Geschreven door: | |
Datum ingestuurd: | 17 juni 2003 |
Niveau: | 5 havo |
Woorden: | 1887 |
Opvragingen: | 6583 (55 deze maand) |
Waardering: |
Hoofdstuk 1 Geschiedenis van de hockeysport
Meer dan 5000 jaar geleden speelden rijke Perzen een spel dat veel lijkt op polo, een spel dat nu nog wordt gespeeld. Polo is een soort hockey, waarbij de spelers op paarden zitten. De minder rijke mensen wilden dit spel ook graag spelen, maar hadden geen geld om paarden te kopen. Zij maakten kortere stokken, zodat ze het spel gewoon op de grond konden spelen. Het echte polo met paarden verspreidde zich via India en Japan over een groot deel van Azië. In Griekenland werd later ook polo gespeeld. Uit een opgraving die halverwege de 20e eeuw werd gedaan in Athene, de hoofdstad van Griekenland, is gebleken dat uit polo weer andere speelvormen met stok en bal ontstonden. Zo speelden de Grieken 478 jaar vóór Christus het spel Horn, ook met stok en bal. Hoe dat precies ging, weten we niet. De Romeinen speelden ook een soort hockey op het strand. Maar in plaats van een bal gebruikten ze een echte mensenschedel. Deskundigen denken dat het hockeyspel met bal en stok vanuit het Romeinse rijk uiteindelijk in Engeland terecht is gekomen. Er zijn nog veel meer stammen in de wereld die vroeger sporten hebben gedaan die iets weg hadden van hockey zoals:
Afrikanen speelden thepu: Met een stok moest een rubberen bal in het doel van de tegenstander worden geslagen.
In Egypte werd een spel gespeeld waarvan de naam lijkt op hockey namelijk hocksha. Dit spel wordt nog steeds in afgelegen gebieden van Egypte gespeeld.
Arabische stammen spelen het Egyptische hocksha met een houten bal. Dit spel heet dahwa en wordt vooral in Noord-Afrika gespeeld.
De Azteken speelden een soort hockey tegen andere stammen. De stokken hadden aan de onderkant een krul net zoals die nu bij een hockeystick zijn.
Indianen speelden en dat heette chueca. Hier werd gespeeld op een veld van ongeveer 250 meter lang en 25 meter breed. De wedstrijd begon met een bully en het was de bedoeling de bal over de achtergrens van de tegenpartij te slaan of te drijven.
In Ierland speelde men met een stok en bal, dat later de naam hurley (of baire) kreeg. Het spel is voortgekomen uit de Keltische cultuur en wordt nog altijd gespeeld in Ierland.
In Frankrijk speelden de mensen crosse, een balspel met een kromme stok met een dikker uiteinde, op een veld van ongeveer 300 meter lang. Halverwege de 18e eeuw werd dit spel niet meer gespeeld. Toen Hendrik II in Engeland regeerde, ging men daar ook het Ierse hurley spelen.
De Engelsen noemden het kappan. In de 17e eeuw veranderde de naam in bandy. Bandy werd gespeeld op harde stranden of op ijsvlakten. Bandy dat op ijs werd gespeeld, heette ook wel hockey on ice, en werd snel populair, ook in de rest van Europa.
De naam hockey is volgens velen afgeleid van het Engelse woord hook (haak), maar sommige Fransen beweren dat het van het Franse woord hoquet (herdersstaf) komt. Je kunt wel zeggen dat de Engelsen ervoor hebben gezorgd dat het moderne hockey nu in veel landen wordt gespeeld. Zij brachten de sport over naar Australië, Nieuw-Zeeland en Brits-Indië (nu India en Pakistan). Vooral in dat laatste gebied werd de sport heel populair. De manier waarop de mensen daar met de stick de bal konden controleren, was heel bijzonder. Technisch waren zij dan ook de beste hockeyers.
