ff n studiebreak

Annemieke blikt terug op dat dagenlange surfen van vroeger. Tegenwoordig ben je binnen een half uur klaar.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

Geschreven door:

Danny

Datum ingestuurd:

4 november 2001

Taal:

Woorden:

200

Bekeken:

14052 keer (47 deze maand)

Waardering:

3.1/5 (99 stemmen)

Deel op:

  • Door KristelLover (VMBO 3) op 27-05-2011
    Hoi Danny, K heb een vraagje: Wat bedoel je bij: Vormcontrast: tegenstelling tussen vormsoorten. Gr, Coby
Begrippenlijst:

Abstract: zonder herkenbare voorstelling
Abstract expressionisme: stroming in de 20ste eeuwse kunst waarbij de kunstenaars hun gevoelens uitdrukken in abstracte kunstwerken.
Abstraheren: abstract maken, iets zo weergeven dat het resultaat geen herkenbare voorstelling is.
Action painting: schilderkunst waarin de bewegingen van de schilder nog te herkennen zijn. De actie van de kunstenaar is in het kunstwerk te zien
Aquarel: schildering met doorzichtige waterverf
Beeldende middelen: de middelen die worden gebruikt om een beeldend werkstuk te maken.
Constructie: manier waarop de verschillende delen van een werkstuk aan elkaar zitten.
Construeren: een werkstuk maken door verschillende delen aan elkaar vast te maken.
Dekkend: niet doorzichtig. De kleur dekt de achtergrond af.
Geometrische abstractie: abstracte kunst met geometrische vormen.
Geometrische vorm: meetkundige vorm, zoals een rechthoek.
Gesloten vorm: dichte vorm.
Halfabstract: abstract lijkend, maar er is wel een voorstelling herkenbaar.
Horizontaal: evenwijdig aan de horizon.
Maquette: model in het klein: schaalmodel.
Open vorm: vorm met gaten of openingen.
Organische vorm: vorm die doet denken aan dingen uit de natuur, zoals keien of planten.
Primaire kleuren: de kleuren rood, geel en blauw: de basiskleuren.
Restaureren: repareren van een kunstwerk.
Ruimtewerking: indruk van ruimte die een werkstuk maakt.
Secundaire kleuren: kleuren die ontstaan door twee primaire kleuren: oranje, groen en paars.
Transparant: doorzichtig, doorschijnend. De ondergrond is nog door de kleur te zien.
Verticaal: loodrecht, van boven naar beneden.
Vormcontrast: tegenstelling tussen vormsoorten.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons weten door een reactie te geven.