Gegevens van het boek
Auteur: Josephine Tey (pseudoniem van Elizabeth Mackintosh, 1896 – 1952)
Oorspronkelijke titel: The Man in the Queue
Voor het eerst gepubliceerd in: 1929
Nederlandse titel: De geduldige dode
Uitgeverij: Het Spectrum NV, Utrecht/Antwerpen, 1964, 1e druk, Prisma Pocket 999
Aantal pagina’s: 187
Genre: detectiveroman
Samenvatting van het boek
Voor het Woffington Theater in Londen staat een lange rij mensen te wachten. Als de deuren opengaan en de rij langzaam begint te bewegen, valt een man langzaam voorover. Uit zijn rug steekt een zilveren dolk. Hij is vermoord. Inspecteur Alan Grant van Scotland Yard wordt met het onderzoek belast. Het slachtoffer heeft geen identiteitspapieren bij zich, maar wel een geladen revolver op zak. Op de dolk zitten geen vingerafdrukken. Niemand meldt bij de politie, dat er iemand vermist wordt. De identiteit van de dode blijft dus onbekend. Grant verhoort de mensen die om het slachtoffer heen in de rij stonden, maar wordt daar niets wijzer van. Ze hebben niemand de rij zien verlaten of met het slachtoffer zien praten. Grant praat vervolgens met Ray Marcable - een bekende musicalster in het Woffington Theater - en beschrijft de dolk. Het lijkt alsof Ray de dolk lijkt te kennen, maar ze wil er verder niets over zeggen. Grant piekert over de identiteit van de dode. Iemand moet hem toch missen en bij de politie als vermist opgeven? Grant vraagt zich af of het iemand is die lid is van een bende. Hij laat Danny Miller, leider van een bende in Londen, komen en beschrijft hem de dode. Miller kent hem niet, maar zegt bij het bekijken van het lijk, dat hij hem wel eens gezien heeft, maar hij weet niet meer waar. Dan wordt Grant bezocht door Raoul Legarde, een zilverpoetser in een restaurant. Hij vertelt Grant, dat hij ook in de rij voor het theater stond en gezien heeft hoe een Zuid-Europees type met de dode stond te praten. Kennelijk hadden ze ergens ruzie over. Lagarde verstond niet wat ze zeiden. Op een gegeven moment verliet de Zuid-Europese man de rij.
Dan komt bij Scotland Yard een briefje binnen met vijf bankbiljetten van vijf pond erbij; het is bedoeld om de dode te laten begraven. Er is dus iemand die de dode kent. Via de stropdas van de dode komt Grant in Nottingham terecht, waar een medewerker van een modemagazijn bevestigt deze aan de dode verkocht te hebben. Dan herinnert Miller zich opeens waar hij de dode gezien heeft: in de trein op weg naar Nottingham. De dode ging daar naar de paardenrennen. Via de bankbiljetten komt Grant erachter, dat het geld afkomstig is van de rekening van een zekere Albert Sorrell, een bookmaker uit Londen. De cheque is bij de bank geïnd door een Zuid-Europees uitziende man. Op de paardenraces hoort Grant waar Sorrell gewoond heeft. Hij gaat naar het adres toe en verneemt van de hospita, mevrouw Everett, dat Sorrell inderdaad bij haar op kamers gewoond heeft samen met een vriend van hem, Gerald Lamont. Beiden zijn inmiddels naar elders vertrokken. Ze laat Grant twee foto's zien en Grant ziet onmiddellijk, dat de vermoorde man Sorrell is. Lamont ziet er uit als een Zuid-Europeaan en moet dus de moordenaar zijn. Als Grant weg is, waarschuwt mevrouw Everett Lamont en adviseert hem zo snel mogelijk onder te duiken. Omdat zijn signalement bij de politie bekend is, kan Lamont het land niet uit. Mevrouw Everett regelt dan, dat Lamont bij haar broer kan logeren die dominee is in het Schotse Carninnish. Lamont vertrekt per trein naar Carninnish. Grant komt er vervolgens achter, dat mevrouw Everett hem niet alles verteld heeft en dat ze Lamont naar Schotland heeft helpen ontsnappen. Grant vertrekt ook naar Schotland en ontdekt, vermomd als visser, Lamont in de pastorie van dominee Logan in Carninnish.
Grant gaat bij Logan thee drinken en vraagt Lamont met hem mee te gaan. Als ze buiten zijn, gooit Lamont peper in Grant's ogen en ontsnapt over de heide. Hij gaat naar de zee en probeert met een boot te ontsnappen. Grant weet hem echter te achterhalen en redt hem van de verdrinkingsdood. Lamont geeft zijn verzet dan op en vertelt Grant, dat hij Sorrell niet vermoord heeft en dat hij het geld gestuurd heeft. Lamont denkt, dat een vrouw Sorrell vermoord heeft. De revolver is van Lamont en toen hij deze miste, ging hij naar Sorrell toe die in de rij voor het theater stond. Lamont dacht namelijk, dat Sorrell zijn revolver had meegenomen. Sorrell ontkende dat en ze kregen toen ruzie, waarna Lamont wegging. Grant beseft, dat alle feiten tegen de onschuld van Lamont pleiten, maar hij begint toch te twijfelen. Via een broche met initialen in de bagage van Sorrell komt hij uiteindelijk achter de waarheid. De moord is gepleegd door mevrouw Wallis. Zij stond ook in de rij voor het theater en is de moeder van Ray Marcable. Sorrell was een jeugdvriend van Ray en wilde met haar trouwen, maar Ray wees hem af. Sorrell was daarom van plan Ray in het theater te vermoorden en daarna zelfmoord te plegen. Mevrouw Wallis vermoedde dit en wilde dit verhinderen. De enige definitieve manier om van Sorrell af te komen - hij had Ray de broche gestuurd, maar zij had hem geretourneerd - was hem te doden. Ze gebruikte daarvoor een dolk die haar overleden man ooit uit Spanje meegenomen had. Om die reden herkende Ray de dolk later ook.

Beoordeling van het boek
Ik vind het een goed en spannend geschreven boek, maar het einde bevredigt me niet. Het is dat mevrouw Wallis zich zelf bij Grant meldt en de moord bekent, maar anders was de moord waarschijnlijk niet opgelost. Ik vind de ontknoping eerlijk gezegd ook een beetje gezocht. Ik vind de Schotse accenten in het verhaal overigens wel leuk, maar dat heeft natuurlijk te maken met het feit, dat de schrijfster in Schotland geboren en getogen is. Opvallend is ook de tijdloosheid van het boek. Je hebt al lezend helemaal niet het idee, dat dit boek al ruim tachtig jaar oud is.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.