Ook deze week is het nog 'seksweek' op Scholieren.com. Samen met de Sense Infolijn geven we antwoord op al jouw seksvragen.

 


Alles over seks Alles over seks


Straattaal: welke invloed heeft deze taal op het huidige Nederlands?
Taal is natuurlijk het middel om te communiceren en ook taal gaat met zijn tijd mee.‘Te gek’ en ‘onwijs gaaf’ zijn passé, wie nu een beetje bij is zegt ‘cool’ of ‘flex’. En een gruwelijke film is helemaal niet slecht of eng, maar juist een aanrader. Dit soort taalgebruik wordt ook wel straat- of jongerentaal genoemd en je hoort het steeds vaker onder jongeren. Want wat is er nu leuker dan een geheimtaal spreken waar anderen niets van begrijpen? Jongeren zijn creatief in hun uiterlijkheden en in hun taalgebruik. Straattaal is een verlengde van groepskenmerken zoals kleding, muziekkeuze, tattoos en piercings. Maar leidt dit taalgebruik nu tot verloedering, verandering of vooruitgang van de Nederlandse taal? Het gros van de Nederlanders is het ermee eens: de Nederlandse taal wordt bedreigd en dit komt door de straattaal. Maar wat is nou eigenlijk straattaal en welke invloed heeft deze taal op het huidige standaard-Nederlands?
Wat is straattaal?
Vanaf eind 1997 kreeg straattaal steeds meer aandacht in de media: met name de manier waarop allochtone jongeren met elkaar communiceren werd bekritiseerd of er werd juist vol lof over gesproken. Het werd bijzonder en creatief gevonden dat deze jongeren woorden uit verschillende talen met elkaar kunnen combineren, maar toch had men veelal een negatieve houding tegenover dit zogenaamde etnisch Nederlands en door deskundig Nederland werd dit dan ook betiteld met ‘smurfentaal’.
De term ‘straattaal’ wordt in het bijzonder gebruikt voor de Amsterdamse mengtaal die eind 20e eeuw onder jongeren ontstond. Deze taal is een mengelmoes van Engelse, Turkse, Marokkaans-Arabische, Surinaamse, Antiliaanse en Nederlandse woorden. De taal wordt voornamelijk in de grote steden gesproken en is in het algemeen de mengtaal die jongeren van verschillende etnische en culturele achtergronden in het dagelijks leven op straat en op school spreken. De specifieke straat- of jongerentaal bestaat niet, wel heeft het een aantal kenmerken. Veel woorden in de straataal hebben te maken met geld, roken, seks en schelden. De taal bestaat voornamelijk uit buitenlandse woorden, maar ook wordt er steeds vaker een andere grammaticale constructie gebruikt of wordt het lidwoord of bijvoegelijk naamwoord fout gebruikt.
De reden dat jongeren straattaal spreken is om saamhorigheid uit te drukken en natuurlijk ook om zich af te zetten tegen ouders en de maatschappij. Aanvankelijk dacht men dat straattaal een aanvulling was op het gebrekkig Nederlands van veel jongeren, maar eigenlijk is straattaal iets extra’s, leuks en creatiefs. Want wie nog niet goed Nederlands praat, heeft zijn handen vol aan het leren van de Nederlandse taal en is niet bezig met het creatief spelen met taal, zoals straattaalsprekers.
Wie praten straattaal en wat zijn de kenmerken?
Rene Appel, taalkundige en hoogleraar Nederlands heeft een artikel geschreven over straattaal. Voor zijn artikel heeft hij gebruik gemaakt van gegevens van een enquête die in 1998 op drie Amsterdamse scholen is afgenomen. Uit de resultaten bleek dat jongeren in Amsterdam over het algemeen weten wat er met straattaal wordt bedoeld en zo’n 70 procent van de meisjes en zo’n 80 procent van de jongens die de enquête hebben ingevuld gaven aan straattaal te spreken. De gemiddelde straattaalspreker is 16 of 17 jaar oud en het hoogste percentage straattaalsprekers vinden we onder Surinamers, op de tweede plaats gevolgd door autochtone Nederlanders en op de derde plaats de Turken en Marokkanen.
