CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

ff n studiebreak

Bij klassieke muziek moet je niet aan je grijze oma denken, maar aan YouTube. 5 tips van Lucas en Arthur Jussen.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Boekverslag Hella S. Haasse

Oeroeg

Geschreven door:

anoniem

Datum ingestuurd:

22 januari 2002

Taal:

Woorden:

1.450

Bekeken:

53768 keer (328 deze maand)

Waardering:

3.4/5 (259 stemmen)

Deel op:

  • Door Judith (4 vmbo-t) op 23-01-2012
    Dankje voor de samenvatting, ik heb morgen mondeling over 6 boeken :$.
  • Door Anne (4havo) op 29-11-2011
    en nog iets dat oeroeg veranderd kan moeilijk een thema zijn het thema hoort vriendschap te zijn.. ;P
  • Door Anne (4havo) op 29-11-2011
    Oeroeg.. niet Goeroe... xD
  • Door Henk (4 VWO) op 08-11-2011
    Goeroe?? Maar verder bedankt
  • Door Dennis (6 gymnasium) op 01-11-2011
    Nee de "ik" is zeker geen meisje, de internaten waren enkel en alleen voor jongens
  • Toon alle 16 reacties

Samenvatting

‘Ik’ is de zoon van een Nederlandse administrateur in het Nederlands-Indië van voor de tweede wereldoorlog. Hij groeit op met Oeroeg, een Indische jongen van dezelfde leeftijd. Zij spelen samen, dat wil zeggen: diertjes vangen, in de beek spelen, etc. etc. Totdat ‘ik’ zes jaar is, en zijn vader vindt dat hij les moet krijgen, blijft alles hetzelfde. ‘Ik’ krijgt les van meneer Bollinger. Hij geeft hem alleen Nederlands. Bij al die lessen is Oeroeg in de buurt, waarschijnlijk teleurgesteld dat hij niet kan spelen met ‘ik’.

Als ‘ik’ en Oeroegwat ouder zijn, krijgt ‘ik’ thuis bezoek van grote mensen. Als ze uitgegeten zijn, stelt één van hen voor om naar een meer in de buurt te gaan. Als ze daar zijn doet de vader van ‘ik’ zo anders dan normaal, alsof het nog een klein kind is. Want als ze op een vlot op het midden van het meer zijn, gaan ze stoeien, totdat het vlot het begeeft, als ‘ik’ eraf valt, probeert de vader van Oeroeg, die ook mee was, hem te redden, dat lukt, maar de vader van Oeroeg gaat zelf wel dood.

Een tijdje later loopt ook het huwelijk tussen de moeder en vader van ‘ik’ vast, en vertrekt zijn moeder naar Europa. Meneer Bollinger was al iets daarvoor vertrokken, waar de moeder van ‘ik’ waarschijnlijk iets mee had. Gerard Stokman vervangt Bollinger en blijkt ook veel leuker te zijn. Als ze hem eenmaal een beetje kennen, maken Oeroeg, ‘ik’, en Gerard tochten in het oerwoud.

Als de vader van ‘ik’ op reis gaat voor een jaar gaat ‘ik’ naar een soort pension in Soekaboemi, een stad in de buurt. De eigenares heet Lida, die zal zorgen voor ‘ik’. Maar dat betekent dat ‘ik’ en Oeroeg gescheiden worden van elkaar, en dat wil ‘ik’ niet. Daarom gaat ‘ik’ dwarsliggen en spijbelen, de directeur van de school vertelt dat aan Lida, en die vindt dat ze Oeroeg ook maar in huis moet halen, en dat gebeurt.

Alles gaat z’n gangetje totdat de vader van ‘ik’ weer thuiskomt. Maar hij komt niet alleen; hij heeft een vrouw meegenomen, waar ‘ik’ gelijk al een hekel aan krijgt. Zijn vader vindt dat hij en zijn vrouw niet voor hem kunnen zorgen omdat zijn vrouw in verwachting is. Daarom wordt ‘ik’ naar een internaat in Batavia gestuurd, naast de HBS, waar hij ook naar school gaat. Maar dit keer zal ‘ik’ niet van Oeroeg worden gescheiden, want Lida heeft een pension overgenomen in Batavia, en uiteraard gaat Oeroeg mee.

Maar Oeroeg gaat naar een andere school, en gaat daar dus ook met andere mensen om, dat is één van de redenen dat hij verandert. Want hij begint te roken, hij begint westerse kleding te dragen, en langzaam maar zeker wil hij zoveel mogelijk op een halfbloed lijken, iemand die half Nederlands, en half Indisch is. Maar hij wordt ook brutaler, en als Lida daar achterkomt, stuurt ze hem ook naar het internaat waar ‘ik’ op zit. Oeroeg kan niet aan de strakke regeltjes wennen en keert helemaal in zichzelf. Op dat moment krijgt Oeroeg ook een afkeer van Hollanders en alles wat daarmee te maken heeft. Oeroeg gaat naar het NIAS, een opleiding voor doktoren en medici. Als ‘ik’ zijn eindexamen heeft gehaald, gaat hij naar Delft om te studeren. Voordat hij wegging had hij Oeroeg bezocht, die hij een tijdje niet meer gezien had. Oeroeg had zich aangesloten bij anti-Hollandse verenigingen.

Als ‘ik’ jaren later terug keert als Ingenieur kan hij geen spoor van Oeroeg vinden. Ondanks gaat ‘ik’ terug naar zijn geboortedorp en naar het meer waar Oeroegs vader verdronken is. Als hij daar bij de kade zit, komt een verwaarloosde Oeroeg eraan met een pistool in zijn hand. Hij zegt dat ‘ik’ hier niks te zoeken heeft, en dat hij moet maken dat hij wegkomt, er valt niet meer met hem te praten.

De Titel

De titel is “Oeroeg” en dat is de jongen waar het hele boek over gaat.

Personages

De hoofdpersonen

‘IK’
Hij is in het begin van het boek ongeveer 5 jaar, en aan het eind ongeveer 25 jaar, dus dat verschilt de hele tijd. Hij is de zoon van een Hollandse administrateur in Indië. Hij is op het begin totaal afhankelijk van Oeroeg, totdat ze uit elkaar groeien. Hij heeft sproeten en blond haar, en hij is nogal lang. Hij is altijd heel open en vrij zeker van zichzelf. Eerst ziet hij geen problemen in de verhouding tussen hem en Oeroeg, maar als hij ouder wordt begint hij te snappen dat het zo eigenlijk niet meer gaat. Zijn vader en moeder zijn Hollands, maar hij groeit op in Indië, waar hij goed mee omgaat, maar zijn ouders vinden van niet, dus dat maakt het lastiger. Hij vindt dat iedereen gelijk is, ook als je als Indiër voor een Hollander werkt, dat die dezelfde rechten heeft.

OEROEG
Hij is net als ‘ik’ eerst jong en later ongeveer 25 jaar. Hij is iemand die niet gauw zegt wat hij vindt maar het op een andere manier laat blijken. Vooral als hij het ergens niet mee eens is. ‘Ik’ is zeker op het begin totaal afhankelijk van hem, maar absoluut niet andersom. Totdat hij gaat studeren is er niks aan de hand maar later kruipt er een ongelofelijke haat tegen Holanders in hem, die zijn vriendschap met ‘ik’ verbreekt. Hij groeit grotendeels op zonder vader maar met veel broertjes en zusjes.

De bijpersonen

DE VADER VAN ‘IK’
Een strenge man die zijn leven niet kan ordenen, veel gezag heeft hij niet, maar als zijn tweede vrouw dat wel heeft, vindt hij het allang best. Hij beslist over ‘ik’ als een dictator. En hij vindt het het best als ‘ik’ ver van hem uit de buurt is, zolang het hem maar geen geld kost.

LIDA
Dit is de vrouw die ‘ik’ en Oeroeg opvangt en hen verzorgt, zij krijgt een liefde voor Oeroeg die haar eerst blind maakt, en later haar vasthoudt en bij hen wil blijven voor altijd, wat er ook gebeurt.

Tijd

Er speelt zich ongeveer 20 jaar af in het hele boek, wat in chronologische volgorde wordt verteld. Maar het hele boek is één grote flashback op Oeroeg. Er is één grote sprong in de tijd, en dat is wanneer ‘ik’ in Nederland is tijdens de oorlog, als hij studeert.

Vertelsituatie


De ‘ik’-persoon verteld het hele verhaal vanuit zijn eigen opzicht.

Ruimte

Het verhaal speelt zich af in Hollands-Indië van voor de Tweede Wereldoorlog. Het internaat in Batavia is de belangrijkste ruimte, want daar groeien ‘ik’ en Oeroeg uit elkaar.

Opbouw

Het boek begint met een soort inleiding. Het probleem waar ‘ik’ voor komt te staan, is dat Oeroeg verandert, maar dat probleem is onoplosbaar. Dit is tevens de belangrijkste gebeurtenis én het hoogtepunt. Het boek eindigt met dat Oeroeg zegt dat ‘ik’ weg moet gaan…(zie ook samenvatting)

Thema en motieven


Het thema is dat Oeroeg verandert, en enkele motieven zijn dat ze uit elkaar groeien, dat Oeroeg nét ietsje anders is, en dat ze telkens van elkaar worden gescheiden.

Bedoeling

De schijfster wil laten zien hoe het eraan toe ging op koloniën als Nederlands-Indië. En hoe kinderen er anders tegenaan kijken dan volwassenen.

Taal
Het taalgebruik was wel even wennen, vooral de zinsopbouw, maar dan liep het ook wel door. Het verhaal bevat bijna geen dialoog.

Het mooiste stukje uit het boek

‘Is Oeroeg minder dan wij?’ stootte ik uit. ‘Is hij anders?’ – ‘Ben je belazerd,’ zei Gerard kalm, zonder de pijp uit zijn mond te nemen. ‘Wie zegt dat?’ Ik bracht, niet zonder moeite, mijn gewaarwordingen van die middag onder woorden. ‘Een panter is anders dan een aap,’ zei Gerard, na een pauze ‘maar is een van die twee minder dan de ander? Dat vind je een idiote vraag, en je hebt gelijk. Blijf dat nou net zo idioot vinden, wanneer het mensen betreft. Anders zijn – dat is gewoon. Iedereen is anders dan een ander. Ik ben ook anders dan jij. Maar minder of meer zijn door de kleur van je gezicht of door wat je vader is – dat is nonsens. Oeroeg is immers je vriend? Als hij zó is, dat hij je vriend kan zijn – hoe kan hij dan ooit minder zijn dan een ander?’

Ik heb dit stukje gekozen omdat dit vragen zijn die nog steeds gesteld moeten worden, en die nog steeds belang hebben op de wereld. En dat in een vrij oud boek, geloof ik. Zelf vind ik ook belangrijk dat iedereen gelijke rechten heeft.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.