J.S. Bach

Beoordeling 6.4
Foto van een scholier
  • Biografie door een scholier
  • 3e klas vmbo | 1169 woorden
  • 6 januari 2003
  • 95 keer beoordeeld
Cijfer 6.4
95 keer beoordeeld

1. Het leven van Johan Sebastian Bach. Johan Sebastian Bach komt van een familie met vele generaties musicanten. Hij was geboren op 21 maart 1685 in Eisenach (in Noord Duitsland) en was de zoon van de stadsmusicus Johan Ambrosius Bach. De vader ontdekte al snel dat bij zijn zoon een uitzonderlijk muzikaal talent en hij zette hem dan al snel aan de muzikale studie. Toen Johan Sebastian Bach op tien jarige leeftijd een wees werd begon zijn broer Johan Cristoph hem les te geven Dat was niet zo gek want Johan Christoph had zelf een goede opleiding gehad van de bekende musicus Pachebel. Toen Bach vijftien jaar was werd hij sopranist van het Michaëlklooster te Lüneburg. Op vrije middagen ging hij vandaar naar Hamburg om Reinke de toen begaafde orgelmeester te horen. Bach had een voorkeur voor orgelmuziek en zijn vreugde daarvoor kende geen grenzen toen hij zich de functie van organist te Arnstadt zag toegewezen. De 19-jarige Bach kwam daar onder andere in aanraking met de orgelcomponist Buxtehude. De organist van Arnstadt ging vervolgens naar Mühlhausen waar hij trouwde met Maria Barbara Bach de dochter van Michael Bach uit Gehren. In Weihmarh werd hij hoforganist en kamermusicus Bij Hertog Willem Ernst. Later concertmeester en daar hij gepaseerd werd bij de benoeming van kapelmeester. Hij ging als hofkapelmeester naar Cöthen om voor de kamermuziek te zorgen. Daardoor gaf hij minder aandacht aan zijn kerkuziek en orgelspel zodat die een beetje op de achtergrond raakten. In Cöthen overleed zijn vrouw en tegen het eind van die zelfde jaar trouwde hij met Anna Magdalena Wülcken. Bij zijn eerste vrouw kreeg hij zeven kinderen (Cath. Dorothea, Wilh. Friedemann, Joh. Christoph, Maria Sophie, Carl Philipp Emanuël, J. S. Bernhard en Leopold Augustus) en bij zijn tweede vrouw kreeg hij dertien kinderen (Christ. Soph. Henriëtta, Gottfr. Heinrich, Christ. Gottlieb, Elisabeth Jul. Friederica, Ernestus Andreas, Regina Johanna, Christ. Benedicta, Christ. Dorothea, Joh. Chr. Friedrich, Joh. Aug, Abraham, Joh. Christian, Joh. Carolina en Regine Susanna). In 1723 werd hij waardig geacht de functie van Cantor der Thomaskerk te Leipzig van Kuhnau over te nemen. Hij bleef dit werk doen tot zijn dood en daardoor heeft hij zeer veel voor de protestantse kerk gedaan. Deze Thomasschool was verdeeld in zeven klassen waarin muziek moest geleverd worden voor de verschillende kerken van Leipzig. Het was de taak van Bach dat hij zeven zanglessen per week moest geven, in de 3e en 4e leerjaar het Latijns moest leren, hij had ook het toezicht op het internaat en... moest eenmaal per week de leerlingen naar het kerk brengen. Volgens de instructie moest hij daarnaast steeds nieuwe composities leveren voor de godsdienstoefeningen op Zon en feestdagen moest ze ook instuderen en de zorg dragen dat er altijd een uitgebreid repertoire ter uitvoering gereed was. Met de 55 leerlingen waarvan naar zijn eigen zeggen 17 bruikbaar, 20 nog niet bruikbaar en 18 zo vervelend waren dat zij niet eens een hele noots-afstand konden zingen en met hen moest hij dag in dag uit oefenen. Dit wetend stijgt de bewondering voor Bach die onder zulke omstandigheden toch nog tijd had om composities te maken die nu nog steeds veel bewondering heeft. Zo maakte deze grote kunstenaar muziek die andere componisten zouden gaan gebruiken. Gedurende deze tijd schreef hij heel veel composities zoals de 'Matthäus-', de 'Johannes-' Pasion tweehonderd kerkelijke senaten het zogenaamde Weihnachtsoratorium; Kerst-, Paas- en Hemelvaartoratorium; de grote B-moll-mis en een vijfstemmig 'Magnificat'; het 'Wohltemperierte Klavier'; de 'Goldberg Variationen'; vele fuga's, sonaten, toccata's, concerten enzovoorts. Op hoge leeftijd verminderde echter zijn zicht zodat hij tenslotte bind werd. Op 28 juli 1750 is hij dood gegaan in. Leipzig.Drie dagen na de dood van Johan Sebastian Bach werd hij begraven op het Johanneskerkhof. 