Titelverklaring

De titel, Van het westelijke front geen nieuws, slaat op het feit dat de hele groep op een gegeven moment sterft. Paul, de hoofdpersoon sterft als laatste en vanaf dat moment is er niks meer te horen vanuit het westelijke front.

Genre

Oorlogsverhaal (anti-oorlogsroman)

Personages

De personages maken deel uit van de 2. Kompagnie

Paul Bäumer
De hoofdpersoon van het boek. Een gymnasiast geweest. Paul is heel erg bang voor de dood. Gelukkig steeds minder, want de dood is om de hoek

Staislaus Karczinsky
De leider van de groep. Hij is ook de oudste. Zijn bijnaam is Katt en hij werkte als schoenmaker. Hij kan de groep goed geruststellen, omdat hij zelf nergens bang voor is.

Tjaden
Maakt deel uit van de vriendengroep. Hij is bankwerker. Hij pikt niet heel veel dingen en dan raakt hij opgewonden en boos.

Müller V
Hij maakt deel uit van de vriendengroep van Paul. Hij heeft een vrolijke persoonlijkheid.

Albert Kropp
Maakt deel uit van de vriendengroep van Paul. Hij is brutaal en goed gebekt.

Franz Kemmerich
Maakt deel uit van de vriendengroep van Paul. Zijn lot is doodgaan. Hij is erg realistisch dus hij weet dat ook. Hij sterft als allereerste. Toch heeft hij een goed gevoel voor humor, hij is niet bang om dood te gaan.

Haie Westhus
Maakt ook deel uit van de vriendengroep van Paul. Hij is zelf heel angstig om dood te gaan daarom is hij heel stil.

Himmelstoss
De onderofficier van de kompagnie. Hij is heel erg arrogant en streng. Hij doet alsof hij niet bang is voor de oorlog maar uiteindelijk blijkt hij een grote schijterd te zijn. Hij is een grote oorlogsmisdadiger.

Detering
Een boer die ook in de 2. Kompagnie zit. Hij maakt zich constant druk om hoe het met zijn vrouw is.

Kantorek
De middelbare schoolleraar van Paul en zijn vrienden. Hij heeft de jongens verteld over de oorlog en hoe top het is om te strijden voor je vaderland. Nu blijkt dat niets minder waar is. Hij had de oorlog verheerlijkt.

Samenvatting

H1
Het eerste hoofdstuk speelt zich af 9 km van het front vandaan in het barakkenkamp. Het is 1916 en herfst. Voor het eerst in tijden hebben de soldaten genoeg eten en tabak, dat komt omdat er andere gestorven zijn, zij krijgen dan meer eten omdat de kompagnie halveert. De dood is hierdoor een geaccepteerd bestanddeel in hun leven, dood betekent namelijk eten voor hun. Doordat de soldaten in eens heel veel eten hebben krijgen ze last van hun maag- en spijsvertering, omdat ze er niet aan gewend zijn. De dood van Kemmerich betekent voor Müller dat hij de laarzen van Kemmerich krijgt. Ook hierdoor wordt de dood makkelijker geaccepteerd. Het noodlot van Kemmerich is als eerste sterven. Hij is in zijn been geschoten en heeft fantoompijn. Hij maakt zich constant druk om zijn horloge. Dit horloge symboliseert in het boek dat de jongens niet lang tijd meer hebben om te leven. De laarzen die Kemmerich bezit zijn een belangrijk symbool voor het boek. Degene die ze draagt sterft. Eerst heeft Kemmerich ze. De laarzen symboliseren, naast de dood, ook het ongevoelige oorlogsdenken. Müller had al zijn ogen op de laarzen voordat zijn vriend dood was.
De groep van Paul en zijn vrienden gebruiken de wcs als een soort stamkroeg. Ze kaarten daar en voeren goede gesprekken, maar trappen ook veel lol. Ze hebben het bijvoorbeeld over Kantorek, over hoe kwaad ze zijn dat hij de oorlog zo heeft verheerlijkt. Hij zei bijvoorbeeld dingen dat je laf was als je niet meedeed aan de oorlog. Ze zijn kwaad op de volwassenen. Zij hadden hun de goede weg moeten wijzen en niet moeten voorliegen.

