Cookies..
Door Scholieren.com te bezoeken ga je akkoord met het gebruik van cookies. Klik hier voor meer info.

Ward Ruyslinck

1958

146

Nederlands

bovenbouw vmbo/havo/vwo

1 uit 5

8.0 / 10
5e klas vwo
  • Emy Vaesen
  • NL
  • 3553 woorden
  • 85718 keer
    292 deze maand
  • 24 september 2001
Auteur: Ward Ruyslinck
Titel: Wierook en tranen
Ondertitel: --
Aantal bladzijdes: 139
Eerste druk: 1958
Uitgever: Manteau Amsterdam
Leestijd: 3 uur
Uitgelezen op: 2 juni 2001

Waarom ik dit boek heb gelezen?
We hadden een stencil gekregen waarop boeken stonden van de jaren 50, 60 en 70. dit boek stond daar ook bij en de titel sprak mij erg aan, ik was nieuwsgierig naar wat het betekende en daarom heb ik dit boek gekozen om te gaan lezen.


Verwachting vooraf
Ik dacht dat het een treurig, meeslepen maar toch ook wel een spannend verhaal zou worden, omdat het ging over een jongen en een meisje die in de oorlog alleen gingen zwerven door het land, terwijl het oorlog was.

Eerste reactie achteraf
Ik had het boek meer avontuurlijker verwacht, maar het was niet echt een avonturenboek. Het ging merendeels over de gevoelens van de jongen. Bij elke situatie las je, wat hij voelde en hoe hij zijn gevoelens uitte.
De auteur had zich zeer goed ingeleefd in het personage, men krijgt echt de indruk dat het verhaal echt gebeurd is. Ik denk dat het een zeer realistisch beeld is van hoe een jongetje de oorlog ziet. Het grootste nadeel aan het boek vond ik de lengte: het boek was te snel uitgelezen. Ook het einde overviel mij omdat ik het einde toen niet verwachtte.
Toch was het al bij al een treffend, realistisch en meeslepend boek.

Ik ben door dit boek gaan nadenken over de oorlog, en vooral over hoe kinderen het hebben in de oorlog. Kinderen die de ouders zijn krijtgeraakt of waarvan de ouders dood zijn gegaan, hoe moeilijk het voor hun moet zijn om helemaal alleen verder te moeten. En dat dat nu nog steeds zo gaat in die landen waar tegenwoordig oorlog is. Kinderen die alles en iedereen kwijt zijn en toch een normaal bestaan proberen op te bouwen, dat vind ik zo knap van ze. Ik kan me het moeilijk voorstellen hoe zoiets is omdat ik er hier nooit mee te maken heb gehad. Ik hoop dat ik zoiets nooit zal mee te maken en dat niemand zoiets meer zal meemaken.


Titel
Het boek heeft als titel Wierook en Tranen. Dat wordt volgens mij op twee plaatsen in het verhaal (anders) uitgelegd; de eerste keer op bladzijde 27, was na de bombardering van de vluchtelingen, waarbij de ouders van Waldo (de hoofdpersoon) om het leven komen: " De aarde dampte, er steeg een donkere zure nevel uit op, en heel even rook ik weer de wierook." Terwijl Waldo verdriet had om het overlijden van zijn ouders, rook hij een geur die voor hem op wierook leek.

De tweede keer, op bladzijde 137, was toen Waldo kort na het overlijden van Vera, in de kapel bij het ziekenhuis kwam om daar voor haar te bidden, toen rook hij ook weer de geur van wierook: "Nauwelijks zat ik daar, of de zoete dronkenmakende geur van wierook dreef naar mij toe.". Wierook staat voor de dromerige kinderwereld, tranen voor de harde realiteit van de oorlog.

Opdracht
Ward Ruyslinck heeft het boek opgedragen aan zijn ouders: ‘voor pa en ma’.

Genre
Dit is een naoorlogse roman over (een gedeelte van) de Tweede Wereldoorlog, en over het tijdens de oorlog volwassen worden van twee (aan het eind één) jongeren.

Thema
Het thema van het boek is de tegenstelling tussen het ongerepte, dromerige, ontwakende kinderbewustzijn en de wreedheid van de Tweede Wereldoorlog, de wereld van de volwassenen. Bijvoorbeeld: De duitse soldaten bieden Waldo en Vera aan om met hun mee te rijden naar Antwerpen, maar voeren Waldo dronken en vergrijpen zich aan Vera.

Motieven
- Angst
- Geloof
- Vriendschap
- De macht van de sterkste (de Duitsers)
- Wreedheid

Waldo voelt zich prettig bij de geur van wierook. Ook bij erg verdrietige situaties zoals bij de dood van Vera ruikt hij de bedwelmende geur van wierook en kan hij zich niet echt verdrietig voelen. Twee voorbeelden uit het boek: ” ‘Het riekt hier naar wierook,’ zei ik stilletjes, tegen niemand in het bijzonder, maar toch eerder tegen ma dan tegen pa. (blz. 10 laatste regel) “De dood en het leven kwamen tegelijk in me binnen, de dood in mijn lichaam en het leven in mijn ziel. Ik was droef en blij op hetzelfde ogenblik”. (blz. 138 4e regel vanboven) Met het eerste citaat wil ik aanduiden dat als hij zich veilig en prettig voelt dat hij zich verbeeldt dat hij wierook ruikt. Met het tweede citaat wil ik aanduiden dat hij, ondanks dat hij veel verdriet heeft over de dood van Vera, dat hij zich niet echt verdrietig voelt door de geur van wierook.

Perspectief
Het boek is voor het grootste deel in personaal perspectief geschreven: je leest het verhaal door de ogen van Waldo, maar af en toe is er ook wel sprake van auctoriaal perspectief. Dat komt doodat de schrijver wat extra informatie toevoegt dat niet door Waldo gezien of gedacht kan worden omdat een jongen van negen jaar dat simpel gezegd nog niet weet.
Zie bijvoorbeeld bladzijde zes: "Als men negen jaar is, is er echter heel wat wat men nog nooit gezien of gehoord heeft.". Zie bijvoorbeeld ook bladzijde 81: "Ze zei echter zo maar wat, ze wist het zelf ook niet." en op bladzijde 73: "Aan het einde van de lange lijdensweg die de oorlog was, begon immers de nog veel langere weg die naar het klooster leidde.".
Er is sprake van een onbetrouwbaar perspectief, want niet het hele verhaal is in auctoriaal perspectief geschreven, integendeel het grootste deel is in personaal perspectief geschreven, wat betekent dat als je een verhaal door de ogen van één persoon ziet het niet altijd betrouwbaar hoeft te zijn: er kan dus sprake zijn van onbetrouwbaar perspectief. Zie ook bovenstaande voorbeelden.

Personages
De belangrijkste hoofdpersoon is Waldo Havermans, want het hele verhaal gaat over hem en over wat hij allemaal beleeft tijdens de oorlog. Waldo is een negenjarig jongetje, uit Vlaanderen (België).
Hij heeft donker blond haar, en een bleke huid. Hij lijkt op zijn vader (die verder niet duidelijk beschreven werd).

Hij neemt de oorlog (naar mijn mening) waar door e ogen van een volwassene, want een "gemiddelde" negenjarige jongen ziet de oorlog toch anders dan in sommige hoofdstukken/gedeelten van hoofdstukken, zoals hij dat deed. Zie bijvoorbeeld bladzijde 139: Zo ik diep genoeg inademde, zouden mij boze zondige gedachten vervluchtigen, want dan was Gods adem in mijn ziel en verjoeg de duivel.".

Waldo maakt tijdens de oorlog een zekere ontwikkeling door; hij wordt volwassener doordat hij nu grotendeels voor zichzelf moet zorgen. Ook zijn argeloze opvatting van Waldo over de oorlog verandert langzaam gedurende het verhaal, eerst dacht hij dat hij er niets mee te maken had, en later las hij de oorlog van dichtbij heeft meegemaakt verandert zijn mening erover.

Verder komen er nog een aantal bijpersonen in het verhaal voor, Waldo's vader, moeder, zijn buurmeisje Vera en de soldaat Evarist.

Ruimte
Het verhaal speelt zich af in België, nabij de Franse grens, waar de bevolking "achternagezeten" wordt door het Duitse leger dat oprukt richting Frankrijk.

Er wordt weinig aandacht besteed aan de beschrijving van de ruimte waarin het verhaal zich afspeelt. De ruimte draagt wel in grote mate bij aan de sfeer van het verhaal, bijvoorbeeld als Waldo in Gent op zoek is naar het ziekenhuis regent het, wat de sfeer goed weergeeft, en goed overeenkomt met het verhaal, want Waldo is verdrietig om wat er met Vera gebeurd is.

Tijd
Het verhaal speelt zich in mei 1940 in België (nabij Frans grens) af.
Het boek bevat negen hoofdstukken, in de eerste vijf hoofdstukken worden vier dagen verteld, de vlucht duurt dan al vijf dagen, maar over de eerste dag wordt niets gezegd. De hoofdstukken zes tot en met negen beslaan één dag. Die dag is dus het kernpunt van het boek. Het boek is 139 bladzijden dik.

Het hele boek is in chronologische volgorde geschreven.
Ik ben in dit boek geen opvallende Flashbacks, vooruitwijzingen, opvallende tijdsvertragingen en tijdsversnellingen tegengekomen, behalve op bladzijde 110/111: omdat Waldo dronken gevoerd is door de Duitsers en hij daardoor in een diepe slaap valt, en pas een tijd later weer wakker wordt, lijkt het net alsof er een grote tijdsprong gemaakt is, die in werkelijkheid maar één of twee uur geweest is. En ook op bladzijde 58/59 is er een tijdsversnelling: "Zodra de oorlog gedaan is, word ik kloosterzuster.", een uitspraak van Vera. En:"Al die tijd zou ze dan bij me blijven en kon ik van haar houden.Van een kloosterlinge mocht ik immers niet houden,...", een uitspraak van Waldo.

Opbouw
De eerste vijf hoofdstukken van het boek beschrijven de vlucht van huis. Het verhaal begint na de eerste dag en bevat vele tijdssprongen (‘de klosdraad die wordt afgerold’). De zesde dag wordt de terugkeer naar huis ingezet. De resterende drie hoofdstukken worden aan deze laatste dag gewijd. Het verhaal wordt in deze hoofdstukken naar een hoogtepunt gedreven.

Taal/Stijl
De schrijver van het boek omschrijft sommige gebeurtenissen erg lang en precies zodat je de gebeurtenis zo voor je ogen ziet gebeuren. Ook komt de titel terug in het boek. Waldo houd namelijk erg van de geur van Wierook en komt dat ook wel op zijn weg tegen. Ook heeft hij veel verdriet omdat er mensen die hem lief zijn overlijden. Daar horen de Tranen dan weer bij.
De Taal van het boek is niet moeilijk te begrijpen, want je ziet alles door de ogen van een jongetje van ongeveer negen jaar. Op zo'n leeftijd ken je nog niet veel moeilijke woorden en dan beleef je dingen anders dan volwassenen.
De schrijver In het boek gaat het over een Vlaams jongetje dat op vroege leeftijd de oorlog mee maakt en moet vluchten voor de vijand. Ook de schrijver Ward Ruyslinck is geboren in Vlaanderen en moest vluchten in de oorlog. Hij raakt op vroege leeftijd zijn broer kwijt en verloor zo het geloof in God en ook dit zie je terug in het boek. Hij schrijft dus zijn boeken naar de gebeurtenissen van zijn eigen leven. Ook schreef hij meer boeken over de oorlog, zoals De ontaarde slapers (1957), Het dal van Hinnom (1961) en Het reservaat (1964). De oorlog heeft veel indruk gemaakt op de schrijver denk ik.

Literaire stroming:
Existentialisme

De auteur
Ward Ruyslinck, een pseudoniem voor Raymond Karel, Maria de Belser, werd geboren op 17 juni 1929 in Berchem, vlakbij Antwerpen. Hij groeide op in een veilig ,katholiek gezin. Hij studeerde korte tijd taal- en letterkunde in Gent en werkt sinds 1953 in het museum van de boekdrukkunst in Antwerpen.
Toen de 2e wereldoorlog uitbrak vluchtte de familie de Belser, net als andere families, naar Frankrijk. Na een verblijf van enkele weken op een boerderij keerden zij terug. In 1943 werd hun huis door een bombardement vernield. Niemand raakte gewond. De oorlogsgebeurtenissen hebben een grote invloed gehad op het denken en voelen van Ward Ruyslinck. 'Ik was twaalf toen de oorlog uitbrak, een leeftijd waarop men moet worden behandeld met genegenheid, voorzichtigheid en begrip. In plaats daarvan werd ik geconfronteerd met een wereld van zinloos geweld, haar, honger, zelfzucht en bekrompenheid'.
Deze negatieve indrukken worden nog eens versterkt door de dood van zijn 19-jarige broer. Hij kon dit niet begrijpen, werd angstig en begon te twijfelen aan het bestaan van een rechtvaardige God. Ward Ruyslinck begon al vroeg te schrijven. Eerst vooral verzen en opstellen voor de schoolkrant, later ook voor jongeren tijdschriften. Ruyslinck schrijft vaak over zonderlinge en onaangepaste figuren die zich verzetten tegen de maatschappij, omdat die het menselijke individu kapot maakt.
Homo zijn kun je leren! Van bear tot buttplug. Van rimmen tot Hepatitis B. Regisseur Sanne Vogel maakte drie pikante interviewfilms met jonge homo’s. Lees meer...

Ruyslinck is ook niet een mens dat graag op de voorgrond treedt of grote daden verricht. Hij voelt zich het prettigst in de wereld van de verbeelding. Andere boeken van Ruyslinck zijn: Ontaarde slapers, In het dal van Hinnom, paardevleeseters, Golden Ophelia en het Reservaat.

Enkele andere werken van Ward Ruyslinck zijn:

- HET DAL VAN HINNOM
- GOLDEN OPHELIA
- HET RESERVAAT
- DE APOKATASTASIS
- DE KARAKOLIëRS
- DE HEKSENKRING
- DE MADONNA MET DE BUIL
- DE STILLE ZOMER
- DE ONTAARDE SLAPERS
- DE PAARDEVLEESETERS
- DE VERLIEFDE AKELA
- DE SLOPER IN HET SLAKKENHUIS
- DE OEROUDE VIJVER
- OP TOERNEE MET LEOPOLD SONDAG
- WURGTECHNIEKEN
- DE BOZE DROOM MET MEDELEVEN
- LEEGSTAANDE HUIZEN
- DE UILEN VAN MINERVA
- STILLE WATERS
- HET LEDIKANT VAN LADY CANT
- OPEN BEELDBOEK

Eigen mening:

Onderwerp
Het onderwerp van het boek is de Tweede Wereldoorlog. Het is een onderwerp dat mij erg aanspreekt en ik heb er al veel verhalen over gelezen. Ook wordt er nog steeds op de wereld gevochten. Daardoor heb ik er ook al wel eens over nagedacht. Toch heeft dit boek mij nog nieuwe kanten laten zien. Namelijk hoe kleine kinderen het begin van de oorlog meemaken. Dit is op een hele bijzondere en ontroerende manier uitgewerkt.

Gebeurtenissen
Het verhaal bevat veel gebeurtenissen maar ook veel gedachtes en gevoelens. Dat komt doordat de gebeurtenissen worden verteld, waardoor je ook meteen de gedachtes en gevoelens van de verteller leest. Waldo onderneemt een reis en op zijn reis maakt hij allerlei dingen mee. De gebeurtenissen komen dus logisch uit elkaar voort. Ze worden ook in chronologische volgorde beschreven. De meeste gebeurtenissen zijn droevig en ontroerend, maar er zijn ook veel spannende gebeurtenissen. Bijvoorbeeld toen ze zich in een schuur hadden verstopt voor de Duitsers: ‘Heraus!’ We hielden de adem in en lagen onbeweeglijk, verstard in vreselijke verwachting. Ik wou Vera vragen of dat tot ons gericht was, datgene wat men riep, maar er kwam geen geluid over mijn lippen. ‘Duitsers…’ bracht Vera met moeite uit. Daar was het weer, dezelfde stem, luider en dreigender dan de eerste keer: ‘Heraus!’ Vera zei: ‘Ik geloof dat we… dat we naar buiten moeten komen…’ Haar stem stokte.
Een belangrijke gebeurtenis in het boek is wanneer de ouders van Waldo sterven na een bombardement. Na deze gebeurtenis krijgt Waldo namelijk een hele andere kijk op de wereld. Hij is nu namelijk alleen en verlaten en geeft de schuld aan de Duitsers. Een tweede belangrijke gebeurtenis is wanneer ze de Duitsers tegenkomen en bang zijn dat ze nu worden vermoord. Het tegendeel gebeurt, want ze krijgen een sinasappel en mogen het rustig opeten. Na deze gebeurtenis besluiten Waldo en Vera om maar niet naar de kust de gaan, maar weer terug naar huis te gaan. De gebeurtenissen worden erg spannend geschreven en ze blijven boeiend, maar soms ook er verdrietig wanneer er mensen sterven.
De gebeurtenis die de meeste indruk op mij heeft gemaakt is dat Waldo afscheid neemt van Vera, die net is overleden: Ik zag het koude marmeren gezicht van een dode, van een vreemde, een meisje dat op Vera geleek. Ik staarde er vol ontzetting naar, naar die gapende mond en dat wasbleke gelaat. Voor mijn ogen doemde weer het prentje met de dode zwaluw en de krekels op. In mijn verstand stond het denken stil, als een uurwerk dat afgelopen is en nog eventjes weifelend tikt en daarna voorgoed stilstaat. Dit weifelend tikken leerde me nog vlug dat het leven anders was dan wat de sprookjesboeken ervan maakten. Ik was negen jaar en reeds ontwaakte in mijn hart deze bittere onkinderlijke wijsheid: dat het leven heel wat anders was dan een verhaaltje met kleurige droomplaatjes.


Personages
De hoofdpersoon is Waldo. Je leest alles vanuit zijn oogpunt. Ik kan me niet echt goed inleven met de hoofdpersoon, omdat ik nog nooit een oorlog heb meegemaakt, maar ik zag alles wel voor mij gebeuren Waldo is wel een dapper jochie omdat hij niet laat merken als hij erg moe of bang is. Het meeste kom je in het boek te weten over Waldo omdat je meemaakt wat hij allemaal denkt, voelt en ziet.
Ik vind het bijzondere aan Waldo dat hij zo zelfstandig is. Hij probeert zich volwassen te verdragen en lukt hem heel goed. In deze vier dagen wordt hij geestelijk ineens een stuk ouder. Je leest hoe hij heel snel steeds meer van de wereld begrijpt. Waldo is voor mij echt gaan leven omdat je al zijn gedachtes en gevoelens leest. Vera leer je alleen kennen vanuit wat Waldo over haar verteld. Van hen weet je wel genoeg om hun gedrag te begrijpen.

Opbouw
Het verhaal hangt heel goed met elkaar samen. Dat komt doordat er geen sprongen in de tijd zijn. Het boek is af en toe spannend. De opbouw van het verhaal is een reis van een paar dagen. Die opbouw past goed bij het onderwerp. Daardoor is het verhaal nog leuker om te lezen. De opbouw is ook helemaal niet ingewikkeld. Er zitten namelijk bijna geen terugblikken of herinneringen in het verhaal.
Het verhaal blijft boeiend omdat er steeds weer wat gebeurt en omdat veel gebeurtenissen wel iets met andere gebeurtenissen van vroeger te maken hebben zodat je aandachtig moet lezen. Het eind vond ik best wel erg omdat Vera overlijdt en je nu niet weet wat er verder met Waldo gebeurt en als ik een boek lees zou ik dat graag willen weten.

Taalgebruik
De zinsbouw is niet moeilijk. De woorden zijn ook niet moeilijk, maar soms wel een beetje vreemd. Dat komt omdat het een Belgische auteur is. Toch is het wel makkelijk te lezen. Wat ik wel leuk vond was dat je de gebeurtenissen vanuit een kind bekeek. Als hij bijvoorbeeld Duitsers hoorde praten werd dat zo geschreven: “Zajt ier nicht muude?”. Dat is leuk om te lezen.
De verhouding tussen het aantal gebeurtenissen en gedachtes en gevoelens is echt heel goed. Er worden naar aanleiding van een gebeurtenis steeds een paar gedachtes weergegeven. Er zijn ook hele goede beschrijvingen van bijvoorbeeld de omgeving of kleine bijpersonen: Een oud wijfje dat een pijp rookte, kwam nieuwsgierig dichterbij. Het was een heks, een verschrikkelijk oude verschrompelde mummie met een gerimpelde huid, een holle tandeloze mond en een kin waar plukjes har op stonden. Ze blies de pijprook uit als een man, krachtig en met korte smakkende geluidjes. De taal past heel goed bij het verhaal.

Samenvatting

Waldo, een jongetje van negen jaar, heeft met z'n ouders in mei 1940 de vlucht genomen naar Frankrijk. Vader, moeder en Waldo vormen een hecht trio, dat sterk conscrasteert met de losgeslagen dierlijke vluchtelingen massa. Ze komen de tweede nacht in Poperinge aan en overnachten bij een oud, heksachtig vrouwtje.
Waldo is ervan overtuigd, dat de oorlog niet hun zaak is voelt zich veilig Vader noemt Waldo soms kerkuiltje vanwege zijn voorliefde voor wierook. In de verte horen ze 's nachts het luchtafweergeschut van de oorlog. Midden in de nacht worden ze gewekt door Willy, de kleinzoon van het oude wijfje, die op hun kamer de ratjes eten wil geven.

De volgende dag blijkt de grenspost gesloten. Waldo beleeft deze hele tocht als iets spannend en opwindends.
Het gezin laat zich meedrijven met de massa naar een andere grenspost. Plotseling wordt de vluchtkaravaan verrast door een Duitse luchtaanval. Waldo's ouders worden gedood. Bij de beschrijving van deze scène duikt weer het wierookmotief op. Een verpleegster ontfermt zich over hem in een veldhospitaal.
De argeloze opvatting van Waldo over de oorlog zal langzamerhand veranderen. De dokter besluit met de verpleegster, Waldo over te laten brengen naar een vluchtelingenkamp.
Hij rijdt mee met een soldaat, Evarist. Ze komen op een marktplein waar een chaotische drukte heerst, er wordt soep uitgedeeld. Dan ontmoet hij zijn vijf jaar oudere buurmeisje Vera. Waldo en Vera overnachten in een mosterdfabriek. Ze mijmeren samen over hun toekomst: de zee, het huisje m de duinen, Engeland.
Samen trekken ze naar de kust. Waldo voelt zich veilig bij Vera, die nu de plaats van zijn ouders inneemt. De tocht gaat door een prachtig lentelandschap, dat een tegenstelling vormt mer de harde werkelijkheid, die belichaamd wordt in de verwoeste dorpskerk. Weer wordt het wierookmotief aangehaald.
De Duitse tanks naderen. De kinderen verstoppen zich in een hooischuur, maar ze worden gedwongen naar buiten te komen. De Duitsers zijn aardig, tegen alle verwachtingen in. Twee jongens gluren naar Vera, ze weten ergens een dode Duitser te liggen. Vera besluit naar huis terug re keren. Nadat ze de nacht in een bunker doorgebracht hebben, gaan ze vol goede moed op weg naar Oom Andreas in Triel, van wie ze hulp verwachten. De man is bekend onder naam Puimsteen (karikatuur). In zijn villa zijn de Duitsers al aan het feestvieren, oom Andreas is collaborateur. Hevig geschokt vluchten de kinderen het huis uit. Duidelijk is hier de tegenstelling tussen de pure liefdevolle relatie Waldo-Vera en de decadente relatie tussen Andreas' gasten. Waldo komt tot de ontdekking dat de oorlog van hen volwassenen heeft gemaakt. Op een station ziet hij Evarist als krijgsgevangene. Ze verschuilen zich in een bootje aan de Leie, vier Duitsers zullen hen meenemen naar hun fel begeerde Antwerpen, maar ze voeren Waldo dronken en vergrijpen zich aan Vera. Hier is weer de tegenstelling te zien russen droom en verwachting enerzijds en wrede werkelijkheid anderzijds.
Als Waldo weer langzaam bijkomt, vindt hij Vera halfdood. Hij haalt hulp bij twee zigeuners. Ze wordt met een ziekenwagen naar Gent vervoerd.
Waldo reist met de twee zigeuners naar Gent en vind in 't ziekenhuis Vera, dood. Hij neemt afscheid van haar maar ook hier botsen droom en werkelijkheid. Vera is niet een stralend martelares, maar een gewoon bijna vreemd, dood meisje. Waldo barst in snikken uit, hij beseft nu, „dat het leven heel anders is dan een verhaaltje met kleurige droomplaatjes". Waldo gaat met de zuster bidden, maar langzaam ontstaat een negatieve godsgedachte: „Hij was een God die de mensen meer verdriet dan blijdschap gaf'. Hij schrikt van deze zondige gedachten en ademt de geur van de wierook in, de adem van God, die zijn boze gedachten zal verjagen. Bij het verlaten van de kapel laat hij een geldstuk, her laatste materieel bezit vallen in een gleuf van een offerblok, maar dit gebaar is eerder een offer aan de dreigende God, dan aan de almachtige, liefdevolle God.

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.

Homo zijn kun je leren! Van bear tot buttplug. Van rimmen tot Hepatitis B. Regisseur Sanne Vogel maakte drie pikante interviewfilms met jonge homo’s. Lees meer...

Hoge waardering

Emy Vaesen 5e klas vwo8.0
Wendy Schlepers 4e klas havo7.8
Marjolijn Oomens 3e klas vwo7.7
Daphne 6e klas vwo7.4
Evelien 5e klas havo7.4
Meer verslagen ›

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

4383
 

reacties

 
he koele ressencie man, ik heb veel aan je persoonlijke reactie gehad. Tof dat je dit op internet hebt gezet. Ik ben nu namelijk bezig met mijn leesdossier en het is te lang geleden dat ik dit boek heb gelezen en dus er geen persoonlijke reactie van kon herrinneren. My gruatitude y'all!!
door Puro Cabrones (reageren) op 30 januari 2002 om 20:29
Hey emy Het verslag wat je op intyernet hebt gezet heeft mij ontzettend geholpen bij het maken van mijn leesverslag en ervaringen. Als ik dit verslag niet had gevonden denk ik dat ik niks had kunnen inleveren. Bedankt nog he groetjes mark
door Mark S (reageren) op 28 mei 2002 om 18:09
Een hele goede samnevatting, je hebt alle begrippen genoemd en het heeft een goede bijdrage geleverd aan mijn leesverslag over Wierook en Tranen. Bedankt!
door Bart (reageren) op 11 november 2003 om 13:21
heel goed bruikbaar dank je wel!!!!!
door Jessica (reageren) op 20 september 2004 om 19:13
hey heel erg bedankt voor dat verslag dat je op scholieren.com hebt gezet ik heb er veel aan gehad :P want ik moest het de laatste avond nog gou maken gr. chris
door Chris braakhuis (reageren) op 13 januari 2005 om 21:38
Mooie recentie! Het boek is enkel niet chronologisch geschreven. Waldo verwijst heel veel naar de dood van zijn ouders = terugverwijzingen. Grtz
door Anony (reageren) op 28 april 2012 om 13:01
Jij zat zeker op wolfert???!
door sofie (reageren) op 17 september 2012 om 19:23
badumtsssssssss
door peter piemel poeper (reageren) op 15 januari 2014 om 12:56
goed verhaal!! heeft me enorm geholpen!!
door piet (reageren) op 3 december 2014 om 13:22