Jongens gezocht!
We zoeken nog een aantal examenkandidaten die (voor moneys) hun frustraties, verdriet, of blijdschap willen uiten na afloop van de examens. Solliciteer voor 3 maart als eindexamenvlogger!

Meedoen

Opdrachten 5,9,10,12 (Franconville)

Beoordeling 8.1
Foto van een scholier
  • Antwoorden door een scholier
  • 2e klas havo/vwo | 361 woorden
  • 16 september 2014
  • 3 keer beoordeeld
Cijfer 8.1
3 keer beoordeeld

ADVERTENTIE
Overweeg jij een maatschappelijke studie?

Misschien is een studie Sociologie of Antropologie dan wel iets voor jou! Bij beide opleidingen ga je aan de slag gaat met maatschappelijke vraagstukken. Wil jij erachter komen welke bachelor bij jou past? Kom in maart proefstuderen aan de VU.

Meer informatie

Frans antwoorden van 5,9,10,12

5) des boutons, quelle horreur!

Lees nog een keer de tekst op bladzijde 11 van je livre de textes. Zoek bij ieder woord de juiste betekenis.

a+ 14
b+ 7
c+ 9
d+ 8
e+ 1
f+ 6
g+ 10
h+ 13
i+ 4
j+ 11
k+ 2
l+ 12
m+ 3
n+ 15
o+ 5

9)J’ai visité Paris

a) de zinnen staan in de présent (tegenwoordige tijd). Zet ze in de passé composé.

1 = julia a rencontré un nouveau copain.
2= tu a passé les vacances ὰ Paris.
3=elle a reagardé les photos des vacances.
4= vous avez aimé l’escalade.
5= je ai detesté les randonnees dans les alpen.
6= ils ont marché dans la neige.
7= nous avons acheté un coca.
8= nous avons faité du camping.
9= j’ai eu plein de boutons.
10= elle a été a franconville

b)
1 tu n’as rencontré daniel.
2 nous n’avons pas passe les nuits.
3 il n’a pas eu deux textos de mon cousin.
4 ils n’ont pas fait du camping.
5 je n’été pas au liban.

10) j’ai faut du camping en Normandie
a) zoek de zinnen in de tekst

1= vous avez passé des bonnes vacances d’été?
2= nous avons fait du camping en Normandie
3= et toi? Tus as été oú?
4= j’ai été en France
5= on a fait des randonnees
6= il a visité le pays avec un cousin
7= et toi Didier, qu’est-ce que tu as fait?

b)
1= j’ai été en Espagne
2= j’ai passé des bonnes vacances
3= j’ai fait du caming á Normandie
4= jái fait des randonnees
5= qu’est-ce que vous avez fait?

12) j’ai été en Espagne
a) 1 = ah Libanon. Dat is ver!
2= ja , Spanje is echt super

b)
1= hij is op vakantie in Libanon
2= wij hebben gekampeerd in Libanon
3= ?
4 als je in het Frans voor een land of streek in of naar zet, gebruik je voor een mannelijk woord au voor een vrouwelijk woord en en voor een woord in het meervoud aux


 

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.