H2
De soldaten zijn nog steeds in het barakkenkamp. Er komen nieuwe soldaten in het kamp. De soldaten zijn alleen erg onervaren omdat ze nooit opgeleid zijn tot soldaat. Er is een tekort aan soldaten, dus moeten er veel onopgeleide jongens naar het front, om te vechten voor hun land. Paul zelf is wel opgeleid tot soldaat. Deze training duurde tien weken lang. De opleiding werd gegeven door Himmelstoss. Himmelstoss had een hekel aan Paul en zijn vrienden. Het waren volgens hem jonge mannen zonder enig toekomstbeeld. Hij strafte ze dus vaak ook met zware taken.
Paul voelt zich heel verloren. Hij weet niet goed meer wat er is geweest en hij is angstig voor alles wat komen gaat. Het voelt als een klap in zijn gezicht. Ook schrikt Paul van hoe het met zijn vriend Kemmerich gaat. Hij is weer in het militaire ziekenhuis bij Kemmerich en hij hoort dat de doktoren Kemmerich geen morfine meer willen geven. Dat is omdat Kemmerich eigenlijk dood moet gaan. Dan is er plek voor andere gewonden soldaten in het ziekenhuis. Paul is hier erg van geschrokken. In dit stadium van het boek is Paul nog vooral veel verbaasd van de dingen die hem overkomen. Later wordt hij meer verbitterd over de gebeurtenissen, en uiteindelijk ontzettend onverschillig.

H3
De soldaten bevinden zich in het barakkenkamp. Er komen meer en meer vervangende groepen soldaten aan in het kamp. Kropp: seen the infants?. Ze krijgen dus ook weer meer eten en tabak. Er zijn nieuwe soldaten, dus zijn er ook soldaten gestorven, die geven hun eten en tabak.
Katt blijkt ineens heel goed te kunnen improviseren.Hij heeft brood uit de keuken weten te stelen, nu eten Paul en zijn vrienden dat lekker op. Himmelstoss haalt een grap uit met de jongens. Hij haalt bij de stapelbedden, bij de bovenste bedden de bodem er uit. Zo lijkt het alsof de onderste dat heeft gedaan en dan krijgen de jongens ruzie met elkaar.
De jongens willen Himmelstoss terug pakken. Dit doen ze ook als hij dronken terug komt uit de kroeg. Himmelstoss gaat vaak naar de kroeg en komt dan dronken thuis. Ze pakken hem door een laken over zijn hoofd te doen. Zo is hij helemaal gedesoriënteerd en in paniek. Dan geeft een van de jongens hem een klap. Dan drukken ze een kussen in zijn hoofd. Himmelstoss raakt helemaal in paniek en weet niet wat hem overkomt. De jongens hebben er heel veel lol aan. Tjaden trekt dan zijn broek uit, tot zijn knieën zodat hij niet meer goed kan lopen. Dan slaan ze hem nog een aantal keer op de kont. Ze laten hem gaan, maar omdat Himmelstoss niet goed kan lopen moet hij op handen en voeten lopen. Hij loopt weg zoals een dier dat zou doen.

