Cookies..
Door Scholieren.com te bezoeken ga je akkoord met het gebruik van cookies. Klik hier voor meer info.

Max Havelaar

Multatuli

1860

328

4 uit 5

7.9 / 10
  • Andr van Bel
  • Nederlands
  • 5435 woorden
  • 130529 keer
    1270 deze maand
  • 11 januari 1999
Titel
Max Havelaar

Ondertitel
of De koffieveilingen der Nederlandse Handelsmaatschappij

Schrijver
Multatuli (Eduard Douwes Dekker)

Uitgever
Veen Uitgevers. (Amstel Klassiek)

Vertaald?
Nee, oorspronkelijk Nederlands

Druk
11e druk Jaar:1988

Jaar 1e druk
1860

Titelverklaring
De titel "Max Havelaar" slaat op een man genaamd Max Havelaar. Havelaar (de centrale figuur) wordt in het boek uitvoerig beschreven. De man is zo belangrijk in het boek omdat hij voor de inlanders in het vroegere Nederlands-IndiŽ opkomt.

De ondertitel "of De Koffieveilingen der Nederlandse Handelmaatschappij" is de titel die Droogstoppel (een contrast met Havelaar) aan het boek wou geven. Multatuli gaf deze ondertitel omdat in die tijd de koffiehandel veel geld opleverde voor de Nederlandse Staat.

Motto
In het begin van het boek wordt er een onuitgegeven toneelspel beschreven. Dit kan als de motto van het boek worden gezien. In deze onuitgegeven toneelspel wordt Lothario ervan beschuldigd Barbertje te hebben vermoord. De rechter veroordeelt hem tot 'ophanging'. De rechter is vastbesloten; zelfs als hij Barbertje in levende lijve ziet blijft hij bij zijn besluit. Dit keer is de straf niet gebaseerd op moord, maar op eigenwaan.

Dit motto heeft veel met het boek te maken. In dit toneelspel wordt er iemand (Lothario) onrecht aangedaan. In het boek zijn dit de inlanders in IndiŽ. Ook is er een persoon met duidelijk veel macht in het toneelspel (de rechter). In het boek zijn dit de Nederlandse Staat en de Regent van Lebak.

Opdracht
"Aan de diepvereerde nagedachtenis van Everdine Huberte Baronesse van Wynbergen, der Trouwe gade der heldhaftige liefdevolle moeder der Edele Vrouw." Baronesse Everdine Huberte Baronesse van Wynbergen was de vrouw van Multatuli. Na de opdracht volgt nog een franse citaat van Henry de Pťne. (Franse journalist)

Personen
Belangrijkste personen:


Max Havelaar:
Als eerst moet vermeld worden dat Max Havelaar een heel uitgebreid persoon is in het boek. Hij komt namelijk in 3 namen voor. In het boek wordt er gesproken van Sjaalman, Max Havelaar en Multatuli. Deze personen zijn ťťn. Bij Sjaalman en Havelaar is dit direct uit het boek te halen. Sjaalman is namelijk een aan de lage wal geraakte Havelaar. Multatuli is de pseudoniem van Eduard Douwes Dekker. Douwes Dekker heeft meegemaakt wat Havelaar in het boek meemaakt. Ook qua tijd zijn de personen verschillend. In de tegenwoordige tijd van het boek wordt Sjaalman beschreven door Droogstoppel. In de verleden tijd wordt Max Havelaar beschreven door Stern.

Havelaar is 35 jaar oud. Hij is een man van Nederlandse nationaliteit. Een citaat van zijn uiterlijk: Hij was slank, en vlug in zijn bewegingen. Buiten zijn korte en beweeglijke bovenlip, en zijn grote flauw-blauwe ogen die, (Ö) , iets dromerig hadden. (Ö) zijn blonde haren hingen sluik langs de slapen. " ( blz 69). Havelaar is vooral kenmerkend door zijn gevoel voor rechtvaardigheid. Hij wil niemand onrecht aandoen en doet er alles aan om anderen te helpen. Dit karakter eigenschap heeft een positief punt: Hij helpt iedereen die hulp nodig heeft. Een negatief punt is dat hij zover kan gaan om mensen te helpen dat hij zelf in de problemen komt. In het boek wordt er een voorbeeld gegeven hoever hij kan gaan om mensen maar te helpen: "Ö doch waar anderen hulp behoefden, was hem 't helpen, het geven een ware hartstocht."
De lezer kan opmaken dat met 'het geven' geld wordt bedoeld. Een paar regels verder komt deze zin: "Acht dagen voor de geboorte van zijn kleine Max, bezat hij 't nodige niet om 't ijzeren wiegje te kopen waarin zijn lieveling rusten zou, en weinig tijds tevoren nog had hij de weinige versierselen zijner vrouw opgeofferd, om iemand bij te staan, die gewis in beter omstandigheden verkeerde dan hijzelf. (Beide citaten van blz. 84)
Hier leest de lezer dat hij zijn gezin in de problemen brengt (niet met opzet, Havelaar was een goede man) doordat hij iedereen die naar hulp vraagt wil helpen.

Andere karaktertrekjes van Havelaar zijn: gevoelig(valt uit het boek te halen door zijn hulp aan iedereen), ijverig(doordat hij er alles aan doet om anderen te helpen), intelligent (valt uit het boek te halen door zijn verhalen die hij vertelt aan Duclari en Verbrugge en eerlijk.

