Alleen vmbo'ers gezocht! Waar denk jij aan bij duurzaamheid? Vul de vragenlijst in en maak kans op een Bol.com bon van 15 euro

Meedoen

Hoofdstuk 3 Eenheid en diversiteit De Geo

Beoordeling 3.9
Foto van een scholier
  • Aantekening door een scholier
  • 6e klas vwo | 1454 woorden
  • 10 juli 2015
  • 2 keer beoordeeld
  • Cijfer 3.9
  • 2 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode

Paragraaf 3.1

Ethische minderheid: een groep mensen die zich door afkomst onderscheidt van de meerderheid van de bevolking.



Culturele minderheid: groep mensen met andere zeden en gewoonten en een andere taal en godsdienst dan de meerderheid van de bevolking.



Chinese migratie

Eerste grote migratiegolf ging van start in de vijftiende eeuw. De chinezen trokken van 1400-1430 vooral naar gebieden in de buurt van het moederland: Maleisië en het grondgebied Singapore. De migranten vestigde zich als handelaren langs de kust.



De tweede migratiegolf ging van start in de tweede helft van de 19e eeuw (1850). In deze periode migreerde een grote groep goedkope arbeidskrachten. Hongersnood, werkloosheid en politieke onrust dwongen Chinezen ergens anders naar toe te gaan.



Tegenwoordig vormen de geïmmigreerde Chinezen een van de grootste en meest invloedrijke minderheden op de wereld. De economische invloed van de Chinezen in Zuidoost-Azië is erg groot. De grote economische macht van de Chinese minderheid heeft in de meeste Zuidoost-Aziatische landen geleid tot discriminatie. In economisch moeilijke tijden gedraagt niet alleen de overige bevolking maar ook de regering zich vijandig ten opzichte van de Chinezen.



Chinezen in Thailand

De chinezen werkt in de 19e eeuw vooral in de mijnbouw en tinwinning, waarmee ze veel geld verdiende. Later generaties kregen in deze regio een belangrijke positie in de handel en de financiële sector. Doordat de Thai en de Chinese beide boeddhistisch zijn verliep het huwen tussen beide gemakkelijker. Er mocht op speciale Chinese onderwijsinstellingen geen Chinees meer worden gegeven. De meeste Chinezen gaven hun  oude staatsburgerschap op en zijn Thai geworden, inclusief Thaise naam.



In Thailand is er dus spraken van assimilatie: het proces waarbij immigranten de gehele cultuur van de autochtone bewoners hebben overgenomen en de onderlinge verschillen voor een groot deel zijn verdwenen. De intentie van de Chinezen om de assimileren was om de omgang met Thaise officiële instanties makkelijker te maken. Maar goed, de integratie van de Chinezen is het beste gelukt in Thailand.



Chinezen in  Indonesië

De Chinezen werden politiek onderdrukt vooral nadat Soeharto de macht overnam. De Chinezen religie, taal, festiviteiten werden verboden. Ook moesten zijn een Indonesische naam overnemen. Toen in 1998 de Azië crisis uitbrak, er torenhoge inflatie en grote werkeloosheid ontstond. De hel brak los toen het onder druk van het IMF drastische bezuinigingen werden toegepast.  De wanhopige bewoners richtte zich in eerste instantie tegen de president en zijn getrouwen, maar zoals wel vaker in economisch slechtere tijden word er een zondebok aangewezen: de Chinezen. Vele Chinezen vluchtten. Na de val van het bewind van Soeharto mag er weer Chinees gesproken worden, het confuncialisme mag weer worden beoefend en het Chinese nieuw jaar wordt weer gevierd. Dit was helaas niet het einde van de discriminatie.



Chinezen in Laos

Er verhuisden niet zo heel veel Chinezen naar Laos omdat het een landlocked country is. Na de machtsovername vertrokken veel Chinezen, die niet meer terugkwamen omdat ze ergens anders ingeburgerd waren. De regering is niet vijandig opgesteld tegenover de Chinezen.



Chinezen in Cambodja

Hadden het zeer slecht onder het 
bewind van de Rode Khmer, pas na 1993 stabiliseerde de situatie en kregen de Chinezen hun vrijheden terug. Er komen nog steeds Chinezen migranten naar Cambodja. China heeft interesse in dit gebied omdat Cambodja hen olie en gas kan leveren.







Paragraaf 3.2



Nation building:  natie vorming



Hoe laat je mensen zich tot een natie voelen?



Door middel van bindende krachten. Het zijn factoren van politieke, economische en culturele aard.



Ze moeten het land als geheel bij elkaar houden. Dit proces van natievorming is in de meeste landen van Zuidoost-Azië nog niet voltooid.



In Indonesië werd geprobeerd natievorming te bevorderen met het invoeren van één gemeenschappelijke taal die gebruikt wordt door overheidsinstellingen en in het onderwijs en in de media. De Javaanse bevolking overheerst getalsmatig en qua ontwikkeling



In Laos vormt Lao de meest dominante groep (50%). Na de Vietnamoorlog vermengde de etnische groepen.