H4
De soldaten gaan in dit hoofdstuk onderweg naar het front. Ze gaan in vrachtwagens naar het front. Onderweg horen ze ganzen, Kemmerich hoort de ganzen ook. Hij denkt meteen aan eten. Het regent buiten en het is donker. Ze komen steeds dichter bij het front. De soldaten voelen allemaal de spanning elke centimeter dichterbij het front worden de zenuwen meer.
Ze zijn heel dichtbij het front, vanaf hier af aan moeten ze lopen. Ze stappen uit. Ze worden geopperd om te marcheren door de bosjes. Dat doen ze dan ook. Ze moeten eerst het met prikkeldraad versperde pad toegankelijk maken. Ze lopen door de bosjes en horen schoten. In de verte horen ze gegil. Ze naderen het gegil en het zijn paarden die aan het gillen zijn (dieren instinct, rennen als je geluid hoort). De paarden zijn bang, bang voor de schoten die ze horen. Detering vindt het verschrikkelijk om de paarden zo te zien. Hij wil ze graag doodschieten om ze zo van hun angst af te brengen. Ze besluiten de paarden neer te schieten.
De terugweg, weg van front komen ze bij een begraafplaats. Kant heeft een raar gevoel, een gevoel alsof er iets slechts gaat gebeuren. Hij zegt dat ze de gasmaskers op moeten zetten omdat hij het gevoel heeft dat er een gasaanval aankomt. Ze zetten de maskers op en verschuilen zich onder een doodskist. Kant had gelijk er is inderdaad een gasaanval. Het wordt een hele bende op het terrein. Er vliegt van alles door de lucht, onder andere een doodskist. De doodskist landt weer, op de arm van een soldaat. Zijn hele arm is verpletterd.
Er is ook een net nieuw aangenomen soldaat mee, een rekruut. Hij is vreselijk bang hij smeekt voor god en roept voor zijn moeder. Hij heeft zoveel angst. Ze denken erover na om hem, net als de paarden uit zijn lijden te verlossen door hem dood te schieten. Maar ze doen het toch niet, ook al heeft hij zoveel pijn en angst.
Dit hoofdstuk is niet vergelijkbaar met de voorgaande hoofdstukken omdat in dit hoofdstuk pas echt blijkt hoe verschrikkelijk het eigenlijk is om in de oorlog te zitten. Alles is nu niet meer gewoon te accepteren, het is een afschuwelijke taak. Er zijn 5 doden en 8 gewonden. Ook wordt hier benoemd dat de soldaten niet worden beschouwd als individuelen maar als deel van een kolonie.

H5
In dit hoofdstuk zitten ze achter het front. De jongens zitten in een hevige discussie. Eerst hebben ze het over de nuttige dingen die je op school leert, wat zij helemaal niet nuttig vinden. Vooral omdat zij er toch niks aan hebben gehad. Ze zitten nu immers hier, dichtbij het front. Alles wat de soldaten kunnen is kaarten, oorlog voeren en muren voegen. Verder hebben ze geen talent en van school hebben ze ook niks geleerd. Daarom denkt Kropp dat de soldaten geen toekomst hebben. De kernzin van dit hoofdstuk is Der Krieg hat uns für alles verdorben. Kropp wil hiermee zeggen dat de oorlog voor hun alles heeft verpest omdat hun band met het verleden hierdoor weg is. Ze hebben niks en krijgen ook niet de kans om iets op te bouwen. Onze generatie is een verloren generatie (voorbeeld van expressionisme in het boek)
Tjaden en Kropp hebben weer een conflict met Himmelstoss. Ze nemen hem te grazen. Himmelstoss is niet blij en Tjaden en Kropp moeten voor het gerecht komen. De chef moet ze een straf geven, dat is zijn werk, maar hij vindt het eigenlijk een beetje onzin. Himmelstoss zeurt te erg vindt hij. Toch straft hij ze, maar heel mild. Kropp moet een dag op taakstraf en Tjaden twee dagen. De jongens vermaken zich goed tijdens hun straf, ze hebben het gewoon naar hun zin. Ze vangen ook een gans.