Zijn opvattingen over het leven, over kunst en cultuur, over de liefde enz. vertelt hij uitvoerig aan Duclari en Verbrugge tijdens een etentje. Zijn belangrijkste opvatting is dat er aan niemand onrecht mag worden gedaan. Bewijs uit boek: "Ik verzoek u nogmaals mij te beschouwen als een vriend die u helpen zal waar hij kan, vooral waar onrecht moet worden tekeer gegaan. (citaat uit blz. 99)

Havelaar verandert in de loop van het verhaal. In chronologische volgorde veranderd hij van een avontuurlijke jongeman (Havelaar in zijn jonge jaren) naar een man die serieus is in zijn doen (Havelaar in lebak). De oudste Havelaar in het boek is de armere Havelaar in Nederland. Hij is in de problemen geraakt, niemand wil hem meer in IndiŽ omdat hij erg lastig is volgens de autoriteiten daar. Door dit alles is hij erg arm en draagt hij geen winterjas in de koude maanden. Hij heeft geen geld voor een goed huis voor zijn gezin. Om wat te verdienen is hij gaan schrijven over de tijd in IndiŽ.

De belangrijkste relaties van Havelaar zijn:
-Met zijn gezin.
-Met zijn collega's (Duclari en Verbrugge)
-Met de Regent (zijn 'vijand' in het boek)


Havelaar is een duidelijke Round-Character; hij wordt uitvoerig besproken, je komt achter veel van zijn karaktertrekjes en opvattingen. Ook wordt zijn leven uitvoerig besproken.

Bijpersonen:
Batavus Droogstoppel:
Een laffe, egoÔstische, onbeschofte koopman. Droogstoppel is geen Round-Character maar een type. Droogstoppel zijn rol in het boek is vooral om een contrast te vormen met Havelaar. De lezer kan dan de situatie beter begrijpen. (Althans, dit was vooral voor mij een kenmerk om het boek beter te begrijpen) Zijn opvatting is vooral dat iedereen eerlijk moet zijn. Hij kan absoluut niet tegen romans, daar wordt toch alleen leugens verteld. Dat Droogstoppel erg onbeschoft is kon de lezer al in het begin van het boek lezen: Hij laat Sjaalman wachten voor de deur, want de deur zal vanzelf wel open gaan. Hij vindt ook dat de Javaan maar moet werken, want hij anders zal hij arm worden. Hij gebruikt hiervoor het geloof als excuus.

Stern:
Van Stern is niet veel beschreven, alleen dat hij een Duitser is en dat hij de zoon is van een zakenrelatie in Duitsland. Hij schrijft de Havelaar gedeeltes in het boek. Maar de lezer kan al snel erachter komen dat eigenlijk Sjaalman voor hem schrijft.

Tine en Max:
Dit is het gezin van Havelaar. Max wordt vooral als schattig beschreven. Tine wordt ook niet zo uitvoerig beschreven. Alleen dat ze een hart van goud heeft, zielsveel van Havelaar houdt en dat ze niet echt knap van uiterlijk is.

Verbrugge:
Verbrugge is de controleur van Lebak. Hij is vooral aardig, eenvoudig, hartelijk, mededeelzaam, hulpvaardig en gastvrij is. Verbrugge is de ondergeschikte van Havelaar.

Duclari:
Hij wordt vooral als moedig beschreven. Hij is de eerste luitenant van Lebak. Tijdens een etentje komt de lezer te weten dat hij wel Havelaar in het begin een rare snuiter vindt, maar al snel kijkt hij toch wel op tegen Havelaar.

De Regent:
Is een nette, beleefde oude man. Doordat hij veel schulden maakt buit hij het volk uit. Dit is Havelaars 'vijand'. Een leuk citaat van zijn uiterlijk: "De regent had reeds zijn lippen en weinig tanden bruinrood geverfd met het speeksel zijner sirihÖ" (Blz. 62.)

Tijd en Plaats
In welke tijd speelt het zich af?
In het boek zijn er 3 tijdsniveau's: -Rond 1842: De jonge avontuurlijke Havelaar in Sumatra. -Rond 1856: De volwassen Havelaar in Lebak -Rond 1860: De arme Havelaar in Nederland. Dit is het heden.

Wat is de verteltijd?
Ik heb er een week over gedaan om het boek te lezen. Het boek heeft 288 blz. waarbij de aantekeningen/noten van Marijke Stapert-Eggen zijn bijgeteld.

Wat is de vertelde tijd?
Ook kan de vertelde tijd in 3 groepen worden verdeeld: -De tijd van Sumatra: Dit speelt zich af rond 1842, dus ongeveer een jaar. -De tijd in Lebak: Dit duurt ook zo'n jaar. (De uitbuitingen van het volk duurden al veel langer. -Het heden van het boek: duurt in totaal ook zo'n jaar.

Waar spelen de gebeurtenissen zich af?
Bij elke tijdsgroep horen ook bepaalde plaatsen: -1842: Sumatra en omgeving. -1856: Lebak, stukje Buitenzorg (Bogor) -1860: Dit speelt zich af in Amsterdam. De omgevingen worden zeer goed beschreven, je kunt bij wijze van spreke IndonesiŽ ruiken. Ook voor mensen die nooit in IndonesiŽ zijn geweest kunnen een zeer goed beeld vormen van het landschap in IndonesiŽ na het lezen van dit boek. Een zeer goed stuk uit het boek ging over het reizen in IndonesiŽ omstreeks 1860. Dit stukje vind ik ook mooi beschreven, een ander goed stuk ging over de huizen in IndonesiŽ. Ook kan de lezer uit de beschrijvingen opmaken dat Multatuli veel van het Indonesische landschap houdt.

