de 2e wereldoorlog. Wat ook bij het thema hoort is het feit dat ze steeds aan dat gelukje denkt, alleen dan op een negatieve manier.

„h Tekstgedeelten die typerend voor dat thema zijn o.a. dat de hoofdpersoon steeds denkt aan dat moment toen ze de auto net om de hoek zag verdwijnen. Ze dacht dat ze pech had toen ze de auto
zag verdwijnen, maar eigenlijk had ze geluk.

„h Het verband tussen de titel en het thema is dat de titel
verwijst naar de val van Frieda in de put.

Plaats in de literatuurgeschiedenis: „h Het boek is gepubliceerd in 1983, zo¡¦n 40 jaar na de oorlog.

„h Biografie: Marga Minco wordt op 31 maart 1920 als Sara Minco in Ginneken geboren in een orthodox-joods gezin. Al spoedig laat ze zich in plaats van Sara Selma noemen. Na haar schooljaren treedt ze in 1938 in dienst van de Bredasche Courant als verslaggeefster. Daar werkt ze tot het moment dat de directie verplicht wordt joodse personeelsleden te ontslaan. In deze tijd ontmoet ze de journalist en auteur Bert Voeten, die haar echtgenoot zal worden.

In het begin van de oorlog verblijft ze in Assen, Delft en Amsterdam. Ze krijgt een lichte vorm van tbc en belandt in ziekenhuizen in Utrecht en Amersfoort. In het najaar van 1942 komt ze terug in Amsterdam bij haar ouders die inmiddels op last van de bezetter wonen in het zogenaamde 'Judenviertel'.

Dan komt de dramatische gebeurtenis die haar leven ingrijpend verandert en haar toekomstige literaire werk bepaalt: haar ouders worden opgepakt, zelf heeft ze de kans te ontkomen. Ze verblijft de rest van de oorlog op onderduikadressen en woont, voorzien van geblondeerd haar en een nieuwe naam (Marga Faes, de voornaam houdt ze aan), vanaf de zomer van 1944 met Bert Voeten in Amsterdam. Ze is de enige van haar familie die de oorlog overleeft: haar ouders, broer en zus worden door de Duitsers omgebracht.

Na de oorlog werkt Minco voor een aantal kranten en tijdschriften (onder meer het satirische blad Mandril). Vlak voor de herdenkingsdagen van mei 1957 wordt Het bittere kruid gepubliceerd, de novelle waarin ze haar eigen ervaringen tijdens de oorlog beschrijft, al is de hoofdpersoon in het boek tien jaar jonger dan zij destijds was. Het boek maakt veel indruk, vooral door de sobere stijl. Zonder grote woorden is het in de details zeer ontroerend. Steeds voelbaarder worden voor de jonge hoofdpersoon en haar familie de anti- joodse maatregelen van de Duitsers. Maar Minco toont ook dat het bedreigende van sommige maatregelen niet altijd direct tot de mensen doordrong.

„h Het werk is vrij typerend voor de schrijver. Dat kan je zien aan dit citaat: 'Ik kom altijd weer op die periode '40-'45 terug, ik wil het vaak niet, maar die jaren hebben mij het hevigst aangegrepen.'

4. Beoordeling:

„h Ik vond het een saai boek. Er gebeurde weinig, behalve dan de val in de put. De arrestatie van haargezinsleden was ook wel een situatie, maar het werd niet echt als spannende situatie verteld. Ze vertelt het een beetje indirect.

„h Wat ik wel goed vindt aan het boek is hoe alles samenkomt aan het eind. Eerst dacht ik dat die arrestatie van haar gezinsleden en de slechte bui van de gemeentewerkers niets met de val in de put te maken hadden, maar dat bleek wel zo aan het eind.

„h Over het thema oorlogstrauma¡¦s is al erg veel geschreven, erg bijzonder is het thema dus niet.

„h Het taalgebruik vind ik vrij moeilijk. Het was me af en toe niet duidelijk wanneer iets gebeurde. Dat had ze wel duidelijker moeten laten blijken.

„h Mijn eindoordeel over dit boek is een 6. Het werk is namelijk saai. Ik zou het dan ook weinig mensen aanraden.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De val door Marga Minco"