H6
De soldaten gaan weer op weg naar het front. Onderweg zien ze een aantal lijkenisten. Hier maken ze cynische grapjes over: zo dat is in ieder geval goed geregeld. De tegenstander is heel sterk, ze blijven nieuwe munitie en troepen krijgen. De Duitsers hebben dit niet en de nieuwe soldaten die zij krijgen hebben nauwelijks opleiding gehad en zijn heel jong. Ze zitten ook nog in de vervelende situatie dat ze allemaal ratten om hun heen hebben. De ratten eten ook hun eten op. Kropp heeft hier een oplossing op bedacht. Hij doet het eten in zakjes en hangt het aan de lamp. Maar zelfs dat weten de ratten te bereiken.
Er heerst heel veel spanning, want niemand begint aan te vallen. Ze wachten al super lang maar de Fransen hebben nog steeds niet aangevallen. Het wachten duurt zo lang dat de soldaten gek worden, zo gek dat zelfs een aantal van hun moet worden vastgebonden. En dan eindelijk begint de aanval, het is heel wreed, de Fransen zijn heel veel sterker. Zo sterk dat de Duitsers zelfs worden doodgeslagen door de Fransen. Paul komt tijdens de aanval Himmelstoss tegen. Hij is ontzettend bang. Al die tijd dat Himmelstoss zo stoer praatte bleek allemaal schijn te zijn, Himmelstoss is een grote schijterd.
De strijd is oneerlijk, de Duitsers hebben honger en de Fransen zijn goed verzorgd. De Duitsers trekken zich dus terug, en laten de doden achter.

H7
Kropp, Leer en Bäumer gaan in dit hoofdstuk naar het kanaal. Aan de overkant van het kanaal zien ze een aantal knappe Franse meisjes. Ze komen in contact met de meisjes. Paul mag een paar daagjes op vakantie.

H8
De Duitsers krijgen eindelijk weer wat te eten. Helaas moeten ze daar goed op passen, want de Russen stelen steeds hun eten. Ze moeten een voor een op wacht voor de Russen. Ze vinden de Russen schuw, angstig en pesterig. Ze hebben nu weer minder eten, het eten is te veel om te sterven en te weinig om er van te leven.
Ze zijn in het barakkenkamp de heidelager. Paul bezoekt daar zijn familie. Zijn moeder is er niet, want die is ziek. Zijn broer en zus zijn er wel, en die hebben een verrassing voor hem. Ze hebben een kartoffelpuffer voor Paul meegenomen. Dit heeft een emotionele waarde voor Paul want zijn moeder heeft het gemaakt en dat deed ze vroeger ook altijd.
Paul voelt zich slecht voor zijn moeder ze is super ziek, en de ziektekostenverzekering is al bijna op. Zijn vader moet dag en nacht werken, zodat zijn vrouw in leven kan blijven. En de vader durft niet alles te zeggen en te vragen aan de arts, want straks wil hij haar niet meer blijven opereren.

H9
In dit hoofdstuk krijgen de soldaten ineens allerlei mooie kledij en ze maken alles mooi schoon, dit is omdat de keizer langs komt. Iedereen is daarom super opgewonden en gespannen. Uiteindelijk blijkt het een dikke tegenvaller, de keizer stelde niks voor.
Ze gaan op patrouille op vijandig gebied en ze komen een hele hoop lijken tegen. Dit is omdat er veel explosies zijn geweest en de luchtdruk nu hoog is. Ze ontmoeten een Franse soldaat die veel pijn heeft. Pauls eerste reactie is hem dood willen schieten. Maar dan, schrikt hij van zichzelf, hij wil gewoon een levend persoon doodschieten. En omdat hij nou toevallig Duits is en de gewonde Frans moet hij hem doodschieten. Paul snapt het allemaal even niet meer: hoezo is dit mijn vijand, het is gewoon een persoon. Paul heeft even contact met de Fransman, maar hij leidt zo veel pijn dat Paul hem toch neer moet schieten. Hij pakt de portefeuille uit de zak van de soldaat en hij neemt zich voor om dit te gaan brengen naar de thuisplek van de soldaat.
In eens wordt Paul heel angstig en hij beseft hoe gevaarlijk deze situatie is. Hij is thuis geweest en daar was alles vertrouwt. Het schiet hem te binnen hoe eng het is wat hij nu doet. Hij was doordat hij thuis was, de situatie helemaal ontwend.

