CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

chatten met 99gram

Chat op 8 februari over afvallen, eten en je gewicht met de deskundigen van 99gram.nl.

geef je mening

Sporten is nergens voor nodig, vindt Justine. Sport jij?



» resultaten poll

Geschreven door:

Nathalie (5 vwo) [meer]

Datum ingestuurd:

21 juli 2009

Taal:

Woorden:

7.250

Bekeken:

1283 keer (3 deze maand)

Waardering:

3.7/5 (3 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 
Inhoudsopgave

Inleiding
Hoofd- en deelvragen
Hoe is de verhouding tussen rendement en risico bij verschillende beleggingsvormen?
- Obligaties
- Vastgoed
- Aandelen
- Opties
- Edele metalen
Wat is de rol van de verschillende indexen bij het beleggen?
- Toonaangevende beursindexen
- AEX
- Andere beursindexen
Wat is een beleggingsprofiel?
Wat doet een beursmakelaar?
- Kosten
- Criteria
Wat is een beleggingsfonds?
- Algemene fondsen
- Extra fondsen
- Speciale fondsen
Wat komt er allemaal kijken bij het beleggen op de beurs?
- Koersen
- Indexfondsen
- De markt verslaan
- De rente
- Doemdenkers
- Conjunctuur
- Internationale moeilijkheden
Wat zijn warrants, turbo’s, futures?
- Warrants
- Turbo’s
- Futures
Eindbeschouwing
- Uitwerking hoofdvraag: Wat is beleggen?
- Reflectie
- Eigen mening
Bronnen


Inleiding
We vonden beleggen nogal een mysterieus verschijnsel, hierdoor is onze interesse gewekt. We wilden wel eens zien wat er allemaal bij komt kijken. Want hoe moeilijk kan beleggen nou zijn?! Bij nader inzien bleek het wat ingewikkelder te zijn dan we aanvankelijk dachten, vooral de optiehandel! De kredietcrisis heeft ons ook een zetje gegeven om dit onderwerp te kiezen. We waren ook heel nieuwsgierig naar welke risico’s er aan het beleggen zitten.
Door de kredietcrisis komt de AEX vaak in het nieuws en we wilden weten wat de AEX met beleggen te maken heeft.
We gaan er in dit PO op in wat beleggen nou precies is, welke vormen er zijn en wat er allemaal bij komt kijken.

We proberen meer over beleggen te weten te komen, door vaker het nieuws te kijken, internet te doorzoeken en er boeken over te lezen. Deze informatie verwerken we dan weer in dit PO.

Taakverdeling
We hebben eerst in kernwoorden op papier gezet welke aspecten we in het PO gaan behandelen. Hierna hebben we de hoofdvraag en deelvragen opgesteld en bekeken wie wat doet. We werken beiden aan verschillende onderdelen en deze voegen we, zodra we ongeveer alles hebben, bij elkaar. Hierna gaan we samen met de verdeling van de hoofdstukken en de lay-out aan de gang. Daarna is het, hopelijk, klaar om in te leveren!

Hoofd- en deelvragen
Hoofdvraag:
Wat is beleggen?


Deelvragen:
Hoe is de verhouding tussen rendement en risico bij verschillende beleggingsvormen?
Wat zijn obligaties?
Wat is vastgoed?
Wat is een aandeel?
Wat zijn opties?
Wat zijn edele metalen?
Wat is de rol van de verschillende indexen bij het beleggen?
Wat is een beleggingsprofiel?
Wat doet een beursmakelaar?
Wat is een beleggingsfonds?
Wat komt er allemaal kijken bij het beleggen op de beurs?
Wat zijn warrants, turbo’s, futures?


Hoe is de verhouding tussen rendement en risico bij verschillende beleggingsvormen?
Laat ik allereerst zeggen dat beleggen een risicovolle onderneming is. Er is geen risicoloze vorm van beleggen. Daar staat tegenover dat een belegger een rendement krijgt waarop elke spaarder jaloers op zal zijn. Zoals het beroemde gezegde luid: “No pain no gain.”

In de onderstaande figuur vindt u de beleggingsvormen die oplopen van veilig naar risicovol. Hoe hoger in de piramide, des te hoger het risico maar ook het rendement.

In een tabel ziet het er als volgt uit:
Rendement Risico Vorm van beleggen
5% Minimaal Obligaties (of een mix van obligaties en vastgoed)
5-10% Gemiddeld Obligaties en aandelen
10-15% Bovengemiddeld Aandelen
15-20% Hoog Speculatieve aandelen
>20% Erg hoog Opties, warrants turbo’s en futures

Een belegger moet een keuze maken tussen rendement en risico. Het is maar net wat u wilt; wilt u uw vermogen uitbreiding met zo min mogelijk risico dan kunt u (staats)obligaties aanschaffen (of een mix tussen sparen, vastgoed en obligaties). Of wilt u in een klap rijk worden en rendementen van 75% behalen? Het kan allemaal op de mysterieuze wereld van de optiebeurs.

Obligaties
Wat zijn obligaties?
Een obligatie is een schuldbewijs die je als particuliere belegger koopt van de Staat, een overheidsinstelling of een onderneming. De beloning die u hiervoor krijgt is rente over die schuld.

Als een instelling een lening nodig heeft van bijvoorbeeld 100 miljoen euro kan ze naar de bank gaan. Een andere en een goedkopere oplossing is die lening opsplitsen in kleine stukjes van bijvoorbeeld 1000 euro. Die kunt u dan kopen en hiervoor krijgt u een rente voor van bijvoorbeeld 5%.
Een obligatie heeft een looptijd. Dat kan vijf tot dertig jaar of langer zijn. Verder hebt u te maken met een vervaldag, dat is de dag waarop de obligatiehouders terug worden betaald.

Toepassing
Obligaties zijn uitstekende bouwstenen voor een aandelenportefeuille. De grootste reden hiervoor is dat ongeacht hoe het met het bedrijf gaat van wie u een obligatie hebt gekocht, u altijd uw vaste vergoeding krijgt. Als het onstuimig is op de beurs, kunt u nog terugvallen op uw obligaties. Daarnaast krijgt u een hogere rente dan op een spaarrekening.

