Geschreven door:

Petertjuuh

Datum ingestuurd:

14 april 2005

Niveau:

4 vwo

Taal:

Nederlands

Woorden:

1040

Opvragingen:

1523 (9 deze maand)

Waardering:

2.7/5 (3 stemmen)

Titel:

De kroeg van groot verdriet

Auteur:

Gijsen, Marnix

Jaar van uitgave:

1974

Moeilijkheidsgraad:


bovenbouw havo/vwo

Thema:

Liefdesrelatie: problemen

Auteur:

Gijsen, Marnix

Pseudoniem voor:

Goris, Jan-Albert

Geslacht:

man

Nationaliteit:

Nederlands

Populaire titels:

Titel: De kroeg van groot verdriet 1974
Schrijver: Marnix Gijsen (1899 –1984)
Pseudoniem: Marnix Gijsen is een pseudoniem voor Jan-Albert Goris.

Volledige titel: De kroeg van groot verdriet.
Titelverklaring: Het boek heet zo omdat de hoofdpersoon veel dingen te horen krijgt in de kroeg die mensen hebben geraakt. Dat hij is begonnen met drinken, komt ook o.a door de kroeg, en dat heeft hem later ook veel verdriet bezorgt.

Motto: There’s a lot of people in this world who do all their
thinking in bars and are only their really natural selves in
bars – and if they happen to get drung while there, that’s
purely incidental and proves nothing whatever.

Vertaling:
Er zijn heel wat mensen in de wereld die alleen
maar denken in kroegen en die alleen dáár natuurlijk en
zichzelf zijn – Indien ze daar dronken worden, dan is dat
gewoon toevallig en het bewijst niets.
Motto toepassen op boek: Die man ziet vaak mensen drinken, en hij zelf gaat er ook aan meedoen, maar als hij zat werd, was het een foutje, en het was niet zo dat het gewoonlijk voor hem was.

hoofdstukken: Het boek bestaat uit 11 hoofdstukken, en elk hoofdstuk heet gewoon hoofdstuk 1, hoofdstuk 2, hoofdstuk 3, enz.

vertelperspectief: Het boek is geschreven volgens het ik-perspectief.
Personages: Er wordt niet echt duidelijk iets gezegd over de uiterlijke kenmerken van de personen. De ik-persoon zegt soms dat vrouwen blonde haren hebben, of een mooi postuur, maar het wordt niet echt duidelijk beschreven. Over het uiterlijk van de hoofdpersoon kom je helemaal niets te weten.
Je krijgt wel veel te weten over de manier waarop de hoofdpersoon zich voelt, en wat hij denkt over bepaalde dingen. Er is dus gebruik gemaakt van de zogenoemde “monologue intérieur”.
Tijd: De verteltijd bestaat uit 134 bladzijdes. De vertelde tijd is ongeveer 5 jaar schat ik. Het wordt niet duidelijk gezegd in het boek.
Er is wel gebruik gemaakt van enkele tijdssprongen, want het is niet van de ene dag op de andere dat de hoofdpersoon van zijn verslaving af is, en het wordt wel op dezelfde bladzijde verteld.
De gebeurtenissen zijn op chronologische wijze verteld, er wordt alleen soms in één zinnetje iets gezegd wat je een x aantal bladzijdes terug hebt gelezen in meerdere pagina’s.
Ruimte: Het boek speelt zich af in New york, en dan in de flat waar hij woont, of in de kroeg waar hij altijd zit.
Spanning: Er wordt spanning opgewekt door vragen die je jezelf stelt bij het lezen van het boek open te laten.
Thema en motief: Het thema is het leven is hard.
Typogafie: Er zijn regels in de tekst die in een andere taal staan, en vaak zijn die dan ook schuin afgedrukt.



Samenvatting van de inhoud:

