Hou jij van lezen of juist helemaal niet? Doe mee aan deze vragenlijst en maak kans op 15 euro Bol.com-tegoed!

Epicurus

Beoordeling 7
Foto van een scholier
  • Biografie door een scholier
  • 4e klas vwo | 1355 woorden
  • 13 april 2001
  • 88 keer beoordeeld
Cijfer 7
88 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE

Waarin maak jij het verschil? Klik en ontdek de bachelors van Wageningen University

Bekijk alle 20 bachelors van Wageningen University

Voorwoord

Ik heb besloten om mijn werkstuk over Epicurus te doen, omdat zijn naam bij mij al enigszins bekend in de oren klonk. In heb wel eens wat over hem gelezen en op school is tijdens de levensbeschouwinglessen ook wel eens over hem verteld.

Zijn filosofie bevalt me ook wel. Als iedereen genot als uitgangspunt zou nemen, kon er toch alleen maar vrede heersen?

In dit werkstuk zal ik proberen een zo volledig mogelijk antwoord te geven op de vraag: “Wie was Epicurus en wat was zijn filosofie?”

Het was moeilijk om informatie over Epicurus bijelkaar te verzamelen. Uiteindelijk heb ik toch enkele bronnen kunnen vinden, maar daar stonden meestal maar korte stukken over deze filosoof in. Vandaar is mijn werkstuk niet zo uitgebreid, maar van de nodige informatie is het wel voorzien. Ik denk dat het resultaat redelijk geslaagd is en daar hoop ik dus ook op. Wie was Epicurus? Epicurus leefde van 342 – 270 v. Chr. Zijn ouders (Atheense burgers) waren van eenvoudige afkomst en hadden zich op Samos gevestigd. Hij interresseerde zich al vanaf zijn 14e in de filosofie en maakte daarom zijn studie niet af. Door veel mensen werd hij als de minst geeerbiedigde filosoof van de oudheid beschouwd, maar in de derde eeuw kreeg hij toch veel aanhang. In 306 – 307 v. Chr. vestigde hij zich als concurrent te Athene en kocht daar ‘het huis met de befaamde tuin’. Het verhaal gaat dat de Epicuristen in een tuin woonden en dat ze daarom de tuinfilosofen genoemd werden. Boven de ingang hing een bordje met het opschrift: “Vreemdeling, hier zult u het goed hebben. Hier is de lust het hoogste goed”. Ook heeft hij in Athene een filosofische school gesticht (Kepos). Epicurus heeft veel geschreven. Door zijn volgelingen (Epicureeers) werd het systeem van de meester trouw bewaard en onderging geen noemenswaardige veranderingen. In het dagelijks leven moest hij elke dag wel een paar keer overgeven, vanwege een doorlopende overvulling van de maag. In zijn afscheidsbrief schreef hij dan ook het volgende: “Nog eenmaal de hooggeprezen levensdag genietend en tegelijk beeindigend, richt ik mij tot jullie met het volgende: de druk op m’n blaas en de darmkrampen hebben de hoogste graad van pijnlijkheid bereikt. Ondanks dat bewaart mijn ziel de vreugde aan de herinnering van de filosofische gesprekken”. Met dames van lichte zeden voerde hij afkeurenswaardige, maar levendige briefwisselingen vol charmante aardigheden. Hij schijnt zelfs zijn broer te hebben gekoppeld! Het merkwaardige is dat hij zegt dat het liefdesgenot geen geluk brengt en dat je blij kunt zijn als je er zonder schande vanaf komt.

Het Epicurisme is een levenshouding die afgeleid is uit de ethiek van Epicurus. Volgens Epicurus is ‘lust’ het doel van het menselijk handelen. Na de dood van Epicurus ontwikkelden vele Epicuristen een te sterke beklemtoning op genotzucht. Hun motto was: “Pluk de dag!”. Het Epicurisme werd opgevat en beoefend als streven naar (verfijnd) sensueel genot (hoewel dit niet geheel in de geest van Epicurus zelf was). Het woord Epicurist wordt tegenwoordig soms negatief gebruikt om iemand te beschrijven die alleen het genot najaagt.

Wat waren zijn uitgangspunten? Over het niet met de zintuigen waarneembare moet de filosoof zich een theorie vormen die met het waarneembare niet in strijd zal blijken. Epicurus ontwikkelde de ‘genotsethiek’ van Aristippus (een van Socrates’ leerlingen) en combineerde deze met de atoomleer van Demokritos. De basis van de werkelijkheid wordt niet gevormd door de dingen die ontstaan en vergaan en evenmin door oppermatige elementen, maar door onzichtbare deeltjes (atomen), die, oneindig in getal en varierend in grootte, vorm en gewicht, zich met elkaar verbinden en weer uiteen gaan in een eeuwige beweging. Alles wordt herleid tot die (onzichtbare) kleine deeltjes, welke ‘zijn’ en niet tot niets kunnen verworden, en de lege ruimte. Al het andere is een combinatie van atomen. Atomen kunnen vorm geven aan een oneindig aantal werelden. Zelfs de ziel bestaat uit uiterst fijne atoompjes, daarom hoeft het heelal niet meer de beangstigende verblijfplaats te zijn die het voor veel mensen is. De atomen hebben, behalve vorm en grootte (als bij Demokritos), ook zwaarte en bewegen in hun oneindige hoeveelheid met dezelfde snelheid in gelijke richting door de oneindige ruimte. Binnen een ‘ding’ bewegen zij even snel als in de ruimte, maar over korte afstand heen en weer; hoe korter de afstand, hoe vaster de substantie. Uit eigen beweging kunnen zij echter van de gegeven richting afwijken, doordat er geen aantrekking is. Zo verklaart Epicurus hoe er combinaties kunnen ontstaan en ook hoe het levend wezen over vrije wil kan beschikken. Epicurus zou het atomisme tot grondslag van zijn filosofie maken. In 311 vestigde hij zich in Mytilene, waar hij zijn eerste leerlingen verzamelde.

Ook gaat Epicurus uit van ‘gezond verstand’. Gezond verstand heeft meer waarde dan filosofie. De goede eigenschappen ontstaan namelijk tegelijk met prettig leven en prettig leven is er onlosmakelijk mee verbonden. Een prettig leven krijg je alleen maar door nuchter te redeneren. Epicurus’ standpunten en argumenten Epicurus gaat uit van ‘het hoogste geluk’, dat bereikt kan worden als alle hartstochten tot bedaren zijn gebracht en alle oproer uit de ziel is verdwenen. Het belangrijkste in het leven is genot, wat oorsprong en doel is van het gelukkige leven. Het gaat niet om kortstondig genot met mogelijk kwade gevolgen, maar om een blijvend gevoel van welbehagen. Een Epicurist is een echte levensgenieter, met een speciale opvatting over genot: we laten veel genietingen links liggen, wanneer ze tot onevenredig veel ongemak lijden. We hebben liever allerlei pijnen, dan genietingen waarop een groter genot volgt. Je hoeft niet elk genot te willen: een simpel soepje kan evenveel genot brengen als een dure delicatesse. Het Epicurisme wordt met allerlei aangename en lekkere dingen verbonden, maar een prettig leven krijg je niet door een aaneenschakeling van feesten en partijen, door pleziertjes met jongens en vrouwen, of door visgerechten en wat de luxueuze tafel verder biedt. Maar door nuchter te redeneren, door uit te zoeken wat er achter elke voorkeur en afwijzing zit, door de gedachten uit te bannen die je geest het meest in de war brengen. De macht van de goden over de wereld moet ontzegd worden, want hun invloed op de mens moet worden uitgeschakeld. De gelukzalige goden huizen tussen de oneindig vele werelden (sommige als deze, andere niet) en kunnen niet daadwerkelijk ingrijpen in de wereldgeschiedenis. De voornaamste kwaden in het menselijk leven zijn bijgeloof en angst voor de dood. De dood is in feite niets. Wij kunnen de dood niet ervaren, want wanneer wij zijn, is de dood niet en als de dood is, zijn wij niet. De dood is niets anders dan een uiteenvallen van de atomen die lichaam en ziel gevormd hebben, het individu lost op. Men hoeft niet meer bang te zijn voor een leven na de dood.

Conclusie Voor Epicurus wag ‘genot’ dus het hoogste goed. Dit was ook duidelijk te zien aan zijn levenshouding. (De doorlopende overvulling van de maag en zijn briefwisselingen met vrouwen!) Hij ontwikkelde zijn eigen theorie door de ‘genotsethiek’ van Aristippus te combineren met de atoomleer van Demokritos. Uit deze theorie is het Epicurisme afgeleid. Ook verklaarde hij dat ieder levend wezen over vrije wil kon beschikken door gezond verstand te gebruiken. Epicurus was een echte levensgenieter en moedigde anderen daarom ook aan, om zoveel mogelijk te genieten en ervoor te zorgen dat op deze genietingen een nog groter genot zal volgen. Bijgeloof en angst voor de dood wijst hij dus ook helemaal af, evenals het geloof in goden. Alle oproer moet uit de ziel worden verdreven, omdat het ‘hoogste geluk’ anders niet bereikt kan worden. Door zijn volgelingen werd het systeem van de meester trouw bewaard, maar er is in de loop van de jaren (eeuwen) toch wat aan aangepast. Men streefde naar (verfijnd) sensueel genot en dat was niet helemaal in de geest van Epicurus zelf.

Bronvermelding 1. Naam: Filosofie door de achter deur Blz: 55 t/m 59
Schrijver: W. Weischedel
Uitgever: Anthas 1976

2. Naam: Encyclopedie

3. Naam: De wereld van sofie Blz: 2 (Hellenistische filosofie) Uitgever: The Sofie’s World Consortium 1997

4. Naam: Historisch overzicht uit de Pharos studiemap (geschiedenis) Blz: 11 Uitgever: Meulenhoff Educatief bv, Amsterdam 1998

5. Naam: Stencil uit de scheikundemap van de 3e klas Blz: 20

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.