Geschiedenis van de hockeysport in Nederland:
In 1891 bracht Pim Mulier het veldhockey van Engeland naar Nederland. Haarlem was de stad waar het eerste hockey op gras werd gespeeld. Bandyspelers gingen in de zomer buiten veldhockey spelen. In 1895 werd er al gespeeld om het kampioenschap van Nederland; de winnaar kreeg de Pim Mulier-wisselbeker. In 1898 werd door vijf clubs de Nederlandse Hockey en Bandy Bond (NHBB) opgericht. Vlak na de oprichting verlieten de bandyspelers de bond en gingen hun eigen weg. In 1909 waren elf verenigingen lid van de NHBB, in 1919 waren dat er al 29. Nederland speelde in het begin met een aantal eigen regels. Zo had de stick twee platte kanten en was de bal gemaakt van gevlochten touw en canvas. De bal was groter en veel lichter dan nu en omdat hij een oranje kleur had, werd hij de sinaasappel genoemd. Spelers mochten de bal met de voet stoppen en de tegenstander met de stick haken. Als een aanvallers de bal kreeg terwijl hij dichter bij de doellijn stond dan minstens drie tegenstanders, stond hij buitenspel en kreeg hij een vrije slag tegen. Deze regels waren niet zo handig in wedstrijden tegen teams uit andere landen. En omdat Nederland met het herenhockeyteam wilde deelnemen aan de eigen Olympische Spelen van 1928 in Amsterdam, gingen we vanaf 1926 volgens de internationale regels spelen. In datzelfde jaar werd ons land ook lid van de Internationale Hockey Federatie, de FIH. Hey Nederlandse herenhockeyteam werd tweede op de Olympische Spelen in Amsterdam. Hierdoor gingen veel mensen hockeyen. Vooral kinderen wilden het hockeyspel een keer proberen. Door de jeugdledengroei werd in 1932 het jeugdhockey georganiseerd door de hockeybond. Tijdens de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) werd nog steeds competitie gespeeld, maar minder dan eerder. Alleen in 1945 lag de competitie helemaal stil. Toch bleef de hockeybond groeien: na de oorlog waren er al 15.000 leden. Vanaf 1970 kwamen er meer toernooien, zoals de Europese- en Wereldkampioenschappen voor landenteams en de Europacup voor landskampioenen. Nadat de Nederlandse heren in 1973 in Amstelveen wereldkampioen waren geworden, werd hockey steeds populairder in Nederland.
Hoofdstuk 2 Resultaten titeltoernooien
Hieronder zie je de resultaten van de heren en dames bij de grote internationale titeltoernooien.
Heren:
Olympische Spelen
1928 Amsterdam zilver
1932 Los Angeles (USA) Nederland deed niet mee
1936 Berlijn (Duitsland) brons
1948 Londen (Engeland) brons
1952 Helsinki (Finland) zilver
1956 Melbourne (Australië) Nederland deed niet mee
1960 Rome (Italië) 9e plaats
1964 Tokyo (Japan) 7e plaats
1968 Mexico City (Mexico) 5e plaats
1972 München (Duitsland) 4e plaats
1976 Montreal (Canada) 4e plaats
1980 Moskou (Rusland) Nederland deed niet mee
1984 Los Angeles (USA) 6e plaats
1988 Seoul (Zuid-Korea) brons
1992 Barcelona (Spanje) 4e plaats
1996 Atlanta (USA) goud
2000 Sydney (Australië) goud
Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er geen Olympische Spelen (1940 en 1944). Nederland deed in 1980 niet mee aan de Olympische Spelen in Moskou. Veel landen waren het in die tijd niet eens met de politiek van Rusland en weigerden daarom naar Moskou te gaan.
Wereldkampioenschappen:
1971 Barcelona (Spanje) 6e plaats
1973 Amstelveen goud
1975 Kuala Lumpur (Maleisië) 9e plaats
1978 Buenos Aires (Argentinië) zilver
1982 Bombay (India) 4e plaats
1986 Londen (Engeland) 7e plaats
1990 Lahore (Pakistan) goud
1994 Sydney (Australië) zilver
1998 Utrecht goud
2002 Kuala Lumpur (Maleisië) brons
Europese Kampioenschappen:
1970 Brussel (België) zilver
1974 Madrid (Spanje) brons
1978 Hannover (Duitsland) zilver
1983 Amstelveen goud
1987 Moskou (Rusland) goud
1991 Parijs (Frankrijk) zilver
1995 Dublin (Ierland) zilver
1999 Padova (Italië) zilver
Champions Trophy
1978 Lahore (Pakistan) Nederland deed niet mee
1980 Karachi (Pakistan) 4e plaats
1981 Karachi (Pakistan) goud
1982 Amstelveen goud
1983 Karachi (Pakistan) 5e plaats
1984 Karachi (Pakistan) 4e plaats
1985 Perth (Australië) 5e plaats
1986 Karachi (Pakistan) 6e plaats
1987 Amstelveen zilver
1988 Lahore (Pakistan) Nederland deed niet mee (niet geplaatst)
1989 Berlijn (Duitsland) zilver
1990 Melbourne (Australië) zilver
1991 Berlijn (Duitsland ) brons
1992 Karachi (Pakistan) 4e plaats
1993 Kuala Lumpur (Maleisië) brons
1994 Lahore (Pakistan) brons
1995 Berlijn (Duitsland) 4e plaats
1996 Madras (India) goud
1997 Adelaide (Australië) 4e plaats
1998 Lahore (Pakistan) goud
1999 Brisbane (Australië) brons
2000 Amstelveen goud
2001 Rotterdam brons
2002 Keulen (Duitsland) goud
Dames:
Olympische Spelen:
1980 Moskou (Rusland) Nederland deed niet mee (internationale boycot)
1984 Los Angeles (USA) goud
1988 Seoul (Zuid-Korea) brons
1992 Barcelona (Spanje) 6e plaats
1996 Atlanta (USA) brons
2000 Sydney (Australië) brons
2004 Athene (Griekenland)
Wereldkampioenschappen:
1974 Mandelieu (Frankrijk) goud
1976 Berlijn (Duitsland) brons
1978 Madrid (Spanje) goud
1981 Buenos Aires (Argentinië) zilver
1983 Kuala Lumpur (Maleisië) goud
1986 Amstelveen goud
1990 Sydney (Australië) goud
1994 Dublin (Ierland) 6e plaats
1998 Utrecht zilver
2002 Perth (Australië) zilver
IFWHA-toernooien
1971 Auckland (Nieuw-Zeeland) goud
1975 Edinburgh (Schotland) 4e plaats
1979 Vancouver (Canada) goud
Europese Kampioenschappen
1984 Lille (Frankrijk) goud
1987 Londen (Engeland) goud
1991 Brussel (België) 4e plaats
1995 Amstelveen goud
1999 Keulen (Duitsland) goud
2003 Barcelona (Spanje)
Champions Trophy
1987 Amstelveen goud
1989 Frankfurt (Duitsland) 5e plaats
1991 Berlijn (Duitsland ) brons
1993 Amstelveen zilver
1995 Mar del Plata (Argentinië) Nederland deed niet mee
1997 Berlijn (Duitsland) brons
1999 Brisbane (Australië) zilver
2000 Amstelveen goud
2001 Amstelveen zilver
2002 Macau (China) brons
Hoodstuk 3: Het veldhockeyspel
Om te hockeyen zijn er verschillende artikelen te koop. Met hockey heb je naast een stick ook speciale kunstgras schoenen nodig, scheenbeschermers, bal en eventueel gebitsbescherming.
Het speelveld:
Het hockeyveld heeft een rechthoekige vorm van 91 meter lang en 55 meter breed. Alle grenzen worden aangegeven met een witte lijn van ongeveer 7,5 cm breed. De lange lijnen heten zijlijnen en de korte lijnen heten achterlijnen. Het deel van de achterlijn dat tussen de doelpalen loopt, heet de doellijn. Op het veld zijn twee cirkels, twee 23-meterlijnen en een middenlijn. Op 6,4 meter van beide doelen ligt een 15 cm dikke stip. Deze stip is de plaats waar de strafbal wordt genomen.
De stick:
Om te kunnen hockeyen, heb je natuurlijk een stick nodig. De eerste hockeysticks waren heel hard en helemaal niet te buigen, omdat ze uit één stuk hout werden gemaakt. Veel houten sticks die we nu in Nederland gebruiken, worden in India en Pakistan gemaakt. Tot een paar jaar geleden werden er ook aluminium sticks verkocht, maar omdat bij een breuk van deze stick de haak nog wel eens scherpe punten had, werd de haak een levensgevaarlijk projectiel. Daardoor zijn aluminium sticks omstreeks 1998 verboden. Tegenwoordig word veel gebruik gemaakt van kunststofsticks. Voordeel van zo´n kunststofstick is dat alle stick hetzelfde zijn doordat ze uit een mal komen, dus je hebt niet zoals bij houten sticks last van nerven, wat vaak een breuk veroorzaakt.
Hieronder zie je mijn stick deze is ook van kunststof.
De bal:
Vroeger speelden mensen met alles wat rond was. Rond 1950 werd met een bal van kurk gespeeld of met ballen van paardenhaar met een buitenlaagje van kurk of leer. Tegenwoordig gebruiken we allerlei kunststofballen die soms worden gevuld om het juiste gewicht te krijgen. Een wedstrijdbal weegt tussen de 156 en 163 gram. De omtrek van de bal ligt tussen de 22,4 cm en 23,5 cm. De buitenkant van de bal is meestal glad. Maar met een waterveld wordt meestal gebruik gemaakt van een bal met kleine puntjes.
De wedstrijd:
Een veldhockeywedstrijd duurt 2 x 35 minuten en wordt gespeeld door twee teams met ieder elf spelers. De wedstrijd wordt geleid door twee scheidsrechters leiden de wedstrijd. DE regels hebben nogal wat weg van het voetbal. Een beginslag wordt op de middenlijn genomen. Wanneer een van de teams een doelpunt heeft gescoord, neemt het andere team weer een beginslag. Er kan alleen worden gescoord wanneer de aanvallende partij de bal in de cirkel van de tegenstander heeft aangeraakt. Als de bal met de voet wordt aangeraakt en word het spel hierdoor gehinderd is er sprake van shoot en mag de tegenpartij vrij uitslaan. Dit zijn de belangrijkste spelregels. Maar behalve deze spelregels gelden bij hockey ook zogenaamde omgangsregels waaraan spelers zich moeten houden, zodat ze zich op het veld netjes en sportief gedragen. Is dit niet het geval kunnen er waarschuwingskaarten worden gegeven door de scheidrechter. Er bestaat een groene kaart (dit is alleen een waarschuwing met verder geen gevolgen). Een gele kaart (hierbij moet je 5 minuten van het veld af en een geldboete). En een rode kaart (onmiddellijk van het veld en een aantal wedstrijden schorsing.
Leeftijdscategorieën:
Trainingsleden:
Vanaf 6 jaar (groep 3-4)
Mini's:
E: voor 1 oktober nog geen 10 jaar. (groep 5 - 6) spelen 6 tegen 6, op een ¼ hockeyveld.
D8-tal:
Voor 1 oktober nog geen 12 jaar (groep 7). 1e jaars D jeugd spelen 8 tegen 8 op een half hockeyveld.
Jeugd:
D11-tal: 2e jaars D (groep 8) 11-tal op een heel veld.
C-jeugd: voor 1 oktober nog geen 14 jaar (brugklas).
B-jeugd: voor 1 oktober nog geen 16 jaar.
A-jeugd: voor 1 oktober nog geen 18 jaar.
Senioren: 18 jaar of ouder.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.
a d v e r t e n t i e
Win beltegoed met Cash
Cash helpt je slimmer met je geld omgaan. Zodat je minder snel zonder beltegoed komt te zitten. Probeer nu de tools van Cash! Met de Cashculator Mobiel ontdek je wat voor beller je bent. Of speel de Cash Battle op Hyves, daag je vrienden uit en maak kans op €500 beltegoed! De game duurt maar een minuutje!
a d v e r t e n t i e

Wat ga jij later doen voor je poen? Het liefst wil je een uitdagende baan met een goed salaris. Misschien iets met economie en biologie. Met mensen werken, in een team van experts of als zelfstandig ondernemer. Niet alleen op kantoor, maar ook buiten aan de slag. Wil je weten hoe? Check www.beleefbuiten.nl, doe mee met de actie en win een VIP-dag!
Zonder jouw bijdrage kan Scholieren.com niet bestaan. Help andere scholieren door je eigen samenvattingen en ander huiswerk op te sturen.

Joost heeft slapeloze nachten door Frans. Had hij maar aardrijkskunde mogen kiezen.