Cultureel en etnisch nationalisme

Autocratische regimes: een regeringsvorm waarbij de onbeperkte macht uitgeoefend wordt door 1 persoon. Deze regimes probeerde meestal met dwang een natiestaat op te bouwen. Het karakteristieke van een natiestaat is het idee van een homogene gemeenschap burgers met eenzelfde afkomst, cultuur en geschiedenis. In zo’n natiestaat behoort 60% tot één ethische groep. Het opbouwen van een natiestaat in een land met een zeer grote culturele verscheidenheid leidt vaak tot verzet.



Cultureel nationalisme:  eenheid te bevorderen door in het verleden te graven naar cultuurschatten van de eigen natie, zoals volksverhalen, sprookjes en balladen. Het uiteindelijke doel is dat er volledige assimilatie plaats vind. Mensen nemen de gewoontes en leefmanieren van de dominante cultuur over, er verandert dus niks aan de de wijze waarop de samenleving leeft. Hoeft niet per se altijd gedwongen te zijn, assimilatie kan ook optreden na verloop van tijd, bijvoorbeeld door huwelijkssluitingen.



Etnische nationalisme: het streven naar het uit het land zetten van de (ongewenste) minderheidsgroep.



Grensconflict:



Grensconflict: Zuid-Thailand

Het islamitische gebied van het voormalig zelfstandig Maleis koninkrijk kwam in handen van de boeddhistische/Thaise regering. De moslims voelde zich gediscrimineerd.  In de jaren 60 ontstonden protesterende moslimbewegingen, na een piek in de jaren 70 zakte deze weer in omdat de regering beloofde de omstandigheden te verbeteren voor de moslims. In 2004 laaide het conflict weer op. Met aanslagen die gepleegd worden door moslims.



Afscheiding Oost-Timor



Separatisme: afscheiding van een bestaande organisatie of staat, om zo zelfstandig te worden



Etnische en culturele nationalisme dragen bij aan territoriale conflicten. Nadat Oost-Timor bezet werd door de Portugezen werden zijn ingelijfd door Indonesië. Het machtsmisbruik van het Indonesische leger was groot. Verzet werd met geweld neergeslagen en schendingen van mensenrechten kwamen veelvuldig voor. In 2002 waren zijn onafhankelijk.



Federalisme: staatsvorm waarbij geen centraal staatsgezag wordt voorgestaan, maar waarin de afzonderlijke delen een zeer grote mate van zelfstandigheid wordt toegekend, zonder dat het nationale of federale niveau bestaat bij de gratie deelstaten.



Maleisië is een federale staat, het bestaat uit 13 deelstaten waarvan 9 geleid worden door vorsten. De overige 4 staten worden geleid door gouverneurs. Al deze leiders kiezen samen de koning van Maleisië, die 5 jaar aanblijft. Elke deelstaat heeft een eigen grondwet, kabinet en parlement.



De Maleisische overheid probeert de inheemse bevolking van Maleisië te bekeren tot de islam, omdat zij hun anders als bedreiging zien. Dit willen de inheemse bevolking over het algemeen niet en eisen gelijke rechte en willen mee profiteren in de welvaart.



Spreiding van de politieke macht

Staten kunnen kiezen voor decentralisatie. Daarbij wordt aan de verschillende onderdelen van de staat op bestuurlijk, staatkundig of economisch gebied meer zelfstandigheid verleend. Dit kan echt leiden tot spanningen onder de bevolking, zoals welke ethische groep de politiek in handen zou krijgen. Ook kan dit leiden tot corruptie en onzekerheid.



Het decentralisatie beleid wordt uitgevoerd zodat minder gebieden om onafhankelijkheid zouden gaan roepen.






Paragraaf 3.3

Religieus fundamentalisme: het vasthouden aan de grondbeginselen (fundamenten) van een godsdienstig gedachtegoed waarbij men normen en waarden aan de ander wil opleggen en waarbij er tevens geen ruimte is voor het wijzigen van die normen en waarden.




Religie op de Filipijnen

De katholieke kerk heeft veel macht in het land, ook op politiek vlak. Bijvoorbeeld anti-abortus.



De strijd op Mindanao

In de koloniale tijd had Spanje de Filipijnen in handen, maar voornamelijk Manilla en het noorden van Luzon. Het zuidelijk gelegen eiland Mindanao werd vrijwel met rust gelaten. Mindanao werd bestuurd door islamitische sultans. Uiteindelijk hadden de Amerikanen de macht over de Filipijnen. Dit bevielen de bewoners van Mindanao, de Moros,  niet omdat ze voorheen met rust gelaten werden en nu opeens naar de Amerikanen moesten luisteren. Het Moro National Liberation Front (MLNF) streed en strijdt nog steeds voor het behoud van eigen identiteit en vrijheid van de Moros. Zij willen dat Palawan, Mindanao en de Sulu-archipel één gebied vormt genaamd Bangsa Moro. Uiteindelijk splits er een groep zich af en vormen het Moro Islamic Liberation Front (MILF).  Na jaren strijd werd er in 1989 een autonome regio gevormd: Autonomous Region of Muslim Mindanao. Uitvoering van de regionale autonomie kwam echt nauwelijks van de grond. Het autonome deel van Mindanao kreeg nauwelijks extra bevoegdheid en kreeg een kleiner toegewezen gebied. Daaruit ontstond de islamitische guerrillabeweging Aby Sayyaf.



Myanmar

Is een land waarbij het leger de macht heeft, er worden veel mensenrechten geschonden.


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.