H10
In hoofdstuk 10 is er een grote verandering in de manier waarop het verhaal wordt vertelt. In voorgaande hoofdstukken werden vreselijke gebeurtenissen heel uitgebreid en gedetailleerd beschreven, omdat Paul nu al zo lang in de oorlog zit beginnen gebeurtenissen niet meer zo belangrijk te zijn, om er zo veel over te schrijven. Dus in dit hoofdstuk werden belangrijke dingen wel benoemd maar niet per se uitgebreid beschreven, omdat er zoveel gebeurd en is gebeurd.
Ze zijn achter het front, ze hebben wat rust daar. Ze zitten in een verlaten dorp en zien een aantal biggen. Ze schieten de biggen neer en bakken en braden ze. Ook kunnen ze in eens alcohol drinken, wat heel ongebruikelijk was aan het front. Ze hebben het heerlijk, het is een idylle van eten en slapen. Maar omdat dit zo ongebruikelijk was en een te grote overgang voor de soldaten werden velen van hen ziek.
Ze gaan weer naar het front en krijgen een vijandelijke aanval. Kropp wordt geschoten in het been en Paul heeft een granaatsplinter. Omdat Kropp zo gewond is mag hij met de trein naar het katholieke ziekenhuis, en vanuit daar is de kans groot dat hij naar huis mag. Paul wil graag bij zijn vriend blijven dus hij doet ook alsof hij zo ziek is dat hij mee moet. Ze gaan samen met de trein en alles verloopt goed. Maar op een gegeven moment valt het Paul op dat de trein wel heel vaak stopt, op plekken ook waar hij niet zou moeten stoppen. Hij zoekt uit waarom dit zo is. Het blijkt dat de trein soms stopt om doden of zieken uit de trein te laden. Ook willen ze Kropp uitladen. Maar Paul wil nog steeds niet zijn vriend alleen laten. Dus Paul doet alsof hij koorts heeft zodat ze samen kunnen blijven. Dit gebeurd ook dus ze worden samen uitgeladen dichtbij het katholieke ziekenhuis. Ze worden daar opgevangen en ze liggen op een kamer met Josef Hamacher, hij heeft een schot in zijn hoofd gekregen. Peter, heeft een schot in zijn longen. Frans Wächter heeft een schotwond in zijn arm. Johann Lewandowski heeft een schot in zijn buik. Kropp zijn been moet worden geamputeerd, het valt niet meer te redden. Peter valt ook niet meer te redden denken de doktoren, hij moet er uit gereden worden, zeggen ze. Dit betekent dat hij naar de dodenkamer moet. Hij zal dus overlijden. Wat raar is, is dat Peter terugkeert uit de dodenkamer. Hij heeft zichzelf dus toch gered.
Het valt Paul op dat iedereen in het ziekenhuis een beetje raar loopt. De artsen zijn ten einde raad en beginnen te experimenteren. Er is een arts die beweert dat hij heel goed platvoeten kan behandelen, daarom zijn er veel mensen in het ziekenhuis die niet normaal meer lopen.
Johannn Lewandowsk krijgt bezoek van zijn vrouw en zijn baby. Ze zijn ontzettend blij om elkaar te zien. En de kamergenoten denken dat ze meer willen dan alleen elkaar zien. Dus dat gaan ze regelen. Iemand zorgt voor de baby en twee anderen gaan op wacht staan zodat Lewandowski en zijn vrouw kunnen doen wat ze willen.
Frau Lewandowski is heel erg dankbaar voor wat de jongens hebben gedaan. Ze heeft een worst bij zich en ze verdeelt dit onder de jongens.

