ADVERTENTIE

Als ik moet kiezen, dan ga ik het liefst:

Levensgeschiedenis



Jezus werd geboren in Bethlehem, in een stal. Een engel had tegen Maria gezegd dat zij een kind zou krijgen, zonder gemeenschap te hebben; de zoon van God, mensenredder.

Toen Jezus 8 dagen oud was werd hij besneden en Jozef en Maria droegen Jezus op aan God.

Op zijn 12e verjaardag ging hij met Jozef en Maria naar Jeruzalem om het paasfeest te vieren. Toen het afgelopen was gingen Jozef en Maria terug, maar Jezus bleef achter. Toen ze hem gingen zoeken, vonden ze hem in de tempel en hij stelde vragen aan de rabbi's en luisterde naar hen.



Later ging Jezus naar de Jordaan om zich te laten dopen door Johannes de doper. Johannnes vond dat Jezus hem moest dopen in plaats van andersom. Jezus is toch gedoopt door Johannes en Johannes zag de geest van God en die sprak tot hem: “ Hij is mijn enige zoon, de man naar mijn hart”. Jezus werd ook eens op de proef gesteld door de duivel en tot drie keer toe noemde Jezus de wetten van God op.





Toen Jezus langs het meer van Galilea liep, zag hij de broers Petrus en Andreas. Hij riep hen en zij kwamen naar hem toe en gingen met hem mee. Een eind verder op zag hij Johannes en Jakobus. Ook zij lieten hun netten achter en gingen met Jezus mee om hem te volgen.

Vanaf die tijd gingen heel veel mensen Jezus volgen. Toen Jezus een keer een melaatse genas, zij hij tegen de man dat hij het niet mocht doorvertellen. De man deed dit toch en Jezus werd zo populair dat hij niet meer in de stad kon verschijnen en hij zocht rustige plekken op.



De Farizeeërs kregen een hekel aan Jezus, omdat hij zieken genas op sabbat en mensen vergeving gaf, ze vonden dat dat Godslastering was. Ze wouden hem het liefst gevangen nemen en ter dood laten veroordelen.



Judas, een discipel/ volgeling van Jezus, kon geld krijgen van de Farizeeërs als hij hun Jezus zou aanwijzen. Judas nam dit aanbod aan omdat hij dacht dat het de verkeerde kant opging met Jezus.



Jezus wist van tevoren dat hij dood zou gaan en heeft daar ook een paar keer van tevoren met zijn volgelingen over gehad. Hij heeft toen ook gezegd dat hij na dagen weer op zou staan. Hij moest sterven voor de zonden van de mens.



Bij het laatste avondmaal verdeelt Jezus het brood en de wijn. Toen ze aan tafel zaten zij Jezus: “Ik verzeker u, 1 van jullie zal mij verraden. De discipelen vroegen allemaal; u bedoelt mij toch niet Heer? Toen Judas dat zij, zei Jezus: zoals u zegt.

Judas ging weg en Jezus zij tegen de discipelen dat zij hem deze nacht allemaal zouden verlaten. Hij zei tegen Petrus dat hij hem 3 maal zou verraden voordat de haan zou kraaien.

Petrus ontkende dit, maar het gebeurde wel.



Jezus ging naar de berg Getsemanee, en bad tot zijn Vader. Hij wou eigenlijk niet meer dood en vroeg of God dit kon wijzigen, maar hij zou Gods wil doen. Toen hij terug kwam waren alle discipelen in slaap gevallen, Jezus was erg teleurgesteld in hen. Hij maakte hen wakker en ging weer terug naar de berg, weer waren de discipelen in slaap gevallen toen hij terugkwam.

Judas kwam naar de discipelen toe en had de Farizeeërs meegenomen. Hij gaf Jezus een kus, zo verraadde hij hem. Jezus werd gevangengenomen en naar Pilatus gebracht. Petrus ging ze ongemerkt achterna.