3. Beluistering van muziek Ik had de Jezus Christus Gottes Sohn gecomponeerd door Johan Sebastian Bach beluisterd. Ik vond het muziek wel mooi maar heel anders omdat ik nooit naar deze soort muziek luister ik luister vaak naar R&B, hiphop of rapmuziek. Dit is de eerste keer dat ik naar klassieke muziek luister omdat ik dacht dat het niet mooi zou zijn. Ik ben blij dat ik naar dit stuk heb beluisterd en nu wil ik meer van dit soort muziek horen. Naar aanleiding van dit stuk heb ik nog meer stukken beluisterd en de mooiste vond ik toch Sinfonia ook gecomponeerd door Johan Sebastian Bach.
4. Mijn mening over Johan Sebastian Bach Ik vind Johan Sebastian Bach een goede componist omdat hij heel veel in zijn leven heeft gedaan. Het is hem toch gelukt om een groot en beroemd meester te worden in klassieke muziek na al zijn tegenslagen. Nu nog steeds zijn er mensen die gefascineerd zijn in het leven van Johan Sebastian Bach. Ik heb voor Johan Sebastian Bach gekozen omdat ik al veel over hem had gehoord. Er zijn ook veel boeken, biografieën over hem te vinden op het internet had ik ook veel informatie over hem gevonden dus was het niet moeilijk voor mij om dit werkstuk te maken. 5. Bronvermelding: internet: WWV Bach. Pagina. NL
WWV Jsbach.org
boeken: Bach geschreven door Tim Dowley 1e druk
John. Seb. Bach geschreven door Ad Vos Inhoudsopgave: 1. Het leven van Johan Sebastian Bach
2. Aantal werken van Bach
3. Beluistering van muziek
4. Mijn mening over Johan Sebastian Bach
5. Bronvermelding 2. Aantal werken van Bach: Werk: Orkest: 4 orkestsuites. Concerten: 2 vioolconc. ; conc. V. 2 violen; Conc. V. fluit, viool en klavecimbel; 6 Brandenburgse conc.; 8 klavecimbelconc. (Bewerkingen); 3 conc. V. 2 klavecimbels (waarvan 2 bewerkingen); 2 conc. V. 3 klavecimbels (bewerkingen) Kamermuziek: 6 sonates v. viool en klavecimbel; 3 sonates v. viola da gamba en klavecimbel; 3 sonates v. fluit en klavecimbel; 3 sonates v. fluit en basso continuo. Solo-instrumenten: Luit: bewerkingen, o.a. van de 5de cellosuite. Viool: 3 sonates, 3 partita's. Cello: 6 suites. Fluit: sonate. Klavecimbel: 15 tweestemmige Inventionen en 15 Sinfonien (driestemmige Inventionen); 6 Franse en 6 Engelse suites; 6 partita's (Klavierübung I); partita (uit: Klavierübung II); Das Wohltemperierte Klavier I/II; 6 preludia of fantasieën met fuga's (w.o. de chromatische fantasie); 7 toccata's, 9 kleine preludia (uit: Klavierbüchlein v. W.F. Bach); 6 kleine preludia; 5 kleine preludia; Italienisches Konzert (uit: Klavierübung II), Aria mit 30 Veränderungen (Klavierübung IV: Goldbergvariaties); 16 concerten (bewerkingen van o.a. Vivaldi en Marcello; Echtheid betwijfelt); 4 duetten (uit: Klavierübung III); 5 suites; 3 menuetten (uit: Klavierbüchlein v. W.F. Bach); sonates; capriccio sopra la lontananza del suo fratello dilettissimo. Orgel: 6 triosonates; 18 grote preludia en fuga's; 23 preludia; fuga's en fantasieën; 8 kleine preludia en fuga's; 3 toccata's; 77 grote koraalvoorspelen; Orgelbüchlein, 4 koraalvar. Contrapuntische werken: Musikalisches Opfer (alleen voor de triosonate is bezetting aangegeven: fluit, viool, continuo); Die Kunst der Fuge (bezetting niet aangegeven; op klavecimbel of orgel uitvoerbaar; Een aantal onderdelen zijn mogelijk ook voor uitvoering op melodie-instrumenten gedacht). Vocaal: ca. 200 geestelijke en wereldlijke cantates; motetten; missen; Magnificat; Johannes Passion (1722–1723); Matthäus Passion (1728–1729); Markus Passion (1731); Weihnachts-Oratorium; ca. 200 4-st. koralen; aria's en geestelijke liederen, in: Schemellis Gesangbuch en in het tweede Notenbüchlein für Anna Magdalena Bach. Uitg: Vollständige kritische. Ausgabe aller Werke Bachs, d. Bach-Gesellschaft, Leipzig (46 dln., 1851–1899; herdr. in 35 dln., 1968), nwe uitg. d. J.-S.-Bach-Institut Göttingen en Bach-Archiv Leipzig (85 dln., 1955 vv.).

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.