De Pink Poodle Bar was een toevluchtsoord voor een groep eenzamen die daar met hun verleden alleen konden zijn. Elke avond rond 11 uur ging “ik” de New York Times kopen, en dan ging ik die lezen in de Pink Poodle Bar. Elke avond zat er een gezellige groep die altijd kwamen. Er ontstond een moment van vertrouwelijkheid tegenover andere vaste bezoekers. Ik kreeg er levenservaringen van mensen te horen. Velen waren al zat voordat ik bij de kroeg aankwam. De eerste vrouw die ik tegen kwam was een blonde vrouw. De blonde vrouw zei:’Noem me maar Marthe’, waarop ik zei, ‘Noem mij maar John.’ Ik had met haar een gesprek. Ik heb haar daarna nog vaak gezien, maar ze heeft me nooit meer aangesproken, op 1 keer na.
Daarna heb ik Klari ontmoet, zij woonde ook bij mij in huis. Dezelfde avond ontmoette ik Agy. In de Tweede Wereldoorlog heeft zij ondergedoken. Ze werd toen vaak opgezocht door een Duitse militair die haar meerdere malen verkrachtte. Ik heb nog vele avonden met haar gepraat. Ze had een H op haar borsten. Dat was gedaan door de Duitsers. Het was van Hure (hoer). Ik heb nog vele nachtmerries hierover gehad.
Ik heb mevrouw Stein ontmoet. Zij was een onregelmatige bezoekster van de bar. Ze was wel altijd zeer spraakzaam. Ze kwam vaak buiten adem aan bij de bar. Haar man was advocaat. Een goede vriendin die ik kende van de bar (Edith) discussieerde samen met mij en mevrouw Stein over dingen in het leven. Patrick de barman bemoeide zich er later ook mee. Ik werd betrokken bij het liefdesleven van Feliks Elty en zijn vriendin Daisy. Ze hadden veel problemen en die kreeg ik voorgelegd door Elty. Denise was de vrouw waar ik van hield, maar ze was onbereikbaar voor me. Ik had erdoor nog minder vrienden, omdat haar vrienden wegvielen. Ik kende Ursula van mijn flat, en ik heb er nog enkele keren mee gevreeën. Soms deed ze mij Denise nog wel eens vergeten. Doordat ik van mijn problemen af wilde komen, ben ik begonnen met drinken. Ik raakte er verslaafd aan.
Enkele maanden later ben ik er mee kunnen stoppen, en ik ging weer meer genieten van het leven. Het was wel een hete zomer. Ik zag nog een vrouw die zelfmoord wou plegen door slaappillen te nemen, maar ik kon niet bij haar komen doordat ik constant werd tegengehouden. Een dag later las ik in de krant dat er een vrouw zelfmoord had gepleegd door teveel slaapmiddelen te nemen.

Marnix Gijsen:
De Belgische schrijver Marnix Gijsen (1899-1984) werd geboren in Antwerpen als Jan-Albert Goris. Hij studeerde geschiedenis in Leuven en vervolgde zijn studie na zijn promotie aan de Washington University.

Gijsen bekleedde enkele hoge functies in België, eerst bij de gemeente Antwerpen en later in Brussel. In 1939 werd hij Belgisch Commissaris voor Informatie in de Verenigde Staten van Amerika. In deze functie lichtte hij de Amerikanen voor over zijn vaderland.
In 1964 keerde hij terug naar België.

Marnix Gijsen behoorde tot de expressionistische dichters van de groep Ruimte. Hij publiceerde in 1925 de gedichtenbundel "Het huis", maar schreef daarna vooral romans, essays en reisverhalen. Nadat hij in New York had gebroken met de religieuze en morele waarden, koos hij voor een rationele levenshouding. De romans en verhalen die daarna ontstonden zijn geschreven in een zakelijke stijl met ironie en spot.
In 1974 werd Marnix Gijsen onderscheiden met de Grote Prijs der Nederlandse Letteren.

Andere belangrijke werken van Marnix Gijsen zijn: "Het boek van Joachim van Babylon" (1947), "De man van overmorgen" (1949), "Er gebeurt nooit iets" (1956), "Klaaglied om Agnes" (1961) en "Overkomst dringend gewenst" (1978).

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.

zoeken

a d v e r t e n t i e

Iets met aardrijkskunde studeren?


Oriënteer je dan goed want elke opleiding heeft z'n eigen specialisme. Heb je in A'dam of Utrecht nog niet de juiste opleiding gevonden? Kijk dan ook bij Wageningen University. Daar combineer je aardrijkskunde met technologie of economie. Bijvoorbeeld: hoe kun je de zeewering versterken tegen overstromingen? Je doet dus meer met aardrijkskunde.



Charlot had hartkloppingen voor haar interview met Carry Slee. Lees het interview hier en win een gesigneerd boek!

geef je mening: Ontbijt

Het is de week van het Nationaal Schoolontbijt. Ontbijt jij nog iedere ochtend?


Tullijk!

Meestal wel.

Eigenlijk nooit.


» resultaten poll