H11
De duitsers worden zwakker en zwakker, terwijl de vijand maar blijft groeien. Er is een Amerikaans regiment, wat de Duitsers nog kanslozer maakt. Müller overlijdt tijdens de de tegenaanval aan het front. Dit betekent dat Paul nu de laarzen van Kemmerich mag dragen.
De Duitsers voldoen op geen enkel punt aan de eisen van een goed leger. Eigenlijk zijn de Duitsers veel sterker, maar hun munitie is niks en de nieuwe soldaten zijn onervaren.
De munitie die aan het Duitse leger wordt geregeld zit niet goed in elkaar, soms zitten het magazijn van het geweer de verkeerde kant op waardoor veel soldaten zichzelf per ongeluk doodschieten. Zo erg kan het zijn.
Detering ziet een kersenboom en dit doet hem aan thuis denken, hij mist thuis nu nog erger dan ooit.
Katt is in het been geschoten terwijl hij eten aan het halen was. Bäumer wil hem redden en pakt hem op zijn rug. Hij strompelt met hem op zijn rug richting de post waar hij gebonden kan worden. Er valt steeds bloed op de grond en hij laat een spoor bloed achter. Paul negeert dat, alles draait er om dat Katt blijft leven. Ondertussen is Katt allang dood en ergens weet Paul dat wel of niet maar hij wil er niet aan toegeven. Eenmaal aangekomen op de post vraagt Paul of zijn vriend kan worden geholpen. De arts zegt, nee, hij is al dood. Paul wil het maar niet geloven. Katt had onderweg een granaatsplinter gekregen, daaraan is hij overleden.
In hoofdstuk 11 wordt steeds herhaald: sommer 1918 dit verwijst naar de laatste verschrikkelijke oorlogsgebeurtenissen en het einde van Duitsland. In de zomer van 1918 wisten ze dat ze gingen verliezen en dat het einde er zat aan te komen. En dat er vanuit het westelijke front niets nieuws meer is te horen, want ze zitten maar te wachten op hun einde.

H12
Er is een wapenstilstand en Paul denkt dat hij nog 14 dagen hier moet zijn en dat hij dan naar huis mag gaan. Het is geen gerucht meer, Paul is de enige overlevende van de mensen uit zijn oude klas. Hij is hierdoor verdrietig. Hij denkt dat als er nu geen vrede wordt gesloten er een revolutie komt, een hele heftige.
Paul ziet zijn generatie als Gleich Nul! Niemand zal namelijk begrijpen hoe deze ‘lost generatie’ zich voelt.
Paul heeft geen angst meer om dood te gaan dus hij gaat er helemaal vol, hij sterft. Hij had toch niemand of iets meer, hij was niet bang. Paul Bäumer is dood. En er is niks meer te horen vanuit het front. In het boek is nu een verteller-wissel, omdat de eigenlijke verteller dood is. Ze draaien Paul om en hij ziet er uit alsof hij vredig gestorven is.

Schrijver

De schrijver van het boek laat heel soms zijn mening vallen in het boek. Zoals dat hij zegt: Ein Befehl hat diese stillen Gestalten zu unsern Feinden gemacht; ein Befehl könnte sie in unsere Freunde verwandeln. Hieruit blijkt dat Remarque vindt dat mensen in bepaalde omstandigheden een bepaalde positie innemen. Dus dat vrienden hierin tegenover elkaar kunnen komen te staan, maar ook naast elkaar. Denk aan het moment dat Paul de Franse soldaat dood wil schieten. En hij probeert hiermee te zeggen dat mensen erg volgzaam en gezagsgetrouw zijn.
Toen Remarque zestien jaar oud was begon de Eerste Wereldoorlog. Hij heeft het zelf meegemaakt en was toen ongeveer even oud als Paul en zijn vrienden. Ik denk dat hij daarom dit boek schreef, als ode aan zijn generatie.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Enge

Enge

Slecht. Boordevol spelfouten, en de helft klopt niet eens.

3 maanden geleden