Voor- en nadelen van een obligatie
Voordelen:

-Obligaties bieden meer zekerheid.
-U krijgt een vaste vergoeding, ongeacht hoe het met het bedrijf gaat. Als het bedrijf failliet gaat, heb je voorrang op de aandeelhouders voor euro’s die nog te halen zijn. Maar de fiscus heeft voorrang op iedereen.
-Koersen van obligaties fluctueren minder heftig.

Nadelen:
-U kan pas instappen met een hoog inleg bedrag. Meestal van boven de duizend euro.
- U bent niet welkom op de vergaderingen van het betreffende bedrijf.

Rente
De grootste vijand van de obligatiehouder is een rente stijging. De obligatie koersen kelderen meteen.
Ik zal dit toelichten met een voorbeeld.
Stel dat de rente op 5% staat. U krijgt op uw obligatie van 1000 euro een jaarlijks vergoeding van 50 euro. Als de inflatie tegenvalt, verhoogt de ECB de rente bijvoorbeeld naar 10%. Niemand wil nu uw obligatie hebben die 50 euro uitkeert, omdat men voor hetzelfde geld een obligatie kan kopen die jaarlijks 100 euro uitkeert. Uw obligatie is nu maar 500 euro waard. In dit geval geeft uw obligatie van 500 euro met 5% rente evenveel rendement als eentje van 1000 euro met 10% rente.
Als de rente daalt, gebeurt er het tegenovergestelde en lacht u iedereen vierkant uit.

Kredietwaardigheid
Voordat u een obligatie koopt wilt u de zekerheid hebben dat de instelling ook daadwerkelijk terugbetaald.
Agentschappen zoals Standart&Poors, Moody’s en Fitch hebben zich hierin gespecialiseerd en geven bedrijven een zogenaamde rating.
De betrouwbaarste bedrijven krijgen een AAA rating oftewel “Triple A” rating. En de laagste rating is een D. In de onderstaande tabel ziet u alles op een rijtje:


Rating
Rendement Risico
AAA, AA, A Huidige rentestand (bijvoorbeeld 5%) Een redelijk veilige investering.
BBB, BB, B 3% boven de huidige rente Grote kans dat u uw geld terug krijgt. Voorzichtigheid is geboden in roerige tijden.
CCC, CC, C 4-7% boven de huidige rente Hier begint het link te worden. Hiervoor wordt u beloond met een goede rente.
DDD, DD, D 10-15% boven de huidige rente Het kan zeer slecht voor u uitpakken. Het is een grote gok.

Van staatsobligaties tot junkbonds
Een staatsobligatie kopen is de veiligste manier van beleggen in obligaties. Immers de kans is klein dat de staat haar burgers in de steek laat (maar het is wel eens voorgekomen in Argentinië, Rusland en Duitsland).
Meestal heeft de overheid miljarden euro’s nodig om iets te financieren. Dat kan ze niet zomaar bij de bank gaan halen. Beleggers bieden hiervoor een uitkomst.
De staat keert niet maandelijks obligaties uit, het kan jaren duren voordat er een nieuwe emissie plaatsvindt. Er zijn wel voldoende staatsobligaties te koop op de effectenbeurs.

Een ander uiterste zijn de Junk Bonds. Dat zijn obligaties van bedrijven met een D rating. Maar waarom zou je hierin investeren? Het antwoord is simpel: rendement. Een belegger die in junk bonds investeert hoopt niet alleen dat het bedrijf haar verplichtingen nakomt, maar ook dat het beter presteert. Hierdoor zullen agentschappen een hogere rating geven, en dat doet de prijs van een obligatie stijgen.
Een bank zal geen lening aan een bedrijf geven dat in financiële problemen verkeert. Dan moet het bedrijf het geld ergens anders vandaan halen. Bij de belegger dus. Maar die stemt alleen toe als de rente goed is.

Conclusie
Obligaties zijn de veiligste manier van beleggen. Maar omdat het risico lager is, krijgt u ook een lagere vergoeding. Wil je meer rendement dan moet je verder kijken. Obligaties worden vooral gebruikt als een middel waarop je terug kunt vallen in zware tijden.


Vastgoed
Wat is vastgoed?
Vastgoed is een zichtbare en een tastbare belegging. U kunt er doorheen lopen en er zelfs in gaan wonen. Daarnaast geeft vastgoed ook een goed rendement, en schommelt de koers niet op en neer.

Vastgoed is een goede investering. Uw eigen huis kopen is een goede investering. U kunt ook een tweede huis kopen om meer rendement te halen, maar de risico’s zijn ook groter. Daarnaast is het ook tijdsintensief. Als u geen zin hebt in al dat gedoe met een tweede huis kunt u ook in een vastgoedfonds of een Vastgoed CV investeren.
Ik zal op elke vorm van vastgoed beleggen nader ingaan.

Eigen huis
Een eigen huis kopen is eigenlijk de beste belegging aller tijden. U kunt er nog jaren van genieten, u krijgt een goed rendement en u hebt gegarandeerd een huurder: u zelf! Daarnaast vraagt de bank u een lagere rente omdat u het huis als onderpand geeft en de overheid betaald mee.
Hieronder zullen we de voordelen nader bekijken:
- Huizenprijzen stijgen: De afgelopen 50 jaar zijn de prijzen gemiddeld 6% per jaar gestegen. Of dat in de toekomst nog gebeurd is nog maar de vraag. De grootste reden hiervoor is de rente. Als die stijgt, heeft dat negatieve gevolgen voor de huizen prijzen. Wel zal de waarde stijging van uw huis de inflatie op zijn minst evenaren.
- Geen huur: In uw eigen huis hoeft u geen huur te betalen. Huren is duurder dan de aflossing op uw hypotheek. En de huurprijzen stijgen, terwijl de woonkosten gelijk blijven.
- Lage financieringslasten: De rente op een hypotheek is lager omdat de bank uw huis als onderpand krijgt. Daarnaast krijgt u ook een fiscale korting die flink op kan lopen. De komende jaren zal het wel minder worden, maar deze korting verdwijnt niet omdat de overheid huisbezit wil stimuleren.
- Rendement: Een rendement tussen 2 en 6% is realistisch. Daarnaast hebt u niet meer te maken met stijgende huurkosten, dat levert ook weer enkele procenten op. Plus de hypothecaire lasten zijn ook lager, en de regering betaalt mee. Schitterend toch!

Maar er zit ook een keerzijde aan het verhaal. Als u uw baan verliest hebt u een groot probleem. Hieronder vindt u de gevolgen:
- Kosten gaan omhoog: Als u in de WW terecht komt daalt uw belastingvoordeel. Als u helemaal geen inkomen meer hebt, ontvangt u ook geen overheidssubsidie. Uw vaste lasten zullen dan omhoog schieten.
- Gedwongen verkoop: Als u niet aan uw maandelijkse verplichtingen kunt voldoen, kan het gebeuren dat u snel uw huis moet verkopen en kleiner moet gaan wonen. Omdat er veel haast bij is, zult u een lagere prijs voor uw huis krijgen. Daarnaast hebt u te maken met hoge makelaars kosten, notaris kosten en een overdrachtsbelasting van 6%. Dat is knap vervelend!

Kopen om te verhuren
Huizen kopen om ze weer te verhuren heet huisjes melken. Dit is een spannende bezigheid en de laatste jaren steeds populairder geworden. Wat komt er allemaal bij kijken?
Laten we als eerste de voordelen en nadelen op een rijtje zetten.

Voor- en nadelen
Voordelen:
-Vastgoed is een goed alternatief voor aandelen, omdat vastgoed niet snel zijn waarde verliest.
-Vastgoed heeft de afgelopen jaren goede rendementen opgeleverd (hoewel dat geen garantie voor de toekomst is)
- Via huurinkomsten krijgt men een vast inkomen
-Huizenbezitters hebben invloed op het rendement en de waardeontwikkeling ervan.

Nadelen:
-De waarde van huizen kan dalen
-Huurders kunnen er een zooitje van maken
-Er is een kans dat je geen huurder vind
-Extra kosten voor onderhoud aan het huis
-Meerdere huizen kopen en risico verspreiden kunnen alleen de rijken zich veroorloven
-Het is lastig om een huurder het huis uit te krijgen, vanwege de huurbescherming.

Lenen
De meeste van ons kunnen niet zomaar het geld uit de mouw schudden voor een tweede huis. U kunt een hypothecaire lening afsluiten als u aan de bank kunt laten zien dat u inkomen voldoende is. De rente van uw tweede hypotheek is niet fiscaal aftrekbaar.

De doelgroep
Voordat u een huis koopt moet u nadenken over uw toekomstige huurders.

Hier zijn enkele belangrijke doelgroepen die in aanmerking:
Studenten – Ze willen niet te ver van het centrum wonen. En het moet goedkoop zijn. Het interieur hoeft niet duur te zijn en moet tegen een stootje kunnen. Verder is de doorstroming onder studenten groot.

Yuppen en Dinky’s- De Yup (Young urban professional) en Dinky’s (Double income no kids) willen graag een parkeer plaats voor de deur hebben, niet te ver van werk wonen en het liefst in een goede en een levendige buurt.

Gezinnen met kinderen- Ze willen vlak bij een school en een winkelcentrum wonen. En hebben een voorkeur voor een rustige buurt.

Meer rendement
Wilt u meer rendement behalen dan kunt u overwegen om een bouwval te kopen en op te knappen. Een groot voordeel is de lage aanschafprijs. Er zitten nog een paar nadelen aan zoals:
-Het verbouwen kost niet alleen geld maar ook tijd
-Het kan lastig zijn om een huurder te vinden als de bouwval in een slechte buurt staat.

Commerciële panden
Het is ook mogelijk om een kantoor ruimte verhuren. Hieraan zijn de volgende voor- en nadelen verbonden:

Voordelen:
-Huuropbrengsten van kantoor ruimtes stijgen jaarlijks
-Een lang lopend contract afsluiten is mogelijk
-Toppanden blijven in altijd trek

Nadelen:
-Bedrijven hebben steeds meer wensen. Een paar jaar geleden was een telefoon aansluiting voldoende. Nu moet er netwerkbekabeling liggen en airco en beveiliging aanwezig zijn.
Om de tien jaar moet u in het pand investeren.

Vastgoedfonds
Op de Euronext Amsterdam zijn er verschillende vastgoedfondsen verkrijgbaar die u net zo makkelijk kunt kopen als een aandeel. Managers van deze fondsen beleggen voor u in honderden winkels, kantoren en huizen. Deze fondsen investeren direct in vastgoed of in vastgoedmaatschappijen. Hieronder volgen enkele voordelen van vastgoedfondsen:
-Professionel management- De vastgoedjongens hebben betere bronnen dan een particuliere belegger. Daarnaast wordt het door professionele managers gerunt.
-Sneller handelen- Voordat u een pand kan verkopen duurt het vaak enkele maanden. Met een vastgoedfonds kunt u binnen enkele minuten zaken doen.
-Minder tijdrovend- U hoeft zelf niet te verbouwen en huurders te zoeken. Dat wordt allemaal voor u gedaan

Vastgoed CV
Via een vastgoed CV belegt u direct in een bepaald project. Het kan een appartementencomplex of een winkelcentrum zijn.
Door een participatie te kopen van een Commanditaire Vennootschap wordt u “Commandiet”.
Als Commandiet bent u niet hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden van de vennootschap. Verder krijgt u geen rente, maar een deel van de winst.
Een CV biedt een hoger rendement dan een vastgoedfonds, maar de risico’s zijn ook hoger.
Als er geen belangstelling is in het geïnvesteerde project, dan hebt u een probleem.
Daarnaast is het instapbedrag ook hoger. Instappen kan vanaf ongeveer 5000 euro, soms kan het ook zijn dat u vanaf 50000 euro kunt instappen.
Een andere punt van aandacht is dat veel projecten in dollars zijn genoteerd. Als de dollarkoers schommelt, schommelt ook de waarde van uw belegging.

Conclusie
Vastgoed is een goed middel om u in te dekken tegen inflatie en een goed alternatief voor obligaties. De huidige opvatting is dat uw portefeuille voor zo’n 5-10% uit vastgoed kan bestaan. Maar dit beeld kan in de toekomst veranderen als vastgoed minder goed presteert. Het is verstandig om vastgoed op te nemen in uw portefeuille, omdat het, net als obligaties, stabiliteit biedt.


Aandelen
Wat is een aandeel?
Een aandeel is een stukje van een bedrijf. Als u een aandeel koopt wordt u mede-eigenaar. U hebt recht op de winst die het bedrijf maakt en verder hebt u ook zeggenschap in het bedrijf.

Zeggenschap
Als u 100 aandelen van een bedrijf X hebt, dat enkele miljoen aandelen heeft uitgebracht, dan ben je voor 0.01% eigenaar het bedrijf. Ook al heb je hiermee niet veel invloed, je bent welkom op de aandeelhoudersvergaderingen. Op deze vergaderingen kunt u uw zegje doen. Dit is heel effectief omdat er vaak media aanwezig is.

Dividend
Als een bedrijf winst maakt, kan het besluiten om dividend uit te keren aan haar aandeelhouders. Maar dit hoeft niet per se, het bedrijf kan er ook voor kiezen om het geld ergens anders te investeren. Vaak als de toekomstvoorspellingen er somber uitzien kunnen bedrijven besluiten om meer dividend uit te keren om de aandeelhouders zoet te houden of als het bedrijf vindt dat ze met het geld niks beter kunnen doen dan herinvesteren.

Koers
De koers van een aandeel wordt bepaald door kopers en verkopers. Kopers worden “bulls” genoemd en verkopers “bears”. Bulls maken een omhoog gaande beweging als ze aanvallen en de beren slaan met hun klauwen naar beneden. Als de kopers actief zijn is het een bull market en de koersen stijgen. Als de bears actief zijn, dalen de koersen.

Vraag en aanbod
Als een belegger zijn aandelen wil verkopen, ontstaat er meer aanbod. Als een belegger aandelen wil kopen, ontstaat er meer vraag. Waarom willen bepaalde beleggers aandelen kopen terwijl anderen ze graag kwijt willen? Een antwoord hierop is dat belegger A op andere dingen let dan belegger B. Als A vindt dat een nieuwe directeur nieuw leven in een bedrijf zal blazen, zet hij de aandelen van dat bedrijf op zijn kooplijstje. Belegger B kan het tegenovergestelde vinden en zet aandelen van dat bedrijf op zijn verkooplijstje.
Omdat iedereen op de beursvloer een andere mening heeft maakt dat beleggen zo interessant en onvoorspelbaar.

Limiteren
Als u aandelen koopt, moet u goed op de bied- en laatkoersen letten, ook wel ‘spread’ genoemd. De biedkoers is de koers die de beste koper wil betalen en waarvoor u de aandelen gelijk kunt verkopen. De laatkoers is de prijs van de beste verkoper waarvoor u de aandelen gelijk kunt kopen.
Als u een beursorder opgeeft is het verstandig een limiet mee te geven, doet u dit niet dan wordt er gehandeld tegen de laatste bied- en laatkoersen. Een limiet kunt u vergelijken met een bod op een aandeel. Wil de beste later(=verkoper) zijn aandelen voor € 50,10 kwijt, dan kunt u een limiet opgeven van €50,00. Dat houdt in dat u niet meer wilt uitgeven dan €50,00 voor een aandeel van het bedrijf X.

Voor- en nadelen
Voordelen:
-Rendement: De afgelopen decennia hebben aandeelhouders enorme rendementen behaald. Had je na de Tweede Wereldoorlog voor 100 euro aan aandelen gekocht dan had je in 2002 een rendement van 2600% gehad(na een correctie van prijsstijgingen en inflatie). Helaas biedt het verleden geen garantie voor de toekomst. Wel staat vast dat hoe langer uw beleggingshorizon is, des te hoger het rendement dat u kunt verwachten.

- Dividend: Naast koersstijgingen die de waarde van uw aandelen vergroten, krijgt u als aandeel houder ook een extraatje. Dat extraatje heet dividend.
- Zeggenschap: Als u aandelen van een bedrijf bezit bent u welkom op de aandeelhoudersvergaderingen. Als u iets kwijt wilt over het bedrijf, is de aandeelhoudersvergadering de beste plek om dit te doen. Dit voorrecht krijgt u bij geen enkele andere vorm van beleggen.
- Niet bindend: Als u zou willen kunt u morgen al uw aandelen verkopen. U zit er niet aanvast. Verder hebt u als aandeelhouder geen plichten t.o.v. van het bedrijf of wie dan ook.
- Geen looptijd: Een aandeel heeft geen looptijd. Dat houdt in dat het aandeel geldig is zolang het bedrijf bestaat.

Nadelen:
- Risico: Beleggen in aandelen brengt ook risico’s met zich mee. Neem nou bijvoorbeeld Fortis. In mei 2007 stond het aandeel op €35 en in november 2008 staat Fortis op een miezerige €0.71. De boosdoener is de heersende kredietcrisis. Hoewel onder “normale” omstandigheden de kans niet groot is dat een beursgenoteerd bedrijf failliet gaat.
- Tijdsintensief: U moet de koers van uw aandelen in de gaten houden. Reageert u niet op tijd, kan dit u flink wat geld kosten.
- Transactiekosten: Elke keer als u aandelen koopt zitten er transactie kosten aan vast. Het is een klein puntje van aandacht als u vaak aandelen koopt en verkoopt.

Conclusie
Een beleggingsportefeuille bestaat tussen de 70-80% uit aandelen. Daar zijn goede redenen voor. Een van de belangrijkste redenen is dat het bedrijf waar u in belegt niet snel failliet zal gaan. Dus u verliest niet in een keer alles. Hoewel in roerige tijden kunt u maar beter geen aandeelhouder zijn.
Het bijkomend dividend en de zeggenschap zijn prettige bijkomstigheden. En de aandelen zijn geldig zolang het bedrijf bestaat.


Opties

Wat zijn opties?
Een optie geeft u het recht om bijvoorbeeld een aandeel tegen een vooraf afgesproken prijs te kopen of verkopen gedurende een bepaalde periode. Voor dit recht betaalt u een premie. Een optiecontract heeft betrekking op 100 aandelen.
De optie is waarschijnlijk het meest veelzijdige beleggingsinstrument. U kunt met minimale inleg al mee spelen op de optiebeurs. Rendementen van 200% zijn een realistisch scenario, u kunt geld maken op een dalende markt en uw beleggingsportefeuille beschermen.

Verschillende soorten
Een calloptie geeft u het recht om een aandeel te kopen tegen een vooraf afgesproken prijs gedurende een bepaalde periode.

Een putoptie geeft u het recht om een aandeel te verkopen tegen een vooraf afgesproken prijs gedurende een bepaalde periode.

Een optie schrijven en kopen
Met opties kunt u twee dingen doen, u kunt ze kopen of schrijven(=verkopen).
Als u een optie koopt krijg u een recht, hiervoor betaalt u premie.
Als u een optie schrijft gaat u een keiharde plicht aan. U moet dan de aandelen leveren of afnemen voor de afgesproken prijs. Als u deze plicht aangaat ontvangt u hiervoor premie.

Mogelijkheden voor de koper
Met een gekochte calloptie kunt u de volgende drie dingen doen(wat u doet hangt af van de koersontwikkeling van het desbetreffende aandeel):
-de belegger doet niets
-de belegger oefent zijn optie uit
-de belegger verkoopt zijn optie aan de beurs, hij doet een sluitingsverkoop

Voorbeeld:
De koers van Ahold staat op €10 genoteerd. U hebt gekocht AH.C.20090320.10 voor een premie van €3,50
Er zijn drie mogelijkheden:

1) De koers van Ahold is op het moment van expiratie lager dan de uitoefenprijs. Dit is jammer omdat u had gehoopt dat het aandeel zou stijgen.
Uw verlies: 3.5 x 100 = €350

2) De koers van Ahold is op het moment van expiratie hoger dan de uitoefenprijs, bijvoorbeeld €15. U oefent uw optie uit en ontvangt 100 aandelen Ahold. Had u geen calloptie gehad was u €150 duurder uit. (€5 - €3,5(premie)= €1,5 (x100 = €150))

3) De koers van Ahold is opgelopen tot €15 begin maart. U hebt niet de behoefde te wachten tot de expiratiedatum. Als u de aandelen niet hoeft te hebben kunt u een sluitingsverkoop doen.
Ondertussen is de premie voor uw optie opgelopen tot bijvoorbeeld €7,70.
Uw winst € 7,70 - €3,50 = €4,20 (x 100 = €420)

Mogelijkheden voor de schrijver
Er zijn ook drie mogelijkheden voor de schrijver. In tegenstelling tot de koper heeft de schrijver geen recht, maar een plicht. De koper kan zijn recht uitoefenen wanneer hij dat maar wil. De schrijver moet dan de aandelen leveren of afnemen. Hieronder zijn de mogelijkheden voor de schrijver:

-de belegger wordt niet aan zijn verplichtingen gehouden
-de belegger wordt wel aan zijn verplichtingen gehouden
-de belegger verkoopt zijn optie aan de beurs, hij doet een sluitingskoop

We gaan weer uit van het scenario van het vorige voorbeeld:
U hebt geschreven AH.C.20090320.10 voor een premie van €3,35.

1) Op het moment van expiratie is de koers lager dan €10. Dit is mooi voor u want de koers heeft zich niet ontwikkeld volgens de visie van een koper. U wordt niet aan uw verplichtingen gehouden
Uw winst: €3,35 x 100 = €335 (de ontvangen premie)

2) Op het moment van expiratie ligt de koers hoger dan de uitoefenprijs van €10, bijvoorbeeld €15. De koper maakt gebruik van zijn recht en wil de aandelen hebben. U bent verplicht om die te leveren.( De gedachtegang van de schrijver is gespiegeld aan die van de koper.)
Uw verlies: €5 - €3,35(ontvangen premie) = €1,65 (x100 = €165)

3) De koers is opgelopen tot €15, en u verwacht dat de koers nog verder zal stijgen. U wilt het verlies beperken en wikkelt u optie af. U doet een sluitingskoop.
Maar ondertussen is de waarde van de optie opgelopen tot €7,70.
Uw verlies: (€7,70 - €3,35) x 100 = €435

Uitoefenprijs
De uitoefenprijs is de prijs die u vooraf afspreekt waartegen u de onderliggende waarde mag kopen of verkopen. Deze uitoefenprijs hoeft niet gelijk te zijn aan de huidige beurskoers van het aandeel. Voor elk aandeel heeft u altijd een aantal optievarianten. Bijvoorbeeld:
Aandeel Ah (Ahold) (beurskoers €20)
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €10,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €15,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €18,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €19,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €20,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €21,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €22,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €23,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €25,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €30,-
Calloptie en putoptie met uitoefenprijs €40,-

Als u een calloptie koopt met een uitoefenprijs van €18,-, hebt u het recht om 100 aandelen tegen €18,- te kopen gedurende de afgesproken periode.

In, At en Out the money opties
Als we de figuur hierboven bekijken zien we dat sommige uitoefenprijzen lager en andere weer hoger dan de beurskoers zijn. De calloptie, waarvan de uitoefenprijs lager is dan de beurskoers, heet een “in the money optie”. Als de uitoefenprijs gelijk is aan de beurskoers dan is de optie “at the money”. Tot slot als de uitoefenprijs hoger is dan de beurskoers dan is de optie “out the money”. Voor een putoptie geld het tegenovergestelde. Dus een “in the money” putoptie heeft een uitoefenprijs die juist hoger is dan de beurskoers. En een “out the money” putoptie heeft een uitoefenprijs die lager is dan de beurskoers.
In the money opties hebben de hoogste waarde, omdat de koers gunstiger ligt. Neem bijvoorbeeld de calloptie van €10,-. (Zou u deze optie uitoefenen, dan krijgt u de aandelen voor €1000,-. ) Als u die calloptie zou kopen betaalt u hiervoor meer omdat deze optie u het recht geeft om 100 aandelen tegen een lagere koers te kopen. U zou ook 100 aandelen van de beurs kunnen kopen. Doet u dit dan betaalt u hiervoor €2000,-. 
 
Expiratiedatum

Opties hebben een expiratiedatum, ze zijn niet eeuwig geldig. Bij een optie kunt u kiezen tussen verschillende uitoefenprijzen, maar ook tussen verschillende expiratiedata. Zo kunt u bijvoorbeeld opties kopen die volgende maand aflopen, volgend kwartaal of opties die enkele jaren geldig zijn. Hoe verder weg de expiratiedatum, des te duurder de optie.

De waarde van een optie
Een optie is een product, en aan elke product zit een prijs. Zoals in de economie gebruikelijk is, wordt de prijs van een product bepaald door vraag en aanbod. Verder wordt de basis van de marktwaarde bepaald door de kostprijs van het product. In het geval van de optie is dat een theoretische kostprijs. Deze kostprijs wordt bepaald door een aantal zaken. De economen Black en Scholes hebben een tamelijk ingewikkelde formule ontwikkeld om dit te berekenen. Gelukkig kan de optie handelaar de waarde van zijn optie berekenen in seconden dankzij de computer. In deze formule zijn onder andere de vier variabelen die je hieronder ziet verwerkt:
-De koers van het aandeel:
Als de koers van het aandeel stijgt, stijgt de waarde van de calloptie. Het omgekeerde geldt voor een putoptie, de prijs ervan stijgt als de koers daalt.
-De uitoefenprijs ten opzichte van de huidige koers:
Als de optie in-the-money is dan is de prijs van de calloptie dan wel putoptie hoger dan wanneer de optie out-the-money is.
-De looptijd:
De looptijd van een optie kan variëren van een maand tot vijf jaar. Hoe verder de expiratie datum, hoe hoger de premie. Als koper van een optie heeft u met een lange looptijd meer tijd om uw visie te laten uitkomen. Voor deze mogelijkheid betaalt u een hogere premie.
Als u een optie schrijft neemt u met een langere looptijd meer risico. Voor het nemen van dit risico wordt u beloond met een hogere premie.
-De volatiliteit:
De volaliteit oftewel de bewegelijkheid van een aandeel (index) is de belangrijkste factor van de hoogte van de premie. Als de koers van de onderliggende waarde sterk fluctueert (stijgt en/of daalt) neemt de volatiliteit toe. De kans dat de schrijver aan zijn verplichtingen wordt gehouden is dan ook hoger. Hierdoor zal de schrijver een hogere vergoeding vragen omdat hij meer risico loopt.

Er zijn meerdere factoren en variabelen in de formule(bijv. rente, dividend, beurssentiment en handelsvolume), maar die zijn lastig toe te lichten. De vier hierboven genoemde factoren zijn de belangrijkste.

-De totstandkoming van de premie:
De optiepremie bestaat uit twee delen. Een optie heeft intrinsieke waarde en een tijd- en verwachtingswaarde.
Optiepremie= intrinsieke waarde + tijd- en verwachtingswaarde

Intrinsieke waarde
Intrinsieke waarde is het verschil tussen de uitoefenprijs en de beurskoers. Bijvoorbeeld: als de beurskoers van het aandeel Ahold gelijk is aan €10 en uw gekochte calloptie heeft een uitoefenprijs van €8. Dan bedraagt de intrinsieke waarde €10 - €8= €2.
Opties die out the money zijn hebben geen negatieve intrinsieke waarde, maar een intrinsieke waarde van 0.
Uitoefenprijs Beurskoers Intrinsieke waarde Benaming
€25 €30 €5 In the money
€30 €30 €0 At the money
€35 €30 €0 Out the money

Tijd- en verwachtingswaarde
De tijd- en verwachtingswaarde wordt bepaald door de resterende looptijd en de volatiliteit. Als een optie nog looptijd heeft en beweging vertoont heeft de optie altijd een waarde. De tijd- en verwachtingswaarde is het bedrag dat overblijft na het aftrekken van de intrinsieke waarde van de premie.
Tijd- en verwachtingswaarde = Premie - Intrinsieke waarde
De tijd- en verwachtingswaarde wordt berekend door een ingewikkeld model. De computer berekent de tijd- en verwachtingswaarde voor de belegger. Er zit een groot verschil in tijd- en verwachtingswaarde tussen een optie die nog een maand geldig is of nog een jaar. Maar het verschil tussen een optie die nog 7 jaar geldig is en een optie die nog 8 jaar geldig is, is veel kleiner.

Naam Bevat Tijd- en verwachtingswaarde Bevat Intrinsieke waarde
In the money Ja Ja
At the money Ja Nee
Out the money Ja Nee

At the money opties hebben de hoogste verwachtingswaarde, de koers hoeft maar een beetje omhoog te gaan en de optie krijgt intrinsieke waarde!

Een voorbeeld:
De figuur hierboven geeft een aantal call- en putoptie varianten weer. Je zou met zo een scherm te maken kunnen krijgen als je opties via internet wil kopen of verkopen. Deze figuur is van 1-12-2008 en de koers van het aandeel Ahold stond op €8,46.

Als voorbeeld nemen we bij de callvarianten het regeltje:
AH.C.20081219. 9,2
Hier staat: Heeft betrekking tot aandeel AH(Ahold). C betekent dat het een calloptie is met een looptijd t/m 19 december 2008 en een uitoefenprijs van €9,20
Kolommen
Strike: dat is de uitoefen prijs
Laatste: Dit is de premie per aandeel waartegen voor het laatst werd gehandeld. In dit geval is dat €0,25. Deze calloptie is gekocht voor €25 omdat elk optiecontract betrekking heeft op 100 aandelen
Bied: Dit is de prijs die de hoogste bieder wil betalen.
Laat: Dit is de prijs waarvoor een persoon deze optie wil schrijven.
Volume: Dit is het aantal verhandelde optiecontracten( x100 dan krijg je het aantal betrokken aandelen), in dit geval zijn het er 224.


Enkele optie strategieën

Overzicht basisstrategiёn:
Strategie Visie Opbrengst Risico
Kopen calloptie en eventueel schrijven van een putoptie (Sterke) Stijging Ongelimiteerd Gelimiteerd/ Ongelimiteerd als u wel een putoptie schrijft
Kopen putoptie en eventueel schrijven van calloptie (Sterke) Daling Gelimiteerd (tot dat het aandeel 0 euro waard is) Gelimiteerd/ Ongelimiteerd als u wel een calloptie schrijft
Kopen putoptie om schade te minimaliseren Daling Geen opbrengst, maar een beperking van de eventuele schade Gelimiteerd

Toelichting: “Kopen calloptie en eventueel schrijven van een putoptie”:
U verwacht een stijging en daar wilt u mooi gebruik van maken. Met het volgende ( erg overdreven) voorbeeld zal dit duidelijk worden.

Voorbeeld
De koers van Ahold staat op €10.
Omdat er echt uitstekend nieuws uit Amerika over het concern verschijnt, denkt u dat de komende maanden het aandeel richting de €20 zal stijgen. U koopt dan een net out the money calloptie omdat u dan alleen voor de looptijd hoeft te betalen. Hiervoor betaalt u €0,50.
Om het nog mooier te maken schrijft u een net in the money putoptie met hetzelfde looptijd. Hiervoor ontvangt u een premie van €2,50.
Zoals u had verwacht ontwikkelt de koers zich gunstig en staat nu op €19,50. U oefent uw recht uit van uw calloptie en bespaard u zelf: € 9,5 - €0,5= €9 (x 100= €900)

U kunt ook een sluitingsverkoop doen. Omdat Ahold aandelen nu erg gewild zijn, is de premie voor uw calloptie opgelopen tot bijvoorbeeld €11,50.
Uw winst is: €11,50- €0,5= €11 (x100 =€1100)
Uw rendement is: (1100-50)/50 x 100%= 2100%!!!
Daarnaast loopt u geschreven putoptie af. Naast die €1100 had u al een premie van €250 ontvangen. Als u een calloptie had gekocht en de putoptie had geschreven was u begininvestering -200, bij wijze van spreken.

Toelichting: “Kopen putoptie en eventueel schrijven van calloptie”:
Hiervoor geldt hetzelfde als voor het voorbeeld hierboven, alleen hier hebt u hier te maken met een dalende koers.

Toelichting: “Kopen putoptie om schade te minimaliseren”:
Een putoptie geeft u het recht om uw aandelen tegen een vooraf afgesproken prijs te verkopen.
In dit voorbeeld gaan we even terug in de tijd, naar juni 2008. U bezit 100 aandelen Arcellor Mittal en de koers staat op €65. U realiseert zich dat de krediet crisis zal toeslaan op de grondstoffenmarkt, en dat de koers van ArcellorMittal een vrije val zal maken. U besluit om uw aandelen niet te verkopen maar een putoptie te kopen. U koopt een net out the money putoptie met een uitoefenprijs van €64. Hiervoor betaalt u een premie van €3,50. Op 7 december staat de koers op €15,60. Met een investering van €350 kunt u een schade van €64-€15,60 = 48,4 x100= €4840 teniet doen!


Edele metalen

Wat zijn edele metalen?
Edele metalen zoals goud en zilver behouden altijd hun waarde. Vooral in onzekere tijden zijn edele metalen in trek.
Aan de stijging van de prijzen van edelmetalen lijkt geen eind aan te komen. Laten we eens naar goud kijken. Rond 2002 betaalde men 300 dollar voor een “troy ounce”(31,1). De prijs was toen al hard gestegen. Drie jaar later betaalde je 480 dollar. De stijging van zilver tussen 2002 en 2005 was nog groter.

Goud
De prijs van goud wordt bepaald door vraag een aanbod. Het aanbod kan stijgen als er een goudmijn gevonden wordt of als de centrale bank haar goud verkoopt. Maar de kans hierop is echter heel klein.
De stijging van goud is te danken aan de vraagzijde. De economische opmars van Aziatische landen zoals India en China heeft de grootste invloed op de goudprijs gehad.

Goud wordt door beleggers vaak beschouwd als een veilige haven. Dat is helaas niet altijd waar. De goudprijs is niet stabiel. Door de kleine omvang van de goudmarkt kan deze veel sneller verstoord worden dan bijvoorbeeld de aandelenmarkt. Een kleine stijging van het aanbod heeft grote gevolgen voor de prijs. Verder moet er rekening worden gehouden met het feit dat goud in dollars verhandeld wordt. Goud en de dollar hebben een negatief verband. Stijgt de dollar, dan daalt de goudprijs en vice versa. Verwacht u een stijging van de goudprijs, dan moet u niet alleen het goud zelf kopen, maar ook speculeren op een daling van de dollarkoers. Met bijvoorbeeld een putoptie of een warrant.
Beleggingsexperts adviseren aandelen te kopen van de goudmijnen in plaats van de goudklompjes zelf.

Zilver
Hoewel zilver minder edel is dan goud, heeft het toch een goede stijging meegemaakt.
Zilver is een goede geleider en wordt veel gebruikt door de industrie. De zilverprijs heeft goed geprofiteerd van de vraag uit het Verre Oosten.
Zilver heeft ook de eigenschap om goud achterna te gaan. Als de goudprijs stijgt, stijgt ook de zilver prijs. Helaas heeft zilver ook vaak de neiging om minder edele metalen te volgen zoals zink, koper en tin. Deze metalen volgen een andere koers patroon.


Wat zijn warrants, turbo’s en futures?
Warrants
Een warrant is een recht om bijvoorbeeld een aandeel gedurende een bepaalde periode te kopen of verkopen tegen een vooraf vastgestelde prijs. Doordat de prijzen van warrants lager liggen dan van aandelen, gaat het allemaal wat sneller.
Een voorbeeldje. Het je het eeuwigdurende recht om een aandeel te kopen tegen 20 euro, dan zal de prijs van dit recht even duur zijn als het aandeel zelf. Maar heb je het recht om aandelen die 30 euro kosten de komende vijf jaar tegen 30 euro te kopen, dan is dit recht (de warrant dus) een stuk minder waard, bijvoorbeeld 5 euro. Stijgt het aandeel de komende twee jaar vervolgens naar 40 euro, dan heb je met de aandelen maar liefst 33,33% winst, maar met de warrants nog meer. Dit komt doordat je aandelen die dan 40 euro waard zijn koopt voor 30 euro, zo verdien je dus tien euro. Zet dat af tegen je begininvestering van vijf euro en zie hier, het is verdubbeld!

Ongedekte warrants
Ongedekte warrants zijn warrants die worden uitgegeven door beursgenoteerde bedrijven. Een voorbeeld is dat je als aandeelhouder voor elke vijf aandelen die je hebt één warrant krijgt, waarmee je het recht hebt om de komende jaren extra aandelen te kopen tegen de beurskoers van wanneer je de warrant kreeg. Deze warrants hebben dus alleen betrekking op de nieuwe aandelen.

Gedekte warrants
Gedekte warrants zijn warrants die worden uitgegeven door een financiële instelling, zoals een bank. Deze warrants hebben betrekking op bestaande aandelen.

Warrants en opties
Er zijn bepaalde overeenkomsten tussen warrants en opties. Zo hebben ze beide een bepaalde looptijd waarin ze geldig zijn en kennen ze de prijzen die zijn vastgesteld waartegen je de onderliggende waarde koopt of verkoopt. Ook hebben ze beiden een variant die gunstig is als de onderliggende waarde stijgt en eentje voor als die daalt. Deze eerste worden calloptie of callwarrant genoemd en deze laatste putoptie of putwarrant.

Turbo’s
U kunt met een turbo, net als met een warrant, sneller te maken krijgen met de schommelingen op de markt. Bij een turbo betaalt de bank een deel van uw aandelen. Als u een aandeel van 50 euro koopt, dan betaalt u zelf bijvoorbeeld 10 euro en de bank 40. Over het geld dat de bank voor u betaalt (het financieringsniveau), betaalt u rente. Als de koers daalt naar 40 euro, bent u uw inzet kwijt. Als de koers nog verder daalt, moet de bank het betalen. Daarom heeft de bank een zogenaamd stop-loss-niveau. Zo wordt de kans dat u al uw geld kwijtraakt kleiner.

Het stop-loss-niveau
Het stop-loss-niveau ligt meestal tussen het financieringsniveau en de beurskoers in. In dit voorbeeld is dat dan 45 euro. Als de koers lager dan de 40 daalt, schakelt het systeem van het stop-loss-niveau in en wordt uw aandeel automatisch verkocht. Als dit niveau echter niet wordt bereikt, is uw turbo zo lang als u wilt geldig. U hebt dus niet veel inspraak over uw turbo.

Futures
Een future is een termijncontract tussen twee partijen en wordt verhandeld op de beurs. Hiermee neemt u de plicht op zich iets te kopen. Futures op de AEX-index worden het meest gekocht, dit wordt dan een FTI genoemd. Het is heel gemakkelijk om te weten wat u gewonnen of verloren hebt met een FTI. Als de AEX één punt stijgt, verdient u 200 euro. Als de AEX één punt daalt, verliést u 200 euro. Uw maximale verlies bij een FTI-future is 200 keer de waarde van de index. Staat de index op 300, dan is uw maximale verlies 6.000 euro.

Marginrekening
De bank zou natuurlijk gek zijn als zij al uw verliezen zou betalen, daarom vraagt zij u om een bepaald geldbedrag opzij te zetten op een andere rekening. Dit wordt de marginrekening genoemd. Het minimum wat banken van u mogen verlangen dat u op uw marginrekening heeft staan, is 6.000 euro. Vanaf dan zal het geld op de rekening worden gestort als u geld gewonnen hebt en geld eraf worden gehaald, als u verloren hebt. Als u te weinig geld op uw bank hebt staan, zal de bank vragen of u er geld bij wilt storten. Deze vraag wordt ook wel de ‘margin-call’ genoemd. Als u uw future verkoopt, krijgt u uw margin weer teruggestort op uw normale rekening.


Eindbeschouwing
Uitwerking hoofdvraag: Wat is beleggen?
Beleggen is een manier om uw vermogen uit te breiden. Er zijn verschillende manieren om dit te doen. Zo kunt u kiezen uit beleggen in aandelen, opties, obligaties, vastgoed, edele metalen, warrants, turbo’s en futures. Elke beleggingsvorm heeft zijn voor- en nadelen. Zo zijn er beleggingsvormen die heel rendabel zijn, maar ook erg risicovol en beleggingsvormen die minder opleveren, maar waarbij u ook minder risico loopt.

Een obligatie is het veiligst om in te beleggen. Een obligatie is een schuldbewijs die u als particuliere belegger koopt van de Staat, een overheidsinstelling of een onderneming. De beloning die u hiervoor krijgt is rente over die schuld. Hierna is beleggen is vastgoed het veiligst. Vastgoed is een zichtbare en een tastbare belegging. Daarnaast geeft vastgoed ook een goed rendement, en schommelt de koers niet op en neer. Het beleggen in aandelen is ook nog redelijk veilig. Een aandeel is een stukje van een bedrijf. U hebt recht op de winst die het bedrijf maakt en verder heb je ook zeggenschap in het bedrijf. Vanaf aandelen begint beleggen speculatief te worden. Wilt u snel gebruik maken van de schommelingen van de markt, neem dan opties, warrants, turbo’s of futures. Zo kunt u bijvoorbeeld ook beleggen in opties. Een optie geeft u een recht om bijvoorbeeld een aandeel tegen een vooraf afgesproken prijs te kopen of verkopen gedurende een bepaalde periode. Voor dit recht betaalt u een premie. Een warrant is een recht om bijvoorbeeld een aandeel gedurende een bepaalde periode te kopen of verkopen tegen een vooraf vastgestelde prijs. Bij een turbo betaalt de bank een deel van uw aandelen. Een future is een termijncontract tussen twee partijen en wordt verhandeld op de beurs. Hiermee neemt u de plicht op zich iets te kopen.
Denk dus goed na voor u beslist om te gaan beleggen en licht uzelf goed in! U kunt namelijk snel rijk worden, maar ook snel diep in het rood geraken.


Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.