Wat zijn de tijdsverhoudingen?
Het verhaal verloopt niet chronologisch. Ook bestaat het boek uit vele tijdsvertragingen. Deze tijdsvertragingen worden veroorzaakt omdat de schrijver de omgeving uitvoerig beschrijft en ook wordt de tijd vertraagd wanneer Havelaar over zijn geschiedenis vertelt. Tijdsversnellingen zijn mij in het boek niet opgevallen. Het boek bestaat uit vele flash-backs; deze dienen om een beter beeld te krijgen van de situatie aldaar.

Thema
Thema: Strijd tegen onrecht.

Verklaring en bedoeling van het thema :
De lezer zal in het begin van het boek niet meteen merken dat er sprake is van strijd tegen onrecht. Maar zodra het Max Havelaar gedeelte aan bod komt. (vanaf hfst 5) krijgt de lezer toch al een aanwijzing van de thema. Zo heb ik in hfst 5 deze aanwijzing van het thema gevonden: " Doch daar kwamen vreemdelingen uit het Westen, die zich heer maakten van het land. Ze wensten voordeel te doen met de vruchtbaarheid van de bodem, en gelastten de bewoner een gedeelte van zijn arbeid en van zijn tijd toe te wijden aan het voortbrengen van andere zaken, die meer winst zouden afwerpen op de markten in Europa (Ö) Hij (de Inlanders) gehoorzaamt zijn hoofden, men had dus slechts deze hoofden te winnen en hun gedeelte van de winst toe te zeggen,Ö( Blz 55)
In dit stukje tekst worden dingen beschreven waar het boek eigenlijk om gaat: De mensen uit het Westen worden rijk van de Inlanders, dit doen zij door de hoofden van het volk onder de knie te krijgen. Deze gaan vervolgens hun eigen volk uitbuiten.

In een ander stuk wordt er een aanwijzing gegeven dat Havelaar wil strijden tegen deze vorm van onrecht: Ik verzoek u nogmaals mij te beschouwen als een vriend die u helpen zal waar hij kan, vooral waar onrecht moet worden tekeer gegaan. (Blz 99)
Hier vertelt Havelaar (na een prachtige toespraak aan de hoofden van Lebak) dat hij het onrecht grondig wil bestrijden.

Om een beeld te geven hoe erg de toestand in Lebak is, wordt er in een (prachtige) verhaal over Saidjah en Adinda beschreven welk onrecht de mensen daar wordt aangedaan: Enige tijd daarna vluchtte Saidjahs vader uit het land. Want hij was zeer bevreesd voor de straf als hij zijn landrenten niet betalen zouÖ (blz 208)
Nadat Saidjah vele buffels heeft gekregen van zijn vader, zijn ze net zo snel afgepakt door de hoofden voor de slachting. De hoofden hoeven hier niets voor te betalen. Saidjah krijgt voor de zoveelste keer een nieuwe buffel, deze buffel redt hem later van de dood, deze wordt echter weer afgepakt. In dit fragment vlucht Saidjahs vader omdat hij vele schulden heeft, de hoofden buitten hem immers uit. Hij is zelfs zo bevreesd dat hij vlucht voor de gevolgen.

De bedoeling van de schrijver was om het onrecht die de Inlanders in IndiŽ leden te bestrijden. Dit is hem jammer genoeg niet direct gelukt. (hierover later meer) Een (duidelijk) fragment waaruit de bedoeling van het boek wordt beschreven is dit: Goed, goed, alles goed! MaarÖ de Javaan wordt mishandeld
! Want: wederlegging der hoofdstrekking van mijn werk is onmogelijk!
Hoe luider overigens de afkeuring van mijn boek, hoe liever 't mij wezen zal, want des groter wordt de kans gehoord te worden. En dit wil ik!
(blz 256)
In deze zin en in dit hoofdstuk zegt Multatuli wat hij met het boek bereiken wil; bestijding van het onrecht in IndiŽ. (Hij heeft nog een doel, hierover later meer)

Samenvatting en opbouw van het boek
Zoals al vermeld kan het boek in delen worden gesplitst, in schema:
genrehfdst. schrijverhoofdpersoon
roman 1
roman 2
protest
1-4, 9-10, 16
5-8, 11-16, 17-19
20
Droogstoppel
Stern (Sjaalman)
Multatuli
Droogstoppel
Havelaar
n.v.t.


Roman 1:
1-4:
In deze hoofdstukken komt Batavus Droogstoppel aan het woord. Hij stelt zich zelf voor en vertelt wat zijn idealen zijn. Ook vertelt hij wat dingen van zijn jeugd waar hij te kennen geeft dat hij Havelaar als klasgenoot heeft gehad. In dit hoofdstuk komen Sjaalman (Havelaar) en Droogstoppel elkaar tegen. Sjaalman geeft Droogstoppel een pak met papieren mee waar dingen staan beschreven die Sjaalman heeft meegemaakt. Droogstoppel moet niets hebben van de arme Sjaalman. Later besluit hij van de papieren een boek te schrijven over de koffie cultuur. Hij krijgt hierbij hulp van Stern.

9-10 en gedeelte 16:
Hier vertelt Droogstoppel dat hij al het voorgaande niet mooi vond. Hij uit hier zijn mening dat het de eigen schuld is van de Javanen dat ze zo arm zijn. Ook heeft hij helemaal geen medelijden met de Javanen. In deze hoofdstukken komt ook de beruchte preek van ds. Wavelaar voor.

Roman 2
5-8:
Hier worden Havelaar en zijn familie voor gesteld. Ook de Regent, Verbrugge en Duclari worden hier voor gesteld. Het hoofdstuk bevat de geschiedenis van Havelaar van het begin van zijn loopbaan als asistent-resident is Lebak. Ook komt hier de toespraak voor die Havelaar 'doet' voor de hoofden van Lebak.

11-16:
Hier komt het etentje in voor van Havelaar, Tine, Verbrugge en Duclari. Havelaar vertelt hier over zijn geschiedenis (oa over Sumatra) en over zijn mening over vele dingen. Zoals vrouwen, kunst en Indie. Ook begint hier de strijd tegen het onrecht die Havelaar voert. De beroemde parabel van de Japanse Steenhouwer komt ook hier in voor.

17-19:
Hier komt het verhaal van Saidjah en Adinda in voor. Dit verhaal laat zien hoe de toestanden in Lebak zijn. Ook klaagt Havelaar de Nederlandse Staat in dit gedeelte aan.

Protest:
20:
De eerste helft van dit hoofdstuk zien we dat Havelaar ontslag neemt. Al zijn inzettingen waren tevergeefs. Het 2e gedeelte is voor Multatuli. Hij neemt het boek over van de schrijvers en neemt afscheid van ze. Stern laat hij goedkeurend achter. Droogstoppel wordt met harde hand uit het boek geschreven. Multatuli schrijft wat hij met het boek wil bereiken.

Mening
Het verhaal vind ik zeer goed. Weinig boeken besteden namelijk aandacht aan de onderdrukking van de Indonesiers. Multatuli heeft het aangedurfd om naast een mooi verhaal, een thema uit te werken die voor zijn tijd niet of nauwelijks werden beschreven. Een andere reden waarom ik dit zo'n goed verhaal vind is de manier waarop Multatuli de dingen beschrijft. Hij schenkt zoveel aandacht aan de omgeving, de mensen van Java. Wat ik wel moet bekennen is dat ik naast mooie (Parabel van Japanse Steenhouwer en toespraak van Havelaar), spannende (de strijd tegen de Regent) en ontroerende (Saidjah en Adinda) momenten ook saaie momenten heb gelezen. Eťn van die saaie momenten waren sommige momenten tijdens het etentje die Havelaar organiseerde voor Verbrugge en Duclari. Overigens is het onderwerp wel begrijpelijk voor mij. Ik weet niet of dat komt door mijn Indonesische achtergrond of door mijn interesses in de Nederlandse Koloniale Geschiedenis, maar wat het voor iedere lezer begrijpelijk maakt is dat het over mensen gaan die anderen wat aandoen. Dit in positieve zin (Havelaar) en negatieve (Regent, Nederlandse Staat). Iedereen gaat met mensen om, iedereen weet dus ook wat de gedragsregels zijn. Vaak worden deze gedragsregels overschreden, zoals in dit geval, doordat het zo vaak gebeurd (moord, oorlog) wordt het vanzelf wel realistisch voor iedereen. Het einde liep zoals ik had verwacht, althans Havelaar gedeelte dan. Het was gewoon een onmogelijke taak om voor 30 miljoen mensen op te komen die voor de Nederlandse regering in die tijd niet belangrijk waren. Daarentegen vond ik de manier hoe het boek eindigde wel zeer origineel en onverwacht. Het boek verloopt eerst als een fictie, dan grijpt Multatuli in en brengt de lezer naar de werkelijkheid:
"Havelaar doolde arm en verlaten rond. Hij zochtÖ

Genoeg, mijn goede Stern! Ik Mutatuli neem de pen op. Gij zijt niet geroepen Havelaars geschiedenis op te schrijven. Ik heb u in het leven geroepen."
Hier neemt hij van Stern afscheid. Een paar regels verder neemt hij van Droogstoppel afscheid:
"Die Sjaalman en zijn vrouwÖ

Halt, ellendig produkt van vuile geldzucht en godslasterlijke femelarij.
Ik heb u geschapenÖ ge zijt opgegroeid tot een monster onder mijn penÖ"
Dit is gewoon zo knap bedacht. Eduard Douwes Dekker moest gewoon een intelligente man zijn geweest.

Het thema van het boek vind ik zeer mooi en goed voor een boek uit die tijd. De schrijver gaat er diep op in. Alles in het boek heeft wel met het thema te maken. Ook zet het thema mij ook wel aan het denken. Het boek is wel in 1860 geschreven, er mag dan wel in die tijd veel onrecht aangedaan zijn. Maar ook in deze tijd wordt er zeer veel volken uitgebuit. Ook in deze tijd worden er mensen onrecht aangedaan. We moeten dit niet vergeten. Daarom moet iedereen op de wereld Max Havelaar eigenlijk lezen. Naast dat ze een prachtig boek onder ogen krijgen, gaan ze hopelijk ook nadenken dat uitbuiting gewoon niet kan in deze tijd.

Ik ben na het lezen van het boek toch van mening veranderd. Ik dacht voordat ik aan Max Havelaar las, dat het een heel saai boek was dat, ook schrikte mij het jaartal af van wanneer het boek geschreven is. Ik dacht dat het zeer moeilijk was. Dit is ook wel zo, het boek is vaak erg moeilijk. Maar het ik beslist geen saai boek. Het is soms zelfs zeer grappig. Het begint eigenlijk al met Droogstoppel die steeds zijn naam en vestigingsplaats herhaald. Dit grappige, sarcastische blijft het hele boek eigenlijk wel. Een leuk voorbeeld van deze leuke schrijfstijl is het volgende citaat:
"De koetsier klapte met de zweep, de lopers -in Europa zou men ,geloof ik, zeggen 'palfreniers' of liever, er bestaat in Europa niets wat met deze lopers overeenkomt - die onvergelijkbare lopers danÖ"

De bedoeling van het boek is naast de verbetering van de situatie in Indie ook nog herstel van zichzelf (Multatuli). Om dit doel te bereiken was de schoonheid van dit boek maar een hulpmiddel. Het tweeledig doel dat hij had voor het boek heeft niets van de inhoud beschadigd. Dit is toch wel knap. Jammer is dat het doel niet bereikt is wat betreft verbetering van de situatie in Indie.

Over situatie heb ik daarnet al een stuk over geschreven. Deze situatie bestaat al sinds er mensen zijn. Er bestaat altijd een heersende klasse die de ondergeschikten uitbuiten. De situatie in het boek is dan ook erg bekend bij mensen. Ook zijn de personen zeer herkenbaar. Iedereen kan zich wel identificeren met een persoon uit het boek. (de personen uit het boek zijn immers zelf afgeleid uit mensen uit de 19e eeuw)

Over het taalgebruik kan er ook veel gezegd worden. We moeten niet vergeten dat ondanks de soms moeilijke Max Havelaar de taalstijl zeer vernieuwend was voor die tijd. Multatuli heeft het aangedurft om met de alledaagse spreektaal van de 19e eeuw aan te komen, alle schrijvers in die tijd gebruikten alleen de elite-taal in hun boeken, maar dit was de spreektaal van de 19e eeuw. Er is ondertussen zoveel veranderd dat onze taal veel verschilt met de taal van Multatuli's tijd. De mensen in de Max Havelaar spreken dus niet zoals de mensen spreken in onze tijd. Een voorbeeld van een gesprek van Max Havelaar:
"Ik ben bij de regent geweest, zeide hijÖ dat is infaamÖ maar verraad me niet.
-Wat voor? Wat moet ik niet verraden?
-Geeft ge mij uw woord geen gebruik te maken van wat ik u zeggen zal?
-Weer halfheid, zei Havelaar. Doch Ö goed! Ik geef mijn woord."
Dit is een voorbeeld van hoe de personen in Max Havelaar spreken. Maar als Douwes Dekker dingen beschrijft dan gebruikt hij soms woorden die ik niet ken. Ook gebruikt hij termen die niet meer worden gebruikt, of hij gebruikt spreekwoorden die niet meer worden gebruikt.

Als conclusie kan ik zeggen dat ik Max Havelaar als mijn mooiste boek kan beschouwen. Het is op zo'n mooie manier allemaal beschreven.

Soort Boek
Het boek behoort eigenlijk tot de fictie en de non-fictie. Van het eerste hoofdstuk tot en met het 19e hoofdstuk is het boek een fictie. Het is wel naar waarheid berust, zodat je kunt zeggen dat dit een non-fictie is. Ik denk echter dat het een fictie is. In de 2e helft van het 20e hoofdstuk grijpt Multatuli in en brengt de lezer naar de werkelijkheid. Vanaf hier begint het non-fictionele gedeelte van het boek.

Het boek is verder zeer realistisch, het is ook naar waarheid berust. Het boek is een duidelijke roman, het is te dik voor een novelle. Het boek behoort tot het genre historische/autobiografisch roman.

Perspectief
Er is in het boek sprake van een meervoudige vertelperspectief. Dat zijn namelijk drie IK-vertellers; Droogstoppel, Stern/Sjaalman en Multatuli.

Door deze meervoudige vertelperspectief krijgt de lezer betrouwbare informatie, er wordt immers drie meningen gegeven over het onderwerp (waarvan 2 positieve en 1 negatieve mening) zodat de lezer een hele brede mening leest van de schrijver.

Spanning
Het boek is goed opgebouwd qua spanning. Er worden veel open vragen gesteld:
De lezer zal voor hij mijn boek heeft uitgelezen, even goed als Verbrugge weten waarom die zaken zo bijzonder moeilijk waren. (blz 104) Een paar hoofdstukken (hfst 17) verder komt de lezer te weten wat die moeilijke zaken zijn; die moeilijke zaken zijn de getuigingen tegen de regent. Doordat niemand tegen de Regent wil getuigen vanwege angst, is het zo moeilijk om de regent te vervolgen. De lezer weet evenveel als de hoofdpersoon. De sfeertekening is belangrijk voor de spanning, de lezer kan zich zo beter in het verhaal verdiepen.

Citaat
"Ödat langer dan een zeer kort ogenblik beantwoordt aan ons verlangen naar het schone, omdat het niet beweegt. Dit geldt, geloof ik, ook voor beeldhouwwerken en schilderstukken. Natuur is beweging. Groei, honger, denken, gevoelen, is bewegingÖ Stilstand is de dood!"

Informatie over de schrijver
Multatuli, pseudoniem van Eduard Douwes Dekker (Amsterdam 3 maart 1820 - Nieder-Ingelheim 19 febr. 1887), Nederlands prozaschrijver en moralist, bezocht de Latijnse school in Amsterdam en was er werkzaam op een handelskantoor. Op 18-jarige leeftijd vertrok hij met het schip waarop zijn vader kapitein was, naar Batavia, waar hij voorlopig bij de Rekenkamer tewerkgesteld werd. In 1842 werd hij benoemd tot controleur te Natal op Sumatra's Westkust, een afgelegen en arm gebied; hier werd hij zich bewust van zijn roeping de ideale bestuursambtenaar te worden. Na conflicten met de gouverneur werd hij overgeplaatst naar Padang; hier werd hij door gouverneur Michiels geschorst naar aanleiding van een vermeend kastekort. In deze tijd schreef hij het drama De eerlooze (in 1864 opgevoerd als De bruid daarboven). Sedert 1845 was Douwes Dekker werkzaam in ambtelijke functies op Java. Hier leerde hij Everdina Huberta van Wijnbergen kennen; vanuit zijn post in Krawang schreef hij haar uitvoerige 'verlovingsbrieven' vol jeugdherinneringen en zelfanalyse. Na zijn huwelijk (1846) met haar werd hij benoemd tot commies in Purworedjo en beleefde hij na 1848 gelukkige jaren als secretaris te Manado (Celebes). In 1851 werd hij bevorderd tot assistent-resident op Ambon.

De jaren van zijn (om gezondheidsredenen verlengd) Europees verlof (1852-1855) vormen een stormachtige episode, waarna hij berooid naar Batavia terugkeerde. Door persoonlijk toedoen van de gouverneur-generaal A.J. Duymaer van Twist, die zijn medeleven met de inlander waardeerde, werd hij begin 1856 aangesteld tot assistent-resident van Lebak (Zuid-Bantam), waar de bevolking door haar eigen hoofden tot onbetaalde leveranties van vee en het verrichten van herendiensten geprest werd - een misbruik waartegen zijn ambtsvoorganger, de plotseling gestorven Carolus, reeds had willen optreden. Dekker vond diens aantekeningen, kreeg nieuwe klachten en trachtte door overreding de misbruiken tegen te gaan, maar zonder succes. Een maand na zijn aankomst diende hij een aanklacht in tegen de regent Karta Natta Nagara en enkele lagere hoofden, doch zonder volledige opening van zaken te geven: bewijzen wilde hij pas leveren na verwijdering van de regent en diens handlangers. Zijn superieur, de resident van Bantam, Brest van Kempen, accepteerde dit niet en na inschakeling van het gouvernement kreeg Dekker overplaatsing. Een afkeurende kabinetsmissive had tot gevolg dat hij ontslag nam uit 's lands dienst. Zijn herhaalde verzoeken door de gouverneur-generaal te worden ontvangen, weigerde deze in te willigen. Na zijn vertrek en buiten zijn medeweten werd de aanklacht onderzocht en niet ongegrond bevonden, maar zijn inbreuk op de ambtelijke hiŽrarchie was hem noodlottig geworden.

Met hulp van zijn broer Jan, maar zonder zijn gezin, vertrok Dekker in 1857 naar Europa. Hij leidde een zwervend bestaan, o.a. in Duitsland, schreef zonder resultaat zijn brief aan de gouverneur-generaal in ruste en vond enige journalistieke arbeid in Brussel. Toen in 1859 zijn gezin overkwam en voorlopig onderkomen moest zoeken bij zijn inmiddels gerepatrieerde broer Jan, werd de toestand onhoudbaar. Om zich tegenover zijn familie te rechtvaardigen, om in een bestuursfunctie hersteld te worden en ook om de aandacht op de zaak van de mishandelde Javaan te vestigen, schreef hij binnen een maand op een zolderkamertje van een Brussels logement zijn Max Havelaar, het in een geraffineerde romanvorm gestelde relaas van zijn wedervaren, eindigend met een bewogen beroep op de koning. De schrijversnaam Multatuli (Lat. multa tuli = ik heb veel gedragen/geleden), die hij hier bezigde, had hij voor het eerst gebruikt in 1859 bij de publicatie van zijn ethische parabel Geloofsbelijdenis in het vrijdenkerstijdschrift De Dageraad.

Na vergeefse pogingen tot een acceptabel rechtsherstel bij minister Rochussen te hebben ondernomen, liet hij in 1860 de Max Havelaar verschijnen door bemiddeling van Jacob van Lennep, aan wie hij het kopijrecht had afgestaan. Hoewel deze door een dure uitgave met een verminkte en geretoucheerde tekst het onmiddellijke effect trachtte te verkleinen, maakte het werk diepe indruk. De bewondering gold echter vooral de vorm van het werk, dat als een pamflet bedoeld was; praktisch effect had het niet en rechtsherstel bleef uit. Nog bijna tien jaar bleef hij op een nieuwe ambtelijke positie hopen en inmiddels moest hij leven van de pen en van enkele voordrachten. Gescheiden van zijn in Brussel wonend gezin, trachtte hij in Amsterdam rond te komen. GeÔnspireerd door zijn nichtje Sietske Swart Abrahamsz, schreef hij er het fraai gecomponeerde werk Minnebrieven (1861) met de bekende geschiedenissen van gezag en de sprookjes.

In zijn brochure Over vrijen arbeid in Nederlandsch-IndiŽ (1862) richtte hij zich tegen de koloniale politiek van de liberalen, die zijns inziens de toestand voor de inlandse bevolking nog zou verergeren. Sinds 1862 liet Multatuli op ongeregelde tijden in losse afleveringen zijn IdeŽn verschijnen onder het motto 'Een zaaier ging uit om te zaaien'. Hiermee wilde hij de gewetens van de mensen wakker schudden, hen bevrijden van hun vooroordelen en hen opvoeden tot vrij onderzoek van alle dingen. Hij begon met zijn briljante aforismen en parabels, schreef later ook losse invallen en uitvoeriger verhandelingen, terwijl hij tevens, verdeeld over vele bundels, zijn roman Geschiedenis van Woutertje Pieterse opnam, die onvoltooid bleef, maar een briljante satire is op de omstandigheden waaronder een dichterlijk en begaafd kind uit de kleine burgerij opgroeide en onderwezen werd. De IdeeŽn groeiden uit tot zeven delen.

De publicatie hiervan bracht hem o.a. in contact met een jonge Haagse bewonderaarster, de officiersdochter Mimi Hamminck Schepel, met wie hij in de komende jaren optrok. Een mislukte poging tot de oprichting van een dagblad bracht hem in 1865 dieper dan ooit in de schulden (de portrettenaffaire). Een incident in een Amsterdams cabaret en een daaropvolgende rechtszaak deden hem in 1866 uitwijken naar Duitsland, waar Mimi zich bij hem voegde. Pogingen om er door een roulettesysteem te Hamburg bovenop te komen, faalden. Hoewel Busken Huet hem een correspondentschap voor de Haarlemmer Courant bezorgde, waren het jaren van grote ontberingen. Onderhandelingen met oud-minister Rochussen liepen op niets uit, toen diens partij in 1868 een nederlaag leed. Een hereniging met zijn gezin en Mimi (de Haagse mťnage ŗ trois) werd een fiasco; zijn vrouw Tine vluchtte met de kinderen en vestigde zich in ItaliŽ; sedert 1870 leefden Dekker en Mimi voorgoed in Duitsland. In Wiesbaden schreef hij de aardige verwikkelingen en berekeningen rondom de roulette, MillioenenstudiŽn (1873), en de satirische verhandeling Duizend en eenige hoofdstukken over specialiteiten (1871). Intussen waren zijn vroegere werken overgenomen door G.L. Funke, die zijn uitgever en grote vriend werd. Door een goede exploitatie werd de auteur van de ergste zorgen bevrijd. Tevens raakte hij bevriend met Carel Vosmaer, die met het essay Een zaaier (1874) het stilzwijgen over zijn werken verbrak en er de grote kwaliteiten van aantoonde.

Na de dood van Tine te VenetiŽ (1874) legaliseerde hij zijn betrekking met Mimi te Rotterdam (1875), waar dat jaar, ondanks het slechte spel van Mina Kruseman, de triomf van zijn toneelstuk Vorstenschool begon (nw. uitg. 1975). Geregeld bezocht hij Nederland voor lezingentournees. Door een aanval op zijn privťleven door Johannes van Vloten (Onkruid onder de tarwe, 1875) verging hem de lust tot verder schrijven. In 1877 verscheen zijn laatste bundel IdeŽn; sedertdien verzorgde hij nog slechts zijn vroegere werken en schreef brieven. Een lijfrente, hem door bewonderaars bezorgd, stelde hem in staat zijn laatste jaren in rust door te brengen te Nieder-Ingelheim, waar zijn bewonderaar ZŁrcher hem in 1881 een buitenhuis had aangeboden.

De invloed van Multatuli, wiens werk in verscheidene talen werd vertaald, is groot en veelomvattend geweest. Zijn Havelaar leidde tot grotere belangstelling voor de koloniŽn en op den duur tot een ethische politiek. Zijn afkeer van Kerk en godsdienst maakte hem tot een van de eerste Nederlandse verdedigers van het atheÔsme (Gebed van den onwetende, 1860, en passim in IdeŽn), terwijl hij de mensen wees op hun morele plichten ( 'De roeping van den mensch is mensch te zijn'). Hij vroeg aandacht voor de noden van de arbeider, de achteruitstelling van de vrouw, de hypocriete huwelijksmoraal, de heersende bekrompenheid en gezapigheid, het matige of slechte gehalte van Kamerleden, politici en andere 'specialiteiten', de gebreken in onderwijs, opvoeding, enz. Dit alles geschiedde in het hartstochtelijke, persoonlijke en zeer verzorgde 'levend Hollands' waarmee hij het zo conventionele Nederlandse proza radicaal vernieuwde en reeds vůůr de jaren tachtig een verjonging in de literatuur bracht. Door zijn met sarcastische humor geladen woord kreeg hij - naast vele vijanden - een grote aanhang, met name bij jongere generaties. Van het socialisme distantieerde hij zich, al had hij ook in die kringen veel bewonderaars; zijn allure was veeleer aristocratisch.

Ook na zijn dood werd zijn werk, waarin hij zo compleet aanwezig is, de inzet van veel strijd. Het gaf Mimi aanleiding zijn Brieven grotendeels te publiceren (1890 vv.), waarmee de Multatulistudie op gang kwam. De Havelaarherdenking van 1910 gaf aanleiding tot de stichting van het Multatulimuseum, welke vereniging documentatie verzamelde. In 1946 werd het omgezet in het Multatuligenootschap, dat in zijn geboortehuis aan de Korsjespoortsteeg te Amsterdam gevestigd is; dit huis is sinds 1975 Multatulimuseum. De belangstelling voor zijn werk herleefde na 1930 bij de generatie van Forum. Met name Du Perron deed de figuur Multatuli herleven met behulp van authentieke documenten (De man van Lebak, 1937; De bewijzen uit het pak van Sjaalman, 1940). Na 1945 zette het Multatuligenootschap deze arbeid voort onder zijn voorzitter Stuiveling, die in 1949 de Max Havelaar voor het eerst naar het oorspronkelijke handschrift publiceerde (de 'nulde druk'). Door hem en zijn medewerkers (Henri A. Ett, H.H.J. de Leeuwe en P. Spigt) is in 1950 een begin gemaakt met het uitgeven van Multatuli's Volledige Werken. Deel 1 tot en met 7 bevatten zijn literaire werk, in de overige delen zijn brieven en documenten bijeengebracht van en over Multatuli. De redactie van deze Volledige Werken is vanaf deel 17, dat in 1986 verscheen, in handen van H. van den Bergh en B.P.M. Dongelmans.

Honderd jaar na zijn dood, in 1987, werd op de Torensluis in Amsterdam, een standbeeld voor hem opgericht. Sinds maart 1978 verschijnt tweemaal per jaar het tijdschrift Over Multatuli.

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

5439

reacties

Hello, I'm tryng to get an english summary of Multatuli's Max Havelaar, Please let me know where I can find cliffnotes or summary in the English language, Thanks!
door Aline (reageren) op 4 februari 2002 om 23:31
Hi, ik moet voor geschiedenis een historisch roman maken. Ik ga Max havelaar vergelijken met de werkelijke gebeurtenissen. Jij hebt veel geschreven over de werkelijke gebeurtenissen, maar ik zou graag willen weten waar je het vandaan gehaald heb zodat ik daar misschien ook wat informatie kan vinden. Alvast bedankt Jephta(4vwo)
door Jephta (reageren) op 7 mei 2002 om 17:45
bedankt voor de info over de schrijver multatuli!! we zijn zeer blij en vereerd dat wij deze info hebben mogen gebruiken en dat we er zelf niet om hoefden te zoeken!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!
door Anoniem (reageren) op 21 mei 2002 om 11:58
Echt een super verslag!! Heel erg bedankt in deze laatste dagen voor mn examen en dusook mn Nederlandse mondeling helpt het erg als er mensen zijn zoals jij!! Echt superbedankt het heeft me erg goed geholpen bij het maken van mn verslag!!
door Martine (reageren) op 21 januari 2003 om 16:35
Wow, wat een een hoop werk heeft Andre hierin gestopt!! Ik heb er onwijs veel aan gehad en ben Andre erg dabkbaar dat hij dit prachtige uitreksel heeft gecshreven. En het is niet puur feiten opdreunen, het is heel duidelijk dat deze jongen een goed stel hersens heeft want hij legt keer op keer de goede verbanden en trekt de juiste conclusies. Muchos gracias, je hebt me enorm op weg geholpen!!! Een dikke tien! Liefs, Charlotte
door charlotte (reageren) op 2 februari 2003 om 18:26
hey! Ik heb echt heel veel aan het verslag gehad dank je!!!!!!!
door krysia meijering (reageren) op 1 april 2003 om 14:23
i just loveeeee you ect hoor. kusje bi
door bianca (reageren) op 22 mei 2003 om 18:04
Wat enig dat jij zoveel moeite er in steekt. Zullen we misschien een keertje op een romantisch plekje afspreken. Misschien kan het meer dan vriendschap worden
door jantje dorepaal (reageren) op 8 december 2003 om 12:38
ey bedankt he
door de bommen (reageren) op 18 maart 2004 om 14:45
jo bedankt he
door tinus (reageren) op 18 maart 2004 om 14:46
Heej, super!! heb jij nog meer uittreksels op scholieren.com staan?
door Floortje (reageren) op 21 april 2004 om 19:39
hallo wat een suffe samenvatting was dat, zeg!!! Volgens mij had ik net zo goed wel het boek kunnen lezen...
door liesje (reageren) op 26 mei 2004 om 13:46
Heey, mooi werkstuk, maar hoe zet je dat op deze site!! stuur ff trug!! want ik heb ook wel een mooi werkstuk!
door joris (reageren) op 1 juni 2004 om 10:24
Woow man, hoeveel tijd heb je hier wel niet ingestoken. Dit is zeker een 10 waard! Hartstikke bedankt
door Simon (reageren) op 5 maart 2005 om 12:42
Erg goed verslag!
door Bart (reageren) op 5 juni 2005 om 16:41
Hallo, heb je ook leesverslagen voor Nederlands die je niet op internet hebt gezet? Zoja, betaal ik 5,- euro per origineel boekverslag. Met vriendelijke groet, Lodewijk
door Lodewijk (reageren) op 6 juni 2007 om 14:48
top gedaan mijn zus heeft de helft hiervan overgetypt.....
door allard spijker (reageren) op 4 maart 2013 om 22:05

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer
Hou ervan

Hoge waardering

Andr van Bel 7.9
Remco 5e klas vwo7.9
Erik 6e klas vwo7.6
Marloes Sijbenga 6e klas vwo7.1
Marloes 7.4
Meer verslagen ›