Toen ze bij Pilatus waren, stuurde hij Jezus eerst naar Herodus, maar die vond dat Jezus berecht moest worden door Pilatus omdat het zijn gedeelte was. Pilatus waste zijn handen in onschuld en het volk mocht beslissen over het lot van Jezus. Voor Jezus werd een moordenaar vrijgelaten. Jezus werd gegeseld en bespot door het volk. Daarna werd hij gekruisigd.

Naast hem hingen twee moordenaars die ook gekruisigd werden. Een van hen had berouw en Jezus vergaf hem. Toen Jezus aan het kruis hing, hing er van twaalf tot drie een dichte mist over het land. Jezus riep toen: " Eli, Eli, lama sabachtani? Dat betekent: Mijn God, Mijn God, waarom hebt u mij verlaten? Ook vroeg hij toen hij aan het kruis hing: God vergeef het hen, want zij weten niet wat zij doen!



Op hetzelfde moment dat Jezus stierf, Scheurde het zware gordijn voor de heilige plaats in de tempel van boven naar beneden in tweeën. De aarde sidderde en de rotsen scheurden.



Jezus werd begraven en er werd een grote steen voor gelegd, het

graf werd drie dagen bewaakt, omdat Jezus een keer had gezegd dat hij na drie dagen weer op zou staan..



Op de dag na de sabbat ging Maria van Magdala en de andere Maria naar het graf van Jezus want ze wouden hem zalfen. Toen ze daar kwamen zagen ze dat het lichaam van Jezus verdwenen was. Ze dachten dat het was gestolen, maar toen verscheen Jezus aan de twee vrouwen en hij zei tegen hen dat ze het moesten vertellen aan de discipelen en dat hij naar Galilea zou gaan.. Sommige discipelen geloofden het niet onder andere Thomas. Toen zij onder weg waren naar Galilea verscheen Jezus ook aan hen, nadat zij zijn wonden in zijn handen en voeten hadden gezien, geloofden zij pas dat het Jezus was en dat hij echt was opgestaan.



Hij zei tegen de discipelen dat zij het verhaal overal moesten rondbazuinen, zij moesten alle volken tot zijn discipelen maken. Hij zei:" Doop hen in de naam van de vader en van de zoon en van de heilige geest".



En zij mochten niet vergeten dat Jezus altijd bij hen zou zijn tot het einde van de tijd.



Enkele Gebeurtenissen:



¨ Eens was er in Kana een bruiloft waar Maria, Jezus en zijn leerlingen aanwezig waren. Na een tijd was de wijn op. Jezus veranderde de kruiken met water van het reinigingsritueel in wijn. Dit was het eerste wonder van Jezus en er zouden meer volgen

¨ Jezus ging naar Jeruzalem. In de tempel trof hij handelaren en geldwisselaars aan. Jezus joeg hun de tempel uit en wierp de tafels omver. Toen zei hij: " Weg hiermee! Maak van het huis van mijn vader geen markt". Dit was de tempelreiniging.

¨ De geest voerde Jezus naar de woestijn, waar de duivel hem op de proef zou stellen. Jezus vastte 10 dagen. Toen werd hij 3 keer op de proef gesteld. 3 keer noemde Jezus, Gods wetten op. Na de 3e keer liet de duivel hem met rust en kwamen engelen hem verzorgen. Dit heet de verzoeking in de woestijn.

¨ Hij geneest de zieken.

¨ Inde synagoge waar Jezus predikte was een bezeten man. Jezus beval de duivelse geest om uit de man weg te gaan. De man stuiptrekte en met een luide schreeuw ging de geest uit de man weg. Ook genas Jezus de moeder van Petrus, zij had hoge koorts en lag op sterven.



Karakterisering van Jezus naar nu.



Hoe Jezus nu zou wonen:



Jezus komt uit een eenvoudig gezin en in het verloop van zijn leven, blijft zijn leven eenvoudig.

Hij is een persoon die veel rondreist en hij heeft geen eigendommen.

Hij zou daarom in een hotel kunnen overnachten maar dat is veel te duur.

Een goedkopere variant van een hotel is een herberg.

Een tijdelijke woonplek en niet al te duur en bijna overal te vinden.

Zo kan hij op veel plaatsen van het woord van God verkondigen.