De leerlingen werd in de enquête ook gevraagd welke straattaalwoorden zij zelf het meest gebruiken. Daar kwam een top 10 uit, die jongeren ongetwijfeld bekend voor zal komen. De meeste straattaal woorden komen uit het Surinaams, zo ook driekwart van de top 10.
Appel geeft als mogelijke verklaring voor het grote Surinaamse aandeel in de taal, dat de Surinaamse woorden lekker in de mond liggen. Het zijn vaak korte woorden en ze zijn makkelijk uit te spreken. Ook kan dit te verklaren zijn doordat het aandeel van de Surinaamse bevolking in Amsterdam erg groot is en jongeren om zich heen veel Surinaams horen en dit overnemen.
Het kan heel goed zijn dat jongeren uit Utrecht de woorden uit de top 10 van Rene Appel niet herkennen. Jongerentaal is eigenlijk overal anders en dat kan dus al verschillen per stad. In Utrecht heet jongerentaal Murks (een samentrekking van Turks en Marokkaans), in België wordt Algemeen Cités gesproken en in Frankrijk praat men Le Verlan.
Wat vinden de jongeren er zelf van?
Jacomine Nortier is universitair docent socialinguistiek aan de Universiteit Utrecht en zij heeft het boekje ‘Murks en Straattaal’geschreven. Jacomiene heeft op een Utrechtse school diverse leerlingen geïnterviewd. De belangrijkste vraag was waarom de leerlingen zelf straattaal gebruiken en het meest voorkomende antwoord daarop was dat jongeren straattaal gebruiken omdat het ‘gewoon’ is, het is hun eigen manier van praten. “Zo praat je gewoon, dat ben je gewend”.
Ook Anand, een Surinaams-Hindoestaande jongen uit 6-VWO werd geïnterviewd en ook hij gebruikt straattaal. Op de vraag of hij straattaal gebruikt om stoer te zijn zegt hij: “Ja, ik gebruik straataal om stoer te zijn. Net zoiets als dat je gaat roken in de eerste klas, in de derde klas ben je verslaafd en doe je het niet meer omdat je stoer bent, maar omdat je nicotine nodig hebt. Bij roken en straattaal doe je het in het begin om stoer te zijn en op een gegeven moment ben je het gewend”. Het lijkt er dus op dat jongeren straattaal vooral gebruiken omdat ze dit gewend zijn. Ze hebben de woorden ergens opgepikt, kunnen zich er goed mee uiten en zien straattaal als normaal taalgebruik.
Waar is men nou eigenlijk bang voor?
Men is bang voor verloedering of verslechtering van de Nederlandse taal. Dat mengen van al die talen klinkt heel leuk en aardig, maar is dit wel gewenst in Nederland? Want het ABN dat in Nederland de voertaal is wordt door deze jongeren verstoten, vindt menig Nederlander.
Veel mensen maken zich zorgen over de toekomst van de Nederlandse taal. Steeds vaker dringen er Engelse woorden door tot de Nederlandse taal en dan is er nu ook nog een jongerentaal die vol zit met woorden uit andere culturen en landen.
De grootste angst van Nederlanders is dat jongeren straks niet meer anders kunnen praten en dat het Nederlands steeds minder gebruikt wordt. Een taal kan niet zomaar verdwijnen, maar veranderen kan ze wel. Het proces waarin de een taal langzaam maar zeker plaatsmaakt voor de andere, wordt door taalwetenschappers ‘taalverschuiving’ genoemd. Een taalverschuiving vindt vaak onbewust plaats, maar dit hoeft niet te betekenen dat dit slecht is voor een taal. Er zijn heel veel woorden zoals ‘pardon’, ‘crème’ en ‘überhaupt’ waarvan we ons niet bewust zijn dat ze van oorsprong niet Nederlands zijn. In een artikel van 14 januari 1998 geeft Rene Appel zijn reactie op de negatieve houding van Nederlanders tegenover straattaal: “Er zal op den duur vast wel een woord van die straattaal doordringen tot het standaard-Nederlands. Dit is niets om je druk over te maken, het is niet bepaald dodelijk voor het Nederlands. Jongerentaal is van alle tijden, omdat de jeugd altijd de neiging heeft zich ook in taalgebruik af te zetten tegen oudere generaties. Men geeft hier de indruk dat sprekers van straattaal nooit goed Nederlands hebben geleerd en een gebrekkige woordenschat hebben, terwijl het tegendeel waar is”.
Verschillen tussen straattaalsprekers?
Rene Appel constateerde dat leerlingen met een slechte beheersing van de Nederlandse taal ook relatief weinig straattaal gebruiken. Dit zou dus kunnen betekenen dat straattaal niet in plaats van het Nederlands wordt gesproken, maar naast het Nederlands.
Het merendeel van de straattaal sprekers zit op het VMBO. Toen de VMBO-leerlingen op de Utrechtse school werd gevraagd van wie zij dachten dat ze nooit straattaal gebruikten, kreeg Jacomine vaak als antwoord ‘VWO-leerlingen’, hoewel 6-VWO’er Anand wel degelijk straattaal gebruikt. Anand geeft hierop als reactie: “Ik denk dat VMBO’ers over het algemeen meer straattaal gebruiken dan HAVO- of VWO-leerlingen. Dit ligt niet aan een lager intellect, maar aan het feit dat ze minder lezen en dat er toch meer allochtonen naar het VMBO gaan, er is een grotere culturenmix. Doordat er op het VWO relatief minder allochtonen zitten, is het gebruik van straattaal ook minder”.
Ook het verschil in sekse kan invloed hebben op het gebruik van straattaal. De leerlingen waren het er in het algemeen mee eens dat meisjes minder straattaal gebruiken dan jongens. Ook gebruiken ze minder heftige woorden, zoals ‘cool’ en ‘shit’. Straattaal is meer iets voor jongens, jongens zijn stoerder, vinden de leerlingen.
Straattaal buiten de straat?
Straattaal wordt in toenemende mate ook in de klas en met de ouders gesproken. Normaal gesproken spreekt men straattaal alleen in bepaalde situaties en onder leeftijdsgenoten of vrienden. In formele situaties zoals in de klas of tijdens een gesprek met een volwassene wordt vrijwel geen straattaal gebruikt en het is dan ook helemaal niet raar dat sommige mensen geen idee hebben van het bestaan van zo’n jongerentaal. “Er zijn volwassenen die niet weten dat er zoiets als een jongerentaal bestaat en die kunnen het zich ook bijna niet voorstellen”, vertelt Rene Appel. Tegenwoordig wordt er steeds vaker straattaal tegen ouders gesproken en soms nemen ouders bepaalde woorden over. Zo kan ik met enige trots zeggen dat mijn ouders weten wat doekoe is. Volwassenen die straattaal spreken worden door jongeren vaak niet serieus genomen en het overnemen van hippe jongerentermen wordt dan ook niet aangeraden wanneer je jongeren wil aanspreken.
Boosdoeners?
Belangrijk voor het voortbestaan van een taal is ook de steun van de overheid. Onderwijs in de eigen taal is natuurlijk noodzakelijk, maar ook kranten, radio- en tv zenders zou men zoveel mogelijk Nederlandstalig moeten houden. Lange tijd stond het Nederlandse parlement erom bekend dat zij heel keurig Nederlands sprak, maar daar lijkt nu ook verandering in te komen. Woorden als ‘kut-Marokkanen’, ‘lulpraat’, ‘dikke lul’ en ‘verdomme’ werden zowel binnen als buiten de Kamer gesignaleerd. Hieruit kan men concluderen dat het taalgebruik in het algemeen steeds informeler wordt. Grote ‘boosdoeners’ voor het ontstaan van straattaal zijn internet, sms en e-mail, maar de grootste boosdoener is misschien wel muziek. Muziek van scheldende rappers uit Amerika, zoals 50cent, is erg populair onder jongeren en ook de Nederlandse muziek, zoals het nummer ‘Watskeburt?’ van De Jeugd van Tegenwoordig is erg populair en zit vol met straattaalwoorden.
Taalveranderingen?
Talen veranderen. Dat deden ze in het verleden, dat doen ze nu en dat zullen ze ook altijd blijven doen. Er komen nieuwe woorden, andere woorden raken in onbruik en verdwijnen. In een paar eeuwen tijd is het Nederlands al zo veranderd dat wij in 2005 enorme moeite hebben met het lezen van Middeleeuwse teksten, vaak komen we er zelfs helemaal niet meer uit. Zelfs het taalgebruik in de toespraken van Koningin Beatrix vinden veel mensen bekakt en ouderwets. Dit kun je vergelijken met De Tachtigers, een groepje Amsterdamse schrijvers uit 1880, die de mooischrijverij van hun directe voorgangers al zwaar bekritiseerden en het helemaal nix vonden. Het is altijd al zo geweest dat de nieuwe woorden die jongeren introduceren, na verloop van tijd ook weer verdwijnen, meestal als men volwassener wordt.
Straattaal zal bestaan zolang er de behoefte is om zich als groep te profileren. Naarmate men ouder wordt en steeds meer tot de grote massa van volwassenen gaat behoren, zal het gebruik van straattaal afnemen of verdwijnen. Zoals ik al heb genoemd is e-mail een belangrijke bron voor het gebruik van straattaal. E-mails zitten vaak vol spel- en stijlfouten, maar als er echt een brief wordt geschreven of een proefwerk Nederland moet worden gemaakt, doet men dat met een klein beetje moeite in foutloos Nederlands.
Uit onderzoek van Rene Appel is gebleken dat je juist goed Nederlands moet kunnen spreken, wil je straattaal spreken. Jongeren vervormen of vervangen dus niet uit gebrek van kennis van de Nederlandse taal, maar uit behoefte aan iets nieuws. De straattaal opzich is per stad al heel verschillend en men heeft toch behoefte aan een algemene taal die iedereen spreekt. De invloed van straattaal op het huidige standaard-Nederlands is zeer klein en voorlopig kunnen we met z’n allen dus lekker Nederlands blijven spreken.
N.B.:
De top 10 van Appel:
1. doekoe (geld)
2. loesoe (weg)
3. chick(ie) (meisje)
4. osso (huis)
5. afoe (stukje, trekje)
6. faya (erg, vies)
7. fittie (vechten)
8. kill (jongen)
9. fatoe (grapje)
10. scott(en) (vernederen)

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

D.

D.

wat zijn de bronnen ?

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

T.

T.

Niks met N-I-X... Kom op nou.

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

Bronnen?

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

M.

M.

waar zijn je bronnen?

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

P.

P.

cker vet, ik dropte die pipa op het blaadje, en ik kreeg een 10.

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

S.

S.

'Dit soort taalgebruik wordt ook wel straat- of jongerentaal genoemd en je hoort het steeds vaker onder jongeren. '

Straattaal is een vorm van jongerentaal, dus het is niet ...of...

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

vet informatief jonge, ik heb der egt vet veel van geleerdt enzooo, dit kopieer ik ff om te gebruiken voor mijn presentatie dude

vlekjes, bye

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

Hartelijk bedankt voor het plaatsen van je betoog voor Nederlands!

Groetjes,

Appie

9 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

M.

M.

dankjewel voor de presentatie :p
nu hoef ik er geen te maken.

13 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast