Scholieren.com maakt gebruik van cookies

Scholieren.com gebruikt cookies onder andere om de website te analyseren en te verbeteren, voor social media en om er voor te zorgen dat je voor jou relevante advertenties te zien krijgt. Je geeft, door gebruik te blijven maken van deze website of door op 'cookies zijn ok!' te drukken, aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies op Scholieren.com. Meer weten over deze cookies, klik dan hier.

Cookie-instellingen wijzigen

Functioneel Noodzakelijk voor het functioneren van de website (vereist)
Statistieken Voor analyse doeleinden om de website te verbeteren (vereist)
Social media Voor het laten functioneren van like buttons
Advertenties Om bij te houden welke advertenties je al hebt gezien en hoe vaak

Stotteren

Biologie

Spreekbeurt

 
  • anoniem
  • NL
  • 1389 woorden
  • 2581 keer
    17 deze maand
  • 15 maart 2007

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.

Voorwoord
Wat ik heb is eigenlijk geen stotteren. Ik praat te snel waardoor ik soms niet uit mijn woorden kom. Maar dit komt denk ik alleen door zenuwen, want als ik bijvoorbeeld iets moet presenteren en ik oefen dat met mijzelf alleen en ik lees het hardop heb ik nergens last van. Maar zodra ik het moet presenteren aan een groep dan gaat het fout. Het zijn vaak woorden die beginnen met de K, J, P, S (zijn een aantal woorden).


"De woorden willen er niet uit..."
"Hoe kom ik om dat woord heen.."
"Ze begrijpen me toch niet..."
"Ik houd mijn mond maar..."
Waarschijnlijk herken je als stotteraar één of meer van de uitspraken.  Uit deze uitspraken blijkt dat het leven van sommige stotteraars als het ware door hun spraakprobleem beheerst wordt. En dat terwijl er erg veel aan te doen is! Het is heel goed mogelijk om al die vervelende gedachten en gevoelens die aan het stotteren vastzitten, te veranderen of af te leren. En om daarmee soepeler te praten. Al zal dat je wel heel wat lef, concentratie, tijd en doorzettingsvermogen kosten.
Van een leien dakje gaat het over het algemeen niet. En helemaal in je eentje zal het meestal ook niet lukken.

H 1. Inleiding

Iedereen verslikt zich wel eens in zijn woorden, of heeft de neiging om te snel te praten. Dat is normaal, maar er zijn een heleboel mensen waarbij deze eigenschap zich heeft ontwikkelt tot een ziekte. Dit heet stotteren, voor deze mensen is spreken niet zo vanzelfsprekend. Over het algemeen wordt het stotteren niet erkend als een serieuze afwijking. Ik wil graag proberen om met deze spreekbeurt duidelijk te maken dat stotteren behalve op het fysieke- ook een grote invloed op het sociale leven van een stotteraar heeft.

Wat kun je er aan doen?
Het is sterk aan te raden om je eens heel goed in het onderwerp stotteren te verdiepen. Er bestaan veel goede en prettig leesbare boeken, waarin uitgelegd wordt waar stotteren vandaan komt. Stotteren kan nog niet altijd voor de volle 100% verholpen worden. In de boeken staan echter wel algemene adviezen hoe je goed met stotteren om kunt gaan en hoe je er iets aan kunt doen. Probeer niet net te doen alsof je niet stottert. Stotterwoorden moet je niet met opzet gaan vermijden. Praat ook eens over je stotteren met je ouders, vrienden, vriendinnen of je leraren.


H 3. Wat is stotteren?

Ieder mens wat stottert kan ook normaal praten. De stembanden en de spieren die gebruikt worden om te kunnen praten zijn namelijk nog wel bruikbaar, alleen functioneren ze niet goed meer. Spreken is het belangrijkste communicatiemiddel en daarom is het zo belangrijk dat je goed kan praten. Van de ‘buitenkant’ lijkt het stotteren alleen een hapering van het spreken, maar het stotteren heeft ook invloed voor de binnenkant van de stotteraar. Bij stotteren ontstaat een spanning, waardoor de stotterende persoon een verhoogde hartslag krijgt en hij gaat zweten. Ook ontstaat er een bepaalde spanning op de borst – buik - en keelspieren.
Stotteren is niet alleen voor het lichaam vervelend, maar ook voor de persoon zelf ondervind er vervelende gevolgen aan, de persoon is vaak bang om te stotteren, hij is bang voor de vernedering, de frustratie en het verdriet. Doordat hij hier bang voor is, gaat de stotteraar in een isolement leven. Hij denkt: hoe minder ik met mensen om ga, hoe minder ik met ze hoef te praten. Er zijn veel stotteraars die geen baan hebben, omdat ze bang zijn dat ze dan moeten praten en dat mensen dan merken dat ze stotteren. Hierdoor worden ze onzeker en dit stralen ze dan ook uit. Doordat stotteraars het spreken ontwijken, omdat ze bang zijn voor de vernedering, maken ze hun probleem alleen maar erger dan dat het al is. Als stotteraars gaan praten zijn ze vaak zo gespannen dat ze juist gaan stotteren. Dit wordt de stottercirkel genoemd, omdat het stotteren steeds weer terug komt.
Je hebt ook verschillen tussen primair en secundair stotteren. Primair stotteren is zoals het woord zegt, beginnend stotteren. Primair stotteren komt voor in de eerste levensjaren, wanneer het kind begint met praten. Bij primair stotteren kunnen de kinderen last hebben van woordjes herhalen of ze kunnen blijven hangen op een klinker of medeklinker. Secundair stotteren is een aangeleerd gedrag dat zeer ingewikkeld in elkaar zit en verschilt van mens tot mens. Dit is voor de stotteraar zelf het vervelendst. Secundair stotteren komt voort uit primair stotteren, dit komt als een kind zich ertegen verzet of er krampachtig voor op de vlucht gaat.


Een paar voorbeelden van secundair stotteren:
- Zich isoleren
- De eigen persoonlijkheid verdringen
- Fysiologische problemen zoals: buikkrampen, stress, hartkloppingen, zweten
- Synoniemen gebruiken.
- Situaties uit de weg gaan.
- Andere zinsconstructies aanwenden.

Als de ene helft van een ééneiige tweeling stottert is de kans dat de ander ook stottert 80 procent. Als het gaat om een twee-eiige tweeling dan is de kans dat het andere kind ook stottert 20 procent. Dit toont aan dat stotteren een lichamelijke oorzaak heeft, een aanleg waar je mee geboren wordt en niet iets wat je hebt aangeleerd of doet omdat je zenuwachtig bent. Als nervositeit de oorzaak was van stotteren zouden veel meer mensen heel wat meer stotteren. Een goede manier om dit uit te leggen is door te zeggen: “Ik stotter niet omdat ik zenuwachtig ben, maar ik word wel zenuwachtig als ik stotter. Zou jij dat ook niet hebben?”
Ongeveer één procent van de mensen over de hele wereld stottert. Dit geldt voor elke cultuur. Er is geen cultuur waar meer of minder wordt gestotterd dan in een andere.

H 4. Hoe ontstaat stotteren?

Het ontstaan van stotteren kan verschillende factoren hebben. Er zijn biologische en omgevingsfactoren. Biologische factoren zijn de factoren die al sinds de geboorte in het lichaam zitten. Er is veel onderzoek gedaan naar de factor die het stotteren zou veroorzaken, maar dit is nooit gevonden. Wel denkt men dat het zo is dat er bij stotteraars iets mis is met de coördinatie. Je gebruikt namelijk 110 spiergroepen om vloeiend te kunnen spreken. Ook is het mogelijk dat een stotteraar heftiger reageert op geluid. Het zou dan zo zijn dat stotteraars lichamelijk sterker reageren op het roepen van hun naam, of het rinkelen van de telefoon. Ze gaan dan sneller ademhalen, ze zijn meer gespannen en struikelen over hun woorden. Toch is het zo dat bij deze factoren het stotteren alleen zal ontstaan onder invloed van omgevingsfactoren.
Mensen kunnen ook gaan stotteren door spanning of emotie die ze ervaren. Veel kinderen die nog bezig zijn met het leren praten gaan door opwinding herhalen of hakkelen. Doordat ze met hun kleine woordenschat veel willen vertellen gaan ze door gehaastheid struikelen over hun woorden. Meestal gaat dit gewoon weer over. Gebeurt dit niet dan heeft dit vaak te maken met spanningen thuis (bijv. ruzies), op school (bijv. het gaat niet zo goed), of met vriendjes (hij/zij heeft moeite in de omgang). Dit geeft eigenlijk al aan dat stotteren aangeeft dat het kind zich ergens niet prettig voelt.


H 5. Wat is er aan te doen?

Als je stottert kun je therapie gaan volgen om eraf te komen, maar je omgeving kan je er ook heel erg veel bij helpen. Stotteren is geen gebrek maar een verkeerde manier van aanleren van spreken, de stotteraar zelf kan dus ook al veel aan het stotteren doen. Als eerste moet de stotteraar stoppen met het vermijden van praten. Hij moet contact leggen met andere mensen en zeggen wat hij wil. De stotteraar moet er ook voor uit komen dat hij stottert. Spanning is vaak een probleem voor de stotteraar, hij moet dan ook zoveel mogelijk spanning vermijden.Niet alleen de stotteraar zelf kan er wat aan doen, ook de luisteraar moet de stotteraar helpen. Laat de stotteraar uitspreken, als je hem namelijk de hele tijd aanvult, voelt hij zich alleen maar opgelaten dat hij het niet goed doet. De luisteraar moet de tijd nemen om te luisteren, dan hoeft de stotteraar ook niet te snel te praten, als de stotteraar namelijk sneller moet gaan praten, gaat hij alleen maar meer stotteren.
En ik weet het niet

En nu kan ik er niet meer uitkomen

 

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

 

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

Reactie (quote)
Jouw naam*
E-mail (niet publiek)*
Geheime code*
2871
 

reacties

 
 
Ik vind het een geweldige site ik moest een kladversie inleveren dus door deze site heb ik meer info.
door Rechelly (reageren) op 7 december 2010 om 18:30
Ik vind dat er meer aandacht aan moet gegeven. Want ondanks ik zelf stotter:-S Maar ja,, je kan er niks aan doen
door stotterend meisje (reageren) op 12 november 2012 om 19:56

Bekijk nu onze
Zeker Weten Goed
pagina

Al onze beste boekverslagen op een rijtje

Naar de pagina