Wat voor werk Jezus nu zal doen:



Jezus heeft niet echt een baan, maar een roeping of een taak.

Zijn taak is het woord van God verkondigen.

Prediken in kerken en zo een beetje zijn geld voor de herberg verdienen.

Hij zou zich naast zijn roeping, door middel van vrijwilligerswerk zich inzetten voor bepaalde instanties of goede doelen zoals het wereld natuurfonds.



Het karakter en levensstijl van Jezus die hij nu zou hebben:



Het karakter van Jezus zal niet erg veel wijzigen omdat een goed mens niet kwaad wordt omdat hij in een andere tijd leeft.

Hij is een gul persoon, hij zal zijn geld geven aan mensen die het harder nodig hebben dan hem.

Hij is een behulpzaam persoon, hij zal de mensen helpen die hulp nodig hebben, hij zal niet aan de kant staan, maar helpen.

Hij is gelovig, hij zal het woord van God verkondigen door middel van t.v., radio en internet.

Natuurlijk ook door te spreken.

Hij wil mensen laten inzien wat ze doen met henzelf, anderen en de rest van de wereld.



Verbindingslijnen tussen Jezus en Gandhi.



Jezus heeft tot zijn twaalfde een normale jeugd gehad.

Gandhi heeft ook een hele normale jeugd gehad.

Jezus is gevangengenomen, zo ook Gandhi.

Ze bidden beide.

Jezus wist dat hij dood zou gaan, Gandhi wist ook dat hij dood zou gaan. Ze gingen allebei dood om hun daden.

Jezus riep om zijn vader (god) vlak voor hij dood ging. Gandhi riep ook om God vlak voor hij sterfte.

Beide streefden ze naar gelijkwaardigheid.

Jezus en Gandhi vonden allebei dat Vrede kwam door Vrede.

Ze hadden allebei geen behoefte aan luxe.

Allebei hadden ze een religieuze overtuiging.

Gandhi en Jezus hadden allebei een doel dat ze wouden bereiken. Dit alleen was niet het belangrijkst, het ging ook om de manier waarop het doel werd bereikt.

Jezus herstelde de waarheid niet de tegenstander pijn te doen, maar door zelf pijn te verdragen. Gandhi volgde de Satyagraha, dit is een leer die op hetzelfde slaat.

Jezus had/ heeft veel volgelingen, zo ook Gandhi.

Jezus probeerde alles vreedzaam op te lossen en kwam op voor de zwakkeren, zo ook Gandhi.

Beide werden ze gedood door hun eigen volk.

Jezus en Gandhi zijn allebei nog steeds een groot voorbeeld voor veel mensen. Ze worden allebei nog steeds beschouwd als grootse leiders.

Beide hebben ze laten zien dat geweldloosheid een machtig wapen is om een doel te bereiken.



De verschillen tussen Jezus en Ghandi.



1: Gandhi verdiende geld, met zijn advocatenpraktijk.

Jezus verdiende geen geld met zijn werk.

2: Gandhi hielp eerst zijn eigen gemeenschap.

Jezus juist niet. Jezus heeft eens gezegd: “Een profeet is overal geëerd behalve in zijn

eigen stad en bij zijn familie”.

3: Bij Jezus gevangenneming keerde zijn eigen volk zich tegen hem.

Bij Gandhi eerste gevangenneming steunde zijn volk hem, zij lieten zich ook gevangennemen.

Later pas keerde zijn volk zich tegen hem.

4: Jezus at joods vlees, waaronder vlees.

Gandhi was vegetarisch. Met de overtuiging dat je geen enkele vorm van leven mag kwetsen.

5: Gandhi haalde de media en kreeg publieke aandacht.

In Jezus zijn tijd was er niet eens media.

6: Jezus was de zoon van God en deed veel wonderen.

Gandhi was en deed dit niet.



Veel van deze verschillen hebben te maken met de tijdsomstandigheden. Toch hebben Jezus en Gandhi meer dan genoeg verbindingslijnen om ze met elkaar overeen te laten komen.



