Geschreven door: | Herma (4 vwo) [meer] |
Datum ingestuurd: | 28 januari 2002 |
Taal: |  |
Woorden: | 500 |
Bekeken: | 22209 keer (112 deze maand) |
Waardering: |
|
Deel op: |
|
Jan Terlouw
Altijd al willen weten wie er nu achter die mooie boeken zoals bijvoorbeeld Oorlogswinter en Pjotr zat? Lees dan snel deze tekst. Wie is deze schrijver nou echt, hoe is hij begonnen met schrijven en wat voor boeken schrijft hij precies?
Jan Terlouw werd in 1931 in Kamperveen geboren. Hij was de oudste zoon en had nog twee broers en twee zussen, zijn vader was dominee. Als kind is hij vaak verhuisd, zo woonde hij bijvoorbeeld in de Veluwse dorpen Garderen en Wezep. Beide dorpen hebben later model gestaan voor zijn boeken.
In 1948 gaat hij in Utrecht wis- en natuurkunde studeren. Daarna verrichte hij dertien jaar lang natuurkundig onderzoek in Nederland, Amerika en Zweden.
In 1956 trouwde hij met Alexandra van Hulst en ze kregen drie dochters en een zoon. Omdat hij aan zijn kinderen altijd van die prachtige verhalen vertelde, moedigde zijn vrouw hem aan om die verhalen te publiceren. Zijn vrouw las de verhalen en corrigeerde ze en daarna stuurde hij de verhalen zelf naar kinderboekenschrijver Paul Biegel om te vragen wat hij ervan vond. Deze gaf hem het advies om eens een boek te schrijven. In 1970 kwam zijn eerste boek uit: De avonturen van oom Willibrord, dit was een verzameling van de verhalen die hij aan zijn kinderen vertelde.
Toen hij in 1966 lid werd van het toen net opgerichte D’66, was dat het begin van een lange politieke carričre. Eerst zat hij voor deze partij in de Tweede Kamer, later werd hij de leider van deze partij en ook is hij korte tijd minister van economische zaken geweest.
Hij heeft veel prijzen gewonnen met zijn boeken, zo won hij in 1972 de gouden griffel voor ‘Koning van Katoren’, in 1973 een gouden griffel voor ‘Oorlogswinter’, in 1990 de prijs van de Nederlandse kinderjury voor ‘Kunstrijder’ en in 2000 de tip van de jonge jury voor ‘Eigen rechter’.
In zijn boeken probeert hij te laten zien dat er mensen zijn die hun macht verkeerd gebruiken. Zij proberen anderen te onderdrukken. In een aantal van zijn boeken komen niet-bestaande landen voor, daarin speelt zich het spel van macht en onderdrukking af. In zijn boek ‘Oorlogswinter’ wil hij laten zien dat een oorlog niet iets spannendst of iets heldhaftigs is, maar een onmenselijke situatie.
De eerste eis die Jan Terlouw aan een jeugdboek stelt is dat het boeiend moet zijn, verder wil hij graag een boodschap brengen. Hij wil graag leerzame boeken voor jongeren schrijven maar hij wijst ontspannende boeken niet af, maar hij voelt het meest voor boeken met een bepaalde bedoeling. Jongeren moeten er volgens hem iets in kunnen herkennen: van zichzelf, van hun wereld. Het moet geschreven zijn vanuit de denkwereld van nu, met het taalgebruik van nu.
In zijn boeken probeert Jan Terlouw dus duidelijk te maken wat volgens hem beter zou moeten in de maatschappij. In zijn boek ‘Oorlogswinter’ laat hij bijvoorbeeld zien dat de oorlog niet altijd zo leuk is als het wel niet lijkt in al die verhalen.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen.
Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten.
Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.