ADVERTENTIE
Is jouw geschiedenisleraar de allerbeste?

Geef hem of haar dan op voor de titel Geschiedenisleraar van het jaar van het Rijksmuseum. De deadline voor aanmeldingen is 31 maart 2020.

Geef je leraar op!

Tolerantie: alles (veel) toestaan

Poldermodel: groepen met verschillende overtuigingen werken samen

Elite: bovenste klasse

Conservatief: behoudend

Geglobaliseerd: internationaal

Hypothese: veronderstelling

Plausibel: geloofwaardig

Postoperatieve: van na de operatie

Geëscaleerd: uit de hand gelopen

Placentazoogdier: zoogdier dat in de baarmoeder gevoed wordt via de placenta

Binoculair gezichtsvermogen: twee naar voren gerichte ogen (en daardoor afstanden kunnen schatten)

Drogreden: verkeerd argument

Contaminatie: twee woorden door elkaar gehaald

Exterieur: buitenkant

Postcommunistisch: van na het communisme

Openbaar Ministerie: instantie die bepaalt wie voor de rechter moet verschijnen

Vervolgen: voor een strafbaar feit voor de rechter laten komen

Voorarrest: gevangen zetten voor de veroordeling

Seponeren: niet vervolgen

Transactie: boete betalen of taakstraf uitvoeren

Lik op stuk: meteen bij de overtreding de boete moeten betalen

Sepot: besluit tot niet-vervolging

Dagvaarding: brief waarin staat wanneer en waarvoor iemand voor de rechter moet verschijnen

Tenlastelegging: opsomming van feiten waarvoor iemand terecht moet staan

Openbare aanklager: officier van justitie

Requisitoir: betoog van openbare aanklager waarin hij een straf eist

Taakstraffen: bij wijze van straf onbetaalde arbeid moeten verrichten

Leerstraf: bij wijze van staf een cursus moeten volgen

Pluk-ze-actie: winsten van misdadigers afnemen

TBS: dwangverpleging

Aansprakelijk: financieel aansprakelijk voor schade

Alibi: bewijs dat je op een andere plaats was ten tijde van een misdrijf

Amnestie: iemand die zich schuldig maakt aan herhaling van een misdrijf

Bij verstek veroordelen: bij afwezigheid veroordelen

Billijk: rechtvaardig en redelijk

Een strafblad hebben: al eerder veroordeeld zijn

In beroep gaan: herziening van een vonnis vragen bij een hogere rechtbank

Legaal: wettelijk, rechtmatig

Maffia: misdaadorganisatie

Op heterdaad betrappen: betrappen tijdens het plegen van de misdaad

Pleidooi: betoog in het voordeel van iets of iemand

Recidivist: iemand die zich schuldig maakt aan herhaling van een misdrijf

Reclassering: organisatie die ex-gevangenen begeleidt bij de terugkeer in de maatschappij

Witteboordencriminaliteit: criminaliteit bedreven door burgers van achter hun bureau

Witwassen: zwart geld legaal maken door investeringen

Gedetineerden: gevangenen

Gedoogd: toegestaan

Geliquideerd: vermoord

Hechtenis: gevangenisstraf

Gratie: kwijtschelden van straf

Mediation: bemiddeling

Sterke arm: politie

Legitiem: wettelijk

Willens en wetens: opzettelijk en bewust

Delinquenten: misdadigers

Geassimileerd: helemaal aangepast

Gastarbeiders: arbeidskrachten uit andere landen

Gezinshereniging: gezin over laten komen om met zijn allen te zijn

Multiculturele samenleving: samenleving waarin verschillende groepen vreedzaam met elkaar samen leven

Geïntegreerd: ingeburgerd

Segregatie: scheiding

Polarisatie: verder uit elkaar groeien

Autochtone: oorspronkelijke

Allochtone: vreemde

Xenofobie: angst voor vreemdelingen

Antisemitisme: racisme gericht tegen de joden

Braindrain: wegtrekken van hoger opgeleiden uit ontwikkelingslanden naar de geïndustrialiseerde landen

Chauvinisme: overdreven vaderlandsliefde

Economische vluchteling: iemand die om economische redenen zijn vaderland verlaten heeft

Eerwraak: wraak om de familie-eer te herstellen

Fundamentalisme: teruggaan naar de basis van een geloof en alles wat daarvan afwijkt, streng afwijzen

Halal: voor moslims toegestaan

Imam: hoofd van een moskee of mohammedaanse rechtsschool

Inburgeren: burger van een land worden, integreren

Nationalisme: eigen land en volk bewonderen

Participatie: deelname

Radicaliseren: in een bepaalde opvatting zó ver gaan, dat geweld gebruikt kan worden om je doel te bereiken