Korte samenvatting van Mahatma Gandhi



Mohandas Karamchand Gandhi werd geboren op 2 Oktober 1869 in Porbandar, aan de Westkust van India. India was toen die tijd een Engelse kolonie. Gandhi was het vierde en jongste kind van zijn ouders. Hij was Hindoe en behoorde tot de derde Kaste (een groep mensen die gelijk zijn). De meeste Indiërs waren hindoe, er waren ook nog heel wat Moslims.

De vader van Ghandi was Diwan, eerste minister van een klein vorstendom. Zijn moeder was Putlibai, een zeer vrome Hindoe. Ghandi was een gewone jongen een beetje bang en verlegen van aard.

Toen hij dertien werd en nog op school zat, werd hij uitgehuwelijkt aan een dochter van een zakenman. Dit huwelijk duurde 62 jaar.



Toen hij 19 was vertrok hij naar Engeland om rechten te studeren, zijn vrouw en kind liet hij achter in India. Toen hij 22 was werd hij advocaat.

In zijn eigen land lukte het hem niet als goed advocaat te werken. Toen kreeg hij een aanbod om voor een jaar bij een rijke Indiase zakenman in Zuid-Afrika te werken. Hij bleef daar 21 jaar.

De blanken waren in Zuid-Afrika de baas, de Indiërs werden gebruikt als slaven. Gandhi accepteerde dit niet en werd al snel leider van de Indiase bevolking in Zuid-Afrika, waar hij ook een goed lopende advocatenpraktijk had.

In 1896 haalde hij zijn familie op in India. In 1899 brak de boerenoorlog tussen de Britten en boeren uit. Gandhi steunde de Britten om voor zijn volk dezelfde rechten te krijgen als de Britten. De Britten wonnen de oorlog maar gelijkwaardigheid kwam er niet.



Gandhi volgde veel leren en schreef hiervoor ook richtlijnen uit voor zijn volgelingen. In 1908 moest kwam hij in de gevangenis omdat hij weigerde vingerafdrukken te laten nemen. Later overtrad hij veel onrechtvaardige wetten en onderging heel rustig de straf die daarop volgde. Gandhi werd steeds bekender. Van een verlegen advocaat werd hij een moedig staatsman.

Gandhi was steeds op zoek naar de waarheid. Bij hem ging waarheid samen met rechtvaardigheid. Gandhi gaf ook al zijn luxe op.



Toen hij 45 jaar was keerde hij terug naar India. India wilde ook onafhankelijk worden van India. Gandhi richtte hier dan ook een nieuwe gemeenschap op. Hij besteedde veel aandacht aan sociale conflicten. Gandhi besloot zich te verzetten tegen de Britse regering, door te bidden en te vasten. Deze strijd duurde 28 jaar.



Gandhi moedigde het spinnen van kleren aan onder de Indiase bevolking. Gandhi had nog niet alle Indiërs onder controle. Gandhi kwam weer in de gevangenis, dit keer wegens “opstandigheid tegen de regering”. Hij bleef actie voeren en kwam veel vaker in de gevangenis. Op 15 augustus 1947 werd India onafhankelijk, na geweld tussen Moslims en Hindoes. Gandhi was niet blij omdat India werd gesplitst in een Moslim en een Hindoestaat.



Op 13 Januari 1948 werd Gandhi vermoord door een fanatieke Hindoe met een revolver. Hij was boos dat Gandhi de Indiase regering had gezegd een schuld aan Pakistan, waar Moslims wonen, te betalen. De wereld rouwde. Gandhi werd het symbool voor het Indiase volk. Hij is het geweten van de mensheid. Hij leerde zijn volk oprechtheid en zelfrespect. Hij gaf een revolutionair middel in handen om op te komen voor zijn rechten: “De geweldloze weerbaarheid”. Dit is een erfenis aan de hele wereld.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

M.

M.

mahatma ghandi werd vermoordt op 23 januari, niet op 13 januari. Dit heb ik vernomen uit betrouwbare bron.

12 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

H.

H.

De verleden tijd van sterven is stierf, niet sterfte! Zit zo nu en dan een foutje in, maar voor de rest leuk verslag!

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

Jammer....wou en wouden is geen correct nederlands. Het is natuurllijk wilde

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast