Balansverslag

Beoordeling 6.5
Foto van een scholier
  • Balansverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 1931 woorden
  • 2 september 2008
  • 17 keer beoordeeld
Cijfer 6.5
17 keer beoordeeld

The Story So Far

Na bijna twee jaar en 7 verslagen verder is het vak CKV-1 voor mij bijna afgerond. Door middel van dit verslag zal ik dan ook het vak afsluiten en is het toch allemaal sneller afgerond dan ik verwacht had. In het begin zat ik erg op tegen alle verslagen en leek het allemaal een hoop werk. Voor het eerst moesten we zelf kunst gaan bekijken en daar dan ook nog een zinnig verslag over schrijven.
Ongeveer twee jaar geleden schreef ik in mijn Kunstautobiografie het volgende: “De enige kunstenaar waarvoor ik interesse heb is Maurits Cornelis Escher.” Hieruit maak ik nu op dat mijn kijk op de kunst zich heeft ontwikkeld in de afgelopen twee jaar. Door ook een keer rond te lopen in een museum ontdekte ik werken die mijn interesse trokken en ging ik ook andere kunstenaars waarderen.


Het leukste om te doen in die jaren was toch wel het project dat ik samen met Britt Visser heb gedaan in December 2005. De meestervervalser Geert Jan Jansen was op dat moment erg in het nieuws. We hebben de ‘kunstenaar’ nagetrokken en op school uitgenodigd. Het is erg interessant om het leven van een persoon helemaal uit te pluizen en reacties en meningen van anderen te horen over die persoon. Als afsluiting van de opdracht kwam natuurlijk het interview op het Van Maerlant, dat was erg spannend allemaal. Ik vond dit de leukste activiteit omdat het vak CKV wat ruimer gezien werd bij deze opdracht. Er kon een keer afgestapt worden van de standaard procedure. Toch heb ik hierbij het meest geleerd van de kunst doordat je zelf heel erg veel leest over de vervalsingen en andere kunststromingen. Bij deze opdracht concentreerden we ons niet op een kunstenaar met zijn of haar stijl maar in het algemeen op de verschillende kunststijlen die door hem vervalst waren.
Het Fragmentarium en de Kringloop komen daarna op een gedeelde tweede plaats. Allebei trokken deze kunstwerken me heel erg aan en ik wist meteen dat ik daarvan een verslag wilde maken. Doordat het me zo aansprak was het ook gemakkelijk om twee kantjes vol te schrijven over het werk. Ook inspireert het je meer tot het maken van de extra opdracht, bij beide verslagen is dit een gedicht geworden waarvan ik de eerste ook zeer geslaagd vond, de tweede vond ik zwakker.
Daarna komt voor mij de architectuur van het Van Abbemuseum. Daarvan vond ik het eerste deel van het verslag meer neerkomen op het research doen op internet wat je daarna met je eigen ervaringen vergelijkt en verwerkt in een verhaaltje. Wat ik zo geslaagd vond aan dit verslag was het interview. Ik had op dat moment geen inspiratie voor een gedicht dus besloot ik als tweede opdracht een fictief interview te kiezen en met het resultaat was ik ook erg tevreden.
Het minste was dan ook het Fotomuseum in Antwerpen. Daar zijn we zo snel mogelijk weer naar buiten gelopen. De rondleidster deed erg haar best, maar kreeg ons niet geïnspireerd om goed te kijken. Ik loop dan toch liever in het Van Abbemuseum omdat je daar meer variatie hebt in kunst. In het Fotomuseum stonden vrijwel alleen foto’s en dat maakt het voor mij persoonlijk een stuk saaier. Op dat moment moest er toch een verslag worden gemaakt van het Fotomuseum in verband met de inleverdatum.

Om eerlijk te zijn heeft het me echt verbaast hoe mijn mening over kunst kan veranderen. Het leek me twee jaar geleden verschrikkelijk om al die verslagen te moeten maken of uren in musea rond te dwalen. Mijn reactie die ik kreeg op mijn kunstautobiografie was: “Judith, ik ben benieuwd hoe je kijk op kunst zich de komende 2 jaar ontwikkelt.” Waarbij ik in mezelf dacht; niet! Ik dacht dat ik kunst nog steeds verschrikkelijk zou vinden. Kunst behoort nu nog steeds niet tot mijn favoriete bezigheden maar mijn kijk op kunst heeft zich de afgelopen jaar zeker ontwikkeld.

Doordat je verplicht bent om een verslag te schrijven voor CKV ga je ook beter naar het werk kijken, waardoor je vaak pas de achterliggende gedachte ervan kunt begrijpen. Ik denk dan ook dat de verslagen essentieel zijn voor de schoolactiviteiten. Ik heb door de activiteiten te doen geleerd om beter naar kunst te kijken en kunst ook meer te gaan waarderen. Als specialistisch uur heb ik nu voor het tweede jaar tweedimensionaal gekozen, omdat dit vorig jaar zo goed bevallen was. Ik kan bij dit vak precies kwijt wat ik met kunst wil. Je kunt werken met kleding, foto’s, klei, hout, gaas enz. Alle materialen en kunstvormen zijn toegestaan en daarbij heb je ook nog keuze uit verschillende thema’s.


Ik wil even een verschil maken in het werk binnen een lesuur en het thuiswerk waartoe de activiteiten en leesverslagen behoren. In het CKV-1 lesuur vond ik vooral de lessen uit het 4de en 5de jaar leuk over Geert Jan Jansen. Wat ik ook leuk vond om te doen was de Art-Walk in de 4de klas. Helaas heb ik toen niet alles hiervan kunnen meemaken, omdat ik een tijd ziek ben geweest. De Art-Walk heb ik toen gemaakt met Volkan Capkurt en Britt Visser. Het resultaat was volgens ons erg geslaagd en gelukkig was de docente dit wel met ons eens.
Het lesuur CKV-1 heeft echter niet veel veranderd in mijn kijk op kunst. Er was niet echt een vast lesprogramma en het bestond meer uit losse opdrachten. Buiten deze twee activiteiten gingen de lessen dan ook voorbij zonder er erg in te hebben vond ik dat de lessen weinig inhoud hadden. Het thuiswerk heeft dus wel mijn kijk op kunst veranderd doordat je daar naar mijn menig effectiever met kunst bezig bent.

We hebben ons in de lessen meerdere malen afgevraagd wat kunst nou voor iedereen betekend. Zo zie je dat daar dan hele uiteenlopende gedachten over komen. Deze vraag moest wel beantwoord worden voordat we konden nadenken over het antwoord op de vraag: Wat is volgens jou de functie van kunst? De website van Wikipedia geeft een lange omslachtige definitie: “Kunst is in essentie een toepassing van menselijke creativiteit. Kunst staat voor een scheppende activiteit, die vaak, maar niet noodzakelijkerwijs, appelleert aan het menselijk gevoel voor esthetiek. Kunst kan een aspect uitdrukken van het wereldbeeld, godsbeeld, mensbeeld en/of zelfbeeld van de kunstenaar, van zijn/haar gevoelens omtrent menselijke en/of sociale verhoudingen. Ook kan het dienen om de toeschouwer of toehoorder mee te nemen uit de dagelijkse realiteit, naar een door de kunstenaar gecreëerde wereld. Zo horen ook musiceren, acteren, filmen, (stripboeken) tekenen, weven, borduren en componeren (om slechts een paar voorbeelden te noemen) onder bepaalde voorwaarden tot de kunsten. Er is geen duidelijke scheidingslijn tussen kunst en sommige andere menselijke bezigheden.”
De laatste zin van deze definitie bleef ook bij ons een discussiepunt. Wat behoort tot een kunstwerk en wat niet en wie bepaalt er wat er tot de kunst behoort was de grote vraag. Als wij een werkstukje maakten bij handvaardigheid en dat per ongeluk een kunstwerk noemden, kregen we de docent over ons heen. Wat wij fabriceerden waren werkstukken, geen kunstwerken!
Dat je creatief moest zijn om een kunstwerk te maken waren we het ook wel eens. Ook concludeerden we dat er meestal een diepere gedachte zat achter een werk, ook al is dat in het begin voor de kijker niet altijd duidelijk. Ook werd er getwist over de vraag of je moeite moest doen om een kunstwerk voort te brengen. Produceert een Anton Heyboer ook kunst? Schilderijen waar deze man nog geen vijf minuten mee bezig is, worden vaak met de reactie beoordeelt: “Dat kan mijn zoontje van vier ook.” Op Anton Heyboer kwam ook meteen het economisch inzicht van pas, wat wij als ‘economie fanaten’ bezitten. De opmerking kwam dat deze schilderijen dan ook niet zoveel waard zouden zijn, omdat er zoveel van geproduceerd waren. Toch hebben we besloten dat deze schilderijen ook tot de kunst behoren. Tenslotte kom ik nog tot de conclusie dat de gemiddelde mens het werk moet beschouwen als kunst. Want een kunstenaar kan wel iets maken en zeggen dat het kunst is, maar als niemand het daar mee eens is blijkt het een werkstuk.
Nou heb ik denk ik redelijk verteld wat kunst nou inhoudt. Onze samengevatte definitie kwam uit op: “Kunst is een creatief werk waar een diepere gedachte achter zit en waar over het algemeen maatschappelijk respect word getoond.”
Toen deze definitie vast lag was het voor ons erg duidelijk wat dan de functie was van de kunst. Voor de kunstenaar een uitlaatklep waar hij zijn emoties in legt. Voor de kijker vooral vermaak. Toen er later een discussie opgang kwam merkten we dat deze uitspraken een beetje ‘kort door de bocht’ waren. Er was nog niet nagedacht over de toegepaste en autonome kunst. De toegepaste kunst heeft altijd een erg duidelijke functie, een gebouw bijvoorbeeld. De andere autonome kunst heeft geen vaste functie. Op internet vond ik een mooie omschrijving van de functie van deze kunst: “Het is bijvoorbeeld een gevoel dat je erbij krijgt, een les die je erdoor leert of een bewustwording. Als het goed is komt de boodschap, de functie, naar jou. Je hoeft er alleen maar voor open te staan en goed te kijken.”

Daar sluit ik me dan volledig bij aan en dit vind ik een betere definitie dan het pure vermaak wat mijn eerste gedachte was.

Ik heb tijdens mijn activiteiten verschillende kunstdisciplines bekeken. Architectuur, fotografie, toegepaste kunst en ruimtelijk werk. Van deze vier disciplines vond ik het ruimtelijk werk het interessantste. Tot deze orde behoort het Fragmentarium wat ik in het Van Abbemuseum bekeken heb. Ik vond dit zo leuk omdat je er zelf ook in kan staan en zo deel uitmaakt van het kunstwerk. Voor de architectuur van het Van Abbemuseum heb ik ook meer respect gekregen nadat ik het bekeken had en er een verslag over had geschreven. Zo merk je eerder de diepere gedachte eruit op en de processen voor de bouw van het werk. Het fotomuseum heeft juist een tegengesteld effect bereikt op mijn kijk op fotokunst. Vooraf leek fotografie mij mooie kunst waar ik respect voor had. Nadat ik in Antwerpen was geweest, overheerste bij mij meer het gevoel van: “Een foto maken kan iedereen wel.”

Zoals ik hiervoor al schreef, vond ik het vak CKV-1, buiten de Art-Walk en het project Geert Jan Jansen, weinig inhoud hebben. Natuurlijk moeten de kunstverslagen gewoon thuis achter de computer geschreven worden, maar dat wil niet zeggen dat in de les niets gedaan moest worden. Nu keken we af en toe een video, die door het merendeel van de klas niet gekeken werd, omdat de film erg saai was. Ik denk dat meerdere opdrachten/projecten waar meerdere weken in groepsvorm aan gewerkt mag worden, CKV-1 voor de leerlingen een stuk interessanter zal maken. Ook kan er misschien meer aan de keuze van de leerling zelf worden overgelaten zoals bij het specialisatie uur wordt gedaan.
Aan de opdrachten voor een kunstverslag zou ik verder niets aan willen veranderen. Iedereen kan zo zijn eigen kwaliteiten stoppen in een keuze opdracht en de algemene opdracht moet ook gedaan worden.

De titel zegt het al, The Story So Far, kunst draag je met je leven mee en zal je altijd tegenkomen of je wilt of niet. Ik verwacht zeker in de toekomst nog veel met kunst te maken te krijgen en waarschijnlijk het nog veel meer gaan waarderen dan nu al het geval is. Met dit verslag sluit ik dan ook het einde van het begin af van mijn kunstervaringen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.