Ramadan: negende maand van het mohammedaanse jaar waarin gevast wordt

Remigratie: terugkeren naar land van herkomst

Seculier: wereldlijk, onkerkelijk

Algemene beschouwing: bespreking in de tweede kamer van het voorgenomen regeringsbeleid

Kanttekening: puntje van kritiek

Oppositiepartijen: partijen die niet in de regering zitten

In het gedrang komen: in de knoei komen, er op achteruit gaan

Het gros: het merendeel

Kiezersbedrog: beloftes aan de kiezers doen en die niet nakomen

Te berde brengen: naar voren brengen, zeggen

Demagogie: volksmennerij

Premier: minister-president

Lijsttrekker: nummer 1 op de verkiezingslijst van een partij

Achterban: leden van een partij of vakbond

Afromen: door hoge belasting verminderen

Een proefballonnetje oplaten: door het doen van een uitspraak de mening van andere peilen

Formateur: samensteller van een kabinet

Informateur: politicus die onderzoekt of een kabinet kans van slagen heeft

Interruptie: het onderbreken van iemand die aan het woord is

Kaasschaafmethode: iets financieren door kleine bezuinigingen op vele onderdelen

Klokkenluider: iemand uit een organisatie die misstanden binnen die organisatie naar buiten brengt

Koehandel: afspraak waarbij de ene partij de ander tegemoetkomt, op voorwaarde dat de andere partij dat ook doet

Lijstduwer: iemand die als stemmentrekker op een kieslijst wordt gezet, maar niet verkozen wil worden

Nepotisme: familie en vrienden bevoordelen bij benoemingen

Parlementaire enquête: onderzoek naar een belangrijk onderwerp ter informatie van de tweede kamer

Petitie: schriftelijk verzoek van een grote groep

Speerpunten: onderwerpen waaraan op dit moment het meeste belang wordt gehecht

Amper: nauwelijks

Associëren: in verband brengen met, door het denken aan het ander

Beducht: bang, bevreesd

Blijkens: zoals blijkt uit

Cruciaal: heel belangrijk, doorslaggevend

Dynamisch: veranderlijk, steeds in beweging, niet statisch

Esthetisch: kunstig, kunstzinnig

Expliciet: in duidelijke woorden, uitdrukkelijk, niet impliciet

Gedogen: toestaan, dulden

Hiërarchie: rangorde, volgorde van belangrijkheid

Intrinsiek: wezenlijk, innerlijk, niet extrinsiek

Meewarig: met een beetje medelijden

Offensief: aanval

Oneigenlijk: voor iets anders dan waar het voor bedoeld is

Pragmatisch: uitgaand van de mogelijkheden die er zijn

Randvoorwaarden: absolute noodzaak, zonder welke iets niet bereikt kan worden

Steevast: iedere keer weer, volgens een vaste gewoonte

Ten spijt: ondanks

Uitwijzen: aantonen, aan het licht brengen

Vergen: vragen omdat het nodig is, eisen

Arsenaal: verzameling (oorspronkelijk van wapens), grote hoeveelheid

Begiftigd (met): in het bezit zijn van

Derhalve: daarom, dus

Eenduiding: voor slechts één uitleg vatbaar

Evenzeer: in dezelfde mate, eveneens, ook

Exponentiële: zeer sterk, snel stijgend

Gestaag: onophoudelijk en in een vast tempo

Idealiter: in het beste (ideale) geval

Invalshoek: manier om een probleem te benaderen/bekijken

Karikatuur: belachelijke voorstelling van iets

Memoreren: in herinnering brengen

Ogenschijnlijk: zoals het lijkt

Ontaarden: uitlopen op iets wat slechter is

Preventie: maatregel om iets vervelends te voorkomen

Relaas: verslag van iets wat je hebt meegemaakt

Taboe: onbespreekbaar onderwerp, iets wat niet mag

Teloorgang: ondergang

Uniform: helemaal gelijk, helemaal hetzelfde

Verloedering: verslonzing, verrotting, achteruitgang

Weerzin: hekel, afschuw, aversie

Anderszins: op een andere manier

Bejegenen: behandelen, omgaan met

Dimensies: afmetingen

Effect sorteren: resultaat, uitwerking hebben

Expanderen: groeien, uitbreiden

Fenomeen: opvallend verschijnsel

Halfslachtig: onzeker, niet krachtdadig

Ideologische: gebaseerd op publieke overtuiging of geloof

Inventiviteit: vindingrijkheid

Kennelijk: blijkbaar, klaarblijkelijk

Middels: door middel van

Niet aflatend: zonder op te houden, steeds volhoudend

Omwille van: omdat het nodig/goed is voor

Paradox: uitspraak die tegenstrijdig lijkt

Permanent: blijvend, voortdurend

Repressieve: onderdrukt

Ten deel vallen: krijgen, ontvangen

Urbane: stedelijke

Vermeende: waarvan men denkt dat hij… is

Wezenlijk: essentieel, heel belangrijk

Appelleren: een beroep doen op

Bespiegelingen: overdenkingen, beschouwing

Doemscenario: voorspelde gang van zaken met noodlottige afloop

Efficiënt: doelmatig, snel en effectief

Evident: heel duidelijk, zonneklaar

Fungeren: de taak hebben van, dienst doen als

Handzaam: gemakkelijk in het gebruik, handig

Impliciet: tussen de regels door gezegd, niet openlijk

Inzake: betreffende, aangaande, te maken hebben met, omrent, over

Kentering: verandering, ommekeer

Latent: verborgen, onzichtbaar aanwezig

Lijdzaam: zonder verzet, berustend

Naarmate: naargelang, ‘geeft een verhouding aan’

Onderkennen: onderscheiden, constateren

Perceptie: waarneming

Prognose: voorspelling

Resistent: bestand tegen, immuun

Trachten: proberen

Urgent: dringend, spoedeisend

Voorbarig: te vroeg, op de gebeurtenissen vooruitlopen

Ambitieus: eerzuchtig, strevend naar iets beters/hogers

Arbitrair: willekeurig, zoals het toevallig uitkomt

Authentiek: echt, niet nagemaakt

Elitair: niet voor de gewone man

Gedijen: groeien

Hang: verlangen, vorderend

Heimelijk: stiekem

Innovatie: vernieuwing, modernisering

Jegens: ten opzichte van, tegenover

Lotgevallen: belevenissen

Louter: enkel en alleen, puur, zuiver

Oeverloze: zonder einde, tot niets leidend

Ondermijnen: aantasten, verzwakken

Pril: pas ontstaan, jong (en onbedorven)

Prominente: vooraanstaande, belangrijke

Schaars: slechts in kleine hoeveelheden beschikbaar

Triviaal: gewoon, onbeduidend, alledaags, banaal

Ultieme: allerlaatste

Vergaren: verzamelen

Voortschrijdend: verdergaand, vorderend

Aan de kaak stellen: duidelijk laten zien dat iets verkeerd is

De kroon spannen: de beste zijn

De schijn tegen hebben: het lijkt erop dat je schuldig bent of niet de waarheid spreekt

Een hoge vlucht nemen: zich goed ontwikkelen

Afbreuk doen aan: minder goed/mooi maken

Geen hout snijden: ergens niets aan hebben

Gepaard gaan met: samen gaan met

Goede sier maken: pronken, genieten, bewonderd worden

Hoog aangeschreven staan: een goede naam hebben

Met argusogen bekijken: met wantrouwen bezien

In strijd zijn met: niet samengaan met, niet in overeenstemming zijn met

Op de koop toe nemen: een (nadelig) neveneffect er extra bij nemen

Over één kam scheren: op dezelfde manier beoordelen, geen onderscheid maken

Te hoop lopen tegen: protesteren

Van de hand wijzen: weigeren, niet accepteren

Aan banden leggen: beperken, verminderen

Bij de pakken neerzitten: moedeloos zijn

De spuigaten uit lopen: te ver gaan, te erg zijn

Een brug slaan: met elkaar in contact brengen

Gebaat zijn bij: voordeel hebben van

Geen been zien in: geen bezwaar hebben tegen, niet terugschrikken voor

Geen zoden aan de dijk zetten: geen effect hebben, niet helpen

Gelijke tred houden met: zich in hetzelfde tempo ontwikkelen

Haaks staan op: totaal anders zijn, tegengesteld zijn

Hand in hand gaan met: samengaan, gepaard gaan

In het gedrang komen: verdrukt dreigen te worden

Op zijn beloop laten: laten gebeuren

Op gespannen voet staan met: moeilijk samengaan met, niet overeenkomen met

Te kampen hebben met: last hebben van

Zich neerleggen bij: berusten, accepteren

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

P.

P.

Amnestie is het vrijstellen of herroepen van strafvervolging voor bepaalde daden door het hoogste gezag van een staat.

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

P.

P.

recidivist
Webdefinities

Recidive betekent letterlijk herhaling. De term recidive wordt hoofdzakelijk gebruikt waar het gaat om strafbare feiten ofwel: gaan mensen die ooit veroordeeld zijn opnieuw in de fout? Recidivecijfers geven aan in welke mate mensen na een veroordeling in herhaling vallen. .

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

D.

D.

Het waren niet zulke hele goede woorden ofzo. Ik heb er helemaal niks aan gehad eigenlijk.

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

H.

H.

slecht

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

akyshaina

akyshaina

goed

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast