Stelopdracht

Beoordeling 6.8
Foto van een scholier
  • Betoog door een scholier
  • 6e klas vwo | 876 woorden
  • 19 juli 2001
  • 9 keer beoordeeld
Cijfer 6.8
9 keer beoordeeld

INTERNET    Sinds de VPRO enkele jaren geleden voor het eerst op de Nederlandse televisie een naakte vrouw liet zien heeft de censuur van tv-uitzendingen een sterke verandering doorgemaakt. Gelijktijdig met deze ommezwaai zijn de algemene normen beginnen te veranderen. De tv en de radio mogen nu veel meer 'controversiële' dingen uitzenden dan vroeger, kranten en tijdschriften mogen meer 'onthullend' materiaal publiceren. Maar er zijn nog altijd grenzen; regels die centraal, landelijk, zijn afgesproken per medium over wat er wel en wat er niet mag. Er ontstaat een probleem bij nieuwe media als Internet. Dit wereldwijd computernetwerk staat niet onder controle van enige normen en waarden-commissie of centrale regeringsinstelling. Iedereen kan er in principe opzetten of afhalen wat hij wil: (kinder-)porno, discriminerende en racistische teksten en foto's, recepten om terroristische wapens te maken, videofragmenten uit films als Faces of Death enzovoorts.    Veel mensen willen daar iets aan veranderen. Zij vinden dat het Internet zodanig gecontroleerd moet worden dat er dezelfde soort regels kunnen gelden als voor de conventionele media. Maar wat moeten die regels inhouden en hoe gaan we ze toepassen? Wie moet die regels gaan bepalen? Kunnen we zo'n groot netwerk van computers eigenlijk wel aan banden leggen?    Ten eerste wil ik duidelijk maken dat niet iedereen goed onderbouwde kritiek heeft op de huidige 'anarchistische' vorm van Internet. Omdat Internet een vrij nieuw fenomeen is, en men het meestal niet zo goed begrijpt, is het een erg handige zondebok. Veel mensen geven Internet de schuld van een groot deel van de hedendaagse criminaliteit, misdaad, terrorisme en nog meer dingen die onze maatschappij plagen. Dat is natuurlijk onterecht.    In feite is Internet alleen maar een informatiebron, net zoals een telefoonboek of een radio-uitzending. Het gaat erom wat je doet met de informatie die je krijgt. Als je kijkt naar een televisieprogramma over misdaad kun je de informatie enkel in je opnemen, maar je kunt ook actie ondernemen. In dit licht is het al minder nodig om Internet aan regels te onderwerpen. Een groot deel van de ontevreden mensen valt zo ook al af.    Ten tweede is het alleen in theorie mogelijk om een waterdicht systeem van controle voor Internet te maken. In de praktijk zal dat nooit lukken. Er zijn momenteel namelijk ongeveer 150 miljoen computers op het World Wide Web aangesloten, die in totaal enkele miljarden pagina's herbergen. Ze zijn verspreid over een groot deel van Europa, Amerika en Zuidoost Azië. De regeringen van al die landen zullen samen moeten werken om alle gebruikers dezelfde regels op te leggen en volgens dezelfde criteria te controleren. Als je in ogenschouw neemt dat de meeste landen nu al moeite hebben om met elkaar samen te werken, kom je tot de conclusie dat het praktisch onmogelijk is om hier een goed internationaal systeem van te maken.    Zelfs al zouden alle pagina's nationaal, volgens eigen regels, gecontroleerd worden, zou het niet werken. Er zijn per land zoveel verschillende providers, die ieder weer verschillende servers hebben, die ieder weer duizenden pagina's bevatten, dat er onmogelijk genoeg mankracht en financiële middelen beschikbaar gesteld kunnen worden om in een relatief korte tijd alles te controleren.    Die korte tijdsperiode is eveneens belangrijk. De inhoud van het Web verandert immers constant. Als je de ene pagina verbiedt komen er binnen een paar dagen drie andere voor in de plaats. Er zal dus een onafgebroken controle moeten plaatsvinden, zodat overtreders meteen aangepakt kunnen worden. Met de huidige groei van het Internet is dat bijna niet bij te houden.    De eerder genoemde grote verspreiding van de Internetgebruikers zorgt ook voor een probleem. Ieder land en iedere cultuur heeft andere waarden en normen. Sommige culturen staan in dat soort zaken lijnrecht tegenover elkaar. Er zal dus nooit een wereldwijd reglement opgesteld kunnen worden dat aan de wensen van alle landen voldoet. Het alternatief is een nationaal reglement, maar dan zou slechts een klein deel van het Internet voor een bepaalde gebruikersgroep te bekijken zijn, zonder dat de regels overtreden worden.    Als er al een goed controle systeem zou zijn dat de webpagina's controleert, dan is het nog steeds moeilijk om te achterhalen wie verantwoordelijk is voor een overtreding. Eerst moet er achterhaald worden wie de eigenaar is van de pagina en dat kan lastig worden. Er zijn namelijk genoeg manieren om tot op zekere hoogte anoniem te blijven. Maar zou enkel de maker van de pagina bestraft moeten worden, of ook de provider die de pagina op zijn server heeft toegelaten? En hoe bewijs je dat de gevonden eigenaar van de pagina ook daadwerkelijk verantwoordelijk is voor hetgeen erop staat? De gemiddelde Webhacker heeft een server zo gekraakt en zijn eigen pagina op iemand anders' naam gezet.    Als je alles bij elkaar neemt, kom je tot de conclusie dat het ondoenlijk, of zelfs nutteloos, is om het Internet aan regels te binden. Door zijn wereldwijde en open structuur is het erg moeilijk om te controleren, dus de gestelde regels zullen weinig effect hebben. Ook de samenwerking tussen de verschillende instanties uit de verschillende landen is niet gemakkelijk te realiseren. Het lijkt erop dat het Internet toch een soort 'elektronisch Wild West' zal blijven, waar iedereen kan doen en laten wat hij wil. Ik vraag me af wat ik op de homepage van de
